De stad waar Vasalis knalrode panty’s droeg

Driek van Wissem, Epibreren, Rottend Staal, Bart F.M. Droog – in Groningen tieren de letteren. Herman Sandman schreef een literaire kroniek van de stad, en schuwde de anekdote niet....

Ed Schilders

Als ik een hele moeilijke vraag zou moeten bedenken voor een ‘Grote Quiz der Letterkunde van Groningen en Ommelanden’, dan zou ik de kandidaten vragen naar Het Venster, een ‘Algemeen litterair maandblad’ dat vrijwel geheel vergeten is.

Het begon in 1931 op initiatief van katholieke studenten aan de universiteit van Nijmegen, met de latere pretendent van de Franse troon Louis de Bourbon als boegbeeld van de redactie. In 1933 verschijnt Het Venster echter plotseling niet meer vanuit het katholieke zuiden, maar is Heerestraat 54a Groningen het redactieadres. Redacteur zijn dan onder anderen de christelijke auteurs Hendrik de Vries en Dirk Verèl. Hoe zat dat precies?

Het heeft lang geduurd voor ik zelf ooit het antwoord vond, en eigenlijk was mijn vraag dus bedoeld voor Herman Sandman, de auteur van Arcadia der poëten – Het literaire leven in Groningen 1945-2005. Zou hij het óók weten? En jawel, Arcadia der poëten blijkt veel informatie te bevatten in de eindnoten, en daar, in een noot bij de naam Verèl, hebben we Het Venster, inclusief de juiste bronverwijzing. Op zo’n auteur kun je vertrouwen. Dan weet je dat dit een heel goed boek is.

Het zou me overigens niet verwonderen als zo’n ‘Grote Quiz’ ooit nog eens gehouden wordt, en als het ergens zou kunnen dan is het wel in Groningen. In de laatste vijftien jaar van het boek tuimelen de festivals, kleine en grotere uitgevers, tijdschriftjes, en podiumprojecten over elkaar heen. Niet allemaal even belangrijk, maar bijna zonder uitzondering gericht op een breed publiek en met een enorme behoefte om te bewijzen dat de letteren ook onderhoudend en amusant kunnen zijn.

Een kleine greep: het dichterscollectief Epibreren; Driek van Wissen als dichter des vaderlands (‘Mijn mening is dat een Dichter des Vaderlands een toegankelijk dichter moet zijn’); het tijdschriftproject Schrijver & Caravan, waarbij schrijvers in ruil voor kopij in een caravan mochten verblijven; de eerste stadsdichter in Nederland, Bart FM Droog; de indrukwekkende poëziewebsite Rottend Staal; en de grote jaarlijkse manifestaties Dichters in de Prinsentuin en de Poëziemarathon.

Met dat alles werd Groningen, schrijft Sandman, een ‘gidsstad’: daar werd het bedacht, en het vond gehoor. Niet tot genoegen van iedereen, overigens. In oktober 2000 publiceerde Ilja Leonard Pfeijffer zijn inmiddels legendarische aanval op de overdaad aan gezelligheid en begrijpelijkheid die vanaf de podia over het land werd uitgestort.

Het boek besluit in de energieke sfeer waarin het begon: de jaren tussen de twee wereldoorlogen, met onder anderen jonge, ambitieuze schrijvers als Ab Visser, A. Marja, Reinold Kuipers, en Max Dendermonde. De oorlog maakte een einde aan deze ‘Groningse school’; de meeste auteurs zochten hun literaire heil elders.

Na die proloog beschrijft Sandman de geschiedenis chronologisch; hij is tegelijk kroniekschrijver, bibliograaf en biograaf, en hij schuwt de anekdote niet.

Groningen is niet alleen de stad waarin W.F. Hermans schreef, polemiseerde en soms zelfs voor de baas werkte, maar ook de stad waarin hij een rijksdaalder terugvroeg die hij even eerder als fooi had gegeven aan de loopjongen van een boekhandel.

De stad ook waarin Vasalis zich hulde in ongenaakbare stilte, maar thuis volgens haar huishoudster ‘in knalrode panty’s rondliep toen dat nog helemaal niet in was’.

Misschien besteedt Sandman net iets te veel aandacht aan de vraag of er nu wel of geen sprake is van een ‘Tweede Groningse School’, en aan het competitie-element: de vraag of Groningen de beste literaire stad van Nederland is. Dat heeft Groningen al lang niet meer nodig met een boeiend verleden en een bruisend heden.

En ook met de toekomst lijkt het wel goed te zitten. De dichtwedstrijd Doe Maar Dicht Maar, voor jongeren tussen twaalf en negentien jaar, leverde vorig jaar 5500 gedichten op. Het zal ongetwijfeld nog lang onrustig blijven in Arcadia.Ed Schilders

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden