ReportageReconstructie wielertocht

De monstertocht van ‘wonderwielenaar’ Pim Kiderlen

Pim Kiderlen was de eerste Nederlands kampioen wielrennen. Journalist Erik van Lakerveld schreef een boek over de monstertocht van Kiderlen uit 1885, van Rotterdam naar Leeuwarden. ‘Ook in de 19de eeuw hadden andere weggebruikers al een bloedhekel aan wielrenners.’

Pim Kiderlen eind 1885, begin 1886.Beeld Carl Emil Mögle

‘Pim komt, Pim, komt!’, gonsde het 134 jaar geleden opgewonden op het Beursplein in Leeuwarden. Nu ligt het er op vrijdagochtend verlaten bij. Een vuilniswagen keert een kliko om. Het miezert. De wind uit het zuidoosten is straffer dan gedacht. Ach, zegt Erik van Lakerveld: ‘Kiderlen had ook zijn hele tocht wind tegen.’

Pim Kiderlen. Neerlands eerste wielerkampioen (‘meester-wieler’). Aartsvader van de wielersport. Wegbereider voor Jaap Eden. Over hem schreef Erik van Lakerveld het boek Wonderwielenaar. Hoe Pim Kiderlen als eerste Nederlands kampioen van Rotterdam naar Leeuwarden fietste en het land in beweging bracht. Slechts 17 jaar was de rijkeluiszoon toen hij in 1885 het afstandsrecord vestigde: 259,2 kilometer in 22 uur en 35 minuten, waarvan 16 uur en 37 minuten ‘werkelijk gebruikte rijtijd’.

Stoutmoedig speelde Van Lakerveld aanvankelijk met het idee het record van Kiderlen te verbreken. Maar dat, zag de historicus van opleiding en sportverslaggever voor onder meer de Volkskrant al gauw in, zou een ongelijke strijd zijn.

Ga maar na: de stalen ‘hoge bi’ waar Kiderlen op reed woog 15 kilo; de lichtblauwe, aerodynamische carbon racefiets van Van Lakerveld – tijdrijder bij de amateurs – amper de helft. De pedalen van de 19de-eeuwer waren rechtstreeks op het hoge voorwiel (doorsnee: 139 centimeter) gemonteerd, waardoor op gang komen een gruwel was. De journalist kan schakelen tussen 22 versnellingen.

Voorgeprogrammeerd

Kiderlen reed bij Amersfoort bovendien nog helemaal verkeerd. Dat zal Van Lakerveld vandaag niet gauw gebeuren, met de voorgeprogrammeerde gps-route in de fietscomputer op zijn stuur. (Al zal het in Meppel toch even misgaan vanwege wegwerkzaamheden.)

Daarom kiest Van Lakerveld 134 jaar later op de dag dat hij zijn boek ten doop houdt wel voor hetzelfde traject, maar rijdt hij dat in omgekeerde richting. ‘Ik zie het als een eerbetoon aan Kiderlen. Ik wil het verhaal terugbrengen naar Rotterdam.’ Want daar kwam Kiderlen vandaan, uit Delfshaven om precies te zijn. Al voor het afstandsrecord en zijn talrijke overwinningen maakte hij er naam en faam door de stoomtram naar Schiedam per fiets bij te houden.

In augustus 1885 sleepte hij het kampioenschap van Nederland in de wacht. Alleen op het wedstrijdonderdeel ‘met de handen los’ moest hij genoegen nemen met een tweede plaats. Vier andere onderdelen won hij. ‘Als hij dan een der achterblijvers in het voorbijrijden aanmoedigend op den schouder klopte, ging er onder de omstanders een homerisch gelach op’, vermeldde De Kampioen.

Waarom hij zijn monstertocht waagde, en waarom in november? In zijn eerzucht liet hij zich door zijn maten opnaaien een weddenschap aan te gaan, geen rekening houdend met het barre seizoen. ‘Jeugdige overmoed’, concludeert Van Lakerveld. En dan te bedenken dat hij enkele maanden eerder de fiets nog aan de wilgen wilde hangen. In een advertentie bood hij drie van zijn ‘machines’ te koop aan.

Hoogspanningslijnen

Boven de weilanden buiten Leeuwarden tekenen hoogspanningslijnen het Friese landschap. In Wytgaard is het fietspad opgebroken voor de aanleg van telecomkabels. Bij Reduzum passeren we de dorpswindmolen. Een herbeleving van Kiderlens tocht is ook een confrontatie met een veranderend en blijvend landschap, zegt Van Lakerveld, die ook nog geografie studeerde. ‘Wij zijn een volk dat het land voortdurend op de schop neemt. Toch is het provinciale wegennet nog bijna identiek. En zie je die state? Die moet Kiderlen ook hebben gezien.’

Erik van Lakerveld

Vanaf Akkrum rijden we parallel aan de A32. Vrachtwagens razen voorbij. Misschien nog wel meer dan een verslag van Kiderlens monstertocht is Wonderwielenaar een cultuurhistorische geschiedenis van de ontbolstering van het (wedstrijd)fietsen in Nederland. Nu Nederland potentiële Tourwinnaars huisvest en massa’s mamils (‘middle-aged men in lycra’) van Noordpolderzijl tot Valkenburg de openbare weg bevolken, is het amper nog voor te stellen dat een jongeman op een tweewieler een curiosum was in het verkeer, dat destijds bestond uit rijtuigen, wandelaars en handkarren. ‘Fietsen was een elitaire aangelegenheid.’

In De Blesse wordt het fietspad in beslag genomen door een dame met twee keffertjes. Het zal hedendaagse renners bekend voorkomen, maar ook in Kiderlens tijd waren wielenaars als de dood voor honden. ‘’t Gehap naar je kuiten begon’, noteerde een journalist.

Hinderlaag

Dat was misschien nog wel het aardigst van het onderzoek voor zijn boek, zegt Van Lakerveld: het feest der herkenning. ‘Ook in de 19de eeuw hadden andere weggebruikers al een bloedhekel aan wielrenners. Die raasden maar voorbij, zonder bel.’ Bij Voorthuizen reed Kiderlen zelfs in een hinderlaag. Gelukkig voor hem had hij een ploertendoder in zijn bagage.

Kiderlens tocht was een mooie kapstok om iets te vertellen over de tijd waarin hij reed en leefde, zegt Van Lakerveld. Al wilde hij de wielerpionier vooral van de vergetelheid redden. Want ondanks zijn triomfen kent nu bijna niemand hem meer.

‘De wielersport ontwikkelde zich destijds heel snel’, verklaart Van Lakerveld. ‘De fietsmodellen waar Kiderlen op reed, waren enkele jaren later alweer uit de gratie. Zijn loopbaan duurde bovendien maar kort: amper twee jaar na zijn monsterrit werd hij aangereden door een rijtuig.’

In die tijd was er ook nog amper sportjournalistiek. ‘Dat kwam pas met Jaap Eden, die door Pim Mulier een heldenstatus kreeg.’ Al werden zelfs na het einde van zijn loopbaan nog Pim Kiderlen-sigaren en Pim Kiderlen-wielerschoenen verkocht. ‘In een bron wordt de tocht omschreven als ‘machtig brok propaganda’. ‘Hij was echt een wegbereider.’

Sportief leverde Kiderlen ‘een prestatie van formaat’, oordeelt Van Lakerveld. Zelf komt de schrijver om 19.20 uur aan in Rotterdam, 257,6 kilometer op de teller – nog geen 2 minder dan Kiderlen. Hij heeft er netto de helft van de tijd voor nodig gehad: 8 uur en 56 minuten. Het was zwaarder dan gedacht, laat hij weten. ‘Ik had buiten moderne obstakels als stoplichten en vaststaand verkeer gerekend. Tussen de steden moest ik flink doortrappen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden