'De openbaarheid is weggeorganiseerd'

Interview Nu ze miljoenen verliezen aan IJslandse banken, groeit de aandacht voor provincies. Statenlid Bas Nugteren over het ‘middenbestuur’. Door Hans Wansink....

Of de provincies Noord-Holland en Groningen ooit de 130 miljoen euro die ze op de IJslandse spaarbank hadden geparkeerd terugzien, is maar zeer de vraag. Minister Bos lijkt prioriteit te geven aan de individuele spaarders. Hij heeft de provincies en gemeenten die op eigen houtje hun vorderingen probeerden binnen te halen, de voet dwars gezet. Dat leverde veel gedoe en misbaar op.

Des te opmerkelijker was dan ook de verklaring van de provincies dat het verdampen van deze IJslandsaldi geen ‘vitale taken’ zou treffen. Dit wijst erop dat de provincies zwemmen in het geld. Ze krijgen samen vier miljard per jaar van de rijksoverheid. Daarnaast hebben ze aandelen in energiebedrijven die zullen worden verkocht, hetgeen opnieuw honderden miljoenen zal opleveren.

De affaire met Icesave roept dus meer vragen op dan alleen de voor de hand liggende of Noord-Holland en Groningen wel aan zorgvuldig kasbeheer hebben gedaan. Om te beginnen: wat doen de provincies met al dat geld? Antwoord: van alles en nog wat; je kan het zo gek niet bedenken. Vraag twee: waarom concentreert de provincie zich niet op haar kerntaak, de ruimtelijke ordening? En tenslotte: hoe worden de besluiten genomen en waarom horen we daar zo weinig van?

Bas Nugteren kan zich die vragen goed voorstellen. Hij is sinds 2003 Statenlid voor GroenLinks, sinds vorig jaar tevens fractievoorzitter, in de provincie Utrecht. Die klus kost hem 15 uur per week. Daar staat een onkostenvergoeding van zo’n 700 à 800 euro netto per maand tegenover. ‘Dat geeft de waardering voor de regionale politiek wel zo’n beetje aan’, zegt Nugteren, die bij de Universiteit Utrecht werkt als hoofd van het bestuurssecretariaat.

Is het moeilijk om geschikte Statenleden te vinden?

Nugteren: ‘Het kostte bij GroenLinks geen moeite geschikte mensen te vinden. Wij hebben nu vier van de 47 Statenleden. Als we er tien zouden moeten leveren, zou het wel wat moeite kosten. In het algemeen vind ik het wel een probleem. Men zegt wel dat de Provinciale Staten goed zijn voor mensen die aan het eind van hun carrière zitten. Dat trekt niet aan.’

Is Utrecht ook zo rijk?

Jazeker, bevestigt Nugteren. De provincie Utrecht heeft ruim 700 miljoen euro aan reserves. Hij vindt dat de provincies Noord-Holland en Groningen zich ‘wel erg gemakkelijk verschuilen achter de regeltjes’.

Na de Ceteco-affaire in Zuid-Holland, waar de provincie bankierde door leningen te verstrekken aan bedrijven en belegde in aandelen, heeft de provincie Utrecht een ‘statuut beleggingen’ opgesteld dat ‘veel strakker’ is dan de Wet Fido waar Noord-Holland op terugvalt. De inwoners van Utrecht hoeven zich dus geen zorgen te maken dat het geld zoek raakt. Nugteren wijst evenwel op een groot politiek probleem: ‘Met zoveel geld hoef je geen keuzen te maken.’

En dat is geen goeie zaak?

Nugteren: ‘Nee. Ik vind dat de opbrengsten van de energiebedrijven van Utrecht alleen mogen worden aangewend voor maatschappelijke investeringen in grote projecten, waar de provincie het verschil maakt.’ Hij geeft twee voorbeelden: investeringen in de kenniseconomie (bijvoorbeeld bedrijfsruimte voor kleine ICT’ers in Wijk bij Duurstede) en het opknappen en aan de natuur teruggeven van de opgeheven vliegbasis Soesterberg.

Nugteren moet tot zijn verdriet constateren dat Gedeputeerde Staten in het kader van de ‘samenwerkingsagenda’ met de gemeenten een bustoernee organiseerde. Dat leverde deelname op aan niet minder dan 270 projecten. ‘En wij als Provinciale Staten werden met voldongen feiten geconfronteerd: we hadden geen zeggenschap. De openbare controle is verschrikkelijk weggeorganiseerd door deze manier van besturen.’

Heeft de bestuurscrisis in Utrecht daar verandering in gebracht?

Nugteren: ‘De coalitie van PvdA, CDA en VVD is na de verkiezingen van 2007 nooit goed op gang gekomen. Ze zaten al 34 jaar samen in het college van Gedeputeerde Staten, ze waren op elkaar uitgekeken. Het duurde driekwart jaar voordat ze een collegeakkoord hadden. Dus het was niet verrassend. dat het mis ging.

‘Eindelijk was er een fel debat in de Staten. Maar de meesten schrokken daarvan: moet dan nou zo? Zij zaten nog helemaal in die monistische cultuur. GroenLinks, D66 en de SP hadden wel de ambitie om de macht te controleren. Maar voor de partijen van de eeuwige coalitie, de PvdA, het CDA en de VVD, beperkte die politieke taak zich veelal tot het af en toe een beleefde vraag stellen’.

Ook de ambtenaren van de provincie gingen mee in die monistische cultuur en werkten alleen voor de coalitie. Zo was de informatieverstrekking aan de oppositie onder de maat. Uiteindelijk moet er een informateur van buiten komen om de impasse te doorbreken. Het was Steven van Eijck, oud-staatssecretaris van de LPF, die een nieuw college van CDA, VVD en ChristenUnie formeerde.

Nugteren: ‘Hij heeft het prima gedaan. We hadden echt iemand nodig die er van buiten naar keek. Mensen kennen elkaar te goed. Van Eijck heeft die gesloten bestuurscultuur terecht aan de kaak gesteld.’

En de media? Hoe berichten die over de provincies?

‘Heel erg matig’, oordeelt Nugteren, als het gaat om het controleren van de macht.

‘Ze vinden het al gauw te complex. Het is heel snel Jip-en-Janneketaal, maar de mensen zijn veel slimmer. Zo hadden we één goeie journalist bij de regionale omroep. Toen die wegging bleek ook meteen zijn expertise verdwenen. Dat is een gemis, want de democratie kan ook op provinciaal niveau niet zonder journalistiek die doorvraagt.’

Wat overblijft zijn voornamelijk de huis-aan-huisbladen, die bovendien worden ingeschakeld in wat Nugteren de ‘vermarkting van de politiek’ noemt: het opkopen van pagina’s door de afdeling voorlichting van de provincie.

Er is veel kritiek op wildgroei van bedrijventerreinen en ontoegankelijkheid nieuwe woonkernen, zoals Leidsche Rijn.

Nugteren: ‘De traditionele rol van de provincie als toezichthouder is veranderd in een regiefunctie: actief meedenken en partijen samenbrengen. Centrale vraag is hoe je omgaat met de verstedelijking. Om die essentiële rol in de ruimtelijke ordening te kunnen spelen is provinciale herindeling noodzakelijk.’

Moet er één randstadprovincie komen?

‘Dat is uitwerking. Denkbaar is ook dat er een Noord- en een Zuidvleugel komen. Maar de mobiliteit, de internationale positie van de Randstad en de toekomst van het Groene Hart vragen om schaalvergroting in het middenbestuur.’

Wim Kok adviseerde een urgentieplan voor de Randstad en een randstadbestuur. ‘Dat tweede is door dit kabinet in de ijskast gezet. Met als gevolg dat er een woud van commissies, overlegjes en structuurtjes is ontstaan van vertegenwoordigers van vertegenwoordigers van vertegenwoordigers. De democratische controle is nul komma nul. We worden twee keer per jaar over de stand van zaken van het urgentieprogramma geïnformeerd. Ambtelijk is alles dan al lang beklonken.’

Leiden grotere provincies tot meer betrokkenheid van de burgers bij het bestuur?

‘Als er wat te kiezen valt – over de toekomst van het Groene Hart of het openbaar vervoer in de Randstad – komt de belangstelling van de kiezers vanzelf. Een andere schaal betekent ook een ander kaliber bestuurders en een Statenvergadering die wél meetelt.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden