De Spaanse economie in het klein (1)

Het zal een soort beroepsdeformatie zijn (al ga ik deze relativering straks tegenspreken), maar het stoort me nogal dat in de reguliere reisgidsen de economie ontbreekt. Kerken of tempels of andere bouwkundige uitingen van religiositeit: te over. Natuurparken: te kust en te keur. Stranden: uiteraard. De lokale keuken: mag niet ontbreken. Kunst en cultuur: tot overvoerens toe. Maar zelden of nooit handelt een reisgids over de economie van een land,behalve om aan te geven welke munteenheid er gebruikt wordt en waar die tegen de gunstigste wisselkoers kan worden geruild.


De belangrijkste reden voor dit gebrek aan belangstelling voor het slijk der aarde is volgens mij deze: economie is lelijk. Of althans: de 'grote' economie is zelden aantrekkelijk om te zien. Wie een willekeurig Europees dorp of stadje nadert, herkent het patroon: op weg naar het aangename oude centrum passeert de reiziger niet alleen fantasieloze buitenwijken maar ook hectares met foeilelijke bedrijfsgebouwen, benzinestations, grote supermarkten en andere megawinkels (voor bouwmaterialen, woninginrichting en tuinspullen). De harde pit van het stadje is mooi, het economische vruchtvlees eromheen doet pijn aan de ogen.


Wie reist, is doorgaans op zoek naar wat mooi en niet naar wat lelijk is. Daarom: liever na de negentiende ook de twintigste kerk met kekke zijbeuken bezocht dan te kijken naar de lokale economie.


Dat is jammer. De kleine economie is hartstikke leuk om naar te kijken - die is alleen wat minder evident dan de kerk en het kasteel. Als het nieuws het toelaat, geef ik de komende tijd wat voorbeelden van economie op reis, vooral uit Spanje, want daar ben ik. Maar deze economie kunt u overal (in Europa) waarnemen: gewoon kijken.


Agencia de viajes. Neem het centrum van Valencia, de derde stad van Spanje. Prachtige kathedraal (gebouwd met allerlei achthoeken), fijne oude stadspoorten, en dan, in een van de chique winkelstraten in het centrum, valt het oog plots op een 'agencia de viajes', een reisbureau. Hoe lang is het geleden dat u een echt reisbureau zag, een fysieke plek, een winkel dus waar mensen heen gaan om reizen te kopen? Dat bedoel ik. En even later: nog een reisbureau. En nog een. Binnen 300 strekkende meter winkelstraat telde ik zeven echte reisbureaus. En twee reiswinkels hadden hun deuren recentelijk voor het laatst gesloten.


Wat zien we? Mijn idee: iets conjunctureels en iets structureels. In feite is het oog daar in Valencia gevallen op 'creatieve destructie', een van de redenen waarom een stevige crisis op z'n tijd niet alleen een vloek, maar ook een zegen is.


Nederland hoort binnen Europa tot de top van computergebruikers, Spanje niet. In Nederland is in bijna alle huishoudens zeker één computer, is er in praktisch elk huishouden internettoegang, en is de bereidheid om via internet te kopen hoog. Reizen staan in de topdrie van dingen die we via internet kopen, reden waarom het fysieke reisbureau in Nederland misschien nog niet helemaal is uitgestorven, maar dan toch op sterven na dood is.


Spanje loopt hierin achter op Nederland, maar is bezig met een inhaalslag, en in Valencia zie je hoe een conjuncturele crisis een structurele verschuiving versnelt. De reisbureaus die nu verdwijnen als gevolg van de economische crisis komen nooit meer terug. Als de Spaanse reisbranche de komende jaren aantrekt, gaan ook de Spanjaarden - goedkoper, sneller en met meer keuze -- reizen bestellen via internet.


De grote Oostenrijkse econoom Joseph Schumpeter (van voor de Tweede Wereldoorlog) noemde dit een proces van 'creatieve destructie'. Hij benadrukte, tegen de mode in, de voordelen ervan. De Spaanse werkloze werknemers zullen bij de volgende conjuncturele opleving werk vinden in bedrijfstakken waar zij meer waarde toevoegen dan bij reisbureaus. Het aanpassingsproces is vervelend, maar de economie wordt er wel sterker van.


Niet alleen gebouwen en kunstvoorwerpen hebben eeuwigheidswaarde, ook heldere gedachten. Creatieve destructie is zo'n helder idee. Het kan op reis in het wild worden waargenomen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden