'De pillen maakten mij tot moordenaar'

Begin 2008 schiet Ids Idsardi drie mensen neer, onder wie zijn ex. De altijd zo nuchtere Fries is compleet doorgedraaid. Later blijkt dat hij agressief wordt van antidepressiva.

Beeld Rein Janssen

Slechts een paar beelden ziet hij nog altijd voor zich. Flarden van een extreme geweldsexplosie.

'Ik zie hoe hij daar op de grond ligt met een keurig, klein rond gaatje in zijn voorhoofd. Ik zie nergens bloed. Ik heb nooit bloed gezien. Maar op de politiefoto's zag ik later dat er een enorm gat in zijn voorhoofd was geslagen. Verschrikkelijk.'

Dit is het verhaal van Ids Idsardi (52), een man wiens lot werd bepaald in de nacht van 1 februari 2008. Het is een nacht die hem nog altijd onwerkelijk voorkomt. Soms grijpt het hem bij de keel, als hij denkt aan de nabestaanden. Een moeder, een 7-jarig zoontje. Hij heeft het gevoel alsof hij er zelf niet bij was. Alsof iemand anders die nacht als een beest tekeerging. Alsof het nooit is gebeurd.

Vanuit de gevangenis in Veenhuizen wil hij iedereen waarschuwen voor de pillen die hij gebruikte: paroxetine, een antidepressivum. Zelf had hij destijds geen idee wat antidepressiva precies zijn. Welk effect ze kunnen hebben. Maar inmiddels heeft hij de gevangenisbibliotheek op zijn kop gezet.

Hij wil dat duidelijk wordt dat deze pillen tot ernstige agressie kunnen leiden. Dat is de reden waarom hij de Volkskrant inzage gaf in zijn strafdossier en nu zijn verhaal vertelt. 'Ik doe dit niet om mezelf vrij te pleiten. Voor wat ik heb gedaan, is de hoogste boom niet hoog genoeg. Maar ik wil wel dat mensen - patiënten, huisartsen - beter geïnformeerd zijn.'

De zwarte Mauser

Zijn verhaal begint op een winterse avond, tegen middernacht. Dan ramt Ids met een gigantische voorhamer op een voordeur in het Friese Harkema. Hij wil naar binnen. Met alle geweld. Naar zijn ex-vrouw die daar op de bank zit met haar vriend.

Een half uur daarvoor heeft hij haar gebeld: 'Is het lekker?' Zijn ex-vrouw drukte het gesprek weg. Daarna kon hij haar niet meer bereiken.

Dat was het moment, zegt hij, waarop het licht uitging. 'Ik begon te schudden, te trillen en te beven. Daarna voelde ik niks meer. Alsof ik een robot was.'

In een waas loopt hij naar zijn loods, waar hij het pistool uit de plastic zak haalt. Zijn zwarte Mauser uit 1898 - voor het laatst gebruikt in de Eerste Wereldoorlog. Hij kocht hem vijftien jaar eerder van een verzamelaar, met het idee hem ooit voor veel geld door te verkopen.

'Ga weg', schreeuwt zijn ex-vrouw vanuit de gang.

Uit zijn jaszak pakt hij het pistool en schiet zich een weg naar binnen, door het raam. Met zijn blote handen slaat hij het gesprongen glas verder uit de sponningen. Hij bloedt. Het glas snijdt tot op zijn botten, maar hij merkt het niet.

'Hij is binnen', gilt zijn ex-vrouw.

'Hij heeft me in de poot geschoten', schreeuwt haar vriend.

De twee vluchten naar de huiskamer. 'Ik wil je dood maken, godverdomme', roept Ids.

Hij schiet, waardoor de vriend van zijn ex op de grond valt. Ids richt de loop van zijn Mauser op het voorhoofd en haalt opnieuw de trekker over.

'Nee', gilt de vrouw.

'Nee?', schreeuwt Ids. 'Jij gaat er ook aan, wat dacht jij dan.'

Hij schiet, stapt over haar heen en loopt door het kapotte raam terug naar zijn auto, de moeder van zijn drie kinderen achterlatend. 'Ik ga dood', roept ze.

'Ja, ga maar dood', schreeuwt Ids.

En weg is hij. Hij is nog niet klaar, maar dat weet dan nog niemand. Naast de bank ligt de telefoonhoorn van de haak. Een centralist van de 112-meldkamer heeft alles gehoord. Net als het 7-jarige jongetje dat bovenaan de trap staat.

Nuchtere Fries

Ids Idsardi zit nu negen jaar vast. Achter het tussenschot in de bezoekersruimte zit een man die nauwelijks lijkt op de figuur die destijds ontplofte.

Tot zijn detentie was hij monteur met een eigen lasbedrijf. Door vrienden omschreven als de man die ze de kop niet gek kunnen krijgen. Een nuchtere Fries die niet tegen onrecht kan.

Zes weken werd hij onderzocht in het Pieter Baan Centrum. 'What you see is what you get', schrijven de onderzoekers over hem. 'Geen opsmuk of fratsen. Niet iemand die agressieve gevoelens oppot. Maakt makkelijk contact, vriendelijk, houdt van een grapje.' De psychiater stelt geen stoornis vast.

'Ids is nooit kwaad', zegt zijn broer. 'Wat er die avond is gebeurd, was totaal onvoorstelbaar voor mij.'

In de herfst van 2007 stapt Ids naar zijn huisarts. De relatie met zijn vrouw, van wie hij zielsveel houdt, staat onder druk. Hij heeft ontdekt dat ze regelmatig contact heeft met een vriend en sindsdien zijn er spanningen. Zijn vrouw is al een paar keer bij hem weggegaan, maar steeds komt ze weer terug. Samen hebben ze drie jonge kinderen.

'Depressief', schrijft de huisarts in het dossier. 'Wil nu geen psychologische hulp. Wil liever medicatie.' Hij schrijft Ids paroxetine voor.

De huisarts verklaart later tegenover justitie dat hij 'ervan uitging dat Ids het medicijn volgens de instructie dagelijks slikte'. Hoe duidelijk hij hem waarschuwt, blijkt niet uit het verhoor.

De boodschap komt in elk geval niet binnen. Ids is geen man van medicijnen: hij slikt de paroxetine alleen op dagen dat hij zich rot voelt. Vaak neemt hij dagenlang niets, soms neemt hij er een, of, als het echt niet meer gaat, twee tegelijk. Hij neemt er wel vaak alcohol bij: Ids zit graag 's avonds na het werk achter een biertje in het café.

Een paar uur na het eerste pilletje voelt hij zich vreemd. Achterdochtig. Gejaagd. 'Ik moest wég, donderde niet waarheen. Ik stapte in de auto en ben gaan rijden. Tot ik bij de pier naar Ameland stond en dacht: ik rij hier van de kade af, de Waddenzee in. Ik was totaal in de war.'

Als zijn vrouw belt, kalmeert hij. Ze heeft op de keukentafel zijn briefje met 'sorry' gevonden. 'Wat ben je nou toch allemaal aan het doen, joh?', vraagt ze. 'Kom je naar huis?'

Hij maakt vaker nachtelijke ritten, nergens naartoe. Voelt de drang om hard tegen een boom aan te rijden. Schrijft onbegrijpelijke briefjes. Telkens heeft hij kort daarvoor paroxetine geslikt, vaak in combinatie met alcohol.

Op een avond hoort zijn vrouw hem beneden huilen in de woonkamer. Hij heeft verdriet over hun naderende scheiding. Maar als ze bij hem gaat zitten, vliegt hij haar aan. 'Vanuit het niets', verklaart ze later bij de politie. 'Het ene moment zaten we nog te praten, en het andere moment draaide hij helemaal door.' Hij grijpt de kraag van haar badjas en trekt die kruislings zo hard aan dat ze geen lucht meer krijgt. In doodsnood slaat ze om zich heen. Pas als haar vuist zijn slaap raakt, lijkt hij wakker te schrikken en laat hij los.

'Dat had niet veel langer moeten duren', zegt Ids. De volgende dag gaan ze samen naar de huisarts. 'Wat vlak, emotioneel', noteert die, en schrijft een kalmeringsmiddel voor. Hij adviseert het stel tijdelijk uit elkaar te gaan. Over antidepressiva schrijft hij niets.

'Ik dacht dat ik gekke dingen deed doordat ik overspannen was', zegt Ids nu. 'Pas toen ik allang vastzat, zag ik het verband.'

De moord

Na de schietpartij rijdt Ids door naar Kootstertille. Het is kort na middernacht. Van de rit weet hij zich nauwelijks iets te herinneren. Zijn auto zit onder het bloed, maar hij merkt het niet.

Hij stopt, parkeert zijn auto bij het huis van een vriendin van zijn ex. In zijn hoofd zit een gedachte die hij er niet uitkrijgt. Gaandeweg is hij de vrouw die hier woont gaan zien als degene die zijn ex heeft opgestookt, als de oorzaak van al zijn huwelijksproblemen. Hij voelt een diep wantrouwen jegens haar.

'Het sloeg nergens op', zegt hij nu, 'maar die gedachte liet me niet meer los.'

Met zijn Mauser schiet hij het glas uit de voordeur. Van boven klinkt geschreeuw. Wat er dan gebeurt, hij weet het niet meer. Hij moet in de badkamer zijn geweest, want daar wordt later zijn bloed gevonden. Het enige beeld dat hij nog heeft, zijn haar benen die uit het raam steken, terwijl ze het dak op vlucht.

Tweemaal schiet hij door het open raam. Dan wordt het stil. Als de politie arriveert, vinden ze een dode vrouw in de dakgoot.

Rond half vijf 's nachts wordt Ids in verwarde toestand opgepakt in het Duitse plaatsje Bunde. 'Op je knieën', brullen de politieagenten die met getrokken wapens op hem aflopen. 'Waar is het wapen?' Ze vinden het onder de bestuurdersstoel. Tijdens de rit heeft Ids de Mauser minutenlang op zijn eigen hoofd gericht. Alleen de gedachte aan zijn kinderen hield hem tegen.

In de politiecel komt hij weer bij zijn positieven. Pas later wordt duidelijk wat hij voorafgaand aan het drama tot zich heeft genomen.

Twee paroxetine.

En zestien bier.

Pieter Baan Centrum

De man die Ids door het hoofd schoot, overleeft ternauwernood: hij loopt hersenletsel op en verliest zijn rechteroog. Alleen zijn ex-vrouw herstelt.

Lange tijd schaamt Ids zich kapot voor wat er is gebeurd. 'Als ik dit bij volle bewustzijn heb gedaan', zegt hij bij de politie, 'dan moeten jullie me levenslang opsluiten.'

In het Pieter Baan Centrum werkt hij overal aan mee. 'Als ik een stoornis heb, dan moet het gevonden worden. Ik heb zoveel leed aangericht.' Maar de psychiater vindt geen afwijkingen.

Aan slachtoffers en nabestaanden schrijft hij brieven. 'Jullie zullen me wel haten, en terecht. Dit had nooit mogen gebeuren.'

De broer van zijn ex-vrouw, die hem ruim 20 jaar kent, schrijft Ids in de gevangenis. 'Ik weet zeker dat jij dit nooit zo hebt gewild. Daar was jij een te goedzak voor. We hebben jou één keer een beetje kwaad gezien en daar lagen wij allemaal dubbel om. Want jij kon niet kwaad.'

Het vonnis

De rechters zijn onverbiddelijk en veroordelen Ids Idsardi tot 24 jaar voor moord en twee pogingen daartoe.

Na het vonnis blijft hij met vragen zitten. Hij krijgt brieven van onbekenden die hem aan het denken zetten. Welke medicijnen slikte hij eigenlijk? Hoe is het mogelijk dat hij zo is doorgedraaid? Ids duikt de boeken in en zoekt alles op over depressie, medicijnen en geweld.

'Ineens viel het kwartje', zegt hij. 'De nachtelijke ritten, de briefjes, de badjas, het plotselinge wantrouwen jegens de vriendin van zijn vrouw, de schietpartij - al die keren had ik die pillen geslikt.' Vooral als de concentratie van paroxetine in het bloed verandert - bijvoorbeeld bij op- en afbouwen - is het risico op agressie het grootst.

'Door mijn onregelmatig gebruik was ik een wandelende tijdbom', zegt hij achteraf.

Na de moord heeft de politie geen bloed bij hem afgenomen. Maar in de gevangenis raakt hij in gesprek met 'de jongens van de Tsjechische skimoord', die hem vertellen dat het bloed op hun kleding is onderzocht op sporen van antidepressiva. 'Dus ik dacht: waarom hebben ze dat bij mij niet gedaan?'

Tijdens zijn hoger beroep dwingt hij een soortgelijk onderzoek af. Forensisch deskundigen constateren aan de hand van het bloed op zijn jas dat hij de dag van de moord een dubbele hoeveelheid paroxetine heeft geslikt. Het gerechtshof gelast een onderzoek naar deze moordenaar. Dan gebeurt er iets unieks: Ids is de eerste Nederlander bij wie wetenschappelijk wordt onderzocht of hij agressief raakt van antidepressiva.

Het agressie-onderzoek

Zeven weken lang verblijft hij in de Nijmeegse Pompekliniek voor een dubbelblind onderzoek. Zestien dagen lang slikt hij om acht uur 's ochtends onder toezicht paroxetine, een placebo of een andere pil - niemand weet wat hij krijgt.

In de gymzaal probeert een sportinstructeur hem een paar uur later gek te krijgen. Zo moet hij geblinddoekt de instructeur volgen, die hem opzettelijk tegen bankjes aan laat lopen. Soms gaan ze voetballen waarbij hij 'op het irritante af' wordt geblokkeerd.

De dag dat ze een bal overgooien gaat het mis. Ineens wordt Ids kwaad. Hij smijt de bal naar de onderzoekscamera, die van het statief dondert. Hij vloekt. 'Ik móest weg', zegt hij. 'Ik schreeuwde: doe die deur open.'

De instructeur laat hem gaan. Terug op de afdeling rookt hij drie sigaretten totdat hij rustig wordt. Een psychologe komt met hem praten. 'Rot maar op met die troep', zegt hij. 'Ik stop ermee. Ik zit mijn straf wel gewoon uit.'

Toch blijft hij binnenboord. En met resultaat: op de dagen dat hij paroxetine slikt, reageert hij opvallend geagiteerd. Hoogleraar Robbert-Jan Verkes van de Radbouduniversiteit in Nijmegen constateert dat er een 'significant verband' is tussen paroxetine en het agressieve gedrag van Ids.

Tot zijn spijt mag de onderzoeker geen alcohol in zijn onderzoek betrekken. Hij vermoedt dat alcohol het effect van de paroxetine versterkt, en hij weet dat Ids die avond van de schietpartij bijna 4 liter bier op had. Maar gevangen mogen geen alcohol drinken. Ook niet voor de wetenschap.

De strijd

De rechters nemen het onderzoek echter niet mee. Ze struikelen over de onenigheid tussen getuige-deskundigen. Die zijn het eens dat er een verband is met de pillen, maar niet over de manier hoe die dan precies agressie in het lichaam veroorzaken.

De onduidelijkheid leidt ertoe dat de rechters de hele discussie over medicijnen terzijde schuiven. Zij blijven bij hun oordeel: Ids Idsardi wordt voor vierentwintig jaar opgesloten.

'Voor mijn zaak zal het wel te laat zijn', zegt Ids. 'Maar ik hoop dat de getuigen-deskundigen met elkaar in gesprek gaan om tot een eensluidende conclusie te komen in rechtszaken waarin paroxetine een rol speelt. Met onderlinge onenigheid over wie het bij het rechte eind heeft, wordt de rechtspraak niets wijzer.'

Hoogleraar forensische psychiatrie en klinisch farmacoloog Robbert-Jan Verkes vindt het onverteerbaar dat de rechters zijn onderzoek niet meenamen. 'Ik vind dat de heer Idsardi hiermee onvoldoende recht is gedaan', zegt hij. 'Ik denk dat hij door deze antidepressiva in combinatie met alcohol verminderd toerekeningsvatbaar is geweest. Die middelen hebben een aanzienlijke invloed gehad.'

Lees ook

In 2014 verscheen in de Volkskrant al het verhaal over de moord die Ids Idsardi pleegde, zijn pillen, en hoe hij compleet veranderde.

Bewijs maar eens dat het de pillen waren; deskundigen zijn het verre van eens over het effect van antidepressiva bij de moord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden