Column

'De noordelijke EU-top is een gevaarlijke vergissing'

De leiders van de noordelijke landen Duitsland, Engeland, Zweden en Nederland waren vorige week bijeen om te spreken over de vorming van een nieuwe Europese Commissie. Een problematische ontwikkeling, meent Thomas von der Dunk. 'Dat een en ander buiten Parijs om bedisseld wordt, is een gevaarlijke blunder.'

Cameron, Merkel, Reinfeldt en Rutte gezamenlijk in een Zweedse roeiboot. Beeld epa

Een heilzaam politiek effect van de Europese eenwording vormt de relativering van staatkundige grenzen in voormalige conflictgebieden, waarvan de bevolking zich als etnische minderheid vanouds niet gelukkig voelde binnen de 'eigen' natiestaat. Door die relativering wordt aan irridentisme en separatisme, in het verleden vaak de oorzaak van bloedige conflicten tussen buurlanden, een traditioneel gevaarlijke voedingsbron ontnomen.

Brussel vormt daarbij dan vaak de omweg om onder de dominantie van de eigen hoofdstad - Londen, Madrid, Rome - uit te komen. Wie op het eiland Ierland rondrijdt, passeert thans de grens tussen de Ierse Republiek en het Verenigd Koninkrijk vrijwel ongemerkt; alleen dankzij de inwisseling van kilometers voor mijlen of iets anders vormgegeven straatnaambordjes realiseert een reiziger dat hij van staat verandert.

Dat dat zo is, wordt in elk geval bij Londonderry/Derry niet eens door een apart bordje aangeduid. Misschien is dat gezien de aard van de Ierse troebelen psychologisch ook wel de ideale oplossing: de katholieke nationalisten kunnen zo een beetje doen alsof heel Ierland weer verenigd is, en de protestantse unionisten alsof nog héél Ierland bij het Britse Empire hoort.

De meest natuurlijke grens
Afgelopen twee weken was ik op vakantie in Zuid-Tirol: ook zo'n traditioneel heet hangijzer dat nog enkele decennia geleden tot terroristische aanslagen heeft geleid. Vóór 1918 was het Oostenrijks, waarbij de staatsgrens een stuk zuidelijker reikte dan de taalgrens, zelfs tot aan het uiterste noordpuntje van het Gardameer. Oostenrijk verloor, Italië won de Eerste Wereldoorlog, en daarmee werd Zuid-Tirol Italiaans, waarbij de Alpen-hoofdkam met de Brennerpas en de Reschenpas de grens gingen vormen.

Dat is in geografisch opzicht de meest natuurlijke grens, alleen spoort die niet met de etnische, die in 1918 met de Veertien Punten van Wilson de officiële maatstaf voor de hertekening van de Europese kaart vormde.

Woonden voordien tienduizenden Italianen tegen hun zin in Oostenrijk, toen belanden tienduizenden Oostenrijkers tegen hun zin in Italië. Rome poogde vervolgens jarenlang met een doelbewuste assimileringspolitiek inclusief taalkundige dwangmethoden van die Oostenrijkers alsnog Italianen te maken, wat begrijpelijk het nodige verzet opriep.

Dichter bij Oostenrijk
Thans vormt het Duitstalige deel van Zuid-Tirol - met de steden Meran(o) en Bozen/Bolzano - een autonome provincie met bijzondere rechten, die in touristisch opzicht juist de voordelen van die tweetaligheid plukt. Het heeft nu namelijk alles dubbel in de aanbieding: om te beginnen de keuken.

Door die grote mate van regionaal zelfbestuur, in combinatie met de open grens (Schengen) en de gemeenschappelijke euro, voelt het voor de bewoners als minder Italië en als dichter bij Oostenrijk dan voorheen. Tegelijk hoeven de Italiaanstalige inwoners zich op geen enkele wijze van hún cultuurkring afgesneden te voelen.

Hoe verhoudt zich nu dit reële positieve Europa tot de Brusselse bureaucratische verschrikking, die elke keer weer zoveel weerzin bij Europeanen weet op te roepen? Brussel heeft voor deze thans vreedzame coëxistentie in Zuid-Tirol en elders de randvoorwaarden helpen scheppen, en ziet ook op het respecteren van minderheden nauwlettend toe.

Dat is de verantwoordelijkheid van de eurocommissaris voor meertaligheid - een post die meestal op het laatst wordt toebedeeld, wat iets zegt over het geringe Brusselse besef van het belang ervan. Gevochten wordt om prestigieuze posten die te maken hebben met financiën en economie: met de alsmaar aanhoudende eurocrisis, de begrotingsdwang en de daaruit voortvloeiende interne kloof tussen noord en zuid zaken van grote urgentie.

Monetaire habitus in Wenen en Rome
Alleen: de etnische spanningen die de eurocommissaris voor meertaligheid - zeg dus maar: voor linguïstische minderhedenproblematiek - op z'n bordje krijgt, zijn vaak niet los te zien van de mentaal-maatschappelijke oorzaken van die nu weer zo manifest geworden noord-zuid-kloof op economisch terrein, die zich in allerhande oude nationale clichés over en weer vertaalt: van tyrannieke Teutonen versus lapzwanzende Hellenen. Dat men in Zuid-Tirol graag naar Wenen kijkt en Rome liever op afstand houdt, heeft ook mede te maken met de monetaire habitus in beide hoofdsteden.

De overbrugging van die noord-zuid-kloof lijkt sinds de jongste Europese verkiezingen verder weg dan ooit. Noord en zuid stemden tamelijk diametraal: het noorden, dat niet meer voor het zuiden wil betalen, eerder rechts, voor strengere begrotingsdicipline; het zuiden, dat niet nog verder wil bezuinigen, eerder links, juist voor investeringen in de economie.

Afgelopen week was er, met het oog op de nieuwe commissievoorzitter, een afzonderlijke 'noordelijke' top van Duitsland, Engeland, Nederland en Zweden, waarna Merkel zich op Juncker heeft vastgelegd. Het Europarlement stond daar reeds op, in de hoop zo de eigen macht te vergroten.

Miserabel lage opkomst
Op grond van het parlementaire meerderheidsargument lijkt daar op zich ook best wat voor te zeggen. Alleen is, gezien de miserabel lage opkomst, de democratische legitimiteit van het EP zélf zeer gering en is Juncker - die zelfs in zijn eigen dreumeslandje Luxemburg niet verkiesbaar was - gezien zijn opvattingen en verleden, als man uit de oude opperbureaucratische doos, wel de laatste die een antwoord heeft op de enorme euroscepsis die thans het politieke bestel thuis in Londen en Parijs ontwricht.

Juncker zal de kans op een Brits uittreden vergroten, omdat hij koren op de molen van de UKIP vormt. Zo'n Brits uittreden zou de EU nog best overleven. Maar dat een en ander buiten Parijs om bedisseld wordt, is een gevaarlijke blunder. Frankrijk vormt, hoe zwak het land er nu ook voorstaat, een politiek onmisbare schakel voor de verbinding van noord en zuid. Zonder Frankrijk is een EU ondenkbaar en functioneert in Brussel niets.

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus en columnist voor Volkskrant.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden