De nieuwe omwentelaars: zes jongeren die hun stem luid laten horen

Kunnen zij de wereld net zo ingrijpend veranderen als de studenten van 1968?

Van Podemos tot Black Lives Matter: jongeren gaan weer de straat op. Staat hun activisme los van dat van mei 1968? Zijn ze erdoor geïnspireerd? Waarvoor staan de bewegingen van nu?

Emma González is een van de gezichten van de #NeverAgain-beweging, het grootste Amerikaanse studentenprotest in een halve eeuw. Foto EPA

Youthquake. Deze snedige samenvoeging van het Engelse ‘youth’ (jeugd) en ‘earthquake’ (aard­beving) werd in 2017 door Oxford Dictionaries uitgeroepen tot woord van het jaar. Officiële reden: Britse jongeren veranderden het politieke landschap, met hun massale opkomst bij de laatste verkiezingen. Achter de keuze schuilt ook wensdenken. ‘Soms kies je een woord omdat het aanklopt. En soms kies je een woord omdat je het graag binnenlaat’, aldus directeur Casper Grathwohl van Oxford Dictionaries in een blog. Youthquake straalt volgens de jury hoop uit in tijden van ontwrichting en polarisatie.

Ook in 2018 laten millenials en scholieren luid hun stem horen, met als voorlopig hoogtepunt de door scholieren georganiseerde March For Our Lives, een van de grootste demonstraties in de geschiedenis van de VS. Maar kunnen de jonge mensen de wereld net zo ingrijpend veranderen als de studenten van 1968? Zes antwoorden uit zes landen.

Kevin Kühnert. Foto Reuters

KEVIN KÜHNERT (28)

Student politicologie en politiek medewerker in de Berlijnse gemeenteraad, Duitsland 

Kapitalisme houdt geen stand 

Hij wil geen rebel zijn en wordt liever sportjournalist dan bondskanselier. Verder is hij precies 1,70 meter klein en draagt hij het liefst donkerblauwe verwassen overhemden. Was de leider van de linkse jongerenopstand in Duitsland gekozen via een sollicitatieprocedure, dan zou Kevin Kühnert (28) in de eerste ronde vermoedelijk afgevallen zijn. Te onopvallend. Maar Kühnert, voorzitter van de Jusos, de jongerentak van de sociaal-democratische SPD, heeft nooit hoeven solliciteren.

Hij wilde niet langer toekijken hoe de Duitse sociaal-democratie ‘zichzelf keer op keer tegen de muur rijdt’, zoals hij zei tijdens zijn ‘NoGroKo-tour’ – GroKo staat voor ‘Grote Coalitie’, een tussen SPD en de christen-democratische CDU. De Jusos willen ‘de SPD redden’, met een frontale aanval, met confronterende discussies over de vraag wat er precies nog ‘sociaal’ is aan de oudste partij van Duitsland en wat ‘democratisch’.

Daarmee bracht Kühnert een massabeweging op de been, wierf tienduizenden nieuwe, jonge leden in een paar maanden tijd. Hij leek de enige die het door Angela Merkel en Martin Schulz geknutselde regeringscompromis serieus kon bedreigen.

Kühnerts verre voorgangers, de Jusos van 1968, stonden vol vuur op de barricaden – tot ongenoegen van partijleider Willy Brandt. De SPD is altijd een gespleten partij geweest. Maar veel van de rebellen van toen dreven in de decennia die volgden af naar de rechter partijflank.

Doet Kühnert het vijftig jaar later precies andersom? Hij werd al op zijn 14de lid van de Jusos en heeft meer affiniteit met bureaustoelen dan met barricaden. Uit zijn toespraken blijkt kalm idealisme, een op het oog rotsvast geloof in de afschaffing van het kapitalisme op lange termijn.

Er is niets wankelmoedigs aan Kühnert, bij hem ontbreekt de icarusfactor die bij andere te snel succesvol geworden millennials aanwezig is. Misschien maakt dat hem zo geschikt als leider in deze tijd.

Nu de SPD toch is gaan regeren krijgt Kühnert vaak het ongevraagde advies zich een paar jaar terug te trekken en dan met een nieuw plan een rentree te maken. Kühnert daarover in Die Zeit: ‘Ik ben geen mueslireep. Die kun je opnieuw uitvinden, met een andere verpakking. Ik ga nu niet opeens mijn mond houden.’

Sterre Lindhout

Luca van der Kamp. Foto Pauline Niks

LUCA VAN DER KAMP (22)

Student logica, Nederland

‘Privacy is net zo belangrijk als klimaat’

Zeven maanden studievertraging, dat is wat Luca van der Kamp in elk geval heeft overgehouden aan de vernieuwde Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv). Met nog vier Amsterdamse studenten stond hij aan de basis van het referendum over de ‘sleepwet’, waarvoor ze eerst tienduizend en vervolgens driehonderdduizend handtekeningen inzamelden.

‘We konden eerst niet overzien hoeveel tijd het zou kosten, maar dat gebeurt veel bij activisme’, zegt de 22-jarige student logica, het vakgebied op het snijvlak van filosofie en wiskunde. ‘Op een dag kun je niet meer terug, niks doen was geen optie. Privacy moet net zo’n belangrijk thema worden als klimaat, feminisme of lhbt-rechten.’

Zo lang als hij zich herinnert, maakt Luca zich druk over privacy. Tot zijn 18de was hij ‘super anti­alles’: geen Facebook of andere sociale media. ‘Dat werd onmogelijk, ik voelde me disconnected. Maar ik vind het kwalijk dat we zélf onze privacy moeten beschermen, dat het geen vanzelfsprekend grondrecht is.’

De media vonden het wel ‘schattig’, zegt hij, zo’n clubje activistische studenten. ‘Dat werkte in ons voordeel. Niemand was het kopstuk, dan krijgt het iets autoritairs. We waren uit op een inhoudelijk debat. Dat is gelukt.’

Zijn generatie weet niet zoveel van ‘mei ’68’, denkt hij. ‘Zelf heb ik er misschien een geromantiseerd beeld van. Ze hebben vijftig jaar geleden wel bewezen dat je in verzet moet komen, dat het iets loswoelt.’

Van der Kamp ziet betrokken studenten, en studenten die geen grote studieschuld willen en zich dus niet willen laten afleiden. ‘Ik begrijp dat, het is te wijten aan het neoliberale beleid van Rutte. Mijn extra schuld geeft me een naar ­gevoel. Toch moet je soms juist hard schreeuwen, een gebouw ­bezetten of een referendum uitlokken. Je hoort vaak dat je op een universiteit kritisch leert na te denken en dat studenten daarom activistisch zijn. Volgens mij heeft het er vooral mee te maken dat je gelijkgestemden treft.’

Het ergst vindt hij de veel gestelde vraag of de actie niet ook heel goed is voor zijn cv. ‘Het smerige van die vraag is dat-ie überhaupt wordt gesteld. Alsof ik toch toegeef aan het kapitalistische systeem. Ik heb dit gedaan voor mijzelf, mijn idealen, mijn geweten. Voor mijn cv had ik beter stage kunnen lopen.’

Bart Dirks

Emma González spreekt een menigte toe tijdens "March for Our Lives". Foto AP

EMMA GONZÁLEZ (18)

Scholier, Verenigde Staten

Vlijmscherp tegen de wapenlobby

Ze was gewoon een scholier in haar eindexamenjaar, zo besluiteloos dat ze niet eens een favoriete kleur had. Ze hield van naaien en ruimtevaart en hield van jongens en meisjes en had haar toekomst nog voor zich.

Tot ze op 14 februari ineens op de vloer lag in de aula van de Marjory Stoneman Douglas High School in Parkland, Florida, tussen tientallen andere scholieren die schuilden voor een schutter die met zijn AR-15 door de gangen dwaalde. Hij schoot zeventien scholieren dood. Die dag besloot Emma González (18) dat het zo niet langer kon.

González is een van de gezichten van de #NeverAgain-beweging, het grootste Amerikaanse studentenprotest in een halve eeuw. Met andere overlevenden van de schietpartij begon ze een emotionele maar vlijmscherpe campagne tegen het ongebreidelde Amerikaanse vuurwapenbezit. Voor het eerst in decennia zijn studenten (technisch gesproken scholieren) weer een landelijke politieke factor van betekenis.

Haar toespraken zijn nu al klassiek. ‘We call BS!’, was de herhaalde kreet waarmee ze de argumenten van de vuurwapenlobby als onzin afdeed (BS betekent bullshit). Tijdens de mede door haar georganiseerde Mars Voor Ons Leven in Washington zweeg ze minutenlang, om de tijd voelbaar te maken die de schietpartij had geduurd. De tranen kwamen vanzelf.

Veteranen van de Columbia-bezetting in ’68 herkennen in González en haar medestrijders iets van toen. ‘Ik heb sinds 1968 gedemonstreerd voor en tegen van alles en nog wat, maar nooit heeft iets me zo doen denken aan ons protest als de beweging van deze tieners’, schreef oud-activist Jim Kunen vorige week in Medium.

Sociale media maken het misschien makkelijker om activist te zijn, maar ook moeilijker. González, met haar korte stekeltjes (‘Een feministisch statement? Nee, vanwege Florida. Lang haar is een extra trui die je moet dragen.’) is een icoon en inspiratiebron voor ­zowel haar medestanders als ­tegenstanders. De wreedheid die haar op sociale media ten deel valt is misschien nog heftiger dan het geweld waarmee de politie de universiteitsgebouwen in 1968 ontruimde.

‘Ik word heen en weer geslingerd tussen dankbaarheid voor de kans om telkens mijn stem te laten horen en de gedachte dat ik hier helemaal niet mee zou moeten hoeven dealen’, schreef González in Harper’s Bazaar. ‘Dan denk ik: wat zou het fijn zijn om gewoon een boom te zijn.’

Michael Persson

Carmen Blanco. Foto Daniel Ochoa de Olza.

CARMEN BLANCO (20)

Student filosofie en rechten, Spanje

‘Zonder feminisme geen revolutie’

‘Als je niet huilt, krijg je niet de borst.’ Dat weet elke Spanjaard, en het leidt ertoe dat er in Spanje volop wordt gedemonstreerd. Een demonstratie overtrof alle andere van de laatste ­jaren: die van de feministen. Op 8 maart 2018, Internationale Vrouwendag, werden de grote steden overspoeld door een jonge, feministische golf.

Voor Carmen Blanco (20), studente filosofie en rechten uit Madrid, was het ‘een historische dag’. Zij richtte een paar jaar terug met twee vriendinnen een feministische studentenvereniging op. Nu was ze een van de ‘voceras’ die de media te woord stond namens de studenten.

Het protest kon deels zo groot worden door de nasleep van de economische crisis, analyseert Blanco. ‘We beseften dat vrouwen dubbel werden geraakt. Vrouwen hebben vaak de slechtere banen en werden vaker ontslagen.’

Daar komt bij dat zij en haar leeftijdsgenoten al op de middelbare school protesteerden tegen een wet die het recht op abortus sterk aan banden wilde leggen. ‘We waren zo verontwaardigd. Het was alsof ze ons het stemrecht wilden afpakken.’ De minister die verantwoordelijk was voor die wet trad uiteindelijk af. ‘En wij waren getuige daarvan. Dat heeft ons kracht gegeven.’

Hoewel het feminisme tijdens het Franse protest van 1968 een ondergeschikte rol speelde, staat dit voor Carmen Blanco juist voorop. Het antiracisme en het antikapitalisme ziet ze als een onderdeel van haar feminisme. ‘La revolución será feminista o no será’, zegt ze. Of de revolutie is feministisch, of het is geen revolutie.

De troef van de Spaanse vrouwenbeweging is dat ze totaal onafhankelijk is, benadrukt Blanco. ‘Iedereen kan zaken aandragen. Er zijn geen marsorders. Wij zijn geen professionele woordvoerders en hebben geen mediatraining gehad. Wij zijn echte mensen, met echte problemen, die willen dat hun leven verandert.’

Ze hoopt dat het feminisme niet een modegril zal blijken. ‘Het gevaar is dat de diepere boodschap verloren gaat. Politieke partijen gaan er misschien mee aan de haal. Maar het moederschaps- en vaderschapsverlof gelijktrekken is niet hetzelfde als afrekenen met het patriarchale systeem.

‘Het kapitalisme heeft een groot absorptievermogen’, waarschuwt ze. ‘Bij de Zara zijn nu al T-shirts te koop met ‘Feminist’. Maar het feminisme moet geen onbenulligheid worden die je kunt verkopen.’

Maartje Bakker

Rosa Sica. Foto Nicola Zolin

ROSA SICA (25),

Student filosofie, Italië

‘We bieden een sociaal alternatief’

Rosa Sica was 15 toen ze voor het eerst naar een Italiaans plein trok om te protesteren. De regering Berlusconi had net een bezuiniging doorgevoerd die zeer nadelig voor studenten uitpakte, waardoor er tientallen dagen lang honderden pleinen in Italië volstroomden met duizenden jongeren.

‘Het was de enige keer in mijn leven dat ik zoveel mensen tegelijk zag protesteren’, zegt Sica. ‘Helaas lijkt de massamobilisatie van 1968 een beetje te zijn uitgestorven in Italië. Misschien doordat de onvrede van nu voortkomt uit minder tastbare problemen dan die van toen. Onze woede is diffuser en daarom moeilijker te generaliseren in één duidelijk protest.’

Dat de woede nog wel bestaat, bewees Sica in 2015 toen ze – inmiddels als student filosofie – met vijftig gelijkgestemden naar een leegstaande psychiatrische instelling trok in het centrum van Napels. Je so’ Pazzo, noemden ze zichzelf – Napolitaans voor: ik ben boos.

‘We hebben het over een gebouw van 9.000 vierkante meter dat niet werd onderhouden en al meermalen was geplunderd. Wij besloten dat openbare gebouw weer terug te geven aan het publiek.’ Ze doen dat door zes dagen per week in totaal 42 sociale projecten te organiseren. Van sollicitatielessen voor werklozen tot een gaarkeuken voor daklozen en een medisch spreekuur waar veertig artsen – allemaal onbezoldigd – vorig jaar bijna duizend armen hielpen.

‘We zijn geen klassieke protestbeweging’, zegt Sica. ‘Het is voor ons belangrijk niet alleen maar tegen te zijn. We willen tegelijkertijd een sociaal alternatief bieden. We zijn bijvoorbeeld tegen de manier waarop Italië met economische migranten omgaat, en we protesteren door die migranten te helpen met taallessen en juridische bijstand.’

Je so’ Pazzo is een van de vele centri sociali waar duizenden jongeren op hun eigen manier het Italië van hun ouders proberen te veranderen. ‘Er is geen enkele politicus meer over die de belangen vertegenwoordigt van de arbeiders, de werklozen, de studenten, de migranten, de vrouwen, de arbeidsongeschikten; al die groepen die extra hard getroffen zijn door de financiële crisis. Daarom dachten wij: als niemand het voor ons doet, dan doen we het zelf wel.’

Dat resulteerde in november in de oprichting van de politieke partij Potere al Popolo (macht voor het volk). ‘Niemand weet immers beter wat voor problemen er spelen onder werklozen, studenten en arbeiders dan de werklozen, studenten en arbeiders zelf.’

Jarl van der Ploeg

Sahaya James. Foto Antonio Olmos

SAHAYA JAMES (20)

Student University of the Arts, Groot-Brittannië

‘We willen een wereld zonder grenzen’

Het waren de massale studentenprotesten van 2010 tegen de verhoging van de studiegelden die Sahaya James wakker schudden. ‘Het gevoel van verraad, onrechtvaardigheid. Eerst de belofte dat het collegegeld weer zou verdwijnen en in plaats daarvan werd het flink verhoogd.’ Ze woonde toen – als 13-jarige – in Gloucestershire, waar ze thuis werd onderwezen door haar progressieve ouders die op hun beurt zeven jaar eerder hadden geprotesteerd tegen de oorlog in Irak. ‘Politiek kwam regelmatig ter sprake aan de keukentafel.’

Op haar 14de ging ze naar school, waar ze vanaf de eerste dag betrokken was bij de studentenpolitiek. Ze is nu campagneleider bij de bond van kunststudenten, bestuurder bij de National Campaign Against Fees and Cuts en actief lid van Momentum, de organisatie achter Labourleider Jeremy Corbyn. Vorige maand verloor ze, op haar 20ste verjaardag nota bene, de strijd om het presidentschap van de landelijke studentenvakbond.

Actievoeren neemt zeker zoveel tijd in beslag als studeren. Vorige maand zat ze tien dagen lang in de Senate House ‘uit solidariteit met onderbetaald personeel en docenten die staken tegen slechtere pensioenen’. Eerder dit jaar bezette James met geestverwanten de University of the Arts, waar ze studeert om filmmaker te worden. ‘De universiteit werkt samen met een projectontwikkelaar die een campus en appartementen wil bouwen ten koste van de multiculturele gemeenschap ter plekke.’

De opkomst van Corbyn heeft volgens James veel betekend voor het studentenverzet. ‘Het gaat niet alleen om gratis studeren. Zijn voorstel voor een ­Nationaal Onderwijsfonds zal ertoe leiden dat onderwijs echt toegankelijk wordt, voor jong en oud, voor arm en rijk; ook voor een loodgieter die zich wil verdiepen in literatuur. Universiteiten zijn nu te veel bezig met winst maken, zijn lakeien geworden van het bedrijfs­leven. De salarissen van de ­bestuurders zijn absurd hoog.’

In grote lijnen ziet ze overeenkomsten met de soixante-huitards, de antikapitalistische rebellen van een halve eeuw geleden. ‘We willen net als de studenten van toen mede bepalen wat we leren, in ons geval een curriculum dat verder gaat dan de ideeën en vindingen van oude witte mannen. We willen een wereld zonder grenzen – wat actueel is door de Brexit. Bij de verkiezingen van vorig jaar hebben we aangetoond dat onze stem van grote invloed kan zijn. Dankzij de jongeren raakten de Conservatieven hun meerderheid kwijt.’

Patrick van IJzendoorn

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.