De ogen en de oren van de wijk

De eerste zeventig huishoudelijke hulpen zijn bijgeschoold tot 'thuishulp-plus', met een beter inzicht in ziektebeelden en meer verstand van schuldhulpverlening. 'Zo kan ik nog jaren mee.'

KOOG AAN DE ZAAN - Mevrouw Frederiks (58) heeft wat ruimte gemaakt in haar woonkamer. Zo kan ze binnenshuis in haar rolstoel makkelijk overal tussendoor, in plaats van dat ze weer valt bij de nauwe doorgang voor de bank. Hulp Ineke de Ruiter (61) heeft dat samen met haar cliënte maar mooi voor elkaar gekregen. 'Er moesten wat spulletjes weg', zegt ze. 'Ik kan dat wel vaststellen, maar uiteindelijk moet mevrouw toch zelf beslissen.'


De Ruiter, tot voor kort huishoudelijke hulp, heeft zich met zes dagen bijscholing opgewerkt tot 'thuishulp-plus'. Dit betekent dat ze veel meer biedt dan hulp bij het huishouden. Ze begeleidt haar cliënten, heeft naast een signalerende ook een coachende functie en belt als dat nodig is met de huisarts.


Door de bezuinigingen van de overheid verdwijnen er vanaf 2015 tienduizenden banen van thuishulpen die nu nog wekelijks een paar uur schoonmaken bij ouderen en chronisch zieken. Familie en mantelzorgers moeten dat werk overnemen. Slechts in een beperkt aantal gevallen houden mensen recht op huishoudelijke hulp. De begeleiding wordt met de Wet maatschappelijke ondersteuning overgeheveld naar de gemeenten en dat gaat gepaard met een bezuiniging van 25 procent.


Afgelopen najaar veroorzaakten de aanstaande bezuinigingen al grote onrust. In de Achterhoek kregen achthonderd medewerksters van thuiszorgorganisatie Sensire te horen dat ze op straat kwamen te staan. Ze voerden actie. Na een bemiddelingspoging, waarbij minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid betrokken was, kregen de medewerksters te horen dat ze per 1 januari een nieuwe werkgever zouden krijgen: TSN Thuiszorg, met 20 duizend medewerkers de grootste thuiszorgorganisatie van het land.


Ineke de Ruiter was vooral verrast dat ze werd benaderd om zich bij te scholen. 'Na 22 jaar en op mijn leeftijd nog een switch maken... Maar als ik nu zie wat ik voor Jeanette kan doen, ben ik daar heel blij mee. Ze heeft het fysiek zwaar en daardoor soms ook geestelijk. Dat merk ik soms al bij binnenkomst. Dan zetten we de vaatwasser aan en laten we verder de boel de boel. De kinderen komen af en toe. Omdat Jeanette nu voor een zware operatie staat, ga ik kijken of ik buren kan inschakelen om boodschappen te doen. Ik was van plan op mijn 60ste te stoppen maar kan zo nog jaren mee.'


TSN probeert via een nieuwe manier van werken zowel de bezuinigingen op te vangen als de thuishulpen zo veel mogelijk aan het werk te houden, zegt Joan Jonkers, commercieel directeur bij TSN. In onder meer Zaanstad doet dat bedrijf mee aan het werken met Sociale Wijkteams. De organisatie is een van de vele waarmee Zaanstad zoekt naar een efficiëntere en goedkopere manier van hulpverlening.


'Grootste verschil is niet meer dat er uurtje-factuurtje wordt gedraaid, maar dat via wijkteams samenwerking wordt gezocht met bewoners en partners in de wijk. Daarbij maken we gebruik van elkaars kracht', zegt Jonkers in wijkcentrum Het BrandtWeer in Oud-Koog, waar net de inloopkoffieochtend is afgelopen.


Oud-Koog is een spannende wijk, zo omschrijft Marieke Sloep van de gemeente Zaanstad de buurt. Om de hoek, aan de Zaan, woonde meneer Honig van de gelijknamige soepenfabriek. Verder staan er vooral kleine arbeidershuizen en lage flats. Een grote groep ouderen woont nog zelfstandig. 'Er is hier soms ook eenzaamheid en veel bewoners krijgen een uitkering.'


Zaanstad zet in op de zelfredzaamheid van de wijken. 'Als iemand bij de gemeente aanklopt voor hulp, brengt een wijkteam in kaart wat die persoon zelf nog kan, of wie er uit de naaste omgeving kan helpen. Dat kan familie zijn, of een buurman. Pas als dat niets oplevert, regelt het wijkteam professionele ondersteuning op maat. Dat betekent dat bij de een de wijkverpleegkundige komt, terwijl een ander hulp nodig heeft van een budgetcoach - het valt op dat er in deze wijk veel vragen over schuldhulpverlening zijn.'


De gemeente streeft ernaar dat 80 procent van de vraag om hulp wordt ingevuld door sociale wijkteams met de inzet van het informele circuit: familie, vrienden of buren. 'Dat lukt al vaker dan we denken', zegt Karen Klein Douwel, die namens TSN heeft geholpen met het opstarten van de wijkteams. 'De volwassen zoon van een blinde moeder hebben we geleerd zelf het huishouden te doen. Dat is heel snel gegaan. Dan hoeft iemand niet nog maanden lang drie uur per week huishoudelijke hulp te krijgen. De regisseur van het wijkteam houdt een vinger aan de pols. Zo horen we soms ook dat een buurvrouw elders in de straat vereenzaamt en dan kunnen we dat oppakken.'


Ook Sloep is optimistisch over de resultaten die nu al worden geboekt. 'Wij volgen het werk van wijkteams intensief, om de voortgang te kunnen zien. Er zijn inmiddels mooie aanvullende diensten ontstaan. Op een digitale marktplaats komen vraag en aanbod van bewoners bij elkaar. Dat varieert van iemand die vervoer nodig heeft naar het ziekenhuis tot iemand die zich aanbiedt om met een buurtgenoot te gaan wandelen. Daar is een overheid niet voor nodig. Social return is ook een belangrijk onderdeel van de nieuwe aanpak; iemand die een uitkering krijgt kan iets terugdoen voor de wijk.'


De 'oude' huishoudelijke hulpen hebben een belangrijke rol in de nieuwe aanpak. Ze zijn de ogen en oren in de wijk. Ze moeten meer doen dan alleen hun cliënten begeleiden. Als ze horen dat een mantelzorger verderop in de straat overbelast dreigt te raken, moeten ze actie ondernemen.


Om de medewerkers bij te scholen heeft TSN Thuiszorg met het regionaal opleidingscentrum een programma opgezet. Landelijk zijn de eerste zeventig thuishulpen bijgeschoold tot 'thuishulp-praktisch begeleider'. Voor de eerste vijftig Sensire-medewerksters wordt een soortgelijk traject ontwikkeld. De huishoudelijke hulpen verkrijgen inzicht in ziektebeelden, bijvoorbeeld dementie. Ook krijgen ze bijscholing over bijvoorbeeld schuldhulpverlening.


Het lukt niet om iedere huishoudelijke hulp bij te scholen, zegt Joan Jonkers. 'Dat is ook geen schande. Voor mogelijk 40 procent van deze medewerksters houdt dit werk op als gevolg van het beleid van de overheid. Maar er blijven medewerkers met een praktische instelling nodig. Er moet soms flink worden aangepakt, bijvoorbeeld als we iemand aantreffen in een totaal vervuilde woning.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.