Analyse

De opstand van het Tahrirplein hielp Egypte alleen maar van de regen in de drup

Tienduizenden mensen demonstreren op het Tahrirplein tegen president Mohamed Morsi, 27 november 2012.    Beeld AFP
Tienduizenden mensen demonstreren op het Tahrirplein tegen president Mohamed Morsi, 27 november 2012.Beeld AFP

Miljoenen Egyptenaren gingen in 2011 de straat op om dictator Mubarak af te zetten. Dat lukte, maar ze kregen er een nieuwe dictator voor terug, en een land dat minder vrij is dan voorheen. Egypte belandde van de regen in de drup en het Westen kijkt weg.

De tragiek van de Egyptische revolutie en wat daarna kwam, laat zich vatten in een muntstuk. De herdenkingsmunt die deze week, precies tien jaar na de start van de volksopstand in Egypte, in een oplage van 3 miljoen exemplaren wordt verspreid door de Egyptische autoriteiten. Ja, om wat eigenlijk te herdenken?

Nee, natuurlijk niet de revolutie die begon op 25 januari 2011. In het Egypte van tien jaar later maakt men geen onnodige woorden vuil aan het feit dat toen miljoenen inwoners de straat op gingen en eensgezind het vertrek afdwongen van alleenheerser Hosni Mubarak. ‘Dat zal nooit weer gebeuren’, heeft de huidige president, Abdel Fatah al Sisi, daar eens over gezegd.

President Sisi, die twee jaar na de revolutie de macht greep, is dankzij een reeks wetswijzigingen inmiddels meer alleenheerser dan de verguisde Mubarak. De munt die de Egyptische autoriteiten precies tien jaar na de volksopstand laten slaan? Ter ere van Politiedag. 25 januari 1952, toen Egyptische politiemannen het leven lieten in gevechten met de Britse koloniale overheerser. Het was de politie die in 2011 de opstandelingen uiteen probeerde te slaan.

Niets

Wat hebben de miljoenen Egyptenaren bereikt die tien jaar geleden op het Tahrirplein (‘Bevrijdingsplein’) in Caïro vroegen om brood, vrijheid en sociale rechtvaardigheid? Het eerlijke antwoord is: niets. Ze kwamen van de regen in de drup. Egypte is ondemocratischer en onvrijer dan in 2011. Zelfs het brood bleek teveel gevraagd: de middenklasse heeft waarschijnlijk meer moeite om het hoofd boven water te houden dan tien jaar geleden.

Mubarak, de president die in 2011 na ruim dertig jaar door zijn bevolking de laan uit werd gestuurd, was onbetwist een dictator. In de horrorfilm die de Arabische lente bleek te zijn zag niemand dit aankomen: de huidige Egyptische president Sisi is een nog ergere dictator. Onder zijn bewind maakte Egypte een duik naar beneden als het gaat om mensenrechten.

Mensenrechtenactivisten worden aan de lopende band van de straat geplukt. Dat overkwam eind vorig jaar bijvoorbeeld Gasser Abdel Razek en zijn team van de Caireense denktank EIPR. Hun misdrijf? Het voeren van een gesprek met Europese ambassadeurs, onder wie de Nederlandse. Contacten met buitenlandse diplomaten liggen gevoelig in Egypte. ‘Lidmaatschap van een terroristische organisatie,’ oordeelde de openbaar aanklager. En: ‘Het verspreiden van fake news.’

Demonstranten zitten en liggen in de rupsbanden van tanks van het Egyptische leger op het Tahrirplein. Dat doen ze zowel om te voorkomen dat de tanks ingezet kunnen worden als om te schuilen tegen de regen. Beeld AP
Demonstranten zitten en liggen in de rupsbanden van tanks van het Egyptische leger op het Tahrirplein. Dat doen ze zowel om te voorkomen dat de tanks ingezet kunnen worden als om te schuilen tegen de regen.Beeld AP

‘Te groot om te falen’

De VN noemde de arrestaties van het EIPR-team een ‘zorgelijke ontwikkeling’. Maar meestal weigeren westerse landen een vuist te maken tegen Egypte. Het land is ‘te groot om te falen’, merkt de Duitse denktank SWP (Stichting voor Wetenschap en Politiek) op. Egypte is immers de derde wapenimporteur ter wereld en het dichtstbevolkte Arabische land. En dus bedekken Europa en de VS, net als vroeger onder Mubarak, de gebreken van het regime-Sisi met de mantel der liefde.

Zo kreeg Sisi, terwijl de EIPR-leden nog in de cel zaten, tijdens een staatsbezoek in Parijs van de Franse president Emmanuel Macron de hoogste Franse onderscheiding uitgereikt, het Legion d’Honneur. Ook het doodmartelen van de Italiaanse wetenschapper Giulio Regeni in 2016 leidde niet tot duidelijke Europese kritiek. Dat geldt ook voor het massaal vastzetten van journalisten – 27 zitten er nu in Egypte achter tralies, meer dan in landen als Syrië of Jemen.

Sisi laat zich voorstaan op zijn economische hervormingen. Zijn paradepaardje is een project waar elke alleenheerser trots op zou zijn: het bouwen van een nieuwe hoofdstad ten oosten van Caïro. Nu heeft Egypte weliswaar een groeiend bruto nationaal product, maar toch nam de armoede onder de bevolking de afgelopen jaren toe. De kloof tussen arm en rijk groeit.

Demonstranten op de loop van een Egyptische tank. Beeld AP
Demonstranten op de loop van een Egyptische tank.Beeld AP

‘Militaire economie’

Dat komt door wat westerse denktanks omschrijven als de ‘militaire economie’. Met de kennis van achteraf is het een zoveelste diabolische plotwending, maar in de tijd van Mubarak gold het leger in Egypte als minder corrupt dan de rest van de staat. En dus kreeg het leger na de revolutie de ruimte om een grote economische rol op te eisen.

Het leger doet in grote infrastructurele projecten, zoals snelwegen en bruggen. Maar Egyptische militairen runnen bijvoorbeeld ook basisscholen. Via schaduwondernemingen controleren zowel de militaire inlichtingendienst als de algemene inlichtingendienst meerdere tv-stations. Dit betekent niet alleen dat Egypte meer dan ooit in de greep raakt van een ‘deep state’ oftewel een verborgen staat, maar ook dat economische innovatie uitblijft.

Hoe moet dit verder? Dankzij een reeks grondwetswijzigingen die volgens de Egyptische autoriteiten door een overweldigende meerderheid van de bevolking zijn aangenomen, kan het zomaar zijn dat de nu 66-jarige Sisi aanblijft tot 2030. Dat is niet zo lang als de 31 jaar die Mubarak vol maakte, maar wel een eind op weg.

Hierover zijn westerse analisten het eens: de kans op nog een Egyptische opstand waarbij de bevolking relatief geweldloos de straat op gaat, mag uitgesloten worden geacht. Als Sisi valt, dan is dat omdat zijn bevolking honger heeft en bereid is tot het uiterste te gaan, of omdat het oppermachtige leger zich tegen hem keert.

Demonstranten blokkeren een tank op het Tahrirplein. Beeld AP
Demonstranten blokkeren een tank op het Tahrirplein.Beeld AP

Lees ook

Tien jaar geleden maakte een volksopstand een einde aan de dictatuur in Tunesië. Door coronamaatregelen zijn er geen festiviteiten. Een feeststemming is er sowieso niet onder de bevolking door de economische malaise en hoge werkloosheid. Jongeren vertrekken massaal. 

Correspondent Rob Vreeken was in 2011 getuige van de opstand tegen president Mubarak. Op het Tahrir-plein in Caïro probeerden betogers zich te verbroederen met militairen.’s Nachts namen knapen vol testosteron bezit van de straten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden