DE ONTGROENING VAN NIEUWE MINISTERS Er is hier maar een de baas

Op een nieuwe werkplek is het altijd even wennen - ook voor de meeste leden van het kabinet Kok-II. Sinds tweeënhalve week werken ze zich in....

DORIENKE en de kinderen hadden zich een rustiger begin kunnen voorstellen van vaders ministerschap. In de warmste week van augustus, vlak na de beëdiging van het nieuwe kabinet op paleis Noordeinde, trok het gezin De Grave erop uit voor een korte vakantie in Bergen, Noord-Holland.

De kust lokte, de drank was koel, maar minister van Defensie Frank de Grave mocht er niet van genieten. NOVA bestookte de politiek met 'onthullingen' over het drama van Srebrenica, en de minister besloot spoorslags terug te keren naar Den Haag voor een eerste proeve van crisismanagement.

'Srebrenica', de open zenuw van Defensie in de afgelopen drie jaar, bezorgde hem handenvol werk. Hij stond de media te woord - haast verontschuldigend omdat hij de details van het 'dossier' niet kende - om aan het einde van een lange werkdag fier op te merken dat hij weer terugging naar vrouw en kinderen. 'Maar ik vrees dat dit moet met medeneming van telefoon en fax.'

De Grave kreeg geen rust meer. Hij had weliswaar kordaat gehandeld door direct een nieuw onderzoek te gelasten naar wangedrag van Nederlandse militairen in het voormalige Joegoslavië, maar hij beging tegelijkertijd de fout door in eerste instantie de verkeerde man voor te dragen als leider van het onderzoek.

De minister: 'Na mijn eerste week ben ik naar Bergen gegaan. Daar zat Dorienke met de kinderen. Strand, fietsen, prachtig weer, heel gezellig. Zaterdag kwam NOVA met zijn eerste uitzending over Srebrenica. Maandagavond nog een keer. U moet u het beeld zo voorstellen: van een vrouw met kinderen die in de wind tegen schuimvlokken uit zee lopen aan te schoppen, terwijl ik in mijn eentje, op een winderige dag, achter honderd strandstoelen die daar staan opgestapeld, met mijn mobiele telefoon zit te bellen. Dat is het beeld van mijn vakantie waarvan ik inmiddels wel heb vastgesteld dat ik richting mijn gezin een stevige debetpost heb. Dat zal echt moeten worden ingehaald.

'Dinsdagochtend heb ik gebeld met het departement: dit gaat absoluut niet goed. Hier ontstaat een verkeerd beeld over de integriteit en geloofwaardigheid van Defensie. Dat kon absoluut niet. Toen ben ik samen met mijn staatssecretaris teruggekeerd naar het departement. Ik heb het toegelicht aan mijn gezin: er is iets gebeurd, pappa moet weg. Maar wat er precies speelt, leg je niet een, twee, drie uit aan kinderen van zeven en tien jaar. Om heel eerlijk te zijn: door je hoofd spelen honderd-en-één dingen. Je licht het dus even kort aan je vrouw toe. Op zo'n moment moet zij het uitleggen aan de kinderen.'

De ontgroening van De Grave is vanwege Srebrenica een harde geweest, en misschien moet hij daar blij mee zijn. Want afgelopen week kwamen veel van zijn collega's uit het kabinet met knikkende knieën naar hun departement, in bange afwachting van hetgeen hun te wachten stond. Ze zochten steun bij elkaar, maar uiteindelijk kwam het moment dat ze er alleen voor stonden: de eerste confrontatie met de ambtelijke top. En soms, zoals voor De Grave, de eerste crisis. 'Je bent wel minister van Defensie op zo'n moment en er wordt van je verwacht dat je aan zo'n departement leiding geeft: zo gaan we het doen. 'Aan het einde van de week, toen het almaar doorging, belden er collega's uit het kabinet op: ''Potverdomme, je krijgt het wel voor je kiezen, zeg''.'

De Grave heeft wel vast de toon gezet. Dat kan van pas komen als hij de volgende jaren een omvangrijke bezuiniging op zijn departement moet doorvoeren. Dat maakt een minister op voorhand niet populair, zeker niet bij generaals die toch al moeite hebben met bezuinigingen op Defensie.

Net als De Grave tekende ook zijn voorganger Voorhoeve voor een bezuiniging op Defensie. Hij zat zonder chef Defensiestaf. Die was in de formatie opgestapt.

Bij zijn aantreden maakte Voorhoeve de legertop duidelijk dat er hoe dan ook zou worden bezuinigd. Hij kondigde een doelmatigheidsonderzoek aan. 'Als we efficiënter werken, hoeft er misschien niet te worden gesneden in operationele slagkracht', zei hij. Of het plan slaagt, is nog onzeker. Ook De Grave maakte direct duidelijk dat het mes erin gaat.

Ambtenaren zijn niet loyaal en niet deloyaal, zei de voormalige Commissaris voor de Rijksdienst Tjeenk Willink ooit. Het hangt dus vooral van de ministers zelf af hoeveel ruimte zij krijgen. Of nemen. De gloednieuwe minister Pronk van VROM maakte twee dagen na zijn aantreden tijdens een toespraak tot de ambtenaren duidelijk hoe straks de verhoudingen liggen.

'Het kwam erop neer dat hij zei: ''Ik moet me nog even inwerken, maar over twee weken maakt u mij niets meer wijs. Dan bepaal ik hoe het hier toegaat''. Dat waren we onder De Boer niet gewend', zegt een ambtenaar geschrokken. In tegenstelling tot zijn voorgangster leest Pronk alles, inclusief de bijlagen. En waar De Boer haar ambtenaren vaak gebruikte als overlegpartner, heeft Pronk al aangegeven dat er maar één beslist: hijzelf.

De benoeming van minister De Boer leidde in 1994 tot een cultuuromslag op het departement. Haar voorgangers Nijpels en (vooral) Alders hadden de gewoonte rond te lopen in het ministerie en gesprekken met ambtenaren te voeren. De Boer beperkte zich tot overleg met directeuren van haar ministerie. Ineens bleven deuren dicht.

Rijp en groen is de ploeg van Kok. De Vries, Zalm, Pronk, Peper, Jorritsma en Borst kennen het klappen van de zweep. Maar evenzovelen (Van Boxtel, Herfkens, Korthals, Apotheker) voelen zich als Haags politiek bestuurder nog onwennig.

Pronk, Van Aartsen en Jorritsma hoeven alleen leren om te gaan met een nieuwe ambtelijke staf. Voor De Grave, Netelenbos, Hermans, Herfkens, De Vries, Korthals en Van Boxtel is het ministerschap geheel nieuw; Peper en Apotheker werkten zelfs nog nooit onder de Haagse kaasstolp.

Slechts voor Kok, Borst en Zalm is het departement dat zij de komende jaren dienen gesneden koek: zij hebben hun vertrouwde ambtenarenkorps om zich heen en kunnen zich concentreren op de nieuwe gezichten in de Trêveszaal, waar het kabinet vergadert, of in de Tweede Kamer.

'Dom, dom, dom', zegt een Tweede-Kamerlid van de PvdA als hij hoort dat Karin Adelmund, staatssecretaris op Onderwijs, direct na haar installatie richting zon is vertrokken. 'Een departement verover je in de eerste maand. Hermans liep er direct de deur plat. Een beginnersfout van Karin.'

Bewindslieden, leert de Haagse ervaring, ministers evengoed als staatssecretarissen, moeten zich de eerste maanden niet alleen inwerken, maar ook invéchten op hun departement.

Ambtenaren wachten op het eerste conflict

DE Grave ziet dat anders: 'Nee hoor. Ik zou niet weten waarom. Ambtenaren weten als geen ander dat hun succes volledig synchroon loopt met dat van de minister, en andersom. Dus er kan geen sprake zijn van invechten. Maar in het begin kijk je wel naar elkaar van: wat voor vlees heb ik in de kuip? Ik ben in een heleboel opzichten een andere persoonlijkheid dan mijn voorganger. Ieder heeft zijn eigen werkwijze. Ik ook.

'Toen ik wist dat ik op Defensie terecht zou komen, heb ik twee uur bij Voorhoeve thuis met hem de zaken doorgenomen. Zo bereid je je voor. Maar uiteindelijk komt het er in de voorbereiding op neer dat je naar een departement toe gaat, ermee te maken krijgt. Dat je snel je stempel op zo'n departement kunt drukken. Dat kun je niet kopiëren van je voorganger, daar moet je je eigen weg in vinden.'

Begin jaren tachtig drukte oud-minister Marcel van Dam van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening zijn stempel al vóór hij op het bordes had gestaan. 'Ik heb in een gesprek met de secretaris-generaal duidelijk gemaakt dat ik mijn beoogde secretaresse niet wenste. Toen ik minister werd, was ze weg.'

Van Dam was minister in het kabinet Van Agt-II dat van september 1981 tot mei 1982 zat. Hij kende de secretaresse uit de tijd van het kabinet-Den Uyl waarin Van Dam staatssecretaris van Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting was. 'Laat ik het zo zeggen: ik vond de communicatie binnen het departement vanaf de secretaresse van de minister een probleem', zegt Van Dam ruim zeventien jaar later.

Maar de meesten wachten af wat hun wordt voorgeschoteld door de ambtelijke top. Veel departementen zetten uitgebreide kennismakingsbijeenkomsten op. Oud-minister Alders van VROM bezocht in rap tempo alle diensten in het land. Pronk ziet daar minder in.

Natuurlijk zijn er dikke dossiers voor elke nieuwe bewindsman of -vrouw. Minister Sorgdrager van Justitie werd op de dag van haar aantreden door een topambtenaar om een handtekening gevraagd onder een stuk dat 'direct' de deur uit moest. Sorgdrager verklaarde twee jaar later in haar verhoor voor de enquêtecommissie Opsporingsmethoden met het schaamrood op de kaken dat ze zo akkoord was gegaan met een vergoeding van twee miljoen gulden aan een criminele informant wiens leven gevaar zou lopen. De man had het geld nauwelijks geïncasseerd, bleek later, of hij leidde al een luxe leventje in de buurt van Den Haag.

Sorgdrager deed wat veel ministers doen. Ze tekende in blind vertrouwen. Minister Jorritsma kwam vier jaar geleden vanuit het niets op het ministerspluche bij Verkeer en Waterstaat. Ze kreeg van oud-minister Jan de Koning één goede raad mee, zegt ze nu in een afscheidsinterview in het personeelsblad Profiel: 'Je moet alles blind tekenen. Dat gaat in 95 procent van de gevallen goed, in 4 procent behoeft het later wat correcties en in slechts 1 procent gaat het mis. Dat is de moeite van het lezen niet waard.' Jorritsma is dat ene procent bij Verkeer en Waterstaat bespaard gebleven. Sorgdrager niet.

De eerste daden van haar opvolger Korthals op Justitie waren van een andere orde. Hij tekent niet zomaar. Wel liet hij bij zijn introductie aan zijn ambtenaren weten: 'Ik wil rust in de tent.' En daar zorgt hij desnoods zelf voor. Korthals reageert direct als er krantenberichten over Justitie verschijnen: wat doen we daarmee, hoe zit dat? Sorgdrager was anders, zij moest door ambtenaren worden gebeld.

Korthals: 'Ik wil het ministerie van Justitie uit de incidentensfeer halen. Het beeld dat Justitie voortdurend in de fout gaat, is verkeerd. Er zijn wel incidenten, met een dode in een cel of een tbs'er die ontsnapt, maar dat wil niet altijd zeggen dat het beleid niet deugt.'

Toch viel Korthals zijn voorgangster Sorgdrager tijdens het tv-programma Het Reces af, toen hij toegaf dat de bestrijding van kinderporno de afgelopen tijd tekort is geschoten. 'Ik kon het niet ontkennen. Dat zou betekenen dat er niets meer hoeft te gebeuren.'

In zijn eerste week op het departement liet de nieuwe minister het bericht verspreiden dat kinderporno in Nederland harder moet worden bestreden, maar hij ontkent dat hij daarmee de toon wil zetten van een minister van Justitie die een waar 'law and order'-beleid gaat voeren. 'Ik vind gewoon dat ik actuele onderwerpen die moeilijk liggen bij de mensen, snel en stevig moet aanpakken.'

De ontvangst van nieuwe bewindslieden verschilt van departement tot departement. De Grave: 'Hoe gaat zoiets? Het begint op die feestelijke dag met het constituerend beraad en de beëdiging door de koningin. Vervolgens begeef je je naar je departement. Bij Defensie is dat altijd aangekleed: marechaussees in uniform en ''Presenteer sabel'' De secretaris-generaal heet je welkom ''in je nieuwe huis''. Vervolgens word je naar je kamer geleid en heb je een kort gesprek met je ambtsvoorganger. Die gaat dan op een gegeven moment weg, en dan zit je daar. Zo'n dag laat zich leiden door formaliteiten.'

Voor wie daar geen raad mee weet, beschikt elk departement over een chef protocol. Dat bleek een uitkomst te zijn voor Rick van der Ploeg, de nieuwe staatssecretaris van Cultuur en Media, die de eerste week uitblonk in onwennigheid. Hij belde de chef protocol van het ministerie om te vragen wat hij in vredesnaam moest aantrekken ter gelegenheid van de beëdiging door de koningin.

De meeste ministers hebben na de formele overdracht door hun voorganger een ontmoeting met hun topambtenaren. Soms is dit een weerzien met oude bekenden. Minister Peper bijvoorbeeld heeft weliswaar geen Haagse ervaring, maar zijn nieuwe departement kent hij van binnen en buiten. Ten tijde van de debatten over de vorming van de stadsprovincie Rijnmond en over het ontslag van de Rotterdamse korpschef Brinkman, liep Peper op 'BiZa' de deur plat.

Zijn aantreden werd door de ambtenaren met gemengde gevoelens ontvangen. Bij velen was er ongeloof, bij enkelen verbijstering over deze benoeming. De burgemeester hadden sommigen de afgelopen jaren leren kennen als 'een bevlogen, een beetje onhandige intellectueel', anderen als een 'arrogante kwal'.

Peper mag dan over grote bestuurlijke ervaring beschikken, de vraag die de ambtenarij zich stelt, is of hij straks het politieke handwerk aankan. Want een Rotterdamse gemeenteraad is nog iets anders dan een Tweede Kamer.

Ook op Landbouw overheersen nog de reserves. 'Als het maar niet die Ter Veer wordt', verzuchtte de ambtelijke top toen bekend werd dat het groene ministerie in D66-handen zou vallen. Ter Veer behandelde voor D66 de varkenscrisis in de Kamer; hij heeft de naam een lastige, eigenzinnige drammer te zijn. Het werd burgemeester Apotheker van Leeuwarden, voor iedereen een volslagen onbekende. Daarna begon het grote wachten.

Apotheker en zijn PvdA-staatssecretaris Faber lasten in de eerste dagen van hun bewind een 'leespauze' in: zij lieten zich op hun ministerie niet zien. De eerste ontmoeting met de secretaris-generaal is inmiddels geweest, de rest van de ambtelijke staf wacht nog op een formele kennismaking.

De benoeming van PvdA-minister Netelenbos en VVD-staatssecretaris De Vries op Verkeer en Waterstaat was voor de ambtelijke top daar al net zo'n verrassing als de komst van Apotheker naar Landbouw. Waar de mannen bij Landbouw nog verlekkerd uitkeken naar de mogelijke komst van PvdA'ster Fresco, de directeur van de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie FAO in Rome, stond bij Verkeer en Waterstaat zittend minister Jorritsma hoog op het verlanglijstje.

'Heel jammer dat ze weg is, maar Verkeer en Waterstaat is een loyaal departement, en Netelenbos heeft ook bestuurlijke ervaring', zegt een ambtenaar. De nieuwe minister stond evenwel op geen enkel voorkeurslijstje.

Voorlopig houdt ze zich op de vlakte, indachtig de raad van premier Kok, die zijn ministers op het hart drukte in ieder geval tot de regeringsverklaring weinig publiciteit te zoeken.

Kok voorkomt daarmee dat er al direct publieke aanvaringen losbarsten tussen ministers, zoals in het vorige kabinet toen Van Mierlo van Buitenlandse Zaken en Pronk van Ontwikkelingssamenwerking elkaar voortdurend in de haren zaten. Een kabinet eerder waren er de aanhoudende conflicten tussen Alders van VROM en Maij van Verkeer en Waterstaat. Die leidden tot de publieke terechtwijzing van Alders in de Kamer, waar Maij riep: 'Er is maar één minister van Verkeer en Waterstaat, en dat ben ik.'

De nieuwe ministers hebben elkaar de liefde verklaard. Van Aartsen en Herfkens meldden hun ambtenaren in de eerste kennismaking dat het uit is met het geruzie tussen Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking. 'Wij gaan het samen doen.' De ambtenaren wachten op het eerste conflict.

Thom Meens Frank van Zijl

Met medewerking van Elaine de Boer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden