De poortwachter voor Oost-Europa 'Van den Broek moet zich niet als een minister gedragen' 'Het ontbreekt hem aan werkelijke interesse voor Oost-Europa' H A N S V A N D E N B R O E K

Hij bakkeleide met Max van der Stoel, ruziede met Ruud Lubbers en hield een 'stierengevecht' met Sir Leon Brittan. Gepokt en gemazeld begint Hans van den Broek aan het prestigieuze project: de uitbreiding van de Europese Unie....

VOOR HANS van den Broek breekt de Sternstunde van zijn Eurocommissariaat aan. Hij is de man van de uitbreiding. Tot chagrijn van zijn aartsrivaal Sir Leon Brittan kreeg Van den Broek de portefeuille van de komende onderhandelingen met Polen, Hongarije, Tsjechië, Slovenië, Estland en Cyprus over hun toetreding tot de Europese Unie.

Na de Eurotop in Amsterdam heeft de Europese Commissie koortsachtig meer dan elfduizend pagina's geproduceerd met zogenaamde avis, doorwrochte aanbevelingen over de landen waarmee 'Europa' in januari 1998 serieus wil praten over hun toekomstige lidmaatschap. Woensdag heeft Van den Broek zijn voorstellen ingediend bij het Europees Parlement.

De verstandhouding tussen de Oost-Europese landen en Van den Broek is niet optimaal. Wie de Oost-Europeanen polst over de Nederlandse Eurocommissaris bespeurt nogal wat knorrigheid. Sommigen verwijten hem 'gebrek aan dossierkennis', anderen noemen hem star. 'Een man, die zich angstvallig houdt aan lijstjes, die zijn experts hem hebben meegegeven. Op tegenargumenten gaat hij niet of nauwelijks in.'

Oost-Europa zat ooit in de portefeuille van de Britse commissaris Sir Leon Brittan, van oorsprong een Litouwse jood die met familie en al uit de Baltische staat verdreven werd. Niettemin waren de Oost-Europeanen enthousiast over Brittans inspanningen om hen nauwer bij de Europese Unie te betrekken - de economische belangen zijn groot. Over Van den Broek wordt daarentegen gezegd: 'Het ontbreekt hem aan werkelijke interesse voor Oost-Europa. Hij is meer bezig met Bosnië dan met ons.'

De kritiek op Van den Broek spruit voor een deel voort uit Oost-Europees ongeduld. De staten kijken reikhalzend uit naar het moment suprême, de toetredingsbesprekingen. Het is dus best mogelijk dat de irritaties begin 1998 verdwijnen, als de onderhandelingen van start gaan.

Ook Cyprus staat kritisch tegenover Van den Broek. Geïrriteerde Grieks-Cyprioten scholden Van den Broek recentelijk uit voor 'Hans van den Turk'. Hij zou te veel sympathie koesteren voor Turkije. De Grieks-Cypriotische woede werd opgewekt door Van den Broeks gesprekken met de Turks-Cyprioten in Nicosia, waar hij wilde uitzoeken of het gedeelde eiland op vreedzame manier kan worden herenigd.

Turkije houdt het noorden van Cyprus sinds 1974 militair bezet. Van den Broek (en hij niet alleen) zou graag zien dat op Cyprus de Griekse en Turkse gemeenschappen zich met elkaar verzoenen, voordat Cyprus lid wordt van de Europese Unie. Over de Grieks-Cypriotische scheldpartijen tegen hem haalt hij zijn schouders op. 'Wat je ook doet, je kunt het bij hun nooit goed doen.'

Zijn Grieks-Cypriotische gesprekspartners vinden zijn initiatief om met de Turks-Cyprioten te praten wel 'vervelend'. Maar zij achten zijn politieke inzichten en scherpe analyses zeer hoog. Cyprus bewondert Van den Broeks dossierkennis, een taxatie dus, die haaks staat op de Oost-Europese verwijten.

De Oost-Europeanen zullen het bij het verkeerde eind hebben, want Van den Broeks fenomenale dossierkennis is al ruim twintig jaar een van zijn sterke punten. Maar sommigen facetten van de kritiek op zijn persoon duiken eveneens herhaaldelijk op.

Het Parool observeerde in 1990: 'Hans van den Broek lijkt in Nederland niet echt populair te zijn. De minister van buitenlandse zaken komt wat gevoelloos over, en zijn internationale manoeuvres worden als gemillimeter ervaren. In de Tweede Kamer wordt hij hooghartig gevonden, zelfs in zijn eigen CDA.' Gevoelloos, hooghartig, een millimeteraar - het zijn terugkerende kwalificaties.

De jurist Van den Broek, geboren op 11 december 1936 te Parijs, begon met steun van Norbert Schmelzer zijn politieke carrière in 1970 in Rheden als gemeenteraadslid voor de Katholieke Volkspartij. In 1976 stapte hij in de landelijke politiek, als CDA-lid van de Tweede Kamer. Van 1981 tot 1982 was hij staatssecretaris van Europese Zaken onder de sociaal-democraat Max van der Stoel in het tweede kabinet-Van Agt.

Rimpelloos begon de relatie met Van der Stoel indertijd niet. Van den Broek waagde het om de wijsheid in twijfel te trekken van de in het regeerakkoord met de PvdA overeengekomen olieboycot van Zuid-Afrika. Het leidde tot kamervragen, en uiteraard tot een fikse aanvaring met zijn minister, die hem genadeloos liet vallen.

Minister Van den Broek van Buitenlandse Zaken moet zich dat incident levendig herinnerd hebben, toen de sociaal-democraat Piet Dankert in het op een na laatste kabinet-Lubbers (1989) staatssecretaris van Europese Zaken werd. Van den Broek destijds: 'Ik geef je een welgemeende raad. Spreek nóóit je minister tegen.'

Van den Broek mocht dan staatssecretaris van Europese Zaken zijn geweest, als minister was hij een steile Atlanticus, een hondstrouwe bondgenoot van de Verenigde Staten. De Belgische socialist Willy Claes, voormalig minister van Buitenlandse Zaken benevens ex-secretaris-generaal van de NAVO, typeerde hem ooit als 'de buikspreker van Washington'.

Jaren later, toen Claes vanwege het Agusta-schandaal in België zijn internationale topjob vroegtijdig vaarwel moest zeggen, zouden de Amerikanen in Den Haag gepolst hebben of Van den Broek beschikbaar was om de Belg op te volgen. Maar Van den Broek gaf de voorkeur aan zijn Europese carrière.

Bovendien had de regering-Kok Ruud Lubbers de arena al ingestuurd. De afloop is bekend: Lubbers zakte in Washington voor het toelatingsexamen NAVO. De NAVO-baan ging aan Nederland voorbij.

In de marge van het NAVO-debâcle rees de vraag: waarom hecht die oude Atlanticus Van den Broek ineens zo aan zijn Europese rol?

Waarschijnlijk was een van de redenen dat Van den Broek niet langer zo ongelukkig was in de Europese Commissie. Zijn eerste ambtsperiode (1993) onder het voorzitterschap van Jacques Delors als Eurocommissaris van Buitenlandse Zaken moet de meest traumatische ervaring zijn geweest, die Van den Broek in zijn politieke loopbaan heeft meegemaakt.

Van den Broek was uit Den Haag naar Brussel gekomen om de prachtbaan te krijgen van Europa's Commissaris van Buitenlandse Zaken. Kort daarna typeerde het weekblad The European hem als 'the frustrated spirit of the year'.

Want in de Europese Commissie zat nóg een uitzonderlijk ambitieus man: Sir Leon Brittan. Hij had uit de inboedel, die de Nederlandse supercommissaris Frans Andriessen had achtergelaten, de portefeuille internationale handelsbetrekkingen geërfd.

Omdat Brittan daarmee de Europese kassa voor buitenlands-politieke doeleinden beheerde en Van den Broek slechts de map 'politieke verklaringen', kwam het zwaartepunt bij Sir Leon te liggen. Tussen Van den Broek en Brittan (ooit Maggie's poedel genoemd om zijn serviliteit ten opzichte van Maggie Thatcher) groeide een explosieve rivaliteit.

Die bereikte het hoogtepunt toen Sir Leon de controle opeiste over de 'ambassades' van de Europese Unie in het buitenland. Van den Broek greep naar de noodrem: als Delors Sir Leon z'n zin gaf, zou hij opstappen. Van den Boek won, maar zijn imago had averij opgelopen. Leden van de woordvoering van de Europese Commissie schaamden zich er niet voor om de correspondentenschaar te 'vermaken' met de nieuwste anecdotes over het 'stierengevecht' tussen Van den Broek en Sir Leon Brittan.

De weerslag was te vinden in The Economist, waarin Van den Broek en Brittan werden afgeschilderd als kitchen capers; in Der Spiegel, die Van den Broek een ehrgeiziger Holländer noemde; en in Brittans lijfblad de Financial Times, dat de Nederlandse Eurocommissaris als een political supremo ridiculiseerde.

Sommigen zagen in het gevecht tussen Van den Broek en Brittan een herhaling van de competentie-strijd tussen Van den Broek en Ruud Lubbers. De twee konden elkaar aan het einde van het tweede kabinet-Lubbers niet meer luchten of zien. Ook dit was een competentietwist, waarbij Lubbers zich ten koste van Van den Broek een grotere buitenlands-politieke rol wilde toeëigenen. Lubbers claimde bij de Europese toppen meer manoeuvreerruimte voor zichzelf, dus zonder dat Van den Broek de krijtlijnen bepaalde.

De 'competentiestrijd' tussen Lubbers en Van den Broek eindigde met het vertrek van Van den Broek naar Brussel om daar een 'zware post' te krijgen. De 'competentiestrijd' tussen Sir Leon Brittan en Hans van den Broek eindigde in feite met de entree van de nieuwe Europese Commissie onder voorzitterschap van de Luxemburger Jacques Santer.

Van den Broek was opgetogen na de 'constituerende vergadering' van de nieuwe Eurocommissarissen in Schloss Senningen in Luxemburg. De portefeuille 'buitenland' bleek in vieren te zijn gesplitst, verdeeld tussen Van den Broek, Brittan, de Spanjaard Marín en de Portugees Pinheiro. Maar Santer vertrouwde Van den Broek Oost-Europa toe, ook al dreigde Sir Leon met ontslag als hij die portefeuille niet kreeg.

Brittan kreeg de relaties met de Verenigde Staten en Japan. De oude rivalen waren hiermee min of meer van elkaar verlost.

Maar het Europees Parlement vroeg zich af hoe het met de algemene Europese buitenlandse politiek zat. Jacques Santer bleek dat aspect vergeten te zijn. Daarom nam de chef zelf voortaan de 'buitenlands-politieke coördinatie' op zich.

Het heeft een poosje geduurd, maar Jacques Santer is de laatste tijd nadrukkelijker aanwezig in de Europese buitenlandse politiek. Tijdens de zogenaamde Gymnich-raden van de ministers van Buitenlandse Zaken zit, sinds de bijeenkomst in het Ierse Tralee, Santer in plaats van Van den Broek naast de raadsvoorzitter op het podium.

Ook onlangs in Apeldoorn manifesteerde Santer zich. Van den Broek was niet eens in de zaal, hoewel de Gymnich-raden in hoge mate over Europees buitenlands beleid gaan.

In de commissie-Delors moest Van den Broek proberen het Europese buitenlandse- en veiligheidsbeleid op poten te zetten. Maar zijn ex-collega's van buitenlandse zaken in de raad zagen hem niet langer als een der hunne. Zijn pogingen om zich als dé minister van Buitenlandse Zaken van de Unie te profileren, leden schipbreuk. 'Hij moet zich niet als een minister gedragen', werd er geschamperd.

In de kwestie-Bosnië koos de ministerraad niet Van den Broek als bemiddelaar, maar de Zweedse ex-premier Carl Bildt - een gevoelige tik, want juist Van den Broek had steeds grote interesse gehad in deze burgeroorlog. Lang voordat Europa, de Verenigde Staten en de NAVO besloten tot militair ingrijpen in deze oorlog, had Van den Broek in en buiten de Europese ministerraad stevige pleidooien gehouden om geweld te gebruiken.

Sinds de commissie-Santer er vier commissarissen van buitenlandse zaken op nahoudt, is de harde rivaliteit enigszins verdwenen. Maar Commissie-ambtenaren vinden het 'uiterst grappig' als Santer weer eens naar het buitenland moet. Op zo'n moment ontstaat er een gevecht tussen Van den Broek, Brittan, Marín en Pinheiro wie er met de chef mee mag.

Over Oost-Europa bestaat geen onduidelijkheid meer: het slagen of falen is in handen van Van den Broek. Omdat hij niet alleen de verantwoordelijkheid heeft voor de politieke betrekkingen, maar ook voor economie en handel, krijgt hij een enorm gewicht op dat terrein, zonder ernstige stoorzenders. Dat Van den Broek tegen een dergelijke taak is opgewassen, bewees hij door de jarenlange impasse te doorbreken over de douane-unie tussen Europa en Turkije.

De relatie Nederland-Van den Broek is afstandelijker geworden sinds hij in Brussel zit. Er is kritiek op hem dat hij in de Commissie zich 'te weinig' voor het Nederlandse belang inzet. Andere Eurocommissarissen ondervinden minder schroom om voor het eigen land te lobbyen.

Wel heeft Van den Broek zich opvallend gemengd in de vaderlandse drugsdiscussie, waarin hij het standpunt van zijn partij, het CDA, verdedigt. Maar hij heeft het idee om haar nieuwe lijsttrekker te worden weggewimpeld.

Van den Broek doet Oost-Europa.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden