De seconden waarin Robben zijn droom verwezenlijkt

Drie jaar na dé kans was daar hét doelpunt. De beslissende treffer in de finale van de Champions League geeft Arjen Robben rust. 'Dan schakel je in je kop. Razendsnel.'

Thuis heeft hij de bal van de finale, het shirt, de vlag van een supporter. Thuis in München heeft hij ook een stuk net van het doel op Wembley, het doel waarin hij scoorde. Een stuk net meenemen, dat doen voetballers vaker na een belangrijke zege.


Voor dit artikel is het doelpunt zelf opgeknipt, vermengd met herinneringen, verdriet en vreugde. Het gaat over de verwezenlijkte droom van Arjen Robben, ontleed in drie balcontacten, de basis van het voetbal: aannemen, dribbelen, scoren. Buitenkant voet, nog een keer buitenkant voet, binnenkant voet, doelpunt.


1Na 88 minuten en 19 seconden in de finale van de Champions League tussen Bayern München en Borussia Dortmund valt een van achteruit door Boateng vrij lukraak geschoten bal tussen verdediger Piszczek van Dortmund en aanvaller Ribéry van Bayern. Ribéry geeft een hakje, dat via Piszczek naar de open ruimte voor het doel rolt. Daar is Arjen Robben, scherp en vol verwachting: de roofvogel die niet kan wachten om zijn duikvlucht in te zetten.


Hoeveel Robben ook heeft gewonnen, schalen en bekers, landstitels in Nederland, Engeland, Spanje en Duitsland, hoe vaak hij ook is bedolven onder loftuitingen, hij zal de kans in de WK-finale tegen Spanje, op 11 juli 2010, nooit vergeten. Hij heeft ervan wakker gelegen. Hij heeft erom gehuild. Hij heeft honderd, duizend, een miljoen keer gedacht hoe het anders had gekund.


Niet schieten dus, maar om doelman Casillas heenlopen, zoals hij dat vroeger deed in Bedum, als onbezorgd kind dat één was met de bal. Dit was een kans die nooit meer terugkomt. Dat doet pijn.


Maar het leven snelt voorwaarts. Nieuwe kansen en ambities dienen zich aan. Andere dribbels in andere dromen: de Champions League winnen. Hij koos door de jaren heen bewust voor bepaalde clubs. Ze moesten kans maken om de Champions League te winnen.


Poging 1 is vanaf 2004 met Chelsea, in de eerste periode met trainer Mourinho. Twee keer bereikt hij de halve finale. Met Real Madrid verloopt het minder. Vervolgens kruist Bayern München zijn pad, in 2009. Dat is raak. De ene finale na de andere. Eerst in 2010, na een heerlijk seizoen. Verloren van Inter.


In 2012 volgt weer een eindstrijd, thuis in München nota bene: Robben neemt een mogelijk beslissende strafschop. Doelman Cech stopt zijn te slappe inzet. Niet hij, maar Drogba is de held. Maar een snellere kans op revanche bestaat niet: een superieur Bayern bereikt in 2013 opnieuw de finale, in Londen.


Deze keer móét Robben winnen. 'Ik weet ook wel: finales moet je eerst maar zien te bereiken. Ik ben ontzettend trots op mijn loopbaan. Ik heb veel bereikt, maar het zou heel lullig zijn geweest als ik weer had verloren. Vier finales verliezen, pffff....ik moet er niet aan denken.'


Dus is dit het moment, deze wedstrijd, op het hoogste podium. Na de hakbal van Ribéry ligt de wereld voor hem open, op een paar tegenstribbelende tegenstanders van Borussia Dortmund na. 'Ik anticipeerde op die lange bal van achteruit. Ik stond niet te wachten, nee, ik was al onderweg. Ik zag het gat. Ik dacht: als Franck de bal nu eens naar achteren krijgt. Ja, stel dat het lukt. En het lukte. De bal was precies goed, hij rolde met de juiste snelheid. Dat was zo mooi. Nu ging het om mijn eerste aanname. Die moest goed zijn, dat was het belangrijkste. De aanname was perfect. Ik kon tussen twee man doorglippen. Wat gebeurde, was intuïtief. Een been ontwijken, het gat zien, daarin duiken, het gaat dan bijna vanzelf.'


2 Piszczek is geslagen na het hakballetje en Robben is meteen vertrokken. Hij neemt de bal mee met de buitenkant, op volle snelheid. Robben passeert het been van de inglijdende Hummels met een speels wippertje, met hulp van de buitenkant van de linkervoet. Hummels kompaan Subotic is sowieso te laat. Hij eindigt in glijvlucht op zijn knieën, alsof hij zich overgeeft aan een hogere macht: Robben.


In februari was hij nog bij Oranje, voor een oefenduel met Italië. Hij was pas in tweede instantie opgeroepen door bondscoach Louis van Gaal. Hij beet op zijn tong, want bij Bayern kreeg hij weinig speeltijd. Hij was ongelukkig als voetballer. Dit moest niet te lang duren. Een jaar eerder was bijna hetzelfde aan de hand. Toen scoorde hij in de interland tegen Engeland twee keer op Wembley. Hij zou ze de videoband met de doelpunten weleens laten zien in Duitsland, zei hij na dat duel geprikkeld.


Kijk, als hij fit is en in vorm, speelt hij altijd. Dan is hij een van de besten. Misschien was hij zonder al die blessures nog beter geweest. Voormalig bondscoach Van Basten voorspelde eens dat Robben de beste voetballer van de wereld kon worden. Telkens moest hij vechten tegen blessures.


Bijna niemand kan beter vechten dan hij. Ze zeggen het allemaal bij Oranje: als iemand een goede mentaliteit heeft, is het Robben. Hij maakt soms te veel misbaar, hoewel minder dan vroeger. Hij heeft trekjes die hem ouder maken dan hij is. Hij draagt rare maillots als het kouder wordt. Maar wat is Arjen Robben een heerlijke voetballer als hij fit is. Dan is hij weer een jongen. Dan fladdert hij, dan is hij onbezorgd, dan lacht zijn gezicht. Vlak na de interland tegen Italië speelt hij zich in de basisploeg bij Bayern, om er niet meer uit te verdwijnen.


En uitgerekend in de mooiste wedstrijd van het jaar, in de finale van de Champions League, valt alles samen. Hij is goed en scherp. Hij schiet de bal in de eerste helft tegen het gezicht van doelman Weidenfeller, in een poging te lobben. Hij krijgt kansen. Er hoeft maar iets te gebeuren en hij zal scoren.


Op de keper beschouwd is de 1-0 in de zestigste minuut ook al half van hem. Zijn dribbel op het middenveld, zijn demarrage op de linkervleugel als hij de bal heeft teruggekregen van Ribéry, zijn voorzet; het is voetbal zoals voetbal is bedoeld, het is een dribbel van de straat.


Mandzukic hoeft niet veel meer te doen dan de bal in te tikken.


3Nog één obstakel: de doelman. Met de buitenkant van de linkervoet drijft Robben de bal nog één keer mee naar links, waarna een subtiel, kunstig tikje met de binnenkant van de voet volgt. Daarmee passeert hij doelman Weidenfeller, die naar rechts beweegt, op het verkeerde been staat en de bal ineens links van zich ziet.


In de akte van drie zijn het de balcontacten twee en drie. Hoelang heeft hij om na te denken over de koerswijziging? 'Een split second.' Het lijkt even of hij wil doen wat hij naliet bij Casillas: om de doelman heen lopen. Maar deze situatie is anders: hij is dichter bij het doel, de ruimte is veel kleiner. Als hij om de doelman heen loopt, rolt de bal misschien achter het doel of wordt de hoek te klein.


'Het is omschakelen, in honderdsten van een seconde. Links voorbij was de eerste gedachte. Dan schakel je in je kop. Razendsnel.'


Weidenfeller loopt met hem mee, als een danser die half uitglijdt over de sleep van zijn partner. Robben bepaalt, want hij heeft de bal. Hij wervelt met zijn heupen. Het lijkt alsof hij een knop bedient die zijn lichaam plotsklaps in een andere stand zet.


4Dan toucheert hij de bal dus voor de derde keer. Die rolt subtiel, in de baan langs de andere kant van de doelman.


Robben: 'Ik had geen keuze. Ik raakte de bal niet vol.' Wie later zegt dat hij de bal verkeerd raakt, snapt niets van voetbal. Robben is zo dicht bij het doel dat de bal niet meer te achterhalen valt. Niet door de doelman, niet door de verdedigers. Ze zijn uitgeteld. Ze hebben zich overgegeven aan de magiër uit Groningen.


Het is juist fijn dat de bal zo langzaam rolt. De traagheid rekt het genieten. Robben rent al weg. Hij weet genoeg: doelpunt. Hij herinnert zich dat hij schreeuwt: 'Oh my God.' Later roept hij naar het publiek: 'Was, was, was!?' Wat, wat, wat? Wat willen jullie nu?


Die oprisping van woede hoort bij de situatie. 'Arjen Floppen' was hij genoemd, na die finale van 2012. 'Gelukkig speelt hij nu voor Nederland', concludeerde de krant Bild, met een verwijzing naar het aanstaande EK. Clubicoon Beckenbauer noemde hem in een van zijn schrijfsels een egoïst.


En nu was hij de held. Hij weet dat het zo werkt in de opportunistische wereld van de sport, maar hij heeft zich er soms toch over verbaasd, dat de stemming binnen korte tijd '360 graden kan draaien'.


5Robben rent naar de kant, gek van geluk. Hij glijdt over zijn knieën naar de zijlijn, tot bij de fotografen.


In één klap dendert hij de tunnel van concentratie uit waarin zijn vrouw hem altijd ziet verdwijnen in de beslissende fase van het seizoen.


Precies daar achter zit zijn familie. Vader Hans Robben: 'Als je het beeld op een bepaalde manier stilzet, kun je ons zien.' Hans Robben zit daar met zijn vrouw en Arjens zus. Hoger op de tribune zit vrouw Bernadien met een van zijn kinderen.


Robben weet niet meer of hij bewust naar die kant rende. Hij holde gewoon en gleed de oase van gelukzaligheid in. 'Ik heb oogcontact gehad. Dat was ontzettend gaaf. Dat is het mooiste; dat je familie er is, met wie je alles hebt gedeeld.'


Even later, na het eindsignaal, verstopt hij zijn hoofd in het gras, huilend, zoals het hoofd een jaar eerder rustte op de borst van Drogba, de winnaar van toen.


Ja, hij herinnert zich foto's van een jaar eerder: hij, met een leren broek en een Beiers ruiten hemd, onderuitgezakt in een stoel, met een pul bier voor zich. Ontroostbaar voor vrouwlief. Nu is daar een schitterend feest in Londen, hoewel hij niet 'straalbezopen' wordt en helemaal de weg kwijtraakt.


Zijn loopbaan is min of meer af nu, al is hij daarvoor te ambitieus. En die kans in de WK-finale tegen Spanje vergeet hij nooit. 'Die kans komt nooit terug. De teleurstelling zal ik altijd bij me dragen, maar dit doelpunt maakt veel goed. Heel veel.'


Bijna was hij zelfs tot Sportman van het Jaar gekozen. Iedereen wilde met hem op de foto, bijna alle sporters die hij ontmoette zeiden dat ze op hem hadden gestemd. Het was een fijne avond.


Op een tijdens die avond gemaakte foto kijkt hij verliefd naar Bernadien. Het is de spiegel van een perfect jaar. Ze hebben elkaar, hij heeft zijn beslissende doelpunt.


Hij weet dat zijn verhaal voldoet aan clichés, maar dat is helemaal niet zo erg. 'Het is het ultieme moment van mijn loopbaan. Eindelijk is gelukt wat ik wilde, waarvoor ik alles had gedaan. Dat heeft altijd in me gezeten. Het hoogste willen bereiken, het beste. Ik wil nog veel winnen, maar deze zege geeft me een zekere rust.'


Het is ook het aloude verhaal van nooit opgeven. 'Iedere sporter krijgt te maken met ups en downs. Dan moet je proberen op te krabbelen. Altijd blijven knokken. Dat is het belangrijkst.'


Bij de sportverkiezing lieten ze een filmpje zien, een samenvatting van de finale, met mooie muziek. 'Ik kreeg het er warm van. Ik voelde tranen in mijn ogen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden