De Plasjesoorlog

Franse wielrenners gaven deze week voor de rechter toe dat ze op grote schaal doping hebben gebruikt. Voor de overheid is dat reden om de jacht op 'slikkers en spuiters' te verhevigen....

door Marcel van Lieshout en Martin Sommer

RECHTBANKPRESIDENT Daniel Delegove krijgt komende week in Lille hoog bezoek. De voorzitter van de internationale wielerfederatie (UCI) tevens IOC-lid Hein Verbruggen, de voorzitter van de Franse wielerbond (FFC) Daniel Baal én Tour de France-directeur Jean-Marie Leblanc worden door Delegove ondervraagd.

Aanleiding is de door dopingschandalen bezoedelde Tour de France van 1998 maar vermoedelijk komt ook de editie van dit jaar aan bod. Die Tour kende officieel geen dopingschandaal: vier renners kregen een startverbod opgelegd (te hoge hematocrietwaarde, duidt op het gebruik van het verboden middel EPO) en dat was het dan.

Hoe schoon was de Tour de France van 2000? In het Franse staatslaboratorium in Châtenay-Malabry worden 96 ingevroren pipis (urine-monsters) van Tourrenners bewaard. De UCI dreigt ze na 15 november te vernietigen. De Franse staat is daar op tegen. Zo ook Tourdirecteur Leblanc: 'Dan denkt het volk: zie je wel, ze hebben wéér iets te verbergen!'

Wie is de eigenaar van de plasjes in Châtenay-Malabry? En wie zijn partij in La guerre des pipis, de 'plasjesoorlog'?

Een boodschap van geloof en hoop zei bestuursvoorzitter Courcol van het conglomeraat l'Aumery (eigenaar van de Société du Tour de France) donderdag in het Parijse Palais des Congrès. Tweehonderd kilometer noordelijk, in de rechtszaal van Lille, werd tegelijkertijd een vuiltje uit 1998 weggewerkt: de Festina-dopingaffaire.

Die is verleden tijd, onderstreepte Courcol donderdag tijdens de presentatie van de Tour van 2001. We zijn twee jaar verder, de volgende Tour begint in het schitterende Duinkerken, er wacht een prachtige, nieuwe start.

Maar terwijl de klaroenen van de Tourorganisatie schallen speelt zich achter de schermen een bittere machtsstrijd af. Sportfederaties en de Franse staat betwisten elkaar het recht op dopingbestrijding. Die strijd is in 1998 ingezet door minister Marie-George Buffet van Sportzaken. Meteen volgde de dramatische Tour waar de hele Festinaploeg werd uitgesloten nadat soigneur Willy Voet met een auto vol doping werd betrapt. De Nederlandse ploegleider Cees Priem belandde eveneens achter de tralies, waarna zijn complete TVM-ploeg de benen nam.

Sedertdien trekt het ministerie van Buffet er hard aan. Er kwam een nieuwe wet waarin de handel, smokkel en het aanpraten van doping hard wordt aangepakt. Het aantal jaarlijkse door de Franse staat gehouden dopingcontroles is opgelopen van vierduizend in 1998 tot negenduizend dit jaar. Het antidopingbudget bedraagt nu 95 miljoen franc, vijfmaal het bedrag dat in 1998 beschikbaar was.

En is de Tour de France nu ineens schoon? Jacques Donzel, kabinetslid van minister Buffet: 'Het is natuurlijk helemaal niet beter. We hebben een klein stapje in de goede richting gedaan. Verder is er chaos. Een voorbeeld: er bestaat één lijst verboden middelen van het IOC, één van de UCI, één van de Raad van Europa, en één van de afzonderlijke landen. Neem het hormoon nandralon. Op de Franse lijst niet toegestaan, door het IOC een beetje, bij de UCI niet tijdens een training maar wel tijdens competitie.'

Uitvloeisel van de nieuwe Franse strengheid is de oprichting van de Conseil de Prévention et de Lutte contre le Dopage (CPLD). Dit onafhankelijke staatslichaam kan zelf testresultaten analyseren én sancties uitdelen in geval van overtreding van de dopingwet.

CPLD-voorzitter Michel Boyon: 'In juli, kort na het begin van de Tour 2000, begon de UCI berichten te verspreiden dat het allemaal veel beter ging. En dat ging crescendo naarmate de Tour vorderde. Wij waren getergd door dat discours. We vonden dat er sprake was van misleiding.'

Boyon zegt dat er wordt gegoocheld met het in wielerkringen gevreesde begrip 'positief'. Renners die 'positief' worden bevonden, maar een doktersrecept kunnen laten zien voor hun medicamenten, krijgen van de UCI alsnog het stempel 'schoon'. Boyon: 'Maar het is de ploegarts die recepten uitschrijft en die heeft financiële belangen.'

De CPLD gaf vijftien dagen na de Tour een eigen persbericht uit: 'Uit analyses blijkt dat er doping is aangetroffen in 45 procent van de urinemonsters.' Bijna de helft van het peloton had salbutamol en/of corticoïden genomen omdat men aan astma leed. Op doktersvoorschrift.

De UCI, noch de FFC noch de Tourdirectie was blij met dit bericht. FFC-voorzitter Baal waarschuwde dat de Fransen zich belachelijk dreigden te maken als 'ayatollahs van de anti-doping'. Als het zo doorging kon Frankrijk in de toekomst fluiten naar de grote internationale wedstrijden.

De geschiedenis van de nieuwe EPO-test deed voor de Franse regering de deur dicht. Eind mei bracht het staatslaboratorium van Châtenay-Malabry groot nieuws: er was een urinetest uitgevonden op het gebruik van EPO. UCI-voorzitter Verbruggen reageerde verheugd: 'Ik zie geen reden waarom we die test niet zo snel mogelijk zouden invoeren.'

Voor een snelle invoering was IOC-goedkeuring benodigd maar die kwam niet op tijd voor de Tour (de Franse urinetest, gecombineerd met een Australische bloedtest werd twee maanden later in Sydney wél als valide beschouwd). In goed overleg besloot men de rennersplasjes in te vriezen en de uitslag van de Tour als 'voorlopig' te bestempelen.

Tot de EPO-test zou zijn goedgekeurd en de monsters alsnog konden worden onderzocht. Nu, eind oktober, liggen de plasjes nog steeds in het vriesvak. Verbruggen, de man van de UCI én het IOC: 'Het IOC heeft de test nog steeds niet gevalideerd. Dat kan morgen wél gebeuren. Maar als goedkeuring uitblijft zullen de monsters na 15 november worden vernietigd. Het is onfatsoenlijk jegens de renners nog langer te wachten.'

Jacques Donzel van het ministerie: 'We hebben indertijd een slecht akkoord gesloten, ik heb daar spijt van. Mochten wij weer een nieuwe test uitvinden dan doen we geen zaken meer met de sportwereld. Dan zoeken we experts van buiten het milieu. Hoe het nu verder gaat weet ik niet. De UCI zal vermoedelijk zeggen dat er nóg wat meer moet worden gestudeerd op onze tests. Onderzoekers uit de sportwereld zijn zo voorzichtig, dat je je afvraagt of ze wel wat willen vinden.'

Na de uitspraak van de CPLD over de 45 procent 'positieve' Tourrenners en het gedoe over de EPO-test was de sfeer tussen de Franse overheid en de wielerwereld duchtig bedorven. Om de lucht op de klaren belegde Daniel Baal van de Franse wielerbond een ronde tafelgesprek. Baal, de man van de pijnlijke spagaat: zijn bond krijgt subsidie van de staat en is lid van de UCI.

Om de tafel zaten Baal, Verbruggen, Donzel en Boyon. Die laatste: 'Het was heel constructief. We zaten op één lijn. Voorwaarts!' De eenheid hield niet lang stand. Drie dagen later, kort voor het WK van Plouay, gaf Verbruggen een verklaring uit. Eén: het onderzoek naar doping tijdens het WK zal niet in een Frans laboratorium gebeuren maar in Keulen. Twee: de ingevroren Tourplasjes zullen na 15 november, na afloop van het wielerseizoen, worden vernietigd.

Het ministerie van Sportzaken was des duivels. Donzel: 'Verbruggen denkt altijd dat de regels van zijn federatie belangrijker zijn dan de wet. Volgens de wet hoort de controle zich af te spelen onder de verantwoordelijkheid van de Franse staat. Wat Verbruggen deed was geheel en al illegaal.'

Over de 96 ingevroren Tourplasjes zegt Donzel: 'Verbruggen zegt wel dat hij ze gaat vernietigen, maar die plasjes zijn niet van hem. En ze liggen in de koelkast in ons laboratorium. Ik kan u zeggen dat er na 15 november helemaal niets wordt vernietigd!'

Verbruggen: 'Die plasjes zijn eigendom van de UCI. Zo zijn de regels.' De UCI-voorzitter begrijpt de opgewondenheid van Donzel niet zo. 'Ik heb een schrijven van datzelfde Franse ministerie waarin staat dat ook mevrouw Buffet vindt dat de plasjes niet tot in lengte van dagen bewaard kunnen blijven. Sterker, tot die datum van 15 november hebben we in overleg besloten.'

Wie hoe dan ook beschadigd worden door alle geruzie tussen de Franse staat en wielerorganisaties zijn de Tour de France én de renners. Tour-directeur Leblanc: 'Ik wil helemaal niet dat de plasjes vernietigd worden. Analyseer maar op EPO en maak, geanonimiseerd, de uitslag bekend. Als de plasjes vernietigd worden denkt iedereen weer dat wij iets te verbergen hebben. Ik ben maar een simpele wielerorganisator, ik kan hier niets aan doen.'

Rabo-ploegleider Theo de Rooy, namens de renners: 'Wat kunnen wij nog meer doen? De renners plassen, ze staan bloed af. Ze volgen elke order op. Bij dit genante gesol met de plasjes worden de renners niet betrokken. Maar volgens mij zijn zíj eigenaar. We hebben het over hun lichamen.'

WAT is nu eigenlijk het probleem en waarom juist tussen de sportfederaties en de Franse overheid? Het is niet de persoon van Verbruggen, zegt ambtenaar Donzel. 'Ik heb tien uur met Verbruggen gepraat. Hij is niet onfatsoenlijk. Maar het milieu is zo verschrikkelijk moeilijk. Eigenlijk zou je het hele systeem af moeten breken om van doping af te komen.'

Ter illustratie van dat 'moeilijke milieu' zegt Donzel: 'Sponsors zeggen hardop dat iedere betrapte renner onmiddellijk wordt ontslagen. Maar ze eisen wel resultaten. Als een sponsor aankondigt dat hij er aan het eind van een seizoen mee stopt, dan kun je vantevoren zeggen dat de renners zich à mort zullen volstoppen. Om zichzelf in de etalage te rijden.'

De UCI beroept zich altijd op procedures, zeggen de Fransen. De UCI komt altijd aan met het verhaal dat hij niet kan verkopen dat coureurs die in Frankrijk positief worden bevonden, dat in België en Nederland niet zijn.

Bij de sportfederaties leeft het idee dat Frankrijk de baas wil spelen. Het centralistische Frankrijk waar de staat nog altijd een flinke vinger in de pap heeft, is inderdaad een uitzondering. Anders dan de meeste landen, waar sport het exclusieve terrein is van de federaties, bemoeit de overheid zich al sinds de Tweede Wereldoorlog met organisatie en toezicht op de sportwereld.

'In alle buitenlanden', zegt Boyon van de CPLD met nadruk, 'doet de staat niet genoeg aan de strijd tegen doping.' Hij voegt eraan toe: 'Weet u dat van de 199 IOC-lidstaten er 22 een wet tegen doping hebben? En dat er van die 22 er maar 2 of 3 zijn waar de staat zich actief met de strijd tegen doping bemoeit?'

Dopingbestrijder Boyon over de wielerpraktijk: 'Het probleem met de UCI is dat men zichzelf als de enige instantie ziet die zich een oordeel mag aanmatigen over het gedrag van de sporters. Ik wil niet zeggen dat de UCI medeplichtig is aan dopinggebruik. Wél dat ze het systeem toedekt.

'Mijn belangrijkste kritiek is het totale gebrek aan transparantie. Alles gebeurt achter slot en grendel. De dopingtesten worden door de UCI gedaan, men alayseert, men selecteert en neemt vervolgens contact op met de afzonderlijke bonden. Niemand weet wat zich intussen heeft afgespeeld. Je zou zeggen dat de resultaten ongeveer overeen moeten komen met de tests die wij afnemen. Maar als je naar de statistieken kijkt dan zijn er per jaar niet meer dan vier of vijf renners die worden bestraft. Dat is totaal ongeloofwaardig.'

Ambtenaar Donzel: 'Er is teveel specifiek sportrecht. Het gaat om de gezondheid van mensen, daar is geen specifiek recht voor nodig.'

Ploegleider De Rooy: 'Het wrange is: met het wielrennen en de gezondheid is het nog nooit zo goed geweest als in het laatste decennium. Er is een gezondheidspaspoort gekomen, bij een te hoge hematocrietwaarde mogen renners twee weken niet rijden. Er zijn enorm veel deskundigen bijgekomen. Goede artsen, inspanningsfysiologen, ga maar door. Met al die ellende dreigen we die mensen nu kwijt te raken. Als je mensen als dokter Ryckaert kwijt raakt komen de charlatans weer.'

Tourdirecteur Leblanc: 'Tegen de Franse staat en tegen alle wielerfederaties zou ik wil zeggen: harmoniseer, kom nu eindelijk op één lijn! Vite, vite! Dit is geen boodschap. Eerder een schreeuw. Een noodkreet. De geloofwaardigheid van de sport ligt in hun handen en de gezondheid van de renners ook.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden