De moeilijkste vraag die je de eerste niet-Japanse shintomeester kunt stellen: wat is dat eigenlijk, shinto?

Zijn naam is Paul de Leeuw en hij is shinto-meester in Amsterdam, een baken voor Japanners in Europa. Nederlanders beginnen de Japanse levensfilosofie ook te ontdekken. 'Dweil de vloer. Zo simpel is het. Maar eenvoud is al moeilijk genoeg.'

Paul de Leeuw Beeld Imke Panhuijzen

'Moshi, moshi', klinkt het op de voicemail van Paul de Leeuw (70). 'Hallo, hallo', de gangbare begroeting voor Japanners. Zou hij een Engelse of Nederlandse tekst hebben ingesproken, dan zou iedere Japanner al na de eerste vreemde klanken hebben opgehangen. Dus dan maar zo.

Paul de Leeuw, een bescheiden man met een zachte, bijna verontschuldigende manier van spreken, is een goede bekende voor de Japanse gemeenschap in Nederland, België, Duitsland en Zwitserland. Hij is de enige in Europa bij wie ze terecht kunnen om bij belangrijke gebeurtenissen ceremonies te leiden volgens de eeuwenoude Japanse shinto-traditie. Een levenshouding die de basis vormt van de Japanse cultuur en is ingebakken in het dagelijks leven van Japanners. Neem de properheid van het doorsneehuishouden. Je woning schoonmaken is een vrijwel dagelijks ritueel dat niet gemakzuchtig wordt uitbesteed aan een werkster, maar een klus die je zelf hoort te doen. Want wie schoonmaakt, reinigt ook zijn geest. Volgens het shintoïsme heeft alles een ziel. Dat is ook terug te vinden in het werk van de Japanse bestsellerauteur Haruki Marukami, die van een windvlaag een personage maakt.

De Leeuw ontvangt in de shintoruimte van de Japanese Dutch Shinzen Foundation in het centrum van Amsterdam. Voor de gevel staat een rijtje bamboe in de motregen. Boven de deur hangt de traditionele shimenawa, een koord van rijststro, waaraan zigzag bliksemschichten van hagelwit papier hangen ter bescherming van het huis en zijn bezoekers. De koele ontvangstkamer leidt via een gangetje naar de jinja, een grote heilige ruimte met hoog plafond en een smetteloos schone, gelakte houten vloer. Hier brengt De Leeuw elke dag een offer met water, zout, rijst en sake. Hij doet er shinto-oefeningen en ceremonies. Elke dag begint hij met het dweilen van de vloer.

De moeilijkste vraag die je Paul de Leeuw kunt stellen, is wat shinto precies is. Hij neemt een denkpauze en lacht daarbij verlegen, alsof hij er het liefst het zwijgen zou toedoen. 'Er zijn geen woorden voor. Je moet het ervaren om te weten wat shinto is. Japanners zelf spreken er niet over.' Zieltjes winnen is er dus ook niet bij. Er is geen heilig boek zoals in veel religies, er zijn geen voorschriften, er is geen stichter, geen god om te aanbidden, er zijn geen tempels waarvoor bedelacties worden gehouden. Shinto heeft niets met religie van doen. Na de denkpauze: 'Ik hou het op een filosofie waarbij de mens in harmonie leeft met de natuur. Waarbij je je bewust bent van de zuivere, onzichtbare kracht van de natuur. Bij elke verstoring van deze energie, zoals bij de bouw van een huis of een fabriek, kan met een ceremonie of met shinto-oefeningen de harmonie worden hersteld. Maar ook als je verstrikt raakt in je eigen hersenspinsels kan shinto helpen.'

Is het shintoïsme net als het boeddhisme in trek bij westerlingen op zoek naar spiritualiteit?

'Nee, in Europa is maar een kleine groep bekend met shinto. Ze zijn vooral te vinden onder beoefenaren van kalligrafie en Japanse bewegingskunsten zoals aikido, judo, karate en sumoworstelen. Zodra ze erachter komen dat die sterk zijn beïnvloed door shinto, willen ze er meer van weten en komen ze hier voor oefeningen en meditatie. Boeddhisme is niet te vergelijken met shinto. Het boeddhisme heeft veel meer raakvlakken met de christelijke religie waarmee westerlingen vertrouwd zijn. Het heeft een duidelijke leer, een verlossingsleer die je uit een tranendal bevrijdt en waarbij Boeddha je de weg wijst. Shinto gaat er vanuit dat het leven zelf prachtig is, iets om te vieren. Er is geen zondebesef, geen hiernamaals waarin je beloond of bestraft wordt. Bij shinto moet je in beweging komen.' Lachend: 'De vloer dweilen. Zo simpel is het. Maar eenvoud is al moeilijk genoeg.'

Hoe raakte u, ooit mede-oprichter van de fameuze theatergroep Dogtroep, verzeild in Japan om als eerste niet-Japanner opgeleid te worden tot shintomeester?

'De Dogtroep heb ik in 1973 opgericht in mijn studententijd, met medestudenten. Ik studeerde letteren en drama aan de Leidse universiteit en was actief in het studententheater. We wilden theater uit de zalen halen, naar buiten brengen, met meer verbeeldingskracht en verrassingselementen, het moest intuïtiever. Tijdens mijn studie raakte ik geïnteresseerd in de Japanse theatercultuur, het Noh-theater. Bij voorstellingen die Japanse theatergroepen in Nederland gaven, zag ik een vitaliteit die het Nederlandse theater niet kende. Acteurs dragen maskers. Zo speelde een 84-jarige acteur een 19-jarig meisje en dat deed hij zó overtuigend dat hij werd overspoeld met liefdesbrieven van mannen. In het Japanse theater gaat het niet om jouw ego of om fysieke kracht, maar om spirituele kracht. Dat maakte dat deze 84-jarige acteur geloofwaardig een jonge vrouw kon spelen. Ik wilde weten hoe je je als mens zo kunt ontwikkelen dat je op hoge leeftijd nog zo vitaal kunt zijn. Dankzij een studiebeurs kwam ik terecht bij de vermaarde theatermaker Peter Brook, die in Parijs samen met Japanse theatermakers masterclasses gaf. Shinto-oefeningen waren onderdeel van de lessen. Elke les begon met het dweilen van de studiovloer. De eerste keer vond ik het vreemd. De vloer was toch al schoon? Waarom moesten we dit voor elke les, wel drie tot vier keer per dag, doen? Al snel kreeg ik plezier in het dweilen. Je leert de ruimte goed kennen, je geest raakt opgeruimd. Als je de ruimte om je heen schoonmaakt, reinig je ook je binnenkant.'

De Leeuw wilde meer weten van de filosofie achter die shinto-oefeningen en schreef een brief aan de in Japan bekende shintomeester Motohisa Yamakage. Pas een half jaar later kwam een reactie. Yamakage schreef dat hij zijn vragen niet kon beantwoorden. Wel was hij welkom bij de opleiding tot shinto-meester in Japan. Alleen zo zou hij het shintoïsme leren doorgronden: met een opleiding van honderd dagen in de koudste periode van het jaar. Elke dag, zo schreef Yamakage, sta je om zes uur op om naar de Grote Oceaan te gaan voor een reinigingsritueel: tien minuten tot aan je kin in het ijskoude zeewater staan. 'Weet waar je aan begint. De opleiding tussentijds afbreken is niet toegestaan', schreef de Japanse meester.

Hij las de brief niet als een aansporing. 'Ik dacht: ze willen me niet, het is een Japanse beleefdheidsfrase mij uit te nodigen.' Maar zijn nieuwsgierigheid won het van zijn koudwatervrees. Wekenlang nam hij ter voorbereiding elke ochtend een koude douche. Het wende. Hij pakte zijn koffer en reisde naar de Yamakage-shintoschool aan de rand van het Hamanameer.

CV Paul de Leeuw

1947 geboren in Rotterdam.
1965-1972 studie Drama en Letteren, Universiteit Leiden.
1973 medeoprichter theatergroep de Dogtroep.
1977 studiebeurs Atelier Yoshi Oida aan het Internationale Theaterinstituut van Peter Brook in Parijs.
1979 opleiding tot shintomeester aan de Yamakage Shinto School in Japan.
1981 oprichting stichting Japanese Dutch Shinzen Foundation en opening Jinja Amsterdam.
1990 opening Jinja in Vierwindenhuis Amsterdam.
1990-heden ceremonies voor Japanse bedrijven in Europa.
2006 eerste shinto-ceremonie op Nieuwjaarsdag in het Okura hotel, Amsterdam.

Publikaties: I am a Mirror (Tokio, 1980), Motohisa Yamakage, Essence of Shinto, eindredactie Engelse versie, (Kodansha Tokyo 2006); volgens jaar verschijnt zijn boek Shinto.

Paul de Leeuw heeft een partner.

Hoe kreeg u in Japan vat op het woordloze mysterie van het shintoïsme?

'Dat gebeurde al bij de eerste ceremonie die ik meemaakte, bij het inluiden van het nieuwe jaar. Ik kreeg een kleine rol: een tak vasthouden waarvan de steel naar mijn hart wees, daar een draai van 180 graden mee maken, buigen en in mijn handen klappen. Ik was doodzenuwachtig. Ik was de eerste niet-Japanner die deelnam aan de ceremonie, er waren honderden mensen bij aanwezig. Maar de angst verdween snel, de handeling verrichtte ik moeiteloos. Er gebeurde iets bijzonders: er ontstond een geïsoleerd moment van een sterk bewustzijn, een ruimtelijke beleving waarin verleden, heden en toekomst samenkwamen. Een moment van tijdloosheid, waarin je voelt dat je onderdeel bent van een groot geheel. Na afloop van de ceremonie voelde ik me schoon. Alle rituelen en ceremonies van shinto staan in het teken van reiniging. Reiniging van de geest brengt je in contact met de energie van de natuur, met het grote geheel waarvan de mens deel uitmaakt. Het ochtendritueel in de koude zee was ook een vorm van reiniging. In die honderd dagen heb ik als reinigingsritueel ook heel wat wc's, asbakken en vloeren moeten schoonmaken, de ins en outs van de ceremonies geleerd en de papieren symbolen die worden gebruikt leren snijden en vouwen. Toen ik de eindstreep had gehaald, kreeg ik een diploma dat mij de bevoegdheid gaf zelf ceremonies uit te voeren. Zo werd ik de eerste niet-Japanse kannushi, shintomeester. En dat ben ik nog steeds.'

Beeld Imke Panhuijzen

Waarom keerde u terug naar Nederland?

'Ik wilde het liefst in Japan blijven. Ze zeggen wel eens dat Japanners zo gesloten zijn, maar ik heb nog nooit zulke open mensen ontmoet. Nederlanders praten veel met elkaar, maar dat zijn maar woorden. Tussen Japanners is meer onuitgesproken verbondenheid en dat heeft alles te maken met shinto. Maar ik mocht niet in Japan blijven van mijn leermeester Motohisa Yamakage. ''Je moet weer terug naar Nederland, daar liggen je wortels', zei hij na die honderd dagen. Ik was teleurgesteld. Maar ik zag het ook als een mooie opdracht shinto in Nederland te introduceren en richtte bij terugkeer de Japanese Dutch Shinzen Foundation op.'

U timmert niet erg aan de weg; de meeste Nederlanders hebben nog nooit van het shintoïsme gehoord.

'Dat past ook niet. We maken geen propaganda. Het kan het best vanzelf op je pad komen, net zoals dat bij mij is gebeurd.'

Wat betekent u voor de Japanse gemeenschap in Nederland?

'Japanners komen naar mij voor bepaalde ceremonies, zoals dertig dagen na de geboorte van een kind, als een kind 3, 5 of 7 jaar is geworden en voor huwelijksceremonies. Met nieuwjaar bezoeken Japanners met miljoenen tegelijk een jinja om een schoon begin te maken. In Nederland komen die dag honderden Japanse families naar het Okura Hotel in Amsterdam, waar ik een ceremonie leid. Ook Japanse bedrijven die een kantoor bouwen of een bedrijf beginnen doen een beroep op mij. Het is een Japans gebruik voordat de eerste spade de grond ingaat, een ceremonie te houden. Want elk nieuw gebouw is een verstoring van het natuurlijk evenwicht. De ceremonie toont respect aan de natuur en is bedoeld om de kami, de energie van de natuur, niet boos te maken, om uit te leggen waarom het gebouw er komt en dat de mensen die er komen werken goede bedoelingen hebben en de natuur niet zullen vervuilen. Zo heb ik in Nederland ceremonies geleid voor Fuji Film in Tilburg en Kikkoman in Hoogezand. Maar niet alle Japanse bedrijven in Europa doen het op de traditionele manier. Sommigen zeggen: we knippen wel een lint door.'

Japanse bedrijven zijn bekend of berucht vanwege hun ongekend sterke arbeidsethos, waardoor jaarlijks een paar honderd werknemers zich letterlijk dood werken of ten einde raad van een flat springen. Hoe shinto is dat?

'Het arbeidsethos in Japan is veel te ver doorgeslagen. Het is gebruik om eerder dan je baas op je werk te zijn en pas te vertrekken als hij weg is. Werkweken van 70 uur zijn normaal. Veel Japanners durven geen vakantiedagen op te nemen omdat ze niet de indruk willen wekken niet loyaal te zijn aan het bedrijf. Dat heeft niets met shinto te maken. Dat is eerder de invloed van het uit China overgewaaide confucianisme, waarin jezelf opofferen voor een hoger doel centraal staat en loyaliteit aan de groep boven het eigenbelang gaat. De jonge generatie Japanners is afgedreven van shinto. Dat heeft te maken met de manier waarop het militaire bewind voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog van het shintoïsme een staatsreligie maakte. De eeuwenoude Japanse levenshouding werd gepresenteerd als een typisch Japans geloof om het nationalisme te voeden. Een nationalisme dat de bevolking rijp moest maken voor het oorlogsfront. Het Japan van na de oorlog was afkerig van shinto geworden, ook al was het staatsshinto afgeschaft.'

Maakt deze zwarte bladzijde dat Japanners over shinto zwijgen?

'Dat speelt zeker een rol. Maar het misverstand dat de militaire dictatuur heeft gecreëerd, is aan het slijten.'

Er is een kentering gaande, zegt De Leeuw. Geregeld komen delegaties uit Japan naar de jinja in Amsterdam. 'Ze komen kijken hoe wij met shinto omgaan en raken geïnspireerd. Het lijkt erop dat men in Japan weer open gaat staan voor shinto als het uit het buitenland komt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.