De Nobelprijswaardige econoom die niemand kent

Econometrist Guido Imbens (53) is de hoogst genoteerde Nederlander in het ranglijstje van meest geciteerde economen ter wereld, maar in zijn geboorteland kent niemand hem. Toch kan hij maandag zomaar een Nobelprijs winnen.

Guido Imbens Beeld .

De meest Nobelprijswaardige van alle Nederlandse economen is tegelijkertijd een grote onbekende. Stanford-econoom Guido Imbens (53) is van al zijn Nederlandse vakbroeders de meest gezaghebbende: gemeten naar de invloed van zijn artikelen en de statuur van de tijdschriften waarin hij publiceert staat geen enkele landgenoot zo hoog in de wetenschappelijke ranglijstjes van economiedatabase RePEc.org. In een van de lijstjes, gerangschikt naar het gewicht van publicaties uit de laatste tien jaar, staat Imbens bijvoorbeeld op plaats veertig, boven beroemdheden als Paul Krugman of de Nobelprijswinnaar van vorig jaar, Angus Deaton.

Dat de naam Guido Imbens behalve onder economen bij weinig Nederlanders een belletje zal doen rinkelen komt deels doordat hij al bijna dertig jaar in Amerika werkt, in een carrière die hem langs Harvard, Berkeley en Stanford voerde. En misschien door zijn temperament: qua karakter is hij eerder de 'stille en bescheiden man achterin de zaal', maar dan wel van het soort dat tussen neus en lippen door de briljantste vragen stelt, zo omschreef een Harvard-collega hem eens.

Die brille uit zich vooral in het eeuwige probleem van oorzaak en gevolg. De carrière van Guido Imbens is één lange zoektocht naar causale verbanden, vaak met originele vondsten als resultaat.

Economische gevolgen van dienstplicht

Een voorbeeld is de vraag welk effect militaire dienst op iemands latere inkomen heeft. Een hondsmoeilijke onderzoeksvraag, al was het maar omdat dienstplichtigen als groep lastig te vergelijken zijn met niet-dienstplichtigen. Rekruten moesten bijvoorbeeld een medische keuring ondergaan. Goedgekeurden waren gemiddeld waarschijnlijk gezonder dan afgekeurden. Hun betere gezondheid vertaalde zich na hun diensttijd misschien in betere carrières en dito salarissen, zonder dat dit succes iets met de dienstplicht te maken hoefde te hebben.

Tegelijkertijd waren velen vrijgesteld van het leger, zoals kostwinners of kinderen uit familiebedrijven, die zouden instorten als zoonlief veertien maanden onder de wapenen moest. Hoogopgeleiden waren ondervertegenwoordigd, omdat studenten vaak uitstel konden krijgen van de dienstplicht, wat in de praktijk vaak afstel betekende. Dit alles maakt het bijna onmogelijk om het inkomenseffect van de militaire dienst te meten.

Maar soms helpt de politiek de wetenschap onbedoeld een handje. Imbens en zijn collega Wilbert van der Klaauw vonden het ontbrekende puzzelstukje in de vorm van het jaar 1959. Tijdens hun onderzoek midden jaren negentig realiseerden ze zich dat het kabinet-Den Uyl het geboortejaar 1959 had vrijgesteld van militaire dienst. De reden: er waren in 1977 te veel 18-jarigen in Nederland. Handig, want door de inkomens van de 59'ers te vergelijken met eerdere en latere lichtingen die wel in dienst waren geweest, was het plots wél mogelijk het effect van militaire dienst te isoleren van de andere factoren.

Wat bleek? De dienstplicht had een nadelig effect op het salaris. Tien jaar na hun diensttijd verdienden ex-rekruten gemiddeld 5 procent minder dan niet-dienstplichtigen. In de Verenigde Staten bleek het verschil tussen Vietnam-veteranen en hun niet ten oorlog getrokken leeftijdsgenoten zelfs nog hoger. 'Een mogelijke reden voor het lagere inkomen was dat mensen tijdens hun dienstplicht niet op de arbeidsmarkt actief konden zijn en daardoor minder werkervaring hadden', zegt Imbens. 'Een jaar extra ervaring op de arbeidsmarkt leidt gemiddeld tot een inkomensverhoging van 4 à 5 procent.'

Soldaten melden zich in het ontvangstcentrum conform de officiële oproep voor een Proefmobilisatie in 1953 Beeld anp

Op zoek naar causale verbanden

Imbens blonk op school uit in wiskunde. Toch koos hij voor econometrie toen hij begin jaren tachtig ging studeren aan de Erasmus universiteit in Rotterdam. Econometrie leek politiek relevanter, verklaart hij zijn keuze. 'Binnen de econometrie gaat het voornamelijk over causaliteit: er zijn een hoop variabelen die met elkaar verband houden, maar dat impliceert nog niet dat het één ook echt het ander veroorzaakt. Voor het maken van politiek beleid is het van groot belang om te weten of er bijvoorbeeld een oorzakelijk verband is tussen langer studeren en meer inkomen - een verband dat er inderdaad is.'

In zijn zoektocht naar causale verbanden vindt Imbens wel vaker hulp in onverwachte hoek. Zo hielp een loterij hem om de vraag te beantwoorden: wat gebeurt er als je mensen geld geeft zonder dat ze er iets voor hoeven te doen? 'Een gecontroleerd experiment uitvoeren is in dit geval lastig en duur. Dus keken we naar een loterij in Massachusetts.'

In het onderzoek, gepubliceerd in 2001, bestudeerde Imbens loterijwinnaars die gemiddeld een half miljoen dollar hadden gewonnen, uitbetaald in twintig jaarlijkse cheques van 25 duizend dollar. 'Uit ons onderzoek bleek dat de winnaars meer spaarden en iets minder gingen werken dan voorheen, maar dat het effect op het arbeidsaanbod vrij klein was. Deze uitkomst zou iets kunnen zeggen over bijvoorbeeld de effecten van een basisinkomen.'

Zijn hoge notering in wetenschappelijke ranglijstjes zegt hem weinig. 'Tegenwoordig worden artikelen vaak geciteerd zonder echt op de inhoud in te gaan. Ik vind het vooral belangrijk dat mijn onderzoek in alle PhD-programma's wordt gebruikt.'

De Nobelprijs houdt hem evenmin uit zijn slaap. 'Het is een rare prijs - er zijn veel mensen die hem kunnen winnen en maar weinigen die hem krijgen. Het is niet iets waar ik mee bezig ben, want ik kan er niets aan doen.'

Guido Imbens (1963) is getrouwd met de vooraanstaande Stanford-econome Susan Athey. Ze hebben samen drie kinderen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.