De Senegalezen zijn van een bijna onmenselijke schoonheid

Dakar, 12 april 1948

Christopher Isherwood (links) in 1939. Beeld Van Vechten Collection at Library of Congress

De stad is veel minder 'Afrikaans' dan ik had verwacht. Geen blinkend witte gevels, palmbomen en grashutten, maar slordige straten met anonieme gele huizen, weinig terrassen of boulevards met groen, weinig van de charme van bijvoorbeeld Saigon.

Maar de Senegalezen maken alles goed. Ze zijn van een bijna onmenselijke, vogelachtige schoonheid. Doorgaans heel lang, met lange reigerbenen, en een intens donkere, blauwzwarte huid. Ze dragen lange wapperende gewaden, en soms tulbanden van zware donkere stof.

De verkopers lijken eerder slaperig dan uitgeslapen. Op matte toon vragen ze enorme prijzen en zonder discussie gaan ze akkoord met de helft.

De vrouwen zijn ongelooflijk. Nog langer dan de mannen, enorm elegant, in losse witte gewaden met volop armbanden, bonte shawls en strikken. Het lijkt alsof ze zich verkleed hebben met alles wat ze in hun moeders slaapkamer konden vinden, beddelakens en gordijnen inbegrepen. Ze deinen traag voorbij, terwijl ze hun gezichten achter de sluiers onthullen en weer bedekken.

En dan zijn er de Fransen, natuurlijk. Sommige zijn knap en goed gebouwd, maar allemaal - dik, dun, oud of jong - dragen ze erg korte broeken. Te midden van deze lange, wiegende, dromerige vogel-mensen maken ze een onwelvoeglijk vlezige, behaarde, lijvige indruk.

Christopher Isherwood (1904-1986), Brits-Amerikaanse schrijver. Ingekort fragment uit Diaries 1939-'60. Methuen London, 1996.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden