De race tegen de machine

Het wordt steeds duidelijker dat de digitale revolutie ontwrichtende gevolgen heeft voor de werkgelegenheid. Vooral de typische middenbanen verdwijnen in rap tempo. Erik Brynjolfsson en Andrew McAfee, auteurs van The Second Machine Age, over de nieuwe revolutie op de arbeidsmarkt.

Drie jaar geleden vermorzelde supercomputer Watson zijn twee menselijke tegenstanders in een speciale aflevering van de quiz Jeopardy. Amerika's beroemdste tv-spelletje, waarin kandidaten hun antwoorden moeten verpakken als vraag, staat bekend om zijn dikwijls hondsmoeilijke vragen vol dubbelzinnigheden en raadsels.


De tegenstanders van IBM's supercomputer waren niet zomaar van straat geplukt en een tv-studio in geduwd: Ken Jennings bezat het record van de langste ongebroken zegereeks uit de Jeopardy-geschiedenis (74 afleveringen), terwijl Brad Rutter van alle kandidaten ooit het meeste prijzengeld had gewonnen (3,4 miljoen dollar). Toch versloeg Watson zijn tegenstanders met speels gemak: 'Wat is knokkelkoorts?', 'Wie is Eleanor Rigby?', 'Wat is Gemeenschappelijk Landbouwbeleid?', enzovoorts.


Watsons eindscore was 77 duizend dollar, tegen 24 duizend voor Jennings en 21 duizend voor Rutter.


Jennings zei later: 'Zoals fabrieksbanen in de 20ste eeuw werden vernietigd door lopendebandrobots, zo waren Brad en ik de eerste kenniswerkers die ten prooi vielen aan de nieuwe generatie 'denkende' machines. Quizkandidaat is misschien de eerste baan die overbodig wordt gemaakt door Watson, maar het zal niet de laatste zijn.'


De vernietiging van banen door technologische vooruitgang is van alle tijden, maar de laatste jaren lijkt het proces in een stroomversnelling te zijn geraakt - zonder dat daar vooralsnog veel nieuwe banen tegenover staan. Bankbedienden, kantoorklerken, caissières, postbodes, callcenterwerkers, verkopers, belastingadviseurs, fabrieksarbeiders, meterstandopnemers, bibliothecarissen, baliemedewerkers op vliegvelden: wereldwijd sneuvelen ze bij bosjes door digitalisering en automatisering.


De schaduwzijde van gratis berichtendiensten als WhatsApp en iMessage is duizenden ontslagen bij telecombedrijven - van de 20 duizend Nederlandse banen bij KPN uit 2011 zullen er in 2016 bijvoorbeeld nog maar 13 duizend over zijn. Op het hoogtepunt, voor de opkomst van digitale fotografie, werkten bij het Amerikaanse Kodak 145 duizend mensen. Toen Instagram twee jaar geleden voor 1 miljard dollar werd overgenomen door Facebook, had de gratis fotodienst 13 werknemers.


En dit is nog maar het begin, schrijven Andrew McAfee en Erik Brynjolfsson in hun vorige maand verschenen boek The Second Machine Age. 'Er is nooit een betere tijd geweest dan de onze voor werknemers met speciale talenten of de juiste opleiding, want zij kunnen technologie gebruiken om er waarde mee te creëren. Maar er is nooit een slechtere tijd geweest voor werknemers met alledaagse vaardigheden, omdat computers, robots en andere digitale technologieën die vaardigheden in duizelingwekkend tempo onder de knie beginnen te krijgen.'


We zijn al zeker 200 jaar bang voor machines, sinds de Luddieten in Engeland weefmachines begonnen kapot te slaan. Maar de eeuwen erna hebben ongekende welvaart gebracht. Wat maakt het tweede machinetijdperk anders?

Brynjolfsson: 'Het eerste machinetijdperk - de Industriële Revolutie - slechtte de barrières van de spierkracht, zowel van menselijke als dierlijke soort. Denk bijvoorbeeld aan de paarden en ossen die moesten wijken voor de tractor. Het was een historisch keerpunt dat ons een veel hogere levensstandaard heeft gebracht. Wat het eerste machinetijdperk deed voor spierkracht, doet het tweede machinetijdperk voor onze denkkracht. Maar er is een belangrijk verschil. In het eerste machinetijdperk was de mens noodzakelijk om de machines te besturen. Menselijke arbeid was complementair aan de nieuwe technologieën. In het tweede machinetijdperk zijn machines dikwijls een vervanging van mensen, met ontwrichtende gevolgen voor de werkgelegenheid.'


Na het winnen van Jeopardy ging supercomputer Watson geneeskunde studeren. IBM wil van Watson een Dr. Watson maken, met meer medische kennis dan 'menselijke' geneeskundestudenten ooit in hun hoofd kunnen stampen. Dat supercomputers op den duur misschien betere diagnose-stellers zijn dan mensen zou vanuit het perspectief van bijvoorbeeld kankerpatiënten een fenomenale vooruitgang zijn, maar het zou een deel van de artsen overbodig maken.


Dat spraakherkenningssoftware en vertaalmachines steeds geavanceerder worden betekent niet dat het beroep van tolk of vertaler zal uitsterven, maar wel dat er steeds minder tolken en vertalers nodig zullen zijn. De Europese Unie vervangt de komende jaren bijvoorbeeld 10 procent van zijn vertalers door een machine om de lawine aan beleidsdocumenten goedkoper te kunnen vertalen. Dat er nu zelfbesturende auto's rondrijden betekent niet dat we binnen afzienbare tijd een futuristisch tijdperk binnengaan waarin geen taxi- of buschauffeurs meer bestaan. Maar op den duur kunnen de gevolgen voor de werkgelegenheid groot zijn.


Technologische werkloosheid treft tot nu toe vooral de typische middenbanen, zoals routinematig werk op kantoor of in de industrie. Dit leidt tot de uitholling van de middenklasse, schrijven McAfee en Brynjolfsson. De banen aan de onderkant van de arbeidsmarkt - schoonmakers, verplegers, hamburgerbakkers- zijn tot nu toe beter bestand gebleken tegen technologie. Dat heeft te maken met wat wel de Paradox van Moravec wordt genoemd: wat makkelijk is voor ons, is moeilijk voor machines, en vice versa. Een geavanceerde robot van Berkeley deed er bijvoorbeeld gemiddeld 24 minuten en 38 seconden over om een handdoek op te vouwen.


Een bijkomend effect is dat in veel westerse landen de inkomensongelijkheid toeneemt. In Amerika is het mediaan inkomen - het middelste van alle, van hoog naar laag gerangschikte inkomens - sinds eind jaren zeventig nauwelijks gestegen en sinds eind jaren negentig bijna 10 procent gedaald. McAfee: 'Economische vooruitgang is niet meer als een vloed die alle boten optilt. We leven in tijden van verbluffende vooruitgang, maar veel mensen voelen zich buitengesloten - en veel mensen worden ook daadwerkelijk buitengesloten.'


McAfee en Brynjolfsson zeggen geregeld versteld te staan van de snelheid waarmee technologie vooruitschiet. Ze noemen Siri, de spraakassistent van Apple, en de Google Driverless Car. McAfee: 'Jarenlang hadden we onze studenten voorgehouden dat autorijden een brug te ver was voor machines.' Maar in de zomer van 2012 reden ze zelf mee in de bestuurderloze auto van Google, tijdens een testrit over Highway 101.


Millennialang was het menselijk lichaam het enige stuk techniek waarvan de mens de werking niet begreep. Nu zijn we afhankelijker dan ooit van alsmaar complexere technologieën, waarvan het falen of misbruik grote schade kan aanrichten - zie de financiële wereld, kijk naar privacy. Wat zijn de grootste risico's?

McAfee: 'Toenemende technologisering leidt tot grotere complexiteit en onderlinge afhankelijkheid, waardoor de kans op catastrofale fouten toeneemt. Bovendien democratiseren we de toegang tot ongelooflijk krachtige technologieën. Dat is geweldig nieuws, maar het betekent ook dat bad guys toegang zullen krijgen tot dezelfde technologieën en er verschrikkelijke dingen mee kunnen doen.'


Brynjolfsson: 'We ontdekken nu dat zelfs drones kunnen worden gehackt. Mensen kunnen inbreken in de besturingssystemen en de controle overnemen. Dus je kunt je voorstellen hoe groot de schade kan zijn als drones en onbemande voertuigen wijdverbreid zijn.'


Technologische vooruitgang is exponentieel, institutionele verandering helaas niet. Hoe kunnen we de technologie bijbenen?

McAfee: 'Er zijn twee slechte ideeën waarnaar we onze oren niet zouden moeten laten hangen. Het eerste slechte idee is doen alsof alles bij het oude blijft. We maken een tijd door van grote veranderingen. Op onze schouders rust de verantwoording om de maatschappij daar klaar voor te maken. Het tweede slechte idee is proberen om de technologische opmars te stoppen of te vertragen. Af en toe horen we goedbedoelende mensen zeggen dat we de vooruitgang beter kunnen stoppen als technologie zo veel ontwrichting veroorzaakt. Een vreselijk slecht idee. Deze personen proberen het verleden te beschermen tegen de toekomst. Wij willen de toekomst beschermen tegen het verleden, want als we onze zaken goed op orde krijgen, stevenen we af op een betere toekomst.'


Debatten over onderwijs zijn bijna even verhit als debatten over het bestaan van God. Het lijkt me lastig om lessen voor het onderwijs te trekken uit jullie boek. Jullie schrijven bijvoorbeeld dat een goed geheugen een steeds minder waardevol talent zal zijn; we kunnen ons geheugen immers uitbesteden aan technologie. Maar is het verstandig om kinderen niets meer uit hun hoofd te laten leren?

Brynjolfsson: 'Ons eerste advies is dat we juist die vaardigheden moeten ontwikkelen waarin wij als mensen beter zijn dan machines. Dus ik denk niet dat het stampen van hoofdsteden of van jaartallen van belangrijke veldslagen een goede besteding is van de schaarse tijd van kinderen. Leraren zouden zich meer moeten concentreren op het stimuleren van creativiteit en sociale vaardigheden.


'Ten tweede zullen mensen over een veel groter aanpassingsvermogen moeten beschikken. Weinig vaardigheden zullen zoals vroeger veertig jaar economisch houdbaar blijven. Levenslang leren is dus van fundamenteel belang. En ten derde zal het steeds belangrijk worden dat mensen iets vinden waar ze echt hartstocht voor hebben. We willen ouders en leraren aanmoedigen om die hartstochten te herkennen bij hun kinderen. De reden is dat het in onze winner-take-all-maatschappij steeds minder loont om gemiddeld te zijn.'


McAfee: 'Debatten over onderwijs zijn inderdaad intens, bijna zoals religieuze debatten. Hoe kun je het beste antwoorden vinden op de vraag wat effectief onderwijsbeleid is? Met gegevens. We kunnen nu oceanen van data genereren over wat werkt om mensen te helpen in de toekomst economisch waardevol te zijn. Het onderwijsdebat gaat niet gebukt onder een tekort aan theorieën, maar onder een tekort aan data.'


Qua creativiteit kunnen machines nog niet aan de mens tippen, schrijven jullie. Machines bedenken geen ideeën of vragen, ze hebben slechts antwoorden. Maar dat machines nog geen grootse haiku's kunnen schrijven of lekker moleculair kunnen koken, wil niet zeggen dat daar massale werkgelegenheid in het verschiet ligt.

Brynjolfsson: 'Laten we een stap terug doen. Een van de dingen die we de laatste jaren ontdekken via bijvoorbeeld Amazon.com of de app-industrie is dat er meer en meer goederen en diensten zijn in allerlei nichemarkten - de zogeheten long tail - waarin mensen kunnen bijdragen aan de samenleving. Dus ik denk dat er meer potentieel is voor mensen om de beste van hun land te zijn in iets dan voorheen.'


McAfee: 'Computers en robots zijn nog steeds ongelooflijk beroerd in vaardigheden die bij ons dikwijls laag in aanzien staan: het repareren van het fornuis bijvoorbeeld, of werken in de thuiszorg. Geen prestigieuze banen, maar ze zullen in het tweede machinetijdperk wel vrij goed bestand zijn tegen automatisering, in tegenstelling tot bijvoorbeeld kenniswerkers. Wij hopen dat we als maatschappij een breder perspectief zullen krijgen op de vraag wat een goede carrière is.'


Brynjolfsson: 'Ik denk dat het ook goed is als machines veel routinematig, monotoon werk overnemen. De meest humane aspecten van werk - zorgen voor iemand, creatief zijn - zullen overblijven en belangrijker worden.'


John Maynard Keynes voorspelde in 1930 de 15-urige werkweek. Zal het tweede machinetijdperk zijn voorspelling eindelijk doen uitkomen?

McAfee: 'Dat zou een geweldige uitkomst zijn. Dan zouden we, vergeleken met eerdere generaties, waanzinnig welvarend zijn. We zouden veel meer tijd overhouden buiten ons werk. In Amerika ligt in deeltijd werken vaak nog moeilijk. Wat dat betreft liggen jullie in Europa voor.'


Brynjolfsson: 'Keynes' scenario is hoopvol. Helaas zijn er ook scenario's denkbaar waarbij geld, macht en kansen geconcentreerd raken bij een alsmaar kleinere groep personen. De laatste zin in ons boek is: 'Technologie is niet ons lot. Wij maken zelf ons lot.' We zijn geen pessimisten, maar ook geen utopisten. Technologische vooruitgang kan een mooie uitkomst hebben voor ons allemaal, zolang we maar niet achterover leunen en denken dat alles onvermijdelijk is, in positieve dan wel negatieve zin.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden