DE PLICHT VAN DE VPRO

Bij het opstellen van het nieuwe zenderschema van de publieke omroep leed de VPRO forse verliezen. Onder meer de jeugdtelevisie staat onder zware druk....

Eerst nog een zomerstop van een weekje of zeventien en dan is vanaf dit najaar de ingrijpende home make-over in Hilversum voltrokken: alle publieke omroepen zullen dan definitief zijn losgeweekt van hun thuiszenders, en straks hun eigen programma’s – onder de dwingende regie van netcoördinatoren – verdeeld zien over een amusements- en familienet (1), een levensbeschouwelijk en informatief net (2), en een net gericht op sportliefhebbers en jongeren (3).

Elke zender heeft in die nieuwe configuratie zijn eigen scherpomlijnde kijkersprofielen gekregen, zodat de omroepen hun aanbod tot in detail kunnen bijbuigen naar de tv-wensen van die ‘nieuwe’ kijker. De marketingsspecialisten in het Mediapark onderscheiden anno 2006 acht verschillende typen beeldconsumenten achter de afstandsbediening: de ‘ambitieuze pleziermaker’, de ‘gemakzoekende burger’, de ‘zorgeloze spanningzoeker’, de ‘zorgzame opvoeder’, de ‘bezorgde burger’, de ‘participerende burger’, de ‘tolerante wereldburger’ en de ‘standvastige gelovige’. Tv-programma’s moeten meerdere kijkerstypen aanspreken om het scherm te halen.

De raad van bestuur van de Publieke Omroep hoopt met de operatie het enorme lek in de kijkcijfers te bestrijden dat de laatste jaren is ontstaan in de concurrentie met de commerciëlen. Vooral het bereik van de publieke omroep onder de doelgroep 20-49 is intussen ‘dramatisch’ gedaald, constateerde de raad in een notitie deze maand, waarbij voor de verandering maar eens werd voorbijgegaan aan de nog wat spectaculairdere verliezen in de categorie jongere kijkers.

Hoe dan ook, op meerdere fronten zorgen genoeg: in alle ‘leefstijlgroepen’ die de publieke omroep vanaf september opnieuw aan zich hoopt te binden, zou gemeten in het huidige thuisnetmodel bijvoorbeeld al niemand Nederland 3 meer op zijn zap-voorkeurslijstje hebben staan.

De noodklok beiert behalve op de redacties en in de bestuurskamers ook onophoudelijk op de boekhoudkundige afdelingen van het bestel. De omroep zag de revenuën uit de reclame sinds het jaar 2000 teruglopen van 239 naar 186 miljoen euro in 2006. Terwijl de overheid de subsidiekraan op haar beurt navenant verder dichtdraait: de omroepbudgetten van het ministerie van OCW daalden van ruim 315 miljoen vorig jaar naar 282 miljoen dit jaar.

Minder STER-inkomsten? Helaas, het kabinet wil ze vanuit het oogpunt van de marktwerking niet compenseren. Onvermijdelijk gaan de omroepen zich in het veranderde medialandschap van Hilversum dus nadrukkelijker dan ooit op de kijkcijfers van hun programma’s richten, want scoren betekent geld in het laadje, overleven, je bestaansrecht veiligstellen. Maar is de publieke informatievoorziening via, in dit geval, de televisie ermee gebaat?

Alle omroepen hebben in mei definitief te horen gekregen met welke eigen programma’s ze in de herfst op welk van de drie netten terechtkunnen en welke ze gevoeglijk kunnen opheffen. Volgende maand weten ze ook hoe het schema van 2007 eruit gaat zien. Het knopentellen dat ermee gemoeid gaat, is her en der in het Mediapark nogal geruisloos verlopen, met één kantoortuin uitgezonderd. Die van de VPRO. Directeur Peter Schrurs en voorzitter Peter van Lieshout versturen deze week een brief aan de mediawoordvoerders en fractievoorzitters van de Tweede Kamer waarin ze hun zorg uitspreken over het door te voeren genreschema.

Belangrijkste kritiek daarop van de VPRO: het ‘venster op de rest van de wereld’ dat documentaires en andere achtergrondprogramma’s de tv-kijker tot dusver konden bieden, is in de nieuwe situatie niet veel groter meer dan een patrijspoortje; ‘Hilversum wil alleen nog maar programmeren op het gekende en bekende’, stelt Schrurs.

Ook de jeugdtelevisie, waarin Nederland sinds jaar en dag uitblinkt, en waarvan de VPRO als grondlegger geldt, komt volgens de omroep na de zomer ernstig in het gedrang. De VPRO moet op beide fronten flinke aderlatingen doen. Op mondiale maatschappelijke en culturele ontwikkelingen gerichte rubrieken als VPRO’s Import en Picabia keren straks niet meer terug, evenals De toekomst. En het doordeweekse kwartiertje Villa Achterwerk in Z@pp wordt door de zendercoördinator van Net3 ingeruild tegen goedkopere cartoons. Of het zenderschema van 2007 nog extra bittere verrassingen in petto voor de VPRO zal hebben, wordt dus volgende maand duidelijk.

De zondagse variant van Villa Achterwerk mag vooralsnog wel blijven bestaan, zij het in een uitgeklede versie. Er is dadelijk gemiddeld 17.500 euro per uur voor kinder-tv als Villa Achterwerk beschikbaar, een halvering van het budget ten opzichte van 2003, en bij lange na niet genoeg om kwaliteits-kinderdrama te kunnen blijven maken: populaire series als Loenatik en De Daltons kostten drie euroton per uur. Vanzelfsprekend raken die bezuinigingen niet alleen de jeugdafdeling van de VPRO en de tientallen zelfstandige producenten, acteurs, animatiefilmers en regisseurs die eraan leverden, ook Sesamstraat en Het Klokhuis moeten het de komende jaren gaan doen met 30 procent minder.

‘Ondanks de kabinetsplannen die verjonging van het kijkerspubliek voorstaan, blijkt de verschraling van kindertelevisie zich door te zetten’, constateerde onder anderen de deze week overleden NPS-directeur Willem van Beusekom in april al in een brandbrief aan de raad van bestuur van de Publieke Omroep.

‘Een specifieke onderbouwing voor deze bezuinigingen ontbreekt. De positie van zelfgeproduceerd Nederlandstalig jeugddrama staat onder druk.

De publieke jeugdtelevisie moet kennelijk meer gaan lijken op de commerciële jeudgtelevisie: soaps, aangekochte animatie en buitenlandse series. Die trekken meer kijkers; en dat heet succes. Maar met het kopiëren van het commerciële format, met het maken, kopen en herhalen van meer van hetzelfde, is niemand gebaat. Het is zeker niet de publieke opdracht.’

‘Wat er op het gebied van jeugdtelevisie gebeurt, is misschien nog wel het ergst van allemaal’, zegt hoofdredacteur TV van de VPRO, Danielle Lunenborg. ‘Toen we nog zelf konden beslissen hoe we onze tv-budgetten gingen besteden, trokken we er nog zonder moeite vijf miljoen euro per jaar voor uit. Het gevoel was altijd echt: we zijn een publieke omroep, we zijn dus verplicht kinderprogrammering serieus te nemen, dus, hup, niet zeuren. Nu moeten we bij de netcoördinator om geld ervoor bedelen. En krijgen we wat kruimels.’ Het leidt binnen de VPRO dezer dagen tot pijnlijke ingrepen. ‘In de hoek van kunst en cultuur en jeugd-tv zijn bij ons wat werkgelegenheidsproblemen ontstaan’, zoals directeur Schrurs het eufemistisch uitdrukt.

Parallel aan die personele reorganisatie ligt ook de interne VPRO-cultuur op de schop om de elkaar snel opvolgende schokgolven in het Hilversumse medialandschap beter het hoofd te kunnen bieden. Schrurs heeft dr. Irene Costera Meijer, hoogleraar mediastudies aan de Universiteit van Amsterdam, in huis gehaald om de plaats en de rol van de VPRO in het massamedium televisie mee te helpen herijken dan wel te hervinden.

Schrurs: ‘Naar R.A.M. keken indertijd veel minder dan honderdduizend mensen. We erkennen wel dat dat te weinig is en dat je ook voor zo’n programma actief op zoek moet naar een groter publiek. Over de aanpak die daarvoor nodig is, vragen we ook advies aan deskundigen van buiten, zoals dat bij kranten ook gebeurt. Maar we zullen als VPRO altijd nadrukkelijk voor onze eigen waarden blijven kiezen. Wij vinden dus dat het wél moet worden blijven geprobeerd om kijkers voor zwaardere onderwerpen op tv te interesseren. En dan vragen we van Hilversum om ons daar de ruimte en het geld ook voor te blijven geven en die doelstelling niet bij voorbaat af te schieten. Kijkcijfers alleen zijn niet zaligmakend.’

VPRO’s meest prestigieuze en bejubelde programma Tegenlicht stopt deze week, maar de makers daarvan weten dat er dit najaar opnieuw een plek voor zal zijn. Met een vast uitzendtijdstip op het nieuwe Net2 nota bene, nadat het programma de afgelopen seizoenen al vier keer van tijd-‘slot’ moest wisselen. Uiteraard zijn eindredacteur Doke Romeijn en freelance redacteur Felix Rottenberg opgelucht dat ook Tegenlicht niet bij het groot vuil staat. Maar temidden van de kaalslag die elders bij de VPRO-televisie woedt, staat het journalistieke monument er inmiddels wat eenzaam bij.

‘De tijd dat de VPRO een kweekvijver voor programma’s en programmamakers kon zijn, is voorgoed voorbij’, beseft Romeijn. Maar anders dan in de voorbije decennia regelmatig het geval was als de VPRO in gevaar was, zal het dit keer bij een brief van de omroepdirectie aan de Tweede Kamer blijven en zijn er geen tv-acties als Stop de Verloedering in het vooruitzicht.

Rottenberg: ‘Uiteraard kan het niet zo zijn dat we het Natuurmonumenten van de publieke omroep worden. En dus zullen we in Den Haag en Hilversum moeten blijven hameren op de plícht van de publieke omroep om een volwassen segment kwaliteits-tv overeind te houden. Maar we gaan niet meer, met Pino uit Sesamstraat voorop, op het Binnenhof demonstreren. We willen het gesprek erover aangaan met de bestuurders en de politici en ze er met veel pragmatisme en geduld van overtuigen wat er op het spel staat.’

Verwacht hij in de wandelgangen op het Binnenhof en de rekenkamers van het Mediapark nog decisionmakers aan te treffen die daar oren voor zullen hebben? Rottenberg: ‘Ik was lange tijd pessimistisch, maar ik zie het al wat zonniger in. De kwaliteit van je culturele infrastructuur wordt in hoge mate bepaald door de vraag of er op plekken in het parlement, op de departementen, in de industrie, bij burgerorganisaties en elders een besef bestaat van het belang van een hoogwaardige mediacultuur.

‘Een publieke omroep is en blijft ook voor de toekomst een uitermate belangrijke hulp- en stimulatiebron bij de ontwikkeling van meningsvorming, de ethiek, de esthetiek, de hele kwaliteit van ons leven. Hoofdtaak van de Staat is ervoor te zorgen dat die mediacultuur dus nooit in handen mag komen van de commercie, dat de markt er de dominante factor in wordt. Het zou toch verschrikkelijk zijn als het antwoord op de culturele verarming van het tv-aanbod straks moet worden geboden door een private zender, bekostigd door de Joop van den Ende Foundation. Dat kan toch niet? Ja, dat besef zie ik langzaam maar zeker wel groeien.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden