De spelende filosoof

Behalve succesvol flankspeler bij FC Utrecht is Édouard Duplan ook getraind in wijsbegeerte. Daar zijn er binnen het Nederlandse profvoetbal niet zo gek veel van. Daarom vroegen we hem als onze gids.

Beeld Els Zweerink

Zou je voor een Frans romanpersonage een naam moeten verzinnen, dan kwam het lyrische Édouard Duplan aardig in de buurt. Aramis, D'Artagnan, Duplan, dat klinkt vertrouwd, maar helaas moet de speler van FC Utrecht bekennen nimmer De drie musketiers van Dumas te hebben gelezen. Ook hijzelf vindt dat een omissie, maar de overige Franse klassiekers, die kent hij wel, dat spreekt.

Sinds zes wedstrijden staat Duplan met het kokette baardje dat hem eigenlijk zelf een musketier maakt weer in de basis bij FC Utrecht. Eerder hielden een voetblessure en een gebroken knieschijf hem langdurig aan de kant, maar zie: hij scoort zelfs weer, zoals onlangs tegen FC Groningen.

CV

Édouard Duplan werd op 13 mei 1983 geboren in Athis-Mons als zoon van een arts en een docente Frans en Latijn. Hij studeerde na de middelbare school 2,5 jaar filosofie. In Frankrijk kwam hij uit voor de voetbalclubs SM Caen, AS Choisy-le-Roi, Viry Chatillon en Clermont Foot Auvergne. In 2006 begon zijn Nederlandse loopbaan bij RBC in Roosendaal. Via Sparta Rotterdam belandde hij in 2010 bij FC Utrecht, waarvoor hij nog steeds uitkomt.

Vloeiend Nederlands

Maar daar gaat het nu even niet om. Waar het om gaat is dat Édouard Duplan behalve buitenspeler, ook nogal een buitenbeetje is binnen het profvoetbal. Goed, het Utrechtse D.O.S. had ooit drs. Johan Plageman, de eerste econoom binnen ons profvoetbal. En oké, je had ook nog Graeme Rutjes, bedrijfseconoom. Maar een filosoof? Daar werd nog niet eerder over vernomen, de voormalige Braziliaanse vedette Sócrates (1954-2011) niet te na gesproken. Hij was overigens arts.

Met zijn vriendin Christina woont Duplan in Rotterdam, de stad van Erasmus. Hij voetbalt in Utrecht, maar dat René Descartes daar in 1635 aan de Maliebaan 36 de laatste hand legde aan zijn meesterproef Discours de la Méthode is dan weer nieuw voor hem. 'Wat grappig!' Zo bezien is hij Descartes dus achterna gereisd, vooral omdat hij van de Nederlandse voetbalschool houdt.

'Het voetbal dat Barça nu speelt, is in Nederland ontwikkeld.' In Frankrijk zou hij niet meer willen spelen, en ja, hij droomt weleens van Engeland en Spanje, maar Nederland benoemt hij als 'zijn voetbalmoederland.' Welbespraakt, en in vloeiend Nederlands, laat Édouard Duplan in een ruimte op het FC Utrecht trainingscomplex Zoudenbalch zijn licht schijnen op wat hem nog meer bezighoudt, naast de bal.

Éduard Duplan Beeld Els Zweerink

1.Stad: Parijs

'Ik ben opgegroeid in Athis-Mons, een zuidelijke voorstad van Parijs, op zo'n 16 kilometer van de hoofdstad. Ik zou mijzelf Parijzenaar kunnen noemen, maar in Frankrijk rekenen ze dat niet goed. Daar ben ik een banlieusard, een inwoner van een buitenwijk. In Athis-Mons gebeurt niet zo heel veel, dus ik hield veel tijd over om te voetballen en te studeren.

Als jongen droomde ik er heimelijk van om met ons gezin - mijn vader is arts, mijn moeder docente Frans en Latijn, ik heb een broer en twee zussen - in zo'n klassiek appartement in Parijs te wonen, midden in het volle leven. Wij hadden niet eens een soort centrum, laat staan een leuk koffietentje. Als ik met mijn Griekse vriendin Christina haar familie bezoek, kan ik genieten van het Griekse buitenleven.

Dat had ik als jongen wel willen meemaken. Maar verder hebben we het goed gehad, hoor. Door mijn werk als voetballer ben ik al vrij vroeg uit de regio Parijs vertrokken, het is niet langer mijn thuis. We wonen nu in Rotterdam, en brengen veel tijd door in Utrecht. Mooie steden, een combinatie van beide zou eigenlijk ideaal zijn.'

Fotobijschriften Stad - Parijs. 'Als jongen droomde ik er heimelijk van om met ons gezin in zo'n klassiek appartement in Parijs te wonen, midden in het volle leven.' Beeld GARDEL Bertrand / HH

2. Studie: Filosofie

'Op de middelbare school kregen we het laatste jaar filosofie. Samen met de talen was het mijn favoriete lesgroep, dus ik ben dat gaan studeren. Eerst aan de universiteit van Caen, waar ik kwam te voetballen. Daarna aan de Sorbonne in Parijs. Veel van de ideeën waarmee ik leef, heb ik tijdens deze studie opgedaan.

We deden de Oude Grieken, we deden Descartes, we deden Sartre, alles werd in historisch perspectief geplaatst. Maar na 2,5 jaar moest ik kiezen: óf profvoetballer, óf student filosofie. Het bleek niet langer mogelijk om die twee te combineren, dus heb ik voor het voetbal gekozen. Misschien heb ik daar verkeerd aan gedaan, maar wie weet pak ik de studie na mijn profcarrière nog eens op.'

'We deden de Oude Grieken, we deden Descartes, we deden Sartre, alles werd in historisch perspectief geplaatst.' Beeld Foto Corbis

3. Literatuur: Didier van Cauwelaert

'Van voetballers wordt geloof ik niet verwacht dat ze veel lezen, maar misschien is dat wel een misverstand. De jongens bij FC Utrecht kijken er heus niet gek van op als ik tijdens een buitenlandse trip met mijn neus in de boeken zit, er zijn er wel meer in onze selectie. Misschien zijn wij wel de literairste selectie van Nederland, haha.

'Nou ja: het is waar. 's Avonds doe ik mijn contactlenzen uit, en zet ik mijn brilletje op. Dan beginnen de anderen al snel over 'de professor' of 'opa Duplan' - ik vind dat wel geestig. Mijn moeder en mijn oudste zus sturen mij romans toe waarvan ze denken dat ik die interessant zal vinden. Zo ben ik enorm gecharmeerd van het oeuvre van de Frans-Belgische auteur Didier van Cauwelaert, spreek uit: van Covelaar. In 1994 ontving hij de belangrijke Prix Concourt voor zijn roman Un aller simple, maar ik heb bijna alles van hem gelezen, dat zijn meer dan twintig romans.

Hij levert milde satire op het moderne leven, schrijft scherp, vlecht mooie zinnen, heel intelligent. Van een heel andere orde is Papillon van Henri Charrière, daar ben ik nu mee bezig. In deze memoires uit 1968 beschrijft hij zijn lotgevallen in de strafkolonie Duivelseiland in Frans-Guyana, en dat boek is nog zoveel rijker dan de film uit 1973, met Steve McQueen. Daar hebben ze veel moeten weglaten, dan prefereer ik toch het boek.'

Beeld Un aller simple - Didier van Cauwelaert

4. Jeugdboek: La Cicatrice

'Het eerste boek uit mijn jeugd waarom ik keihard moest huilen, is La Cicatrice van de Amerikaanse auteur Bruce Lowery uit 1961, in het Nederlands zou dat vertaald worden als: Het litteken. Het speelt in de Verenigde Staten aan het einde van de Tweede Wereldoorlog en het gaat over een jongen van 13, Jeff, die een hazenlip heeft.

Met zijn ouders verhuist hij naar een ander stadje, en de jongens daar doen heel naar tegen hem, zoals jongens van die leeftijd dat kunnen doen. Jeff heeft daar grote moeite mee, maar gelukkig is er nog zijn jongere broertje Bubby, met wie hij heel goed kan opschieten. Zo zielig allemaal, ha ha. Alleen al als ik aan dat boekje moet denken, word ik verdrietig. Ik heb zelf ook een jongere broer waar ik heel veel om geef, dus dat brengt het nog eens dichterbij.'

