De pruimenboom

Thuiskomen in je moederland. Terugkeren naar het land waar je ouders je hebben grootgebracht. De Volkskrant reist mee naar Eskiehir, in Midden-Turkije....

Van Daydali, het klein-IJmuiden in Turkije, geen nieuws. Of het moest de bliksem zijn die de minaret trof. Misschien wel de verkoop van opa Demir's op een na laatste koe.

Ayhan en Saide Demir uit IJmuiden zijn voor een etmaal op bezoek bij opa Demir, de vader van Ayhan. Ze zijn terug op de plek waar ze geboren zijn en waar zoveel wiegen van andere tot Nederlander genaturaliseerde burgers hebben gestaan.

Met een enkel woord praten de vader van zeventig en zijn zoon bij, terwijl ze kijken naar de hond die zich in de schaduw koestert. Op het stoffige erf voor het met leem gepleisterde huis scharrelen wat kippen.

De oude Demir blijkt een trotse man die verknocht is aan zijn dorp. Dankzij een klein pensioen uit de tijd dat hij in Frankrijk werkte, weet hij stand te houden in Daydali. Nog een keer zijn dorp verlaten om in de stad te gaan wonen, ziet hij niet zitten. Hij kiest voor zijn laatste koe, de kippen en het vroege opstaan.

Drie van zijn kinderen hebben hun weg naar Nederland gevonden, twee anderen, Mehmet en Maser faalden. In totaal heeft de oude man elf kinderen vanuit zijn dorp over Europa en Azië uitgestrooid. Daarbij geholpen door drie van zijn vier vrouwen. Nu zoekt hij een vijfde levensgezel, want de huidige lijkt als haar voorgangsters op weg naar de hemel.

Wanneer het weerzien met zijn vader een half uur heeft geduurd, zoekt Ayhan zijn lievelingsplek op onder een oude pruimenboom. Hij trekt aan zijn sigaret zoals hij dat vijfentwintig jaar geleden op dezelfde plek stiekem deed. De rijpe pruimen vallen om hem heen op de grond. Onrustig kwetterende vogeltjes kondigen de nacht aan. En de winterbrandstof, koemest, ligt op een veldje te drogen. Ayhan aait zijn zoon van tien. 'Ja Erdem. Hier zat papa vroeger altijd.'

Vanonder de boom is het hele dorp te overzien. Naast kleine huizen van leem staan grote villa's met drie etages, gebouwd door de mannen en vrouwen die de afgelopen jaren het dorp verlieten om werk te zoeken in IJmuiden. Ayhan telt de huizen van de gezinnen die nu in IJmuiden wonen. Van de twintig zichtbare panden zijn dat er gauw vijftien. 'Als iedereen hier is, is het net klein-IJmuiden. En IJmuiden is groot-Daydali.'

Zus Perihan brengt thee onder de pruimenboom en Saide schuift aan. Soms voelt Saide zich een beetje een verraadster, zegt ze. Ze is Turkse en wil niet meer in Turkije wonen. Natuurlijk, Turkije is mooier dan dat stille IJmuiden. Maar heb je de ziekenhuizen in Turkije al eens gezien? De lakens zijn vies en je wordt er afgebekt. Als ze daar aan denkt is ze blij dat ze al sinds 1972 in Nederland woont. Het leven in Turkije is haar te zwaar.

'Voor deze vakantie hebben we gespaard. We kunnen nu vrij leven. Maar eens houdt het op. En dan? Als vrouw is het hier heel moeilijk om werk te vinden. Je moet je aanpassen. En je moet ieder dubbeltje omdraaien. Want duur wordt het hier. Schoonmaakmiddelen kosten hier al meer dan daar.'

Ayhan zou wel liever in Turkije willen wonen, niet in het dorp maar in de stad waar ze hun flatje hebben, in Eskiëehir. Maar zijn vrouw en zonen willen niet. Misschien is dat ook wel beter, denkt hij. 'In ieder geval voor de studie van de kleintjes.'

Eigenlijk, mijmert Ayhan, kun je nooit meer terug naar Turkije als je eenmaal weggegaan bent. Als je jong bent in Nederland wil je bij je vrienden blijven. En als je ouder wordt, wil je je kinderen niet achterlaten.

'Ik word daar een beetje verdrietig van. Mijn vrienden en hun vaders bouwen hier allemaal mooie huizen voor later, maar die zullen uiteindelijk allemaal blijven leegstaan.'

Saide ziet het iets anders. Voor haar zijn de huizen ook een soort verzekering. 'Nu is het leuk voor de vakantie. Maar mochten de tijden veranderen, dan kunnen wij in ieder geval terug. Je weet maar nooit. Misschien zeggen de Nederlanders ooit nog tegen ons: moven, wegwezen.'

Het is etenstijd. Zus Perihan heeft de dertig centimeter hoge tafel gedekt. Op het menu staan prei, rijst, pannenkoekenbrood en karnemelk. Iedereen wurmt zich in kleermakerszit en trekt het tafellaken over de knieën.

Aan de muur hangen twee roestige spijkers. Eén voor de jas en één voor de paraplu van de oude Demir. Vertrouwd, zoals het altijd was.

Bas Mesters

Woensdag in deel 5: Huwelijksmaand.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden