De rekenmeesters van het leven

Het Nibud groeide in 25 jaar uit van een advieskantoortje tot een heus instituut. Populairste uitgave: de brochure over alimentatie....

Door Yvonne Doorduyn

voeveel sokken verslijt een man? Hoeveel Hkost een kinderontbijt, en hoeveel geld is een gezin jaarlijks kwijt aan verzekeringen? En de werkster, wat moet die verdienen?

Sinds 25 jaar heeft Nederland een instituut dat het allemaal weet. Tot in de kleinste, bijna lachwekkende details weet het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting wat het leven kost, en kkosten als gezinnen het een beetje handig aanpakken.

Het begon allemaal in de tijd van de tweede oliecrisis, de tijd ook dat volgens het CBS een op de vijf Nederlandse gezinnen in financi moeilijkheden verkeerde. In de voorafgaande jaren waren meer en hogere kredieten en hypotheken afgesloten. Eenderde van de jonggehuwden zou in een financi crisissituatie verkeren.

Het was in die tijd, 1979, dat er overheidsgeld beschikbaar kwam voor een instituut dat gezinnen moest gaan voorlichten over hoe ze de huishoudkas op orde hielden en vooral, hoe ze konden rondkomen met weinig geld.

Twee clubjes uit Den Haag en eentje uit Rotterdam die zich op kleine schaal bezighielden met budgetadviezen en lezingen, fuseerden tot het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting. 'Alleen als we samenwerkten, kregen we subsidie', verklaart Addy Schortinghuis (87), destijds directeur van de Haagse Stichting Economisch Huishoudelijk Beheer (EHB) die opging in het Nibud.

De nieuwe stichting, vijftien man sterk, maakte een vliegende start. Net na de oprichting op 19 oktober 1979 kondigde zich de diepste na-oorlogse recessie aan. Omdat inkomensverbetering er voor de meesten niet in zat, kon het welzijn slechts verbeteren door een betere afstemming van inkomsten en uitgaven, was de gedachte.

Het leidde tot een stormloop op het Budgethandboek en budgetconsulentes - het Nibud was en is nog steeds een vrouwenbolwerk - beantwoordden vele duizenden telefoontjes. Tegen betaling maakten consulentes gedetailleerde budgetadviezen en wie dat wildekon zich met behulp van een cursus in het budgetteren bekwamen.

Begin jaren negentig kreeg het Nibud meer naamsbekendheid door de optredens van voorlichtster Christine Groenewegen in Avro's Servicesalon en het radioprogramma Echo van de KRO.

De maatschappelijke aandacht voor het - inmiddels vijf man en vijftien vrouwen tellende - Nibud fluctueert met het economisch tij. Hoewel schuldenproblematiek van alle tijden is, laat het Nibud vooral in tijden van recessie en kabinetsbezuinigingen veelvuldig van zich horen. Koopkrachtplaatjes van het Nibud - van uitgaven aan sportclub tot theezeefje - zetten de bezuinigingen kracht bij, of functioneren juist als concretisering van het protest vanuit bijvoorbeeld ouderenbonden, vakbeweging of gehandicaptenraden.

Alles buiten het doel van het Nibud om. Want als er i¿ets is waar het Nibud zich op laat voorstaan, dan is het wel zijn onafhankelijkheid en onpartijdigheid. 'Het belangrijkste wat we in 25 jaar hebben bereikt, is dat we een naam zijn geworden, een gerenommeerdeorganisatie', zegt Albert Luten. Hij is sinds twintig jaar als onderzoeker verbonden aan het Nibud. 'Onze naam en onafhankelijkheid zijn verankerd in alle sectoren.'

Het bestaansrecht van het Nibud verstevigde in de loop der jaren. Sinds het begin van de jaren tachtig kan de burger steeds minder terugvallen op het vangnet van de overheid. Uitkeringen (WAO, WW) werden lager en moeilijker toegankelijk en regelingen vervielen. Nog steeds zijn kabinetten bezig de in de jaren zeventig opgebouwde verzorging 'van wieg tot graf' te versoberen.

'De consument moet veel meer zelf regelen', verklaart Luten. 'De maatschappij is een stuk ingewikkelder geworden, en dan komen mensen bij ons terecht.'

Ook de consument zelf veranderde door de jaren heen. Mensen hebben nu weliswaar meer geld, maar ook meer schulden. 'Het is veel makkelijker geworden om schulden te maken', stelt Luten. 'Geld wordt bijna bij je thuis gebracht. Vroeger kon je niets op afbetaling kopen.'

Maar ook de mentaliteit veranderde, ook onder jongeren. 'Schulden had je niet 25 jaar geleden, het was taboe', weet Luten. Ook de interesse van de consument verschoof in de loop der jaren. Anno 2004 is de brochure over alimentatie de populairste Nibud-brochure. 'Vroeger waren er lang niet zo veel scheidingen.'

De terugtredende overheid raakte ook het Nibud zelf. De subsidies waren begin jaren negentig niet meer vanzelfsprekend. Het Nibud moest marktgerichter, doelmatiger, zelfs winstgevend worden om alle activiteiten te kunnen behouden. Inmiddels leeft het Nibud voor 80 procent van eigen inkomsten en nog slechts voor 20 procent van overheidssubsidies en financiering door het bedrijfsleven. Bij de start was die verhouding omgekeerd. Vooral in de aanloop naar het nieuwe belastingstelsel in 2001 en de euro in 2002 verdiende het Nibud goed aan brochures en onderzoek.

Eding heeft het Nibud in 25 jaar geleerd: over geld praten wordt heel snel betuttelend. En dus doet het Nibud nu vooral onderzoek waaruit de consument zelf zijn conclusies kan trekken. 'We zeggen niet dat mensen dom zijn als ze meer lenen dan ze kunnen betalen, maar rekenen voor dat sparen een stuk goedkoper is.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden