De macht om Gods wil op te leggen

Het islamitisch fundamentalisme beangstigt het Westen steeds meer. Een belangrijke oorzaak van de verwarring die de fundamentalisten zaaien is hun radicaal andere wereldbeeld, aldus Hans Jansen....

HANS JANSEN

HET islamitisch fundamentalisme is zowel volledig religieus, als volledig politiek. Dat is verontrustend. Het niet in acht nemen van de grenzen tussen godsdienst en politiek gaat in tegen een elementaire regel van de moderniteit. Fundamentalisme, geloven wij moderne mensen, moet hetzij politiek, hetzij godsdienstig zijn. Als het politiek is, kan het bestreden worden. Als het religieus is, dan vereisen de grondwet, geweten en gezond verstand, dat het wordt getolereerd.

Door allebei te zijn laat het fundamentalisme zien hoe zwak in feite een modern geloofspunt is, namelijk de scheiding tussen godsdienst en politiek. Misschien demonstreert het fundamentalisme wel hoe zwak de moderne wereld is wanneer zij wordt geconfronteerd met het soort vastberadenheid waarop het fundamentalisme het patent lijkt te hebben.

Het fundamentalisme heeft grote invloed in de wereld - en die invloed wordt groter. Er wordt veel onderzoek naar gedaan. Tot op heden is de meest algemeen aanvaarde conclusie dat het fundamentalisme een ideologie is. Niet zo maar een ideologie: het is een machtsbeluste, anti-moderne verzameling van politieke bewegingen die de brede, islamitische religieuze traditie heeft verkleind tot een ideologie die op machtsovername is gericht. Zo'n karakterisering klinkt overtuigend, is ook grotendeels waar, maar doet geen recht aan de religieuze en haast messianistische kant van het fundamentalisme.

In het perspectief van de fundamentalisten is macht niet iets waarvan je slechts een deel kunt hebben. Macht heb je, of macht heb je niet. Macht delen met andere personen, instellingen of groepen, bestaat niet in het fundamentalistische perspectief. Door macht op die manier te bekijken, imiteren de fundamentalisten hun tegenstanders in eigen land, namelijk de seculiere regimes die ze willen vervangen. Ook die regimes hebben nimmer enige vorm van machtsdeling toegelaten - en dat is een van de belangrijkste oorzaken van de opkomst van het fundamentalisme.

In het Westen werden de krachtigste heersers gedwongen de macht te delen met groepen die bij verkiezingen succes hadden. Regelmatig is onder die dreiging het beleid bijgesteld. In de Arabische wereld heeft dat allemaal niet plaatsgehad. De macht die de huidige regimes hebben, en die de fundamentalisten willen overnemen, is ondeelbaar. Dat maakt een compromis tussen deze regimes en de fundamentalisten zo moeilijk.

De fundamentalisten willen de staatsmacht hebben om de mens te dwingen te leven naar Gods wil. Zij willen de komst van het koninkrijk van God afdwingen. In dat koninkrijk is de letterlijke waarheid van het openbaringsboek een vanzelfsprekendheid. Hoe zou de openbaring onwaar kunnen zijn?

Als ideologie verschilt het islamitisch fundamentalisme van andere ideologiëen, zoals het nationalisme, het feminisme of het communisme. Ook die ideologiëen maken op buitenstaanders soms een religieuze indruk. De manier waarop ze hun aanhangers trachten te overtuigen, is soms direct ontleend aan die van godsdiensten.

Desalniettemin zijn zulke ideologiën aan de waarneembare wereld gebonden. Ze gaan niet over het hiernamaals met al zijn oncontroleerbaarheden. Zelfs als deze ideologieën religieuze elementen bevatten, zijn ze niet een universele godsdienstige droom.

Het islamitisch fundamentalisme is wel een religieuze droom. De beelden uit deze droom lijken sterk op de beelden die de islam gebruikt, maar ze zijn niet identiek. Net als de moslims verlangen de fundamentalisten de toepassing van de voorschriften van de islamitische wet, de shari'a.

De islam echter vraagt voor zijn schriftgeleerden, de ulama, het recht om kritiek uit te oefenen op een heerser die de islamitische wetten niet behoorlijk toepast. De fundamentalisten vragen de bevoegdheid om zelf de toepassing van die wet ter hand kunnen nemen. Het fundamentalisme wil zelf het politieke oppergezag bekleden. Het laat geen ruimte voor een sultan, of die zich nu koning of president noemt.

Regelmatig valt te horen dat er eigenlijk geen onderscheid kan worden gemaakt tussen islam en islamitisch fundamentalisme. Dat is een stoer no-nonsense standpunt, maar niet juist. De verschillen zijn belangrijk.

Traditionele moslims en fundamentalisten zijn het eens over de geloofsartikelen waarin een goede moslim moet geloven. Ook is er geen meningsverschil over de vraag welke rituelen God aan de mens heeft opgelegd. De fundamentalisten zullen echter geen groot belang toekennen aan deze aspecten van de islam. Evenmin hechten ze grote waarde aan kennis van de godsdienst, of aan studie van de religieuze teksten.

De fundamentalisten hechten wel grote waarde aan andere aspecten van de islam. Zij verwijten traditionele moslims dat dezen het belang van de jihad, de gewapende strijd tegen het ongeloof, niet voldoende inzien.

De islamitische fundamentalisten hebben radicaal andere opvattingen over de wereld waarin zij leven. Ze verwachten de komst van een betere wereld en geloven dat deze alleen kan worden bereikt door gewapende strijd tegen de ongelovigen. Dat betekent dat zij met de wereld in oorlog zijn. Misschien sneuvelen ze daarbij, maar in dat geval gaan ze rechtstreeks naar het Paradijs alwaar ze op de voorste rij mogen zitten.

Islamitische fundamentalisten zijn het met de traditionele islam ook oneens wat betreft de godsdienstige organisatie en de plaats van de wetsgeleerden. Eigenlijk erkennen ze het gezag van de ulama niet. Ze beschouwen hen als te ouderwets om daadwerkelijk een rol te spelen bij de islamisering van de moderne wereld. De moslim-geestelijken zijn in hun ogen gecorrumpeerd en omgekocht door de regimes tegen wie de fundamentalisten zich richten.

Wanneer individuele ulama in een fatwa hun zegen geven aan de activiteiten van de fundamentalisten is dat meegenomen. Maar zonder zulke hulp gaan de fundamentalistische strijders meestal toch gewoon hun gang.

WAT betreft de positie van de ulama houden overigens de Iraanse shi'ietische fundamentalisten er opvattingen op na die zo goed als tegengesteld zijn aan die van hun Arabische soennitische collega's. Volgens de shi'ieten zijn de ulama en ayatollah's de ware vertegenwoordigers van de islam (en dus van God zelf).

De ayatollahs, zo geloven de shi'ietische fundamentalisten, bekleden in dit universum het absolute oppergezag. Dat gezag strekt zich ook uit over de staat en de politiek. Deze visie staat bekend als de leer van de Wilayat al-Faqlh, het Oppergezag van de Wetgeleerden, en wordt in het algemeen toegeschreven aan Khomeini.

Een en ander illustreert dat waar het de organisatie van de godsdienst aangaat de shi'ietische Iraanse en de sunnitische Arabische fundamentalisten niet alleen met de traditionele islam, maar ook met elkaar van mening verschillen. Zijn de verschillen nu voldoende om het islamitische fundamentalisme een nieuwe godsdienst te noemen; die te onderscheiden is van de traditionele islam?

Het is duidelijk dat de islam, net als het jodendom en het christendom, een godsdienst is die getolereerd behoort te worden. Maar strekt die tolerantie zich ook uit tot het fundamentalisme? Dat zal wel moeten als deze een authentieke vorm van de islam is, maar het hoeft waarschijnlijk niet als het islamitisch fundamentalisme een aparte, nieuwe godsdienst is. Het hoeft haast zeker niet als het islamitisch fundamentalisme geen religie is, maar een ideologie.

De vraag of het fundamentalisme een andere godsdienst is, valt niet zo heel eenvoudig te beantwoorden. Maar de vraag en de context van de vraag maken wel duidelijk dat het islamitische fundamentalisme wel degelijk ook een godsdienst is, en niet slechts een politieke ideologie.

Het is een godsdienst die handelt over aardse macht. Het is tegelijkertijd ook een politieke beweging en een ideologie. De categorieën van onze moderne politieke wetenschappen schieten te kort.

Het islamitisch fundamentalisme is nieuw, al was het maar omdat het zich bezig houdt met de moderne staat. Die moderne staat bestaat pas sinds de 19de eeuw. Ook het islamitisch fundamentalisme ontstond in de loop van de 19de eeuw. In de jaren zestig van deze eeuw begon het zijn huidige vorm aan te nemen, mede onder invloed van de nederlaag van de Arabische landen in de Juni-oorlog tegen Israël van 1967.

In Westerse berichten van voor de jaren zeventig over de islamitische wereld is het fundamentalisme bijna geheel afwezig. Het vroegste bericht over de volwassenwording van het islamitische fundamentalisme is een artikel uit 1975 van Bernard Lewis, in het Amerikaanse maandblad Commentary. Lewis schreef: 'De islam is al buitengewoon effectief als factor die dingen verbiedt. De islam zou een krachtige binnenlandse politieke factor kunnen worden wanneer het juiste type leider verschijnt'. Die zou inderdaad spoedig verschijnen: in het voorjaar van 1979 greep Khomeini de macht in Iran.

Toch waren er heel wat islamologen die aanvankelijk niet konden geloven dat 'hun' godsdienst zoiets monsterlijks als het islamitisch fundamentalisme had voortgebracht.

'God zal degenen die geloven verdedigen. Niet bemint God de trouweloze, de ongelovige', lezen we in de Koran. Toch hebben de trouwelozen en de ongelovigen in de loop van de 19de eeuw bijna de gehele islamitische wereld weten te veroveren. Wat was er met de beloften van de Koran gebeurd? Vergiste de tekst van de Koran zich? Hadden de moslims de Koran verkeerd begrepen? Of had God besloten de moslims te straffen voor de manier waarop zij zijn woord en zijn wet hadden verwaarloosd?

Het idee dat God kan straffen door een oorlog te laten verliezen en door een buitenlandse militaire bezetting toe te laten is zo oud als de Bijbel, zo niet ouder. We komen het al tegen in het boek Richteren: 'Daarom ontstak de Heer in woede. Hij gaf hen in de macht van benden die hen beroofden en leverde hen uit aan de vijanden die om hen heen woonden. Wat zij ook maar tegen hun vijanden ondernamen mislukte. De Heer zei: Dit volk houdt zich niet aan het verbond dat ik met hun voorouders gesloten heb.'

In Koran 3:138-175 horen we een dergelijk geluid. In Maart 625, bij een plaats die Uhud heet, heeft het moslimleger niet zo veel succes tegen een heidens leger uit Mekka. Volgens de Koran wordt het succes van de heidenen veroorzaakt door Gods wens om te gelovigen te beproeven (3:166). Ook hier is de afloop van de oorlog in het voordeel van de vijanden van God, maar dat heeft God zelf zo gewild.

In het Bijbelse model verwaarlozen de uitverkorenen het verbond met God of de oude waarden van hun gemeenschap. De meeste moslimdenkers stellen evenzo dat de ook de moslims opzettelijk de toepassing van Gods grootste gave aan hen, de shari'a, hebben verwaarloosd.

Bij sommigen krijgt de theorie echter een onverwachte draai. Het is dan niet langer de religieuze laksheid van de moslims zélf waar het aan te wijten is dat de shari'a niet wordt toegepast en de islam en de moslims in verval raken. Zij betogen dat de moslims door de overweldigende macht van de kolonialisten en imperialisten gedwongen zijn de shari'a op te geven. Het verval is derhalve niet aan de moslims te wijten, maar aan die kolonialisten en imperialisten die toch al de vijanden van God zijn.

Het Westen, zo geloven veel fundamentalistische activisten, heeft de moslimgemeenschap gedwongen de shari'a te verraden, maar het Westen is nu bang voor de fundamentalistische bewegingen. De vromen denken dat het Westen bang is voor wat er met de wereld zal gebeