De maritieme geschiedenis blijft onder water

‘Iedereen heeft de mond vol van cultureel erfgoed’, schampert de 78-jarige maritiem historicus Doeke Roos uit Vlissingen. ‘Maar ik krijg geen toestemming om de restanten van admiraalschip De Walcheren, dat in 1689 hier pal voor de kust is vergaan, te laten opduiken. Ja, dat noem ik dus ambtelijk geleuter.’

Van onze verslaggever Peter de Graaf

De kwaaie pier is in zijn ogen Rijkswaterstaat, die als beheerder van de Westerschelde geen toestemming geeft aan amateurduikers om het wrak te onderzoeken. De overheidsdienst eist uit veiligheidsoverwegingen dat Roos professionele duikers in dienst neemt. ‘Die kan ik niet betalen’, aldus Roos, een oud-zeeman die op 72-jarige leeftijd aan de universiteit van Leiden promoveerde op het Zeeuwse admiralengeslacht Evertsen.

Het was Cornelis Evertsen die op woensdag 27 november 1689 met De Walcheren vanuit Engeland terug kwam varen naar thuisbasis Vlissingen. Zijn oom Jan Evertsen was 23 jaar eerder tijdens de Tweede Engelse Oorlog op hetzelfde schip gesneuveld. Heel de stad, die ongeveer zesduizend zielen telde, was uitgelopen voor ‘Keesje de Duivel’, zoals zijn bijnaam luidde.

Roos: ‘Keesje voer onder vol zeil zo dicht mogelijk tegen de kust. Iedereen stond op de dijk te kijken toen het gebeurde. De Walcheren stootte op een pier van de haveningang en zonk onmiddellijk, tot ontzetting van alle toeschouwers. Veertig mensen verdronken. Keesje had te veel risico genomen. Ze wilden hem er nog voor ontslaan, maar dat is uiteindelijk niet gebeurd.’

Omdat het gezonken admiraalschip de haveningang blokkeerde, is het later gedeeltelijk met buskruit opgeblazen. De Walcheren had 72 kanonnen aan boord, waarvan er kort na de ramp ongeveer veertig werden geborgen. Roos schat dat nog zeker dertig kanonnen op de zeebodem liggen: ‘Hier liggen de restanten voor het oprapen van een admiraalschip dat heel belangrijk is geweest in de maritieme geschiedenis van Zeeland.’

Rijkswaterstaat vindt Roos’ kritiek onterecht en wijst erop dat het al ‘heel coulant’ is geweest voor de privéonderzoeker. ‘We hebben dit voorjaar een scan gemaakt van de zeebodem voor de Vlissingse haven en we hebben een schip gestationeerd voor onderwateropnamen’, aldus calamiteitenfunctionaris Henk Ringelberg. Hij wijst erop dat duiken op die plaats heel gevaarlijk is, omdat het in de vaarroute ligt. ‘En nu zullen we een amateurtje even zijn gang laten gaan op zo’n gevaarlijke plaats. Daar kunnen we als beheerder geen toestemming voor geven.’

Daarom eist Rijkswaterstaat dat Roos professionele duikers van een gecertificeerd bedrijf inschakelt. Behalve Roos is ook de provincie Zeeland teleurgesteld over de houding van Rijkswaterstaat. ‘Wij hechten belang aan dit onderzoek, omdat het admiraalschip een bijzondere verbondenheid had met de Staten van Zeeland’, laat gedeputeerde Harry van Waveren via zijn woordvoerder weten. ‘Het is jammer dat Rijkswaterstaat dwarsligt en geen toestemming geeft aan duikers van de Wrakduikstichting die al eerder hebben aangetoond dat ze zo’n onderzoek verantwoord kunnen uitvoeren.’

De gedeputeerde wil proberen Rijkswaterstaat alsnog op andere gedachten te brengen. Roos zelf gaat op zoek naar sponsoren. Hij wil ook de marine benaderen, die genoeg professionele duikers in dienst heeft: ‘Het gezonken admiraalschip van Zeeland heeft toch een binding met de Koninklijke Marine.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden