Reconstructie Nicky Verstappen

De onwaarschijnlijke zoektocht naar de verdachte van de moord op Nicky Verstappen

Misdaadverslaggever Peter R. de Vries (rechts op de eerste rij) samen met de familie van vermoorde Nicky Verstappen bij de persconferentie van de politie. Beeld EPA

Na twintig jaar, meerdere keren opnieuw beginnen en grootschalig dna-onderzoek, is er een doorbraak bereikt in het onderzoek naar de moord op Nicky Verstappen in 1998. Een reconstructie van de onwaarschijnlijke zoektocht naar verdachte Jos B.. 

Het is even na middernacht op dinsdag 12 augustus 1998 wanneer de 35-jarige Jos B. uit Simpelveld over de Brunssummerheide fietst en aankomt bij het sparrenbosje dat met rood-witte politielinten is afgezet. Ruim drie uur eerder is daar het levenloze lichaam van Nicky Verstappen gevonden, het 11-jarige jongetje dat sinds de dag ervoor wordt vermist in het vakantiekamp op een kampeerterrein ruim een kilometer verderop.

Twee marechaussees die de wacht houden bij de plaats delict, houden hem staande. ‘Wat doet u hier?’, willen ze weten. B. vertelt hen dat ‘het warm is’ en dat hij ‘aan het fietsen is’. De marechaussees noteren zijn persoonsgegevens in een proces-verbaal. Hij wordt genoteerd als ‘een van de passanten’.

Om de privacy van de verdachte en zijn familie te beschermen meldt De Volkskrant normaal gesproken nooit de volledige achternaam. In dit geval is daarvan afgeweken omdat de verdachte tegelijkertijd vermist is. Om hem op te sporen worden zijn naam en foto overal verspreid, waardoor bescherming van zijn privacy zinloos is geworden.

Het is aan de alertheid van twee oplettende marechaussees te danken dat B. twintig jaar later opeens de hoofdverdachte is in de zaak-Nicky Verstappen. ‘Zonder dat proces-verbaal hadden we hem niet gevonden’, zegt politiechef Ingrid Schäfer-Poels.

Het is wel wrang dat de hoofdverdachte dus al vanaf het allereerste begin voorkomt in het omvangrijke politiedossier naar de nimmer opgehelderde dood van het Limburgse jongetje. En alsB.h het inderdaad gedaan heeft, dan bevestigt dat weer eens een bekende these in politie- en justitiekringen: een dader komt vaak kijken naar het onderzoek op de plaats delict.

Het monumentje voor Nicky Verstappen op de Brunssummerheide. Beeld ANP

Toevallige passant

Het eerste politieonderzoek naar de dood van Nicky, die waarschijnlijk ook seksueel is misbruikt, levert niets op. Bij het second opinion-onderzoek in 2001 komt B. opnieuw even in beeld – niet als verdachte maar als getuige. Rechercheurs die opnieuw de dossiers hebben doorgevlooid, horen hem zelfs twee keer als getuige. Hij werd als ‘een toevallige passant’ beschouwd, die wellicht iets had gezien of gehoord. Die gesprekken leveren niets op.

In 2008 weet het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) met nieuwe technieken eindelijk een volledig dna-profiel van ‘een contactspoor’ op de kleding van Nicky te maken – de jongen werd in 1998 aangetroffen met slechts een rode Ajax-pyjamabroek aan, die binnenstebuiten zat en een blauwe onderbroek die niet alleen binnenste buiten maar ook achterstevoren zat. Een jaar later volgt een dna-onderzoek onder 144 geselecteerde mannen, onder meer zij die zich destijds in de buurt van het vakantiekamp op de Brunssummerheide ophielden.

B. zit daar echter niet bij. ‘De verdachte is niet geselecteerd omdat hij was aangemerkt als toevallige passant’, aldus politiechef Schäfer-Poels. ‘Met de kennis van nu hadden we dat anders aangepakt.’ 

 Peter R. de Vries

Het is een pijnlijke constatering, die mogelijk niemand is aan te rekenen, dat de hoofdverdachte bij een andere (ruimere) selectie wellicht al negen jaar eerder tegen de lamp was gelopen. Volgens de politiechef heeft het ook met de voortschrijdende technische mogelijkheden te maken.

Met het volledige dna-profiel in de hand wordt in 2010 ook het graf van de in 2003 op 85-jarige leeftijd overleden kampoudste geopend. De gepensioneerde hoofdonderwijzer was al eerder in beeld als mogelijke verdachte, omdat hij een zedenverleden (ontucht met jongetjes) had. Maar er is geen dna-match.

Ook na veertien jaar heeft het onderzoek helemaal niets opgeleverd. Het dreigt zelfs helemaal te worden gestopt. Op aandringen van misdaadjournalist en woordvoerder van de familie Peter R. de Vries en na een tussenkomst van toenmalig staatssecretaris Fred Teeven en de belofte van toenmalig hoofdofficier van justitie Roger Bos in Maastricht om ‘tot het gaatje te gaan’ wordt het onderzoek toch weer nieuw leven ingeblazen. Een nieuw onderzoeksteam van de politie Oost-Nederland wordt in 2013 op de zaak gezet.

Een man bij een afnamelocatie voor DNA in het verwantschapsonderzoek rondom de moord op Nicky Verstappen. Beeld Marcel van den Bergh

Dna-verwantschapsonderzoek

In mei 2017 kondigt teamleider Ferdinand Schellinkhout een dna-verwantschapsonderzoek in de zaak aan. Bij zo’n verwantschapsonderzoek kan de dader ook via het dna van (verre) familieleden worden achterhaald. Het mag alleen als laatste redmiddel plaatsvinden, onder strikte voorwaarden, met goedkeuring van het college van procureurs-generaal en de minister zelf.

Eerst wordt in 2017 toch nog een zogeheten autosomaal dna-onderzoek gehouden, een gewoon één op één dna-onderzoek. Daartoe selecteert de politie 1.500 mannen die in 1998 op of in de buurt van de Brunssummerheide waren, als recreant, werker of passant. Dit keer wordt Jos B. wel geselecteerd. Hij krijgt een schriftelijke oproep om zich op vrijwillige basis te melden bij een dna-afgiftepunt, maar komt niet opdagen.

Daarmee maakt hij zich verdacht bij de politie: mensen die weigeren of niet komen opdagen, krijgen standaard meer aandacht. Agenten gaan zelfs twee keer langs zijn huis in Simpelveld, waar hij met zijn (inmiddels overleden) moeder staat ingeschreven. Er wordt twee keer niet open gedaan. Ze stoppen een brief door de bus en hopen dat hij snel contact opneemt.

Bushcrafter

Enige weken later nemen familieleden contact op met de politie. ‘Hij is voor werk naar Frankrijk’, melden ze. Hij doet aan bushcraften en organiseert ook zulke survivalreizen naar het buitenland. ‘In maart dit jaar zou hij terugkomen, maar dat is niet gebeurd’, aldus teamleider Schellinkhout. Het laatste contact dateert van eind februari, toen zijn zus nog telefonisch contact met hem had. Op dat moment lijkt B. nog in een chalet in de Vogezen te zitten, van waaruit hij lange wandeltochten in de wilde natuur maakt.

Daarna horen zijn zussen niets meer van hun broer. Ze doen in april aangifte van de vermissing. In diezelfde maand overlijdt ook zijn moeder, die al langer ziek is. De politie neemt in de vermissingszaak wat spullen van B. mee, waarop ook dna wordt aangetroffen. Dat is ook het moment dat de vermissingszaak kruist met de zaak-Nicky Verstappen. Omdat hij bij het autosomale dna-onderzoek in 2017 niet is komen opdragen, wordt zijn dna naar het NFI gestuurd.

Match

Bij het NFI liggen dan ook al de wangslijmmonsters van twee mannelijke familieleden van B., die eerder dit jaar aan het dna-verwantschapsonderzoek hebben meegedaan. Op 8 juni krijgen politie en justitie van het NFI ‘het verlossende telefoontje’, aldus hoofdofficier van justitie Jan Eland: ‘We hebben een 1 op 1 match.’

Niet alleen het dna van Jos B. komt overeen met het ‘contactspoor’ dat op de kleding van Nicky is aangetroffen. Ook het wangslijm van twee verwanten in het dna-verwantschapsonderzoek maken een match. ‘We weten wie hij is, maar niet waar hij is’, aldus Eland. De hoofdverdachte in de zaak-Nicky Verstappen staat sinds 12 juni op een Europees aanhoudingsbevel in heel Europa gesignaleerd.

Buitencentrum De Heikop waar Nicky Verstappen op zomerkamp was in augustus 1998. Beeld ANP

Ondergedoken

De politie zegt aanwijzingen te hebben dat de bushcrafter al eerder ‘voorbereidingen heeft getroffen om voor langere tijd onder de radar te blijven’. Waarschijnlijk zag hij wel aankomen dat zijn naam via het verwantschapsonderzoek boven tafel zou komen. ‘De man heeft zich bewust onvindbaar gemaakt’, aldus Eland. ‘De man is ondergedoken.’

Hij is single en woonde lange tijd bij zijn moeder. Hij wordt door buurtbewoners en collega-bushcrafters omschreven als iemand die erg op zichzelf was. Volgens politiechef Schäfer-Poels is hij in 1985 al eens voor ‘een zedenfeit’ in contact gekomen met justitie. De zaak is geseponeerd en de politiesystemen zijn inmiddels opgeschoond.

‘Hij is niet veroordeeld en in de systemen is het niet meer te vinden’, aldus de politiechef. ‘Er waren geen feiten of omstandigheden om hem (al eerder) als verdachte aan te merken.’ Na 1998 heeft B. nog gewerkt bij de scouting in Heerlen en in Nuth, en bij een peuterspeelzaal in Brunssum.

Vreemde

Op zaterdagmorgen 9 juni worden de ouders en zus van Nicky ingelicht over de dna-match. ‘Heeft Nicky de dader gekend’, wil moeder Berthie Verstappen tijdens die emotionele bijeenkomst weten. ‘Nee’, antwoordt de politie. ‘Dus het is een vreemde?’, vraagt Berthie nog eens. ‘O, dat vind ik heel erg. Want dat betekent dat onze Nicky nog banger is geweest in de laatste uren van zijn leven bij een man die hij niet kende. Dat vind ik onverdraaglijk.’

Daarna wordt tevergeefs gezocht naar B., onder meer in de Vogezen. Peter R. de Vries, woordvoerder van de familie, prijst de inzet van politie en justitie. Volgens hem 'is alles gedaan wat nodig was’. Tijdens de interviews die de familie geeft over de doorbraak van de zaak corrigeert hij een journalist die suggereert dat de politie fouten heeft gemaakt omdat ze de verdachte al veel eerder in het vizier had: ‘Hij was geen verdachte. De politie heeft hem niet laten lopen.’

Aanvulling: B. werd aanvankelijk door de politie en ook door de Volkskrant met zijn volledige achternaam aangeduid, zoals bijvoorbeeld in bovenstaand artikel. De reden daarvoor was dat hij door zijn familie als vermist was opgegeven. Nu B. niet langer vermist is en enkel nog als verdachte geldt, schakelen zowel de politie als de Volkskrant vanaf 27 augustus 2018 terug op de gebruikelijke initialenregel die geldt voor verdachten die nog niet veroordeeld zijn, en schrijven we dus Jos B.

Beeld vkgraphics

In het onderzoek naar de moord op Nicky Verstappen is een match met het dna van een 55-jarige man, maakt het OM bekend tijdens een persconferentie. In 1998 woonde de man in Simpelveld. De man is officieel aangemerkt als verdachte, maar het is onduidelijk waar de man momenteel verblijft.

Het lijkt de oplossing: het dna van iedereen registreren, zodat daders sneller kunnen worden opgespoord. Maar is dat logistiek haalbaar bij 17 miljoen mensen en hoe is de privacy gewaarborgd? 

Deelnemer aan het grootste dna-verwantschapsonderzoek dat ooit in Nederland heeft plaatsgevonden: ‘Iedereen wil dat de dader gepakt wordt. Hij moet gestraft worden, of hij nou een familielid van me is of niet.’

Dna-onderzoeker Ate Kloosterman: ‘De perfecte moord bestaat straks niet meer.’

De ‘vijandige houding’ van dorpsgenoten werd het gezin te veel: in Heibloem sprak juist veel te snel bijna niemand meer over Nicky. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.