Bruce Lowery - La cicatrice Beeld J'a Lu

5. Film: Le Grand Blue

'Christina en ik hebben allebei een Cinevillepas, we gaan dikwijls naar de film. We richten ons niet op een specifiek genre, we kijken nogal eclectisch. Zo zijn we laatst naar The Salt of the Earth geweest, de documentaire van Wim Wenders over de Brazilliaanse topfotograaf Sebastião Salgado. Het was een indringend portret, ook al omdat hij als fotograaf in de brandhaarden van de wereld heeft verkeerd. Een uitgesproken fan ben ik van de Brits-Amerikaanse regisseur Christopher Nolan. Uiteraard zijn we dus naar Interstellar gegaan, ik kon goed meekomen in diens filosofische ideeën over reizen in ruimte en tijd. En hoewel ik niet zo in superhelden geloof, vond ik zijn Batman-trilogie psychologisch heel sterk in elkaar steken.


'Nederlandse films doen we ook, we hebben ons vermaakt met de komedie Aanmodderfakker van regisseur Michiel ten Horn. Comedy is een moeilijk genre, ik vind lang niet alles om te lachen, maar dit pakte goed uit. Dé film uit mijn jeugd is Luc Bessons Le Grand Bleu (1988), het duikersdrama met de prachtige vergezichten. Niet zo'n ingewikkeld plot, maar als kind vond ik die natuurshots en de onderwaterbeelden prachtig.'

Le Grand Bleu. 'Als kind vond ik die onderwaterbeelden prachtig.' Beeld Gaumont

6. Muziek: Jacques Brel - La chanson de Jacky

'Ik speel zelf geen instrument, en ergens ervaar ik dat wel als een gemis. Mijn keuze was dan de saxofoon geweest, omwille van de klankkleur. Ik ben geen uitgesproken jazzfan, maar het geluid van een saxofoon vind ik heel mooi. Als het om Franse muziek gaat, kom ik al snel uit bij Jacques Brel. Mensen kennen hem vooral als een klasssieke chansonnier, maar hij legde toch ook veel speelse, heel geestige vondsten in zijn teksten, licht-absurdistisch en vol bravoure. Luister maar eens naar La chanson de Jacky, mijn favoriet, toch tamelijk kolderiek.

'Ik hou van artiesten die slimme teksten schrijven, de verhalenvertellers. Denk aan Serge Gainsbourg. En Stromae doet dat vandaag ook goed, hij wordt door sommigen wel de nieuwe Jacques Brel genoemd. Hip is ook het Franse collectief Fauve, afkomstig uit Parijs. Ik volg sowieso graag de indie-bandjes, ik ben van huis uit een rockfan.

Je hebt die website Daytrotter.com - daarop vind je het nieuwste van het nieuwste. En komen ze in de buurt, dan pakken we graag een concert mee, onlangs zijn we nog naar de Ierse singer-songwriter Hozier geweest. Die van de hit Take Me to Church. En de New Yorkse The Walkmen vind ik ook top.'

Jacques Brel. 'Hij legde veel speelse, heel geestige vondsten in zijn teksten, licht-absurdistisch en vol bravoure.' Beeld GAB

7. Beeldende kunst: Bansky

'Banksy! Ik vind dat ongrijpbare van hem zo goed. Hij is een ster uit de hedendaagse kunst, maar we zien hem expres nooit eens in het openbaar verschijnen. Het gaat hem blijkbaar niet om de roem, vergelijk dat eens met Damien Hirst.

Ik bedoel: het was toch wel een geweldige en ook zinnige stunt van Banksy toen hij in 2005 opdook bij de Palestijnse Westbank om de 500 kilometer lange muur die daar staat te beschilderen. Hij maakte negen afbeeldingen, bijna allemaal vensters: met uitzicht op een idyllisch strand, een paard dat zijn hoofd door de muur stak, maar ook een fictieve ladder om over die muur heen te klimmen.

'Deze zelfverklaarde guerrilla-artiest zet ons met zijn provocerende kunst altijd weer aan het denken. Sinds ik in Nederland woon, ben ik ook naar het Van Gogh en het Rijksmuseum geweest, maar voor je het weet, raak je enigszins verloren in het overweldigende aanbod. Bij mij helpt het als ik meer achtergronden ken, dat stelt mij in staat om beter te genieten. Ik herinner me dat we op de middelbare school Picasso's Guernica behandelden, de complete historische context werd ons aangereikt. Zoiets slaat bij mij enorm aan, ik mag dan ook graag over beeldende kunst lezen.'

Banksy. 'Deze zelfverklaarde guerrilla-artiest zet ons met zijn provocerende kunst altijd weer aan het denken.' Beeld Getty

8. Strips: Charlie Hebdo

'Strips zijn Frans cultuurgoed: Asterix, Blueberry, het werk van Jacques Tardi, noem ze maar op. En in de Charlie Hebdo wordt politieke satire bedreven, zoals iedereen nu wel weet. In mijn jeugd heb ik het wel doorgebladerd, maar ik was niet de doelgroep. Het is toch eerder satire voor als je iets ouder bent. Ik ben best jong uit Frankrijk vertrokken, en als tiener lees je Charlie Hebdo niet. Doorgaans is het blad ook niet in Nederland verkrijgbaar.

'Die hele toestand met de moordpartij op de redactie heeft mij enorm geschokt: het terrorisme kwam plotseling zó dichtbij, mijn zus werkt bijvoorbeeld zelf in dat arrondissement. Het maakt vooral boos. Dat mensen dat doen met een stripblaadje als aanleiding. Voor mijn gevoel wilden ze gewoon mensen kwetsen. Net als veel anderen denk ik: het is geen religieus probleem, het is een maatschappelijk probleem. Dit waren Franse jongens, deze daders. In wezen hebben ze weinig tot niets met Jemen of Al Qaida te maken, ze worden opgehitst door haatzaaiers.

'Maar dat is geen excuus. Er bestaat hiervoor in het geheel geen excuus. Wel is het zo dat de Franse politiek er nu van doordrongen is dat er nu toch echt iets moet gebeuren in de verloederde achterstandswijken. De Franse premier Manuel Valls heeft dat ook met zoveel woorden gezegd. Sommige mensen keken daar nogal van op, maar ik vond het goed dat hij het zo heeft benoemd. Ik denk dat het waar is: er zijn groepen die worden vergeten binnen de Franse samenleving, als een vorm van apartheid. Daar wil de regering wat aan doen, en dat komt dan geen moment te vroeg.

'Blijft staan dat het nog steeds geen excuus is voor zo'n moordpartij. Daar moet je niet eens aan willen beginnen. Het maakt de zaak alleen maar erger en erger. Alle Fransen zijn nog steeds verbijsterd. Sinds de aanslag volg ik het Franse nieuws weer op de voet, vooral via internet en podcasts.'

Charlie Hebdo. 'Het is toch eerder satire voor als je iets ouder bent.' Beeld ap
Éduard Duplan Beeld Els Zweerink

9. Religie

'Ik ben katholiek opgevoed, maar ben niet praktiserend. Ik hoef niet bij Rome te horen, net zomin als bij de islam, of elke andere godsdienst. Ik heb mijn particuliere opvattingen over de menselijke existentie. Ik bouw mijn gedrag op de leefregels die ik van huis uit heb meegekregen, aangevuld met wat ik heb geleerd uit de filosofie. Zo kijk ik naar de dingen, zaken als gelijkheid, vrijheid, onderling respect. Daar kom je een heel eind mee.'

10.De beste voetballer ooit: Zinédine Zidane

'Niemand komt bij Zizou in de buurt. Een sierlijke speler die ook nog eens heel effectief is geweest. Wereldkampioen met Frankrijk in 1998, Europees kampioen in 2000, winnaar van de Champions League met Real Madrid in 2002, driemaal FIFA Speler van het Jaar. Zidane, held van mijn jeugd, een voorbeeld ook.

Zijn stijl is niet met anderen te vergelijken, een lust voor het oog. Voor mij is Zidane veel meer voetbal dan bijvoorbeeld Messi. Het zal er ook mee te maken hebben dat Zidanes opvattingen over voetbal meer in de buurt komen bij wat ikzelf probeer te doen. Ik kan een uur naar hem kijken als hij alleen maar aanneemt en past.

Daar is ook een documentaire van, die heb ik sowieso: Zidane: un portrait du 21e siècle. Tijdens een wedstrijd in Bernabéu tussen Real Madrid en Villalreal wordt Zidane gevolgd met zeventien camera's, fascinerend. Als je wilt leren voetballen moet je gewoon naar Zidane kijken.

Dan krijg je een lesje in effectiviteit en spelinzicht. Ik begrijp dat Nederlandse voetbalfans altijd aan Willem van Hanegem moeten denken, als het over Zidane gaat. Ik weet dat het een grote speler was, maar hij was als trainer bij FC Utrecht net vertrokken toen ik hier aankwam. Dus van Van Hanegem weet ik helaas te weinig.'

Zinédine Zidane. 'Held van mijn jeugd. Zijn stijl is niet met anderen te vergelijken.' Beeld BrunoPress/Panoramic

11. Over 10 jaar: Eric Cantona

'Dat valt moeilijk te zeggen. Ik heb nooit het idee gehad dat ik in de voetballerij zou blijven, maar daar denk ik nu anders over. Het idee dat je jeugdspelers beter probeert te maken spreekt mij aan. Ook aardig lijkt het mij om buitenlandse jongens snel de Nederlandse taal aan te leren.

Voordat ik naar Nederland kwam heb ik een Hoe en Wat-boekje Nederlands gekocht. Ik kon wel wat zeggen, maar ik begreep de antwoorden niet. Paar lessen gevolgd, maar het snelst leer je het Nederlands toch onder de jongens in de kleedkamer. Als ze zien dat je het probeert, steken ze al snel een handje toe.

'In ieder geval: na mijn carrière wil ik iets gaan doen waarop ik op mijn manier creatief kan zijn. Wat dat betreft, is Eric Cantona wel een voorbeeld. Na zijn loopbaan ontpopte hij zich als acteur, hij geeft zijn mening over belangrijke zaken, hij is artistiek, ik vind dat mooi. Iedereen houdt in Frankrijk van Eric Cantona, een plezierig buitenbeentje.

Hij heeft zich enorm ontwikkeld. Maar vooralsnog ben ik voetballer. We krijgen Ajax nog thuis, in Utrecht de grootste wedstrijd van het jaar. Ik heb er een beetje een specialiteit van gemaakt om juist tegen Ajax te scoren, daar doe ik de mensen hier een groot plezier mee. Altijd leuk, scoren tegen Ajax, ha ha.'

Eric Cantona. 'Iedereen houdt in Frankrijk van Eric Cantona, een plezierig buitenbeentje.' Beeld HH

12. Tourstart Utrecht 2015

'Ik vind het geweldig dat de Tour deze zomer in Utrecht zal starten. Toen ik jong was gingen we elke zomer naar Cahors in Zuid-Frankrijk, boven Toulouse. Het was toen een ritueel om met mijn broertje en twee kleine buurtvriendjes het laatste stuk van de Étape du jour op tv te bekijken. Daarna gingen we altijd de coureurs nadoen en onze eigen etappe fietsen. Even kiezen wie Indurain was, wie Rominger, wie Virenque en wie Pantani... en wég waren we.

'Tegenwoordig volg ik de Tour niet meer, maar ik vind het wel mooi om te zien hoe de Ronde in Nederland leeft. De mensen hier zijn er nog fanatieker over dan in Parijs. Mijn contract bij FC Utrecht eindigt in juni. Als ik de start van de Tour meemaak, wil dat dus zeggen dat ik mij langer aan FC Utrecht heb verbonden. Dus om meer dan een reden hoop ik dat ik de start van de Tour 2015 live zal zien.'

Start Tour de France - Utrecht. 'De mensen hier zijn er nog fanatieker over dan in Parijs.' Beeld HH
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden