REPORTAGE

'De meesten zijn nog nooit naar school geweest'

100 duizend gevluchte Syrische kinderen wonen er in de Turkse stad Gaziantep. Het is aanpoten, maar het lukt soms toch om ze onderwijs te bieden.

Syrische kinderen in Gaziantep die les krijgen van Syrische docenten op Turkse scholen. Beeld Cigdem Yuksel
Syrische kinderen in Gaziantep die les krijgen van Syrische docenten op Turkse scholen.Beeld Cigdem Yuksel

Om haar heen krijsen de kinderen van de eerste klas druk door elkaar heen. Maar de 7-jarige Dua, een omvangrijke zwart-witte hoofddoek om haar gezicht en smalle schouders gedrapeerd, pent ijverig door. 'Ik maak alvast mijn huiswerk', zegt ze, zonder op te kijken van haar schrift. 'Ik hou heel erg van school.' Ze schrijft woorden op die met sport te maken hebben, rechts in het Arabisch en links in het Turks: gol en basketbol.

Het is half vier 's middags, maar voor de Syrische Dua is de schooldag pas net begonnen. Als de Turkse kinderen het gebouw in de buitenwijk van Gaziantep om half drie hebben verlaten, zijn de lokalen tot half zeven voor 450 Syrische kinderen en hun leraren.

Dat dubbelgebruik van gebouwen is een van de improvisatiemaatregelen die ngo's en de Turkse overheid hebben bedacht om, ondanks alles, toch onderwijs te verzorgen voor de minstens 100 duizend Syrische vluchtelingenkinderen die zijn neergestreken in deze Oost-Turkse stad, op een uurtje rijden van de Syrische grens.

Maandag is de eerste VN-top voor humanitaire hulp begonnen, waar wereldleiders bijeenkomen om nieuwe strategieën te bepalen voor hulpverlening bij internationale crises. Het is geen toeval dat die top plaatsvindt in Istanbul. Turkije is tegenwoordig hulpverleningsexpert tegen wil en dank, met naar schatting 3 miljoen Syriërs die de oorlog zijn ontvlucht.

Redderen

Gaziantep, een stad van 1,5 miljoen inwoners, heeft er de afgelopen jaren een half miljoen Syriërs bij gekregen. Dat is ongeveer alsof heel Eindhoven plots zou besluiten te verkassen naar Amsterdam. Hoe voorzie je zo veel nieuwe bewoners van gezondheidszorg, huisvesting en onderwijs?

Dat is dus redderen, vertelt Sakir, zelf tweeënhalf jaar geleden gevlucht, die leiding geeft aan de Syrische afdeling van deze basisschool. Een jaar geleden ontmoette hij bij een toneelstuk in een weeshuis een Saoedische zakenman die hem wilde helpen een school voor Syriërs op te zetten.'Ik heb gewoon gevraagd op een Turkse school of wij buiten hun lestijden de lokalen zouden mogen gebruiken.' Dat kon. Dankzij het geld van de Saoediër ontvingen de leraren toen een salaris van 100 euro per maand.

Daarvan kun je in Gaziantep niet leven, dus de eerste tijd werkte Sakir 's ochtends in een schoenenfabriek en 's middags in de klas. Inmiddels heeft de school ook steun van Unicef en de Turkse overheid en bedraagt het maandsalaris van de leraren 270 euro.

Incidenten

De basale randvoorwaarden zijn er dus, maar dat betekent nog niet dat het gemakkelijk is om voor een klas te staan met veertig kinderen die een oorlog zijn ontvlucht. 'Ik heb kinderen van twaalf die nog niet eens kunnen lezen', vertelt Sakir. 'De meeste kinderen zijn nog nooit naar school geweest, dus ze weten niet hoe ze zich hier moeten gedragen. Ze zijn het niet gewend dat ze worden terechtgewezen. We hebben weleens gehad dat jongetjes een mes trokken nadat de docent hen corrigeerde. Of ze roepen: als je nog één keer iets tegen mij zegt, dan haal ik mijn oom erbij, die vecht voor Al Nusra.'

Toen dit najaar de overheidsinspectie kwam kijken in de klas, sprong een jochie van 7 op het bureau van een lerares. 'Die ging daar even doodleuk zijn veters staan strikken', zegt Sakir.

Toch schieten de kinderen keurig in de houding als meester Ahmed (28) het lokaal binnenkomt. 'Salam aleikum, vrede zij met u, onze meester', zingen de kinderen, staand achter hun lesbankjes. Dit is de eerste klas, maar door de grote onderlinge niveauverschillen variëren de kinderen in leeftijd van 6 tot 11 jaar.

null Beeld Cigdem Yuksel
Beeld Cigdem Yuksel

Thuissituaties

Er is een les Turks bezig. 'Kijk meester', gilt een jongetje in een geel T-shirt trots. 'Ik heb al twee bladzijden vol geschreven!'

Het is moeilijk om de kinderen met hun hoofd erbij te houden, zegt meester Ahmed, die in Syrië de zeevaartschool volgde en in Turkije werkte als bouwvakker, schilder en ober, maar nooit eerder als leraar. 'De kinderen zijn snel afgeleid. Ik probeer ze te stimuleren door ze complimenten te geven, door te vertellen dat ze goed bezig zijn.'

Bij al zijn 51 leerlingen is hij thuis op bezoek geweest. 'Daarmee motiveer je ouders hun kinderen naar school te blijven sturen. Ik heb 51 ellendige thuissituaties gezien. Sommige kinderen zijn hun vader verloren in de oorlog. Ik heb ook een jongetje in de klas wiens vader is meegenomen door IS. Soms roept hij dat ineens door de klas: 'IS heeft mijn vader ontvoerd!', of begint hij te huilen. Ik probeer hem dan gerust te stellen en zeg: ik heb je vader net nog gesproken aan de telefoon, hij is nu even in Syrië, maar hij komt wel terug.'

Werk of school

Een van zijn lastigste leerlingen is Omar (6), een soort Syrische Ciske de Rat, met een brutale grijns en vuile strepen in zijn gezicht. 'Ik vind school verschrikkelijk', roept Omar, terwijl hij demonstratief zijn armen voor zijn gezicht kruist. 'Maar als ik niet naar school ga, krijg ik thuis klappen. Alleen daarom zit ik hier.'

Hij hoort nu bij de ongeveer 30 procent van de Syrische kinderen in Turkije die onderwijs krijgt. Vele anderen werken in textielfabrieken, de landbouw of bedelen op straat, om het inkomen van hun familie op te krikken. Het zijn vooral jongetjes die door hun ouders aan het werk worden gezet - werkende vrouwen zijn in de conservatieve Syrische gemeenschap taboe. 'In de hoogste klassen heb ik daarom bijna uitsluitend meisjes', zegt Sakir. 'De jongetjes moeten geld verdienen voor hun familie.'

En sommige kinderen weten het te combineren, vertelt de directeur. 'Mohammed is een jongen van 12. Hij komt altijd twee uur te laat binnen, omdat hij overdag eerst moet werken in een schoenenfabriek. Mustafa werkt 's ochtends samen met zijn vader in een garage.'

Sakir en zijn leraren doen er alles aan om de kinderen toch op school te houden. Meester Ahmed brengt kleine cadeautjes en snoep mee als beloning. Of de leraren betalen uit eigen zak de kosten voor de schoolbus, voor ouders die zelfs die 10 euro per maand niet kunnen missen. Sakir: 'Dan roken wij maar twee pakjes sigaretten minder die maand.'

'In de hoogste klassen heb ik daarom bijna uitsluitend meisjes.' - Sakir, leider Syrische afdeling op de basisschool. Beeld Cigdem Yuksel
'In de hoogste klassen heb ik daarom bijna uitsluitend meisjes.' - Sakir, leider Syrische afdeling op de basisschool.Beeld Cigdem Yuksel
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden