De raadselachtige populariteit van Hermann Hesse

ZOU Hermann Hesse nog bekend zijn bij de generatie die na 1970 is geboren? Dat is zeer de vraag. De ouders van deze jongeren, die veelal zelf het product zijn van de na-oorlogse geboortegolf, zullen zich de naam van de Duitse romancier, dichter en essayist zeker nog herinneren, en misschien...

Hesse is dan misschien niet vergeten, hij heeft wel afgedaan. En dat is, gezien de voorgeschiedenis, vrij opmerkelijk. Want hij was de absolute goeroe van de omvangrijke generatie die tussen 1965 en 1975 volwassen werd. Zijn werk ging in West-Europa en de Verenigde Staten met honderdduizenden exemplaren tegelijk over de toonbank. Een Amerikaanse popgroep - nog een illustratie van zijn ongekende populariteit - vernoemde zich in die jaren naar Hesse's roman Der Steppenwolf en scoorde een hit met Born to be wild, bekend uit de hippiefilm Easy Rider.

Op 2 juli jongstleden was het 125 jaar geleden dat Hermann Hesse in Calw (Württemberg) werd geboren als zoon van een Baltisch-Duitse vader en een Zwabisch-Zwitserse moeder. En eveneens dit jaar, om precies te zijn: op 9 augustus, is het veertig jaar geleden dat hij in het Zwitserse Montagnola (nabij Lugano in de Tessin) overleed. Op het toppunt van zijn roem was hij dus al bijna tien jaar dood. Dat hij zo beroemd zou worden, daarvan had zelfs zijn uitgever, die na Hesse's overlijden in 1962 begon met het mondjesmaat heruitgeven van zijn werk, niet kunnen dromen.

Het was overigens de tweede keer dat het werk van Hermann Hesse bovenmatig veel bijval oogstte. De eerste keer was een halve eeuw eerder naar aanleiding van de publicatie in 1919 van Demian - na eerder verschenen romans als Peter Camenzind (zijn redelijk succesvolle debuut), De avonturen van Hermann Lauscher, Unterm Rad, Gertrud, Knulp en Rosshalde, zijn eerste echte bestseller.

Met de verschrikkingen en massavernietigingen van de oorlog van 1914-'18 nog vers in het geheugen van het grote publiek sloeg het door Hesse in Demian voor het eerst ondubbelzinnig gepropageerde, onvoorwaardelijke individualisme in als een bom. Thomas Mann herinnerde zich: 'Onvergetelijk is de elektriserende schok die Demian vlak na de Eerste Wereldoorlog teweegbracht. Het is een verhaal dat met griezelige nauwkeurigheid de zenuw van die tijd trof en de gehele jeugd, die besefte dat er uit haar midden een verkondiger van haar diepste levensbesef was opgestaan, in dankbare verrukking meesleepte.'

Hesse's lof der onaangepastheid, verkondigd in Demian en het hoofdthema van al zijn latere werk, maakte hem in die eerste na-oorlogse jaren tot de populairste auteur van Duitsland. Maar lang mocht dat niet duren.

Zoveel eigenzinnigheid en individuele vrijheidsdrang, gepaard aan het radicale pacifisme dat Hesse in die jaren publiekelijk voorstond, vielen niet te rijmen met het nationaal-socialisme dat kort nadien van zich deed spreken. Hesse, die met een vooruitziende blik al in Demian zinspeelde op een mogelijk tweede wereldbrand en de gruwelijke gevolgen daarvan, stapte uit protest tegen de politieke ontwikkelingen in Duitsland in 1930 uit de Pruisische dichtersacademie, na er slechts vier jaar lid van te zijn geweest.

Zijn populariteit in zijn geboorteland verdween sneller dan ze was gekomen. Daaraan heeft ook bijgedragen dat hij zich in 1923 tot Zwitsers staatsburger had laten naturaliseren. Een Einzelgänger en een buitenstaander, dat was hij en dat zou hij blijven. Daarom was het hem begonnen, níet om de instemming van de middelmaat der grauwe horden.

Het burgerlijke, schreef Hesse, 'is niets anders dan een poging tot nivellering, als het streven naar een volkomen middelpunt tussen de talloze uitersten en tegenstellingen in de menselijke verhouding'. Het is een citaat uit Der Steppenwolf, de roman die in 1927 voor het eerst verscheen en bijna een halve eeuw later het brevier van de vrijgevochten babyboomers zou worden. Niet alleen het anti-burgerlijke karakter ervan, de totale afkeer van spruitjesgeur en klootjesvolk, sprak de jeugd in het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw aan. Prikkelend voor de doordenkers onder die jeugd was vooral ook de in vrijwel al Hesse's boeken virulent aanwezige opvatting dat het menselijk bestaan geen grijs gemiddelde is of mag zijn, maar een spanningsveld tussen extremen als goed en kwaad, schoonheid en lelijkheid, zinnelijkheid en ascese, logos en eros, geest en leven. Het ene bestaat slechts bij de gratie van het andere. Het zijn daarom geen tegenstellingen die de mens, zoekend naar een ten onrechte 'gulden' geheten middenweg, moet zien te neutraliseren of op te heffen, maar geladen tegendelen die in onderling verband staan maar desondanks gescheiden moeten blijven. Juist deze spanningsvolle polariteit staat garant voor energie, dynamiek en persoonlijke ontwikkeling.

Is het in Demian de tegenstelling tussen goed en kwaad (beide elementen vertegenwoordigd door de god Abraxas) die gekoesterd wordt en de basis vormt van het volle leven, in Narziss und Goldmund (voor het eerst verschenen in 1930 en in Nederlandse vertaling in 1970) zijn het de spiritualiteit en de aardsheid. Het conflict tussen geest en leven, afzonderlijk belichaamd in de twee bevriende hoofdpersonen, komt pas in de dood van de volledig aan moeder aarde toegewijde Goldmund tot ontlading. Zijn vergeestelijkte vriend laat hij in verwarring achter met de veelzeggende vermaning: 'Maar jij, Narziss, hoe wil jij ooit kunnen sterven, als jij niet eens een moeder hebt?'

Er zijn oorzaken aan te wijzen van de spectaculaire herrijzenis van Hesse's werk kort na de dood van de auteur, eind jaren zestig, begin jaren zeventig van de vorige eeuw. Een daarvan is het hoge autobiografische gehalte van zijn romans en vertellingen. De man die drie keer huwde, in 1919 zijn gezin de rug toekeerde om - hoe egoïstisch ook - zijn eigen individuele vrijheid te bewerkstelligen, en die periodes van ascese en kluizenaarschap afwisselde met tijden van grote uitbundigheid en losbandigheid in de lichtzinnige stad aan de voet van zijn heremietenheuvel, blijft achter de veelal sjabloonmatig opgezette hoofdpersonen van zijn romans en novellen steeds duidelijk zicht- en herkenbaar. Hesse is Lauscher en Camenzind, Klein en Wagner, Narziss en Goldmund, steppenwolf Harry Haller en glasparelspeler Josef Knecht. Niet de vorm maar de vent sprak hier het meest tot de verbeelding.

Een andere aanwijsbare oorzaak van de tweede succesgolf is Hesse's vroege flirt met de oosterse wijsheid. Er zit een fikse dosis boeddhisme en aanverwante oriëntaalse religiositeit in zijn denken. Het meest expliciet komt die tot uitdrukking in Die Morgenlandfahrt (1932) en Siddharta, het verhaal van een brahmanenzoon die op zoek gaat naar 'zijn ware zelf'. Het is tekenend dat dit laatste boek pas na de heruitgave in de jaren zestig een doorslaand succes werd. De eerste druk van 1922 in Duitsland markeerde juist het begin van Hesses afnemende populariteit. En uitgerekend dit boek leverde Hesse toen zware kritiek op van zijn maatschappelijk geëngageerde, Duitse collega-auteurs. Zij verweten hem romanticisme en een laakbare, politiek afzijdige houding.

In dit licht lijkt het curieus dat politieke argumenten wel degelijk een rol hebben gespeeld toen aan Hesse, tenslotte Duitser van geboorte, in 1946, zo kort na de Tweede Wereldoorlog, de Nobelprijs werd toegekend. In 1955 mocht hij bovendien de Vredesprijs van de Duitse Boekhandel in ontvangst nemen en werd hij opgenomen in de vredesklasse van de orde Pour le mérite.

Ondanks zijn ferme uittreden uit de dichtersacademie en ondanks de kracht en persoonlijkheid die zijn oeuvre uitstraalt, is een zeker escapisme niet vreemd aan de figuur Hermann Hesse. Politiek is het werk allerminst. Des te opmerkelijker is het dat zijn boeken zo gretig aftrek vonden in een periode waarin naast hippiedom en flower power de samenleving ingrijpend verpolitiekte, de maatschappelijke verhoudingen polariseerden en de verbeelding op alle fronten aan de macht moest worden geholpen. Want ook daarin voerden de Hesse-verslindende geboortegolvers al demonstrerend en gebouwen bezettend de boventoon. De onthechte, maar immens populaire brahmanenzoon zit daar toch een beetje als een Fremdkörper tussen.

Herlezing van Hesse's werk helpt niet bij het oplossen van dit raadsel, maar levert veeleer een confronterende situatie op. Dat geldt met name voor de authentieke babyboomer die positieve herinneringen dacht te hebben aan de laatste Hesse die hij zo'n dertig jaar geleden met een zucht van genot dichtsloeg. Hoe heeft dit behaagzieke, wijdlopige en breedsprakige proza, waarin quasi-diepzinnige traktaten worden afgewisseld met mierzoete nep-romantiek, ooit een hele, toch als tamelijk kritisch te boek staande generatie in zijn ban kunnen houden?

Wellicht kunnen jongere lezers die geheel onbevangen de volgende week bij De Bezige Bij te verschijnen heruitgave - een verzamelbundel met Siddharta, Demian, De steppenwolf en Reis naar het morgenland - ter hand nemen, daarover uitsluitsel geven. De Duitse uitgever Suhrkamp zag in dit dubbele jubeljaar zelfs aanleiding voor een nieuwe en sterk uitgebreide editie van Hesses verzameld werk in twintig delen (de vorige telde er twaalf). De wens is de vader van de gedachte. Maar een derde Hesse-hype lijkt er vooralsnog niet in te zitten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden