De straat op, fijn bij je kiezers in het district

Het leuke van het districtenstelsel is voor politici het directe contact met een overzichtelijke achterban, zoals in Groot-Brittannië. Plaatselijke partijleden keuren landelijke bonzen: heeft de kandidaat wat met onze streek, zal hij voor ons opkomen in Londen?

Zoon en vader Rees-Mogg op campagne. Beeld Eddie Mulholland/The Daily Telegraph

Jacob Rees-Mogg heeft een advies voor de PvdA-politici die hun straatvrees moeten overwinnen en van de partijleiding loslopende kiezers moeten opzoeken. 'Beschouw het als zwemmen in koud water. Je moet er even doorheen, maar als je eenmaal aan het zwemmen bent, is het heerlijk.' Het deftigste kamerlid van de Conservatieve Partij geniet ervan om met een blauwe rosette op zijn dubbelknoops over de straten te lopen teneinde bij kiezers te informeren of ze wellicht interesse hebben een stem op hem uit te brengen.'Of ze op je stemmen of niet, het is leerzaam van mensen te horen hoe ze beleid ervaren.'

De noodzaak om de wijken van het volk in te gaan, door Winston Churchill ooit omschreven als 'de constitutie in werking', hoort bij het districtenstelsel. Om plaats te nemen op de groenlederen banken in het Lagerhuis moet een politicus vechten om een kiesdistrict. Tijdens kamerdebatten spreken collega's hem aan als 'The Right Honorable Member for', en dan volgen namen van exotische oorden als Huntingdon, Horsham en Harrow-West. Sommige politici raken door de jaren vergroeid met hun district. De linkse rebel Dennis Skinner, een ex-mijnwerker, staat bijvoorbeeld bekend als 'Het Beest van Bolsover'.

Jacob Rees-Mogg is op zijn beurt vergroeid met het graafschap Somerset, waar zijn familielijn teruggaat tot de 17de eeuw. Wijlen zijn vader William Rees-Mogg, voormalig Hogerhuislid, droeg zelfs de eretitel 'Sheriff of Somerset'. Groot was de vreugde van deze voormalige zakenbankier toen de kiezers in Noordoost-Somerset hem in 2010 kozen tot hun afgevaardigde, al werd zijn vreugde gedempt toen bleek dat zijn zus Annunziata de strijd om het naburige Somerton & Frome had verloren van de liberaal-democraten. 'Ik geef om dit gebied en zijn mensen,' zegt Rees-Mogg, 'ook al zou ik geen parlementslid zijn'.

Vader William Rees-Mogg. Beeld epa

Strijd

Een Britse politicus verovert niet zomaar een droomzetel. Er gaat een lange strijd aan vooraf. Niet het bestuur heeft het laatste woord over wie er kandidaat wordt maar de plaatselijke partijafdelingen. Deze houden audities, waarbij de kandidaat-kandidaat zijn geschiktheid nader moet verklaren. Wie een band met de streek kan aantonen, al is het maar omdat een overgrootvader er heeft gewoond, heeft een plusje. Kleine dingen kunnen een rol spelen. Een piepjonge David Cameron liep ooit een blauwtje in Ashford nadat een geannuleerde trein ervoor had gezorgd dat hij te laat op een bijeenkomst was gearriveerd. Een van zijn kabinetsleden is liefst 27 keer afgewezen.

Eenmaal binnen wacht, net als op de universiteit, een ontgroening, middels het bevechten van een kansloos kiesdistrict. Zo belandde een onervaren Boris Johnson ooit in Clwyd South, een district in Wales waar een Conservatief nooit zal winnen. 'Ik bevocht Clwyd South, en Clwyd South vocht terug', zo bracht de latere burgemeester van Londen deze ervaring lachend onder woorden. Rees-Mogg beleefde een soortgelijke ervaring in het Schotse Central Fife, een arbeidersdistrict waar hij in 1997 met zijn nanny campagne voerde. 'Zulke ervaringen zijn bedoeld om het politieke handwerk te leren, om fouten te kunnen maken. Hier verdien je je strepen.'

Het bestaan van zulke veilige kiesdistricten is evenwel een nadeel van het districtenstelsel, waar de opkomst de laatste verkiezingen niet hoger dan 70 procent komt. Een socialist in Windsor kan zijn stembiljet net zo goed in de oudpapierbak doen, net zoals een verdwaalde conservatief in Liverpool Walton, of een katholiek in Ballymena, het Noord-Ierse district waar de bulderstem van de plaatselijke held Ian Paisley nog echoot. Partijen zorgen er meestal voor dat ministers een veilig district vertegenwoordigen. Bij een verkiezing zou het immers curieus zijn als de Conservatieven winnen, maar dat premier Cameron zelf onverhoopt zijn zetel verliest.

Driemaal scheepsrecht

Van de 650 kiesdistricten zijn er zo'n zeventig die er echt toe doen, de windvaandistricten met hun zwevende kiezers. Deze bevinden zich niet op het platteland of in de binnensteden, maar daar tussen in. In de tuinsteden vechten politici om iedere stem, geholpen door kieslijsten waarop staat waar hun kiezers grofweg wonen. Niet alleen het overtuigen van kiezers, maar ook ze overhalen om te gaan stemmen is een doel van de gang langs de deuren. En de galadiners. En de debatavonden. Zo'n district is Enfield Noord, geboorteplaats van zangeres Amy Winehouse. Ervaring heeft geleerd dat de partij die deze Noord-Londense tuinwijk verovert, ook de verkiezingen wint.

Bij de afgelopen verkiezingen was dat de Conservatief Nick de Bois, een 55-jarige zoon van een luchtmachtpiloot die zijn jeugd grotendeels in Geleen heeft doorgebracht. Na in 2001 en 2005 tevergeefs een gooi te hebben gedaan naar deze zetel was het driemaal scheepsrecht in 2010 toen hij staatssecretaris Joan Ryan met 1.692 stemmen versloeg. Hiermee heeft hij een van de kleinste meerderheden in het Lagerhuis, zodat hij na de verkiezingen van mei zomaar zonder werk kan komen te zitten. En zonder wachtgeld. 'Het is heel belangrijk om je district te verzorgen, om contact te onderhouden met mijn kiezers,'zegt hij. 'Zeker nu de mensen cynischer dan ooit kijken naar ons, politici.'

Dat cynisme is er niet altijd geweest. Vroeger hoefden afgevaardigden maar een paar keer per jaar in hun kiesdistrict te komen. De eerder dit jaar overleden Conservatief Marcus Limball toonde meer belangstelling voor de vossen dan de mensen in de omgeving van zijn district. 'Beloof mensen nooit dat je er gaat wonen totdat je uitgevonden hebt of je er goed kunt jagen. Je kunt een kiesdistrict pas op waarde schatten als je er doorheen gegaloppeerd hebt', vertelde hij nieuwkomers altijd. Tegenwoordig zou hij geen kans maken. Sterker: onlangs behandelde het Lagerhuis een voorstel om burgers de macht te geven hun vertegenwoordiger af te zetten als deze niet goed functioneert, een nawee van het bonnetjesschandaal.

De Bois (midden) pleit in Londen voor het ziekenhuis in zijn district Enfield. Beeld Alex Milan Tracy

Spreekuur

Voor De Bois is het zaak zo veel mogelijk gezien te worden. Geen nieuwe school of huisartsenpraktijk wordt zonder zijn aanwezigheid geopend. Hij loopt van gala's van de cricketclub naar diners van de Bengaalse gemeenschap. Wat Hare Majesteit de Koningin door het hele land doet, doet een Member of Parliament in het klein. De Bois staat vaak in de Enfield Independent, de plaatselijke krant, en tijdens de Londense rellen van augustus 2011 fungeerde hij als een burgerjournalist door zijn achterban via tweets op de hoogte te houden van de plunderingen en andere ontwikkelingen aan het front. Eerder dat jaar voerde hij actie tegen sluiting van het ziekenhuis en organiseerde hij een banenmarkt.

Elk kamerlid, zelfs premier Cameron, houdt om de een, twee of drie weken een spreekuur waarin hij als een plaatselijke ombudsman optreedt. Voor burgers die verstrikt zijn geraakt in het bureaucratische spinnenweb is een bezoek aan hun MP vaak de laatste hoop. Het parlementaire briefpapier, compleet met het valhek-logo, kan immers wonderen doen. Geheel zonder gevaar voor eigen leven is het niet. Enkele jaren geleden kreeg de sociaal-democraat Stephen Timms in zijn Oost-Londense district bezoek van een moslima die niet voor advies bleek te zijn gekomen, maar om de toenmalige staatssecretaris te vermoorden. Timms overleefde de steekpartij ternauwernood.

Zo'n ervaring is De Bois bespaard gebleven. Hij houdt elke week een vragenuurtje, de ene keer op kantoor, de andere keer op locatie in een camper. Per sessie heeft hij tien bezoekers. 'Je maakt soms de vreemdste dingen mee', zegt hij. 'Er kwam een keer een vrouw langs met een blikje met vleespasteitjes, dit om haar klacht over het geringe vleesgehalte aanschouwelijk te maken.' Daar kon De Bois weinig aan veranderen. Dat geldt ook voor klachten over schoolplekken en over beslissingen van de immigratiedienst. 'Ik heb meer een soort adviesfunctie. Ik kijk of de procedure goed gevolgd is en kan eventueel een brief sturen naar de autoriteiten.'

Tevens gebruikt hij dit contact om te horen wat er leeft. 'Ik volg de opinie van mijn achterban niet blindelings, maar hou er wel rekening mee, bijvoorbeeld in het debat over Syrië of over de Europese Unie. Toen ik dat ooit vertelde tegen enkele Duitse collega's keken ze alsof ze water zagen branden', zegt De Bois. 'Dat contact met kiezers kennen ze niet.' Zijn enthousiasme - en conservatisme - was de reden dat De Bois in 2011 campagne voerde tegen de hervormingen van het districtenstelsel. Dat was een voorstel van de Liberaal-Democraten, want hun partij lijdt onder de onevenredige zetelverdeling. Het was volgens De Bois te duur en te ingewikkeld. Zijn landgenoten bleken er net zo over te denken en stemden 'nee' in het referendum.

Dennis Skinner, 'het Beest van Bolshover', op campagne in 1996. Beeld Gabriel Eisenmeier

Verantwoorden

Toch mankeert er wel het een en ander aan het systeem. 'Het is waar dat kamerleden in ons systeem zich meer moeten verantwoorden tegenover de kiezers', zegt Vernon Bogdanor, hoogleraar moderne Britse geschiedenis aan King's College in Londen (en voormalig docent van Cameron), 'en het is een simpel systeem dat goed werkte met twee partijen, een halve eeuw geleden dus. Het kan ertoe leiden dat een partij de meeste stemmen haalt en toch niet de meeste zetels heeft, zoals in 1974. Of het is mogelijk dat je comfortabel kunt regeren met slechts 36 procent van de stemmen, zoals Tony Blair na de verkiezingen van 2005.'

Volgens Bogdanor is het misschien beter om voor alle zekerheid naar de stelsels in Ierland en Finland te kijken, waar kiezers zowel op partijen als op personen kunnen stemmen. De 45-jarige Rees-Mogg, door parlementaire sketchschrijvers wel eens de 'Geachte Afgevaardigde van de 19de Eeuw' genoemd, moet daar weinig van hebben. De oneerlijkheid schuilt in zijn ogen vooral in de afbakening van de kiesdistricten: er zijn er te veel in de grote steden en te weinig op het platteland, waardoor Labour een groot voordeel geniet, meent hij. Tijdens een recente verkiezingscampagne in Rochester had hij zijn 7-jarige zoontje Peter meegebracht. 'Je kunt niet vroeg genoeg beginnen met campagne voeren.'

Beeld de Volkskrant

Weinig enthousiasme bij partijen

Gerard Schouw, Kamerlid van D66:

'Voor een versterking van de band met de kiezer zijn we als D66 altijd te vinden. De vraag is welk model het best werkt. In 2003 bracht onze minister Thom de Graaff een rapport uit voor een soort van districtenstelsel, met 75 districten. Een deel van de Tweede Kamer zou dus via de partij worden gekozen en een deel namens een district. In de theorie zag het er mooi uit, maar het probleem is dat het in de praktijk nogal ingewikkeld is. Daarna is er niet zoveel meer van vernomen. De partijen-democratie is, anders dan de personen- democratie, verankerd in onze cultuur. Maar soms speelt het weer op, bijvoorbeeld bij zetelroof, zoals nu bij de PvdA het geval is. Dat roept de vraag op over de legitimiteit van een Kamerlid die zijn fractie verlaat. Een van de twee Turkse dissidenten kan buigen op een flink aantal voorkeursstemmen, maar de ander, namens wie zit die in de kamer? In Engeland liepen twee Conservatieven over naar de UKIP en die riepen meteen een tussentijdse bijverkiezing uit, zodat ze een mandaat hebben. Dat verdient de voorkeur.'

Joop van den Berg,
Emeritus-hoogleraar parlementaire geschiedenis en voormalig PvdA-senator:

'Het sterke punt van ons evenredige kiesstelsel is dat de uitslag de uitgebrachte stemmen weerspiegelt en dat de zetelverdeling eerlijk is. Iedere stem stelt, terwijl in het Britse stelsel veel stemmen verloren gaan. Nogal wat mensen gaan voor de kat z'n viool naar de stembus. Daarentegen worden politici in het Britse stelsel afgerekend op hun daden en moeten ze verantwoording afleggen aan de kiezers. Dat is in ieder geval in theorie het geval - in de praktijk stemmen veel kiezers op een partij. Ik bespeur de laatste jaren weinig enthousiasme meer om dit stelsel in te voeren. De partijen houden intern trouwens wel rekening met regionale betrokkenheid. Zo kan de PvdA het zich niet veroorloven om geen Friezen op een verkiesbare plek te zetten. Bij de afgelopen verkiezingen had het CDA het moeilijk in Limburg, omdat er amper kandidaten uit die provincie op de lijst stonden. Of er in de Tweede Kamer ooit 'Geachte Afgevaardigden voor Drachten of Kerkrade-Centrum' rondlopen? Ik zie het niet gebeuren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden