De porseleinkast is niet meer te restaureren

Wie denkt dat de recente verkiezingsuitslag duidt op een restauratie van de politieke verhoudingen, vergist zich. Het grote aantal zwevende kiezers maakt dat onmogelijk, meent Joost Zwagerman....

Op de dag van de verkiezingen schetste ik drie verkiezingsscenario's (Forum, 22 januari). Het werd scenario twee: CDA blijft het grootst, een wonderbaarlijk snelle herrijzenis van de PvdA als tweede partij; een al even snelle decimering van de LPF; en geen CDA-VVD-meerderheid. Welkom terug in het Nederland van gisteren.

Ik kan me vergissen, maar behalve blijdschap en opluchting onder links heerst er onder kiezers én politici een licht nostalgische stemming. Het CDA en de PvdA die tot ekaar zijn veroordeeld: dát nu is tenminste een 'patstelling' die bekend voorkomt. Waar het bij de opkomst van Fortuyn ontbrak aan precedenten, zijn de politieke verhoudingen van na 22 januari moeiteloos in het perspectief te plaatsen van de eeuwig moeizame samenwerking tussen CDA en PvdA, met als brandpunt natuurlijk de voor de links traumatische stranding van de formatie van de PvdA van Den Uyl en het CDA van Van Agt in 1977, waarna de VVD van Wiegel er in minder dan negen dagen uitkwam met het CDA.

Ach ja, de jaren zeventig. In het driestromingenland van die jaren waren de verhoudingen nog overzichtelijk. Het gepolariseerde Nederland lag verankerd in onwrikbare karikaturen: de rooie drammers van de PvdA, de volgevreten kapitalisten van de VVD, en de voor links zo intens onbetrouwbare farizeeërs van het CDA. Wie nu rond de veertig is, is met die stereotypen opgegroeid.

Die stereotypen leken medio jaren negentig te zijn gesmoord onder de warme en mettertijd verstikkende deken van het poldermodel. En met de opkomst van eerst de Leefbaren en naderhand Fortuyn bleek er een diepe rancune te bestaan ten opzichte van wat 'De Linkse Kerk' is gaan heten. Dat was wel even wennen voor links, waar men bij wijze van traditie beter was in het verspreiden dan het incasseren van rancuneuze politieke sentimenten. Onder sommigen is de verleiding groot om het betrekkelijk herstel van de oude politieke verhoudingen te interpreteren als het afschudden van de rechts-populistische veren, om even op de beroemde uitspraak van Wim Kok te variëren. In de Volkskrant van zaterdag kwam de criminoloog Hans Boutellier aan het woord. 'Nederland is een jaar lang echt knettergek geweest', beweerde hij. En: 'Nederland was gehypnotiseerd.'

Wás gehypnotiseerd. Is gek gewéést. De criminoloog noemde de verkiezingsuitslag van 2003 zelfs 'een katharsis'. De journalist die hem interviewde, Martin Sommer, noteerde zijn woorden met instemming, gegeven diens commentaar: 'De veranderingen in Nederland gaan nog steeds verbijsterend snel. Ditmaal in restauratieve zin. Nog geen maand geleden verwoordde de koningin in haar kersttoespraak een bijna apocalyptische stemming. En nu is het alweer bussiness as usual. De nationale zucht van verlichting is bijna hoorbaar. Dat met de moed der wanhoop feestende en ecstacy slikkende volk blijkt gewoon gematigd en fatsoenlijk te zijn.'

Business as usual. Deze duiding van de verkiezingsuitslag is illustratief voor de gretigheid waarmee sommigen de korte tijdsspanne van Fortuyn en de LPF als afgesloten willen verklaren. Maar het grote verschil met de jaren zeventig en tachtig is dat het toen bestaande driestromingenland van CDA, PvdA en VVD niet viel te verstoren en te ontregelen door een al of niet diffuse vierde (tegen) stem. Het succes van D66 van weleer kwam voor zo'n vierde stem niet echt in aanmerking. Dat succes dankte die partij niet zozeer aan haar gekoesterde issues van 'directere democratie' door middel van referenda en gekozen burgemeesters en zo verder, maar aan haar tijdelijke rol als duvelstoejager voor de PvdA en de VVD om in het driestromingenland het CDA eens een tijdje in de oppositiebanken te laten uitbuiken. Geen slecht idee, toen.

Gegeven het overweldigend aantal zwevende kiezers anno 2003 is die onwrikbaarheid in het ontzuilde en ontpaarste Nederland toch echt verleden tijd. Niets wijst erop dat dit percentage zwevers ineens weer honkvast is geworden. Na de recente verkiezingsuitslag is Nederland heus niet ineens teruggevallen in een soort nationale identiteit van calvinistische steilheid en rimpelloze consensus. Er hoeft maar ergens, in de LPF of daarbuiten, een nieuwe politieke entrepeneur op te staan die een dan smeulende 'onvrede' weet te vertalen in klinkende slogans of die een specifieke frictie tussen allochtoon en autochtoon weet uit te vergroten en uit te spelen, en het 'gerestaureerde' Nederland zal opnieuw in één klap uit het lood hangen. Dat er een Wouter Bos is ontkiemd in de boezem van de PvdA is de beste aanwijzing voor de reële mogelijkheid dat er ook een Wouter Bos op kan staan búiten die partij of buiten het politieke establishment. Zie België, waar Arabische jongeren hun eigen mixfiguur van Wouter Bos en Pim Fortuyn kunnen claimen: Abou Jahjah, welbespraakt en mediageniek.

Even een verre van fictief scenario. In geval een toekomstige Nederlandse tak van Jahjah's Arabisch Europese Liga zich tussen nu en vier jaar inschrijft voor een eerstvolgende verkiezing, voor de Staten-Generaal of de gemeenteraden, zou die partij 5 à 10 procent van de stemmen kunnen trekken. Vertaald in Tweede-Kamerzetels zijn dat tien tot vijftien zetels. Eerste effect van zo'n Nederlands succes van de AEL is onvermijdelijk een tweede hoge vlucht voor de LPF, die dan zo weer 20 procent steun kan vergaren. AEL plus LPF bij elkaar betekent dan een verschuiving van ongeveer 25 Kamerzetels.

Voeg daarbij de met een CDA/PvdA-kabinet uiterst reële kans op een kabinetscrisis en vervroegde verkiezingen in 2005. Met name de PvdA zal opnieuw het nakijken hebben: de getergde en geradicaliseerde migranten naar de AEL en de eeuwig ontevreden autochtoon weer terug naar de LPF.

Indianenverhalen en spektakelvoorspellingen? Ik dacht het niet, zo kort na het spektakeljaar 2002 waarin de politieke werkelijkheid in ons wilde westen de stoutste verbeelding wist te overtreffen. Eén dag voor de verkiezingen voorspelde één van weinige denkers binnen de LPF, de Rotterdamse hoogleraar Henri Beunders, een opvlamming van de 'strijd' tussen de Amsterdamse oudlinkse elite en de nieuwe boze burgers uit Rotterdam. Beunders' profetie bleek een enorme miskleun. Niet zonder leedvermaak tilden zekere columnisten en commentatoren de hoogleraar op de gierkar. Intussen wees Beunders in zijn artikel óók op een moeilijk te negeren of te ontkennen feit, namelijk de niet door éen verkiezingsuitslag weg te wuiven manifeste 'ideologische strijd tussen het fortuynisme en het anti-fortuynisme'; tussen 'emotie en beheerste weldenkendheid'. Die strijd is met de verkiezingsuitslag van 2003 helemáál niet achterhaald geraakt. Wie dat wél denkt en het heeft over business as usual, zit onder een zelfde soort kaasstolp als waaronder allerlei PvdA'ers inmiddels aarzelend en aan de warme hand van hun akela Wouter Bos uit zijn gekropen.

In Nederland heerst sinds enige jaren substantieel het sociale klimaat van de korte lont. Of, om het iets vriendelijker te zeggen: een collectieve lichte ontvlambaarheid bepaalt tegenwoordig in belangrijke mate onze nationale identiteit. Degenen die de Hollandse nuchterheid het liefste per decreet zouden willen herinvoeren of die in de verkiezingsuitslag een robuuste terugkeer van die nuchterheid willen zien, miskennen de nieuw-Nederlandse psyche: veranderlijk en wisselvallig, op het ontoerekeningsvatbare af.

Er is misschien nuchter en pragmatisch gestemd, maar het stemgedrag van éen dag dekt bij lange na de huidige volksaard niet. Die zogenaamde restauratie is hooguit de restauratie van de porseleinkast. En er is veel minder dan een olifant nodig om die porseleinkast aan scherven te krijgen. Pim Fortuyn was tenslotte ook een politiek specimen van veel lichter gewicht: een wild en verleidelijk fladderende paradijsvogel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.