De mythe van de controle

Het is een fraai staaltje ironie wat de redactie van Raster deze keer vertoont. Aan het slot van een geheel aan poe gewijd nummer plaatst zij de weerslag van een gesprek tussen de bejaarde Syrisch-Libanese dichter met de welluidende naam Adonis en zijn wat jongere Chinese collega Yang Lian....

Het is een soort herenleed voor dichters, want na een heleboel verongelijkt gepraat over slechte vertalingen en westerlingen die alleen maar in Arabische of Chinese literatuur geeresseerd zijn als er politieke misstanden in voorkomen, komt Lian tot de conclusie: 'In het Westen is lyriek als het parfum van een vrouw', waarna Adonis bijvalt: 'Het is afgelopen met de westerse lyriek. Die hoef je niet meer te lezen.'

Het is een ongewild komisch moment, je ziet de twee heren zo voor je, terwijl ze elkaar vreselijk zitten op te naaien in hun gebrek aan erkenning. Eigenlijk zou je ze alleen maar willen aanraden om deze Raster aan te schaffen, want de bijna tweehonderd pagina's met grotendeels westerse poe stellen hen ruimschoots in het ongelijk. Zie de prachtige verzen van de Zweed Thomas Tidholm of die van de in 1991 overleden Servische dichter Vasko Popa.

Of anders wel de vreemde bloemengedichten van de Amerikaanse poet laureate Louise Glie door Erik Menkveld werden vertaald en waarvan het alleen jammer is dat de originelen er niet naast staan. Menkveld schreef ook een introductie in de vorm van een brief aan Glwaarin hij zijn fascinatie uitspreekt voor dichters die een 'stem' willen geven aan iets wat buiten henzelf ligt. In het geval van Glan bloemen.

Het levert gedichten vanuit een hoogst origineel perspectief op, zowel van dat van een bloem die verbaasd om zich heen kijkt, maar ook vanuit een meer 'ondergronds' perspectief, van een plant die het daglicht nog niet heeft gezien.: 'Toen was het voorbij: dat wat jullie vrezen, bezield/te zijn en niet in staat/tot spreken, eindigde abrupt, de stugge aarde/gaf een beetje mee. En wat ik hield/voor vogels schoot lage heesters in.'

Hierbij mooi aansluitend is een tekst waarin de Italiaanse bestseller-auteur Sandro Veronesi verklaart dat ook hij in zijn boeken een stem wil geven aan de meest uiteenlopende figuren en zaken, van 'de overweldigende schoonheid van sommige momenten waarin absoluut niets gebeurt' tot 'de altijd dronken dochters van George W. Bush.' Om dit te bereiken moet een schrijver volgens Veronesi eerst 'de mythe van de controle' overboord zetten, wat ook gelezen kan worden als een pleidooi voor meer poe in het proza.

Het 'vertaallaboratorium' is deze keer geheel gewijd aan de voormalig Oost-Duitse schrijfster Elke Erb, wier gedicht 16.12. door maar liefst zes Nederlandse dichters werd vertaald. Is een 'Pelzkhen' een 'pluiskopje', een 'pelsmutsje' of toch meer een 'pluizenbol'? Het zet je als lezer aardig aan het denken.

Het mooist is misschien nog wel het naschrift van Anneke Brassinga die eenvoudig stelt: 'Ik begrijp dit gedicht niet.' Waarna zij ertoe over gaat om Elke Erbs gedicht te 'mishandelen' met als gevolg dat Brassinga nu een nonsensicaal natuurgedicht aan haar oeuvre heeft toegevoegd: 'lentin lentuit met gele/pluizenkoppies dreef klein hoefblad, en/dat ondertbosje van opschot/ninteeltig smalverscholen rugje stong'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden