De mode aan de macht

Het bezoek van Barack Obama aan Europa is niet onopgemerkt gebleven. Zijn vrouw Michelle was daar medeverantwoordelijk voor. Smaakvol, kleurrijk, en soms zelfs sexy werd ze in een paar maanden een stijlicoon....

48 jaar geleden was John F. Kennedy met zijn echtgenote op staatsbezoek in Parijs. De Amerikaanse president stelde zich bij die gelegenheid voor als ‘de man die Jackie Kennedy naar Parijs begeleidt’ – zo onder de indruk waren de Fransen van zijn stijlvolle vrouw. Er zijn een heleboel redenen om Michelle Obama niet te vergelijken met Jackie Kennedy. Om het tot mode te beperken: Kennedy stond bekend om haar ziekelijke spilzucht. Alleen al in het tweede kwartaal van 1961 gaf ze 17 duizend dollar uit aan kleren, voor die tijd een astronomisch bedrag, en ze werd in eigen land bekritiseerd vanwege haar nooit onderdrukte voorliefde voor Franse haute couture. Michelle Obama houdt het voornamelijk bij merken uit eigen land. En ze lijkt zuiniger; ze wisselt designerstukken af met kleren van de betaalbare Amerikaanse keten J.Crew.

Maar toch: sinds Kennedy heeft geen enkele Amerikaanse presidentsvrouw de Fransen met haar verschijning zo weten in te pakken als Michelle Obama. Stralend stond ze vrijdag 3 april naast Carla Bruni, die andere mooie, fotogenieke en goed geklede presidentsvrouw. Twee lange veertigers, beiden in een geklede jas met een sjaalkraag en schoenen met beschaafde hakken. Het was Obama die de show stal. Waar het voormalig topmodel er een tikje ouwelijk uitzag in haar grijze suède jas van Dior, oogde de first lady statig, zelfverzekerd en expressief tegelijk in een zwarte satijnen exemplaar van Jason Wu, met donkerroze bloemen, die ze droeg over een strakke donkerroze jurk, met zwarte bloemen, van dezelfde ontwerper. De Franse krant L’Express stelde ‘de tien stijlgeboden’ van Michelle Obama op. Eerste gebod: ‘Draag zoveel mogelijk kleur. Zacht of fel, ze weet dat niets haar beter staat, op het gevaar af dat andere vrouwen bleekjes bij haar afsteken.’ Tweede gebod: ‘Maak het af met de goede accessoires.’ Derde gebod: ‘Zorg voor verrassingen.’ De dagen ervoor had ze al net zoveel oh’s en ah’s gekregen. Zowel in Europa als in de VS werd elke outfit die ze tijdens haar eerste officiële Europese reis droeg bejubeld: de witte, Chanel-achtige jas van Thakoon waarmee ze het vliegtuig instapte, de knalgele jurk van Jason Wu en de zwarte jas van Michael Kors waarmee ze er in Londen weer uitkwam; Wu’s glanzende zwarte operajas, een gewaagde keuze voor overdag; de mouwloze ‘smokingjurk’ van Isabel Toledo, die ze (met een vestje erover) droeg toen ze de Britse koningin ontmoette en (zonder vestje) tijdens de bijeenkomst met de G20-echtgenoten; de nieuwe manier waarop ze haar haar droeg, achter op het hoofd bijeengehouden of los, maar soepeler dan voorheen, één keer zelfs met een sexy lok over het voorhoofd. Het gebroken witte, met pailletten en steentjes bezette vestje van J.Crew, dat ze combineerde met een strakke mintgroene kokerrok van hetzelfde merk, was dezelfde ochtend uitverkocht. Voor een beetje spanning zorgden het asymmetrische geruite vest van de avant-gardistische Japanse ontwerper Junya Watanabe (over een glanzende blauwe jurk van Jason Wu) en de beeldschone, mouwloze, zwarte tricot jurk met wijde rok van de Frans-Tunesische Azzedine Alaïa, waarmee ze aanzat aan het NAVO-diner in Baden- Baden. Na haar veelbesproken H & M-jurk, die ze in september in Detroit droeg, was dit de eerste keer dat Obama in een geheel niet- Amerikaanse outfit verscheen. (En niet de laatste keer: de zondag erop droeg ze een top van het Italiaanse Etro onder een jasje van Alaïa.)

In de week voor het Europese bezoek maakte The Council of Fashion Designers of America bekend dat Obama in juni geëerd zal worden met de Board of Directors Special Tribute, vanwege haar voorkeur voor relatief onbekende Amerikaanse ontwerpers. In het begin van de verkiezingscampagne droeg ze vaak kleren van Maria Pinto, een ontwerpster die ze kent uit Chicago en die kleurige maar nette kleren maakt, zoals de koraalrode jurk met driekwart mouwen die Obama droeg tijdens de officiële kennismaking met het echtpaar Bush. Haar nieuwe favorieten Thakoon, Isabel Toledo en Jason Wu zijn alle drie ontwerpers met een niet-Amerikaanse achtergrond. Thakoon, voluit Thakoon Panichgul, werd geboren in Thailand, Jason Wu in Taiwan, Isabel Toledo komt uit Cuba. De pas 26-jarige Jason Wu, van wie ook de romantische, met bloemen bezette feestjurk was die Obama op de inauguratiebals droeg, heeft zijn omzet de laatste paar maanden zien verdubbelen. Naast deze drie droeg Obama de laatste maanden ook geregeld Narciso Rodriguez, zoon van Cubaanse immigranten, die stijlvolle grafische damesmode maakt (en geuren, zie p. 41).

Obama kiest haar kleren niet helemaal alleen. Tot nu toe deden presidentsvrouwen rechtstreeks zaken met de ontwerpers. Maar Obama wordt sinds de verkiezingscampagne bijgestaan door Ikram Goldman, een 41-jarige boetiekeigenares uit Chicago. Zij benaderde ontwerpers voor de inauguratieoutfits. Niemand kreeg voor de opdracht betaald en tot het moment waarop Obama die dag in de openbaarheid trad, wist niemand welke ontwerper de gelukkige was. Carolina Herrera en Oscar de la Renta, twee van de grootste namen uit de Amerikaanse modewereld, maakten ieder een reeks schetsen, maar hoorden nooit meer iets. Maria Cornejo, een in New York wonende Chileense, had meer geluk. Zij leverde acht pakken, twee winterjassen en drie jurken. Eén jasje werd gedragen tijdens de treinrit in het inauguratieweekend. Van Isabel Toledo waren de jas en jurk van gele wollen kant die Obama tijdens de plechtigheden overdag aanhad. Veel van Obama’s kleren worden overigens ook in de winkel van Ikram verkocht. Waarmee die dus niet alleen ontwerpers op de kaart zet, maar ook haar eigen boetiek. Een aantal Amerikaanse ontwerpers uitte in modedagblad WWD hun teleurstelling over het feit dat ze worden genegeerd door de presidentsvrouw. Een van hen, Francisco Costa, die de vrouwenlijn voor Calvin Klein ontwerpt: ‘Natuurlijk zou ik haar dolgraag kleden.’ En Oscar de la Renta: ‘De Amerikaanse mode-industrie heeft het nu erg zwaar. Er zijn een heleboel goede ontwerpers. Om in deze tijd te kiezen voor maar een paar namen, is geen goede boodschap.’ Bovendien, voegde hij eraan toe, zou Obama op protocollair gebied nog wat kunnen leren van oudere ontwerpers: ‘Je gaat niet naar Buckingham Palace in een vestje.’

Michelle Obama heeft haar status als mode-icoon niet alleen te danken aan de kleren die ze draagt. Het is ook de manier waarop ze ze draagt: speels, persoonlijk, vrolijk. Geen door een stylist bedachte sets, maar eigen combinaties, waarbij dezelfde favorieten terugkomen: gebreide vestjes, grote sieraden, een brede zwarte ceintuur van Azzedine Alaïa, pumps met een lage naaldhak. Obama ziet eruit alsof ze elke dag met plezier voor haar kast staat, Nooit krijg je het gevoel dat ze zich forceert om er als een first lady uit te zien. Heel anders dan Hillary Clinton, wier pastelkleurige mantel- en broekpakken haar een zachter imago moesten geven. ‘Ik draag wat ik mooi vind’, zei Obama in het maartnummer van de Amerikaanse Vogue, waarvoor ze, gekleed in een felroze jurk van Jason Wu, ook als covergirl fungeerde. En ze is niet bang haar slanke atletische, 1 meter 82 lange lichaam te laten zien. Ze gaat in de zomer zonder panty (gewaagd voor de VS), draagt strakke rokken, rokken tot boven de knie, voorzichtige decolletés en, vooral, veel mouwloze jurken. Die laatste zijn voor Michelle Obama al net zo kenmerkend als parels waren voor Barbara Bush en rode mantelpakjes voor Nancy Reagan. Haar armen – lang, soepel, gespierd – zijn daardoor een eigen leven gaan leiden. Amerikaanse vrouwen vragen bij de sportschool wat ze moeten doen om zulke armen te krijgen, warenhuizen slaan grote hoeveelheden mouwloze jurken in en columnisten kunnen het niet laten opmerkingen te maken over de ‘first arms’. Vaak worden ze afgedaan als te sexy en te frivool, maar The New York Times noemde ze vorige maand het enige symbool van Amerikaanse kracht: ‘Haar echtgenoot dringt aan op actie, maar het is Michelle die eruitziet alsof ze alle engerds uit het bedrijfsleven die Amerika hebben afgeperst zo aankan.’ Wat haar armen ook illustreren is dat Obama over een gezonde dosis ijdelheid beschikt, en de tijd neemt zichzelf te verzorgen. In het aprilnummer van de Amerikaanse glossy O (het tijdschrift van Oprah Winfrey, waarin de naamgever voor het eerst níét alleen op de cover stond) vertelde Obama dat ze vier tot vijf keer per week sport. ‘Wanneer de geschiedenis van deze bewoners van het Witte Huis geschreven zal worden, zal het onmogelijk zijn de rol die mode heeft gespeeld te negeren’, schreef The New Yorker. ‘Dan zal blijken dat Michelle Obama vrouwen heeft laten zien dat je stijlvol ouder kunt worden zonder er oud uit te zien.’

Maar het beste nieuws is misschien nog wel dat de komst van Michelle Obama de modewereld in één keer een stuk realistischer heeft gemaakt. Al jaren wordt in de modewereld gepraat over het gebrek aan donkere modellen, zonder dat er daadwerkelijk iets veranderde. Donkere gezichten bleven uitzondering. ‘Exotisch’ en ‘niet-commercieel’, heette het. Het kan geen toeval zijn dat je de laatste tijd opeens veel meer donkere gezichten ziet. Niet alleen ín de Amerikaanse modebladen, maar ook op. Na Obama in maart zette de Amerikaanse Vogue in april Beyoncé in als covermodel. Twee Afro-Amerikaanse vrouwen achter elkaar op de cover van het grootste en commercieelste modeblad ter wereld; een jaar geleden was dat nog ondenkbaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden