De molens zijn beroemd, maar nep

Elke stad in de Spaanse regio La Mancha claimt de romanfiguur Don Quichot. Overal vinden we sporen van de edelman en zijn schepper, Cervantes. Je vergeet al snel dat de dolende ridder nooit heeft bestaan.

Ergens in La Mancha, in het dorpje Esquivias, niet ver van Toledo, opent de conservatrice, verrast door het bezoek, de luiken van het Casa de Cervantes. 'Hier deed de schrijver zijn inspiratie op.' Uitkijkend over de velden. Nee, zegt de conservatrice lachend. 'Molens stonden er niet. Cervantes had een enorme fantasie. En een goedgevulde wijnkelder.'


Ieder dorp, iedere stad, elk toeristenbureau in de regio claimt de dolende ridder Don Quichot en zijn trouwe knecht Sancho Panza. Overal vinden we wel een herberg waar hij de nacht zou hebben doorgebracht of de molens die hij zo heldhaftig bestreed. Dwars door La Mancha loopt de Ruta de Don Quijote, langs huizen waar Cervantes gewoond en gewerkt zou hebben, langs kerkers waar hij heeft gevangengezeten en waar hij, zoals in Argamasilla de Alba, uit pure verveling en chronisch geldgebrek zou zijn begonnen aan het schrijven van zijn meesterwerk.


Als Don Quichot op zijn sterfbed ligt -'levend was hij niet goed snik' - vermeldt Cervantes niet waar de ridder zal worden begraven opdat 'alle steden en dorpen van La Mancha hem om het hardst kunnen opeisen en als hun inwoner beschouwen'.


En zo geschiedde.


Jarenlang had Miguel de Cervantes aan het einde van de 16de eeuw in het Spaanse leger gediend. Hij was gevangengenomen door Algerijnse piraten en na vijf kommervolle jaren werd hij eindelijk vrijgekocht door zijn familie. Hij ging op bedevaart naar Guadalupe in de Extremadura, het belangrijkste bedevaartsoord van Spanje in die dagen, offerde zijn ketenen aan de Heilige Maagd en vestigde zich hier in Esquivias. Hij trouwde met de jonge Catalina de Palacios. Haar oom, Don Alonso Quijada, die zijn landerijen verwaarloosde en verkocht om ridderromans te kunnen lezen 'tot zijn hersens uitdroogden en hij zijn verstand verloor', stond model voor De vernuftige edelman Don Quichot van La Mancha, volgens velen de eerste en mooiste roman ooit geschreven.


Wij leunen uit het raam en kijken uit op de binnenplaats van het prachtig gerestaureerde huis. 'De dorpspastoor gooit, als Don Quichots verstand eenmaal de genadestoot heeft gekregen door al dat lezen, al die boeken het raam uit', zegt de conservatrice. 'De hele collectie op de brandstapel, hier onder dit raam. Het was tenslotte de tijd van de inquisitie.'


In het middeleeuwse Toledo, dat lang de zetel van de macht was, staart Don Quichot je op iedere straathoek, in iedere winkelvitrine aan, altijd met die grote verschrikte ogen vol wanhoop en waanzin. Toledo, omarmd door de Taag, is misschien wel de mooiste stad van Spanje, waar joden, moslims en christenen lange tijd vreedzaam samenleefden totdat de inquisitie Spanje aan het einde van de 15de eeuw in een wurggreep nam en de joden en moslims het land uit joeg.


Een belangrijk deel van Don Quichot speelt zich hier af in de nauwe straatjes. Je kunt het boek lezen als een boertige klucht vol dwaze avonturen van een dolende ridder die schijn en werkelijkheid niet kan scheiden, maar Don Quichot is volgens María Rosa Menocal, hoogleraar Spaans aan de Yale-universiteit, vooral een lachspiegel die Cervantes zijn Spaanse lezers voorhoudt: een bijtende satire op de inquisitie, die niet alleen boeken maar ook mensen op de brandstapel gooide en een einde maakte aan de vrijheid en de verbeelding die Spanje eeuwenlang had gekend.


De molens waarmee Don Quichot zijn legendarische gevecht levert, staan als schildwachten hoog op de heuvel boven Consuegra. De molens zijn gehavend, het houtwerk is verrot. Sommige molens missen een wiek. Twee bussen met Chinezen, die Mao hebben ingeruild voor de Spaanse dolende ridder, verstoren de rust. Maar ze blijven niet lang, ze wachten niet op de zonsondergang die de velden beneden in het dal in vuur en vlam zal zetten.


In Puerto Lápice, een dorpje langs de snelweg van Madrid naar Córdoba, stoppen de bussen onophoudelijk: Japanners, Taiwanezen, Koreanen, Chinezen. Ze laten zich fotograferen op de binnenplaats van de herberg Venta del Quijote. Slechts eenmaal wordt het dorp in het boek genoemd, maar dat is genoeg om het eeuwenlang roem, tot ver in Azië, te brengen. Ik eet een stoofpotje, Olla de la Venta, lamsvlees met aardappel, ham, worst en bonen. Het was Don Quichots favoriete maal, vermeldt de menukaart.


Ook het dorp Campo de Criptana, waar het land de kleur van een leeuwenhuid heeft, claimt de beroemde molens. Hier zijn ze allemaal gerestaureerd en vanaf het dakterras van het restaurant hebben we als de zon ondergaat een prachtig uitzicht op 'de reuzen met hun lange armen'.


Maar er waren helemaal geen molens in La Mancha in de tijd van Cervantes, beweren cynici. Ach, wat maakt het uit? 'Het is voldoende', stelt de auteur in het voorwoord, 'dat bij de weergave (van de avonturen van de beroemde edelman) geen duimbreed van de waarheid wordt afgeweken.'


Miguel de Cervantes was de eerste schrijver die bewust een loopje met zijn lezers nam. De toeristenindustrie neemt het ook niet nauw met de waarheid. En de Aziaten, bus na bus, vinden het prachtig.


Maar over de woonplaats van Don Quichots grote liefde, Dulcinea, 'de meesteresse van dit geknechte hart', bestaat geen twijfel: zij komt uit El Toboso, niet ver van Campo de Criptana.


Als Don Quichot op avontuur gaat, beseft hij dat hij 'alleen nog een dame moet zoeken om verliefd op te worden; want een dolende ridder zonder liefde was immers als een boom zonder loof of vruchten en als een lichaam zonder ziel'.


El Toboso is een slaperig dorp te midden van wijnboomgaarden. Op het plein, voor het restaurant El sueño de Quijano, de herberg waar Dulcinea volgens onze routekaart zou hebben gewoond, staat een foeilelijk metalen beeld van Dulcinea en de dolende ridder. Don Quichot knielt, de lans geheven en verklaart haar, na eeuwen, eindelijk zijn liefde.


Dat heeft hij in het boek, twee delen, 1.099 pagina's lang, nooit gedurfd.


In het Museo Cervantino liggen, onder glas, vertalingen van Don Quichot: een Duitse editie, en een Engelse, maar ook, broederlijk in één vitrine, een exemplaar uit Iran, Syrië en Israël, alsof Don Quichot deze aartsvijanden alsnog verbroedert. En in dezelfde vitrine: een Zuid-Afrikaans exemplaar, geschonken door Pieter Botha tijdens de Apartheid naast een exemplaar gesigneerd door Nelson Mandela in 1996. Iedereen hield van de dolende ridder, ook Jozef Stalin.


Ik ga achter de schrijftafel van Cervantes zitten en teken het gastenboek. Het is een eenvoudige tafel, met een ganzenveer en een volle asbak. Ik durf niet te vragen of dit werkelijk de schrijftafel van Cervantes was. Dulcinea van El Toboso heeft tenslotte ook nooit bestaan en is slechts het product van de verbeelding, van Don Quichot en van Cervantes.


En toch volg ik haar spoor, zoals velen voor mij.


In de Calle Quijote ligt het geboortehuis van Dulcinea, ooit eigendom van don Esteban en doña Ana. Het is een prachtig gerestaureerde boerenhoeve. Hun dochter, vertelt de gids, stond model voor Dulcinea. Zij was de beeldschone dame uit Don Quichots dromen. Ja, de gids weet het zeker.


Miguel de Cervantes Saavedra: De vernuftige edelman Don Quichot van La Mancha.

Vertaald door Barber van de Pol


Uitgeverij Atheneum, 2007.


María Rosa Menocal: De gouden eeuwen van Andalusië

Uitgeverij Bulaaq, 2006.


CERVANTES-STEDEN

Guadalupe is een van de mooiste steden van Spanje. Op de plek waar Cervantes zijn ketenen aflegde, staat nu een monument. Het hek van de kathedraal is gemaakt van de ketenen van vrijgekochte Spaanse slaven. Het hotel Hospedería del Real Monasterio is een van de mooiste in Spanje.


hotelhospederiamonasterioguadalupe.com


Argamasilla de Alba. Hier zou Cervantes zijn begonnen aan het manuscript van Don Quichot. De kerker 'waar elk ongemak zijn zetel heeft en elk naargeestig geluid zich nestelt', is nogal onbeholpen gerestaureerd.


Alcalá de Henares, sfeervolle geboortestad van Cervantes (én van kardinaal Cisneros, leider van de inquisitie. Slaap in de onlangs geopende Parador verderop in de straat, strak ontworpen in een 500 jaar oud klooster.


museo-casa-natal-cervantes.org


Meer informatie over Castilië-La Mancha op visitclm.com en turismocastillalamancha.com/escapadas/te-proponemos/ruta-quijote.


VERLAAT SUCCES

Arm en mislukt als dichter en toneelschrijver boekte Miguel de Cervantes pas op latere leeftijd succes. Toen ging het ook snel. Don Quichot is na de Bijbel het meest vertaalde en verkochte boek. Het bestaat uit twee delen. Vooral het eerste deel met de scène over het gevecht met de windmolens spreekt tot de verbeelding. Cervantes en Don Quichot zijn vaak onderwerp van discussie geweest. Deze week verscheen nog een studie van de Spaanse onderzoeker Santiago Trancón waarin hij naar eigen zeggen aantoont dat Cervantes een geconverteerde Jood uit de regio Léon was. Zo zou Cervantes in Don Quichot de draak steken met de Spaanse inquisitie, heiligenverering en katholieke dogma's.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden