De speelse, theatrale inslag van componist Gene Carl

'Kunnen we bij het tweede deel beginnen?', vraagt choreograaf Itzik Galili bij de doorloop aan componist en bandleider Gene Carl....

Van onze medewerkster

Isabella Lanz

ROTTERDAM

Gene Carl (43) schreef Below Paradise, waarop Galili bij Scapino Rotterdam een dansstuk creëert. Hij deed dat mede op uitnodiging van Ed Wubbe, artistiek leider van Scapino, die vaker livemuziek laat componeren voor zijn groep. Zoals bijvoorbeeld in Romeo & Julia, en bij het Stravinsky-programma. Voor het nieuwe seizoen staat een samenwerking tussen Wubbe en John Cale gepland. Een uitdagend vooruitzicht.

Below Paradise wordt begeleid door de achtkoppige Gene Carl Band, die onder anderen bestaat uit Corrie van Binsbergen (elektrische gitaar), Tony Overwater (contrabas), Michaël Vatcher (slagwerk) en natuurlijk Carl zelf. De samenwerking is 'traditioneel'. Carl schreef een kant en klare compositie die Galili kon gebruiken, zo nodig zelfs mocht aanpassen, uiteraard in overleg.

De vraag is wat een ambitieuze componist bezielt om composities voor dans te schrijven, waarbij de aandacht altijd eerder naar de dans uitgaat dan naar de muziek? Gene Carl: 'Ik houd van theater. En vooral van dans, een kunst die zonder woorden iets te zeggen heeft.

'Dans boeide me al toen ik piano studeerde in Los Angeles. Ik schreef in mijn jeugd al een compleet geënsceneerd ballet naar Goldings Lord of the Flies. Een pompeus orkest stond voor de groep barbaarse jongens, een kamerorkest voor de verlichte geesten.

'Ik heb ook speciaal dansgeschiedenis gedaan om Stravinsky's balletten te kunnen bestuderen: Petroushka, Le Sacre du Printemps. Fantastische werken. Daarvan leer je dat dans en muziek meer met elkaar te maken hebben dan dat er een pas op een tel wordt gezet.'

Carls bemoeienis met dans beperkt zich meestal niet tot schrijven. Vorig jaar maakte hij met Galili Chronocratie, een experimentele choreografie voor veertien dansers, zeven piano's en een springmatras. Daarin bepaalden de piano's de enscènering en waren de dansers de muzikanten. Een grotere integratie is niet denkbaar. En in Pink Chinese Restaurant, de basis voor een choreografie van Anouk van Dijk, was de Gene Carl Band prominent aanwezig op het podium.

Carl is er niet vies van zelf op te treden, liefst gewapend met een megafoon zoals Cocteau dat deed bij avantgarde balletgroepen. 'Performen is me op het lijf geschreven. Ik heb een theatrale inslag'.

Een zekere speelsheid typeert ook zijn muziek. Zijn band is een opmerkelijke verzameling van muzikanten met achtergronden in klassiek, pop, jazz en improvisatie. Kleurrijk klinkt zijn muziek, licht en elegant ook. Hij is een pianist die de traditie kent, maar het conceptuele niet schuwt. Zo was hij mede-initiatiefnemer van de Brian Wilson Extravaganza. Althans, van het muzikale onderdeel van het project over de, in zijn ogen, geniale muziek van de legendarische Beach Boys.

In Below Paradise borduurt hij op dit verhaal voort. De compositie is bedoeld als eerbetoon aan het leven van Beach Boys-drummer Dennis Wilson, die verloederd in een haven verdronk. Het onderwerp is te herkennen in de titels van de twaalf delen: haven, wal, golven en andere verwijzingen naar water. In de compositie klinkt een sterk romantisch thema, dat telkens doorbroken wordt door ritmischere stukjes. Voor de choreograaf biedt dat de structuur waarop hij anecdotische en pure dansdelen kan zetten.

Dat dit werk 'traditioneel' tot stand kwam, betekent nog niet dat er geen intensief overleg was. Werken met een choreograaf betekent geven en nemen, maar dat hindert Carl niet. Als hij maar het gevoel heeft dat de choreograaf zijn muziek begrijpt, op eenzelfde spoor zit. De choreografen waar hij tot nu toe mee werkte, deelden zijn interesse in een combinatie van klassieke, moderne, jazz- en popmuziek.

Omgekeerd sprak hun werkwijze en openheid hem aan. En niet te vergeten hun humor: bij Stuart sophisticated, bij Van Dijk gek en bij Galili vooral speels.

Een van de muzikaalste balletten die hij kent is Synaphai op Xenakis' compositie, dat Nacho Duato in 1986 maakte bij het Nederlands Dans Theater. Minstens zo onder de indruk was hij een paar jaar terug van Galili. Die begreep de intentie van de muziek, en dat is het belangrijkste. Carl is geen purist die vindt dat de choreograaf de muziek in dans zichtbaar moet maken. Zoals George Balanchine dat deed met zijn vertaling van Stravinsky in abstract ballet. Het was misschien mooi, maar voor hem hoeft het niet zo. Ook die andere benadering, de manier waarop componist John Cage en choreograaf Merce Cunningham 'samenwerkten' door muziek en dans gescheiden te creëren en die pas aan het einde bij elkaar te voegen, is niet de zijne.

Carl: 'Muziek moet iets weergeven waar de choreograaf behoefte aan heeft. Ik wil geen open einde, zoals bij Cage. Ik hecht aan structuur. Ik wil een overall concept, met een begin en een einde.'

Dat zijn muziek denigrerend theatermuziek wordt genoemd, daar zit hij niet mee. De ene keer schrijft hij iets dat dienstbaar is, een volgende keer initieert hij zelf iets. Hij werkt nu al tien jaar aan een symfonisch oratorium, Gagarin, over de eerste Russische ruimtevaarder. Het wordt tijd dat utopische plan te lanceren. Uiteraard doen daar dansers aan mee. Als het aan de componist ligt, zullen ze zelfs door het Haagse Omniversum gaan zweven.

Below Paradise van Itzik Galili door Scapino Rotterdam & Gene Carl Band in de Rotterdamse Schouwburg, 14, 15 en 16 maart. Tournee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.