'De steenmarter werd fanatiek vervolgd vanwege zijn vacht'

De steenmarter is een tweede leven begonnen, dit keer in de stad. Met dank aan centrale verwarming, denkt Gerard Müskens, kenner van het beest dat graag in autokabels bijt.

'Ze markeren hun territorium 's nachts. Even een paar seconden onder de motorkap van een auto, en weer door.'Beeld Anne Geene

'De steenmarter is terug van weggeweest. In de laatste twintig jaar heeft hij zich vanuit het oosten over grote delen van het land verspreid. En hij heeft de stad ontdekt. Hij is inmiddels ook gesignaleerd in Amsterdam en Rotterdam. In beide gevallen is hij vermoedelijk meegereden met een auto, onder de motorkap; hij houdt van warme, donkere, veilige plekjes. Ik had niet verwacht dat hij zo massaal zou terugkeren. In 1975 was hij zo goed als uitgestorven, ik schat dat er nu vele duizenden zijn. Je zou bijna zeggen: dit is een nieuw type steenmarter.

'De steenmarter is nooit populair geweest. Van oorsprong komt hij voor in rotsachtige gebieden, waar hij sliep in spleten en holen, maar menselijke bebouwing bleek een goed alternatief. Hij voelde zich thuis in het kleinschalige boerenland, met bosjes, struweel en rommelige erven. Vaak sliep hij in stallen van boerderijen. Maar de boeren wilden niets van de steenmarter weten, want hij pakt kippen en rooft eieren. Hij werd fanatiek vervolgd. Ook vanwege zijn vacht, voor de bontproductie.

'De jacht is weliswaar verboden in 1942, maar daar stoorden de oude jachtopzichters en boertjes zich niet aan. Pas in de jaren zestig, toen het dier al bijna was verdwenen, is de jacht echt gestopt.

De steenmarter (Martes foina)

Kenmerken Te onderscheiden van de boommarter door witte bef. Staat ook lager op de poten.

Verspreiding Midden en Zuid-Europa, in een gordel door Midden-Azië.

'Toch bleef het lang slecht gaan, want hij raakte ook zijn leefgebied kwijt. Het rommelige erf verdween en in de koeienstallen van nu is geen warm, donker plekje meer te vinden. Ze zijn open, er moet lucht doorheen waaien, het voer ligt in een kuil, er is geen hooiberg meer te bekennen.

'Maar de steenmarter heeft zijn gedrag aangepast. Hij is opnieuw opgerukt vanuit Duitsland en heeft ontdekt dat dorpen en steden veiliger voor hem zijn. Daar lopen geen boeren rond met valletjes en strikken, en met vergif. In de stad is steeds meer groen en steeds meer voedsel; mensen voeren vogels, er zitten genoeg muizen, ze kunnen er leven van vruchten en bessen en ze eten het brood en het beleg op dat mensen weggooien. Het zijn opportunisten in hun eetgedrag: ze eten zowat alles, dus dat is makkelijk.

'Nog belangrijker: ze vinden veilige, warme slaapplekken in stad en dorp. Alle huizen hebben tegenwoordig centrale verwarming. Vroeger was het op zolders ijskoud, maar het klimaat is daar nu ideaal. Ik durf wel te beweren dat er een verband is tussen de komst van de centrale verwarming en de terugkeer van de marter. 90 procent slaapt in de winter in huizen en andere gebouwen.

'Overdag slapen ze, 's nachts gaan ze op pad. Dan markeren ze hun territorium en gooien eventuele indringers eruit. Dat controleren en markeren doen ze nauwgezet. Even een paar seconden onder de motorkap van een auto, een spoor achterlaten, en dan weer door.

'In deze tijd van het jaar worden jonge steenmarters hardhandig weggestuurd door hun ouders, ze moeten op zoek naar een eigen territorium. Vandaar misschien dat begin deze maand opeens een steenmarter het voetbalveld opliep tijdens Heracles-PSV in Almelo.

'Ik heb de terugkeer van de steenmarter van nabij meegemaakt. Begin jaren tachtig ving een collega tot onze verbazing een steenmarter, in de Ooijpolder bij Nijmegen. We hebben het beest een zender omgedaan, waardoor we leerden hoe hij zich daar gedroeg. Niet veel later bleken er ook steenmarters in Nijmegen te zitten. Die dieren, die we ook zenderden, hebben we meer dan tien jaar lang intensief gevolgd. Elke dag keken we waar ze sliepen. En een keer in de week liepen we de hele nacht achter ze aan. Zo leerden we veel over hun territoriumgedrag. En tegen het einde van de nacht zag je dan soms hoe een marter tegen het huis opklom waar hij zijn vaste slaapplek had.

'De steenmarter is zijn eigen natuurlijke vijand. Als er ergens veel steenmarters zijn, worden de territoria kleiner en neemt de reproductie af. Bestrijden heeft weinig zin, want de vrijgevallen plekken worden direct ingenomen door andere steenmarters, die vervolgens flink gaan reproduceren. Voor mij hoeft dat bestrijden ook niet, want ik vind het een prachtig beest.

'Dat neemt niet weg dat de steenmarter overlast veroorzaakt. Een steenmarter op zolder maakt lawaai, en in het voorjaar, als ze jongen hebben, kan het gaan stinken. Naar urine, en naar prooien die het vrouwtje binnen brengt. Maar een vrouwtje waarvan het nest is ontdekt, zal de jongen zo snel mogelijk in veiligheid brengen. Na negen weken verlaten steenmarters sowieso het nest. Ik zeg altijd tegen mensen: wacht dat moment af, ruim de rommel op en maak dan de gaten in je huis dicht. Gemeenten kunnen steenmarters trouwens ook een alternatief bieden, door gesnoeide takken op een hoop te laten liggen. In die takkenhopen voelen steenmarters zich van oudsher thuis.

'Ze bijten ook wel kabels door in auto's. Duitse autofabrikanten hebben veel geïnvesteerd in onderzoek naar wat de steenmarters zo aantrekt aan die kabels. Op dit moment wordt het ook in Nederland onderzocht. Vermoedelijk vinden ze een chemisch stofje in het rubber aantrekkelijk, maar welk stofje is nog niet duidelijk. Ik denk dat steenmarters ook uit speelsheid aan die kabels knagen. En dat ze soms achter die kabels een fijne slaapholte vermoeden.

'Autofabrikanten doen het nodige om steenmarters te weren. Kapjes over kabelbundels, het aanbrengen van schrikdraad. Mercedes en Volkswagen waren ooit erg populair bij steenmarters, maar op dit moment zijn Japanse auto's meer in trek. Hier in Limburg is onderzocht hoeveel schade steenmarters nu werkelijk aanrichten. Dat bleek mee te vallen. Wel kun je als automobilist voor verrassingen komen te staan. Mijn broer, die krielkippen heeft, vond het al een tijdje stinken in zijn auto. Onder zijn motorkap vond hij toen één van zijn krielkippen, in staat van ontbinding. Die was daar door een steenmarter naartoe gebracht om later nog eens op te eten.'

Gerard Müskens (62) is ecoloog bij Alterra in Wageningen. Hij deed en doet onderzoek naar onder meer roofvogels, ganzen, weidevogels, bevers, steen- en boommarters en de wilde hamster.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden