De mug die de merel velde

Afgaande op recente gebeurtenissen in Duitsland, staat Nederland een enorme merelsterfte te wachten. Boosdoener is een virus uit Afrika. Ook de mens kan besmet raken, maar het gevaar is niet groot.

ARNHEM - Ver weg van de bewoonde wereld, in de Oostvaardersplassen, staan sinds 2009 in de nazomer muggenvallen opgesteld. 'Het is een gebied dat veel wordt bezocht door trekvogels uit Afrika en Centraal-Europa', zegt Chantal Reusken van het Centrum voor Infectieziektenbestrijding van het RIVM in Bilthoven. 'Bovendien is het moerassig. Dat maakt het ideaal voor muggen.'


Die combinatie maakt virologen argwanend. Vogels staan bekend als dragers van flavi-virussen, een virusfamilie met een slechte reputatie. Lang niet altijd worden de vogels zelf ziek, maar als een steekmug een virus uit deze familie overbrengt naar de mens, zijn de poppen vaak wel aan het dansen. Een deel van de geïnfecteerden wordt ziek of gaat zelfs dood.


'De Oostvaardersplassen worden gezien als een risicogebied voor de introductie van dit soort virussen', aldus Reusken. Het is ondoenlijk alle muggen in Nederland in de gaten te houden, maar de Oostvaardersplassen zijn het Schiphol van de vogelwereld en dus een logische vooruitgeschoven post om uit te kijken naar ongewenste infiltranten.


De Flevolandse muggen worden al een paar jaar gescreend op onder meer het Usutu-virus. Nog nooit gingen de alarmbellen af; toch breidt het RIVM de surveillance uit naar deze nieuwe ziekteverwekker. Dat is vooral een vijand van de merel.


'Het is een heel naar vooruitzicht dat de vogels dood in de tuin liggen', zegt Chris-Jan van der Heijden van Vogelbescherming Nederland. 'Wel verwacht ik dat na een eventuele sterftegolf de populatie na een paar jaar weer uit het dal klimt. Vogels die het virus overleven zijn immuun. Bovendien broeden merels meermalen per jaar.'


De merel is niet de enige soort die besmet raakt. 'Er zijn meer vogels waarin het virus het goed doet, alleen is de sterfte bij die soorten veel lager, of ze hebben zelfs helemaal geen symptomen', zegt Reusken. 'Die dieren fungeren als een soort virusvermenigvuldigingsmachines. Aangenomen wordt dat juist die ongevoelige soorten verantwoordelijk zijn voor de verspreiding van het Usutu-virus over grotere afstanden binnen Europa.'


Steekmuggen doen de rest. Zij transporteren het virus naar andere vogels, maar ook naar de mens. Doorgaans merkt de geïnfecteerde daar niets van, maar een onbekend deel van hen bekoopt een infectie met milde griepachtige verschijnselen: koorts, hoofdpijn en opgezwollen lymfeklieren. In een enkel geval krijgt het virus meer vat op zijn slachtoffer. In Italië ontwikkelden in 2009 twee patiënten een hersen(vlies)ontsteking na besmetting door het Usutu-virus. Reusken: 'Dat waren mensen met een verminderde afweer. Een van hen had bijvoorbeeld een levertransplantatie ondergaan. Maar ook aidspatiënten vormen een risicogroep.'


In Duitsland ontstond bezorgdheid toen onderzoek uitwees dat overwinterende muggen vol zaten met het Usutu-virus. Zou deze nieuwkomer zich ook hebben genesteld in de voorraden donorbloed, die immers worden gebruikt voor verzwakte patiënten? Het Bernhard-Nocht-Institut für Tropenmedizin in Hamburg onderzocht daarom 4.200 donorbloedmonsters.


De resultaten, die begin september bekend werden, zijn geruststellend. In slechts één bloedmonster werden antilichamen tegen het virus gevonden; kennelijk verloopt overdracht naar de mens moeizaam. In Italië waren de resultaten wat minder gunstig: 4 op de 359 monsters hadden Usutu-antilichamen. Om het zekere voor het onzekere te nemen, worden nu tienduizenden Duitse bloedmonsters onderzocht op aanwezigheid van het virus zelf.


Omdat het ondoenlijk is alle vogels en muggen bij de grens tegen te houden, lijkt de komst van het virus naar Nederland onafwendbaar. Daarom zijn voorbereidingen getroffen om de ziekteverwekker op de voet te volgen, zegt Reusken van het RIVM. 'We hebben het Usutu-virus al een jaar of vijf in het vizier. We hebben tests liggen om het virus-RNA te kunnen detecteren, zowel in muggen, vogels als mensen.'


Bovendien is een surveillance van kracht voor patiënten die in het ziekenhuis komen met neurologische klachten die niet uit de standaardoorzaken konden worden verklaard. Sinds enkele jaren worden zij getest op het West-Nijlvirus. Die test is echter zo weinig specifiek dat hij ook alarm slaat bij zeer verwante virussen, zoals Usutu. Vervolgens kijkt het RIVM verder.


Ook werkt het RIVM samen met het Dutch Wildlife Health Centre, gehuisvest bij de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht. 'Sinds een paar jaar houden we de vinger aan de pols bij ziekten van gewervelde wilde dieren die een gevaar kunnen vormen voor de volksgezondheid óf voor de gezondheid van gehouden dieren', zegt hoogleraar pathologie Andrea Gröne. Daarvoor wordt elk jaar bij zo'n tweehonderd dieren sectie verricht.


'De pathologische veranderingen die horen bij merels die zijn bezweken aan het Usutu-virus zijn bekend', aldus Gröne. Zij heeft Vogelbescherming Nederland en Sovon Vogelonderzoek gevraagd extra alert te zijn op dode merels.


'Ook wil ik particulieren graag oproepen dode merels direct bij ons te melden, op dwhc@uu.nl. Pak ze nooit op met blote handen, altijd met een plastic zakje; dat is veiliger.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden