De onbeheerste groeistuipen van Defensie

Achtergrond..

Van onze verslaggevers Noël van Bemmel en  Theo Koelé

Amsterdam/Den Haag De Nederlandse krijgsmacht hoeft zich niet te schamen in het veld. In Afghanistan kunnen Canadezen slechts dromen van eigen Apache-gevechtshelikopters, en de Australische bondgenoten kijken de fluisterstille Fennek-verkenningsvoertuigen van de Hollanders vol ongeloof na. Ook in de Golf van Aden praten buitenlandse marineofficieren vol ontzag over de Hr. Mr. Evertsen. Dat fregat kan verder kijken dan de rest en een dozijn aanvallen tegelijk afslaan.

Kost wat, maar dan heb je ook wat, vinden veel gebruikers van deze wapensystemen. Zij vinden het heel normaal dat ze topspullen meekrijgen. Defensie investeert jaarlijks ruim 1,6 miljard euro in nieuw materieel, een fors deel van het jaarbudget van 8 miljard. De marine heeft nieuwe torpedo’s nodig, de infanterie is toe aan een nieuw gevechtsvoertuig. De Tweede Kamer moet ervoor tekenen.

Die is al jaren ontevreden over de manier waarop Defensie het parlement informeert. Drie jaar geleden werd bedongen dat de Dienst Materieelorganisatie op Prinsjesdag een overzicht publiceert van grote projecten, inclusief tussentijdse wijzigingen in de kosten. Het plaatjesboek, noemen Kamerleden dit overzicht waarin ramingen vaak naar boven worden bijgesteld. Die neiging noemde oud-minister Bram Stemerdink (PvdA) ooit ‘het groeivirus’ van Defensie, naar aanleiding van de bouw van Walrus-onderzeeërs in de jaren tachtig. Die waren begroot op 136 miljoen euro, maar kostten de belastingbetaler uiteindelijk 427 miljoen.

Het virus waart dezer dagen weer rond, nadat staatssecretaris Jack de Vries (CDA) vorige week een Kamerbrief stuurde over het nieuwe Joint Support Ship (JSS). Dit schip moet 204 meter lang worden, met een voertuigendek voor tanks en vrachtwagens, twee helikopterdekken en een hospitaal met twee operatiekamers. Het vaartuig moet landoperaties lange tijd logistiek ondersteunen.

De kosten werden vier jaar geleden geraamd op 265 miljoen euro. Maar door inflatiecorrectie (46 miljoen euro), hogere grondstofprijzen (12 miljoen), strengere milieu-eisen (25 miljoen) en hogere loonkosten (15 miljoen), moet het JSS-budget volgens de staatssecretaris omhoog naar 363,5 miljoen – een stijging van 37 procent.

‘Ongehoord’, vindt PvdA-kamerlid Angelien Eijsink. ‘Je kunt toch niet in een bijzinnetje honderd miljoen extra claimen? Wat zijn die ramingen waarmee wij vooraf akkoord gaan dan nog waard?’ Eijsink bepleit een ‘kritisch overschrijdingspercentage’, naar analogie van het Amerikaanse Nunn-McCurdy Amendment uit 1982. Sindsdien worden in de VS projecten bevroren als de overschrijding meer dan 15 procent bedraagt.

Eén blik op de Amerikaanse begroting leert dat dit niet genoeg is om kostenexplosies te voorkomen. ‘Maar Nederland heeft helemaal geen noodrem’, stelt de PvdA. Eijsink heeft de indruk dat militairen vooral kijken naar wat ze nodig hebben, en daarbij hun rol als kritische inkoper vergeten.

Een ‘Eijsink-norm’ maakt kans op een Kamermeerderheid, blijkt uit een rondgang. Ook het CDA zegt behoefte te hebben aan een extra controlemiddel. ‘Defensie is opvallend slecht in het maken van realistische begrotingen’, concludeert Kamerlid Rendert Algra. De SP juicht ieder voorstel toe om materieelprojecten tussentijds kritisch te bekijken.

Afgelopen jaren is Defensie regelmatig op de vingers getikt door de Rekenkamer. Het materieelbeheer is niet op orde, en een groot automatiseringsproject liep uit de hand. ‘We volgen op dit moment 64 defensie-investeringen’, meldt een woordvoerder. De helft zit in de planningsfase, de ander helft is in productie. Naar de beoogde aanschaf van de Joint Strike Fighter, een project van 6,1 miljard euro, verricht de Rekenkamer ook eigen onderzoek.

De Rekenkamer kan niet zeggen of Defensie slechter presteert dan andere ministeries bij grote projecten. ‘Defensie heeft echter veel omvangrijke en langlopende projecten, waarbij regels en eisen tussentijds worden aangepast.’

De Rekenkamer is voorstander van vaste, tussentijdse evaluaties. ‘Daarbij moeten externe deskundigen worden uitgenodigd. Ook uit het buitenland, want daar zit heel veel kennis.’

Een soortgelijk advies gaf de onafhankelijke Rekenkamer onlangs aan alle ministeries, naar aanleiding van een kritisch rapport over grote automatiseringsprojecten bij de overheid. ‘Het beste is vooraf criteria te bepalen, aan de hand waarvan je kunt besluiten of je nog wel door moet gaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden