De onmacht van de loopse pen

Omdat ons neukgedrag zo weinig spectaculair oogt, valt er aan de weergave ervan op papier niet veel eer te behalen, schrijft Maarten 't Hart naar aanleiding van Elsbeth Etty's bloemlezing van Nederlandse erotica.

Waarom is het zo moeilijk over seks te schrijven? Ik denk dat het vergelijkbaar is met voetbal. Een speler kan over een afstand van 40 meter een loepzuivere pass geven, maar als hij vlak voor een leeg doel staat, ziet hij toch vaak nog kans eroverheen te schieten. Al te grote opwinding? Gebrek aan koelbloedigheid? Wie zal het zeggen, maar zoveel is zeker: ook de meeste schrijvers verliezen hun hoofd als ze een seksscène op papier zetten. Hij of zij is als de tenor of sopraan die een ontroerende aria uit een opera moet vertolken, maar zelf een brok in de keel krijgt. Goede seksscènes vereisen derhalve een koel hoofd en een koud hart. Doch breng dat maar eens op: zodra je de loopse pen ter hand neemt, voel je je lid al zwellen.


Toch is dat niet de enige, en misschien ook niet de voornaamste reden dat het zo zwaar valt geloofwaardige, niet ranzige, niet pornografische seksscènes op papier te krijgen. Wat het ook moeilijk maakt, is het feit dat ons paringsgedrag voorspelbaar en ongecompliceerd is. Vergeleken met het baltsgedrag van bijvoorbeeld de fuut is bij ons de bijslaap onthutsend recht toe, recht aan.


Toen ik voor het eerst als vijftienjarige puber een seksscène las, in Het wilde feest van Adriaan van der Veen, raakte ik zowat buiten zinnen. Van der Veen schrijft: 'Haar gezicht was bleek en het zwarte haar viel over haar ogen, toen ik haastig, ruw - ik zag hoe haar mond zich opende en hoorde haar kreunen - stijf en bevend haar warme schede binnenstootte.' Van der Veen liet die zin volgen door de zin: 'Ik dacht dat nu zeker mijn hart zou barsten.' Dat dacht ik als vijftienjarige ook toen ik die zin las, maar nu denk ik: hoe is het mogelijk dat ik destijds zo van van streek ben geraakt? In één zin blijkt de coïtus vrij adequaat beschreven, behalve dan dat de schrijver als hij de eerste keer ik gebruikt, zijn pik bedoelt. Maar ja, dat is hetzelfde als waneer iemand zegt: ik sta om de hoek, terwijl hij bedoelt: mijn auto staat om de hoek.


Wel strooit Van der Veen kwistig met bijwoorden, haastig, ruw, stijf en bevend. Dat is teveel van het goede, vooral ook omdat bevend de vorige drie min of meer opheft, en de mededeling: 'Ik dacht nu zeker dat mijn hart zou barsten', is, al barsten harten zelden tijdens de coïtus, tamelijk overbodig omdat zulks al in het woord binnenstoten besloten ligt. Wat goed is aan deze seksscène is de beknoptheid. Vulgair is ze ook niet, dus ik zou hem toch met een zes min willen waarderen, want de term 'binnenstootte' vind ik gedurfd, al bevalt de associatie met biljarten mij weer niet.


Lees verder op pagina 3.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden