DE PRAKTIJK Levensthema's in het klein

De tentoonstelling heet Ruislip, naar een Londens metrostation. En naar de binnenpretjes van Dirk Vermeulen, die vroeger tandarts was, maar nu fulltime galeriehouder is van De Praktijk....

Ook zonder een chirurgische gevoeligheid voor plastische details, is Ruislip in het Nederlands een tantaliserend woord. Ruislip kriebelt, suggereert dat er iets broeit onder de huid. Het is een woord dat naar zich laat raden. Ruislip houdt zich op de achtergrond, zoals het kabbelen van water, een lispelende stroom.

De titel en de tentoonstelling zijn van een heel andere orde dan Sensation, het overzicht van recente Britse kunst dat vorig jaar in Londen de gemoederen in beroering bracht en nu zijn naam waarmaakt in Berlijn. Sensation is hip en heftig. Daar doen kunstenaars aan mee als Damien Hirst, Sarah Lucas en Chris Ofili, met hun onverschrokken beelden van de dood in het leven en daar tegenover hun pornografische toespelingen op de voortplanting.

Ruislip is helemaal niet lawaaierig. De beelden van Jonathan Callan, Judith Dean, Paul Morrison en David Thorpe moeten het juist hebben van het raffinement. Ze gaan aan de grote levensthema's voorbij, of moffelen die een beetje weg, laten ze wel zien, maar dan in het klein.

Judith Dean (1965) snijdt bijvoorbeeld mini-sculpturen uit potloden. Ooit is daarmee getekend en geschreven, dat valt nog af te lezen aan een botte punt, of aan een versleten, afgekloven steel, maar nu rusten ze uit. Het werden stille getuigen van wensdromen en frustraties.

Op de rug van een stompje in lipstickrood staat de merknaam Paradise. Dat potlood heeft twee punten. De bovenste is smoezelig, de binnenste, die pal onder de bovenste in het hout is blootgelegd, is scherp en schoon, maar die kan de verbeelding alleen in gedachten kleuren, want die zit ingeklemd. Het hele potlood trouwens. Het is aan de muur geklonken en wijst recht omhoog, geen potlood meer, maar een raketje, en dan natuurlijk één naar Paradise, als dat ooit mogelijk was.

Een feestje onder de sterrenhemel, op het dak van een helverlichte wolkenkrabber, haalt de droom dichterbij. Another rooftop party van David Thorpe (1972) lijkt op een zeefdruk, maar het is een collage van gekleurd karton. De knipsels zijn zo fijn als kant. Witte stipjes twinkelen als sterren boven de hoofden van de feestvierders, en om hen heen ruisen hoge bomen, grillige silhouetten in het stadslandschap, met een wirwar van kale takken.

Thorpe heeft van de vier deelnemers aan Ruislip het meest gemeen met de Sensation-collega's, dat wil zeggen: ook van hem heeft de reclamemagnaat en kunstopkoper Charles Saatchi werk in zijn bezit. Maar Saatchi weet met zijn verzameling te stunten. Sensation is een klapper, niet zomaar een greep uit de collectie. De kantachtige knipsels van Thorpe vragen een behoedzamere benadering.

Zij komen op zijn Ruislips tot hun recht, tussen de fragiele sculpturen van Judith Dean en in de omgeving van Jonathan Callan (1961), die met eenzelfde technische precisie berglandschappen uit oude foto's haalt. Callan geeft de platte ruggen hun volume terug. Hij plakt opnames van besneeuwde hellingen op een houten ondergrond en diept dan met een gutsmes de massa onder het oppervlak vandaan: heuvelende houtskrullen, een tot voor kort onontgonnen terrein. Dat moet Ruislip zijn.

Wilma Sütö

Vier jonge Britten: Jonathan Callan, Judith Dean, Paul Morrison en David Thorpe, tot en met 4 november in De Praktijk, Lauriergracht 96, Amsterdam, open: wo-za 13-18 uur en de eerste zondag van de maand.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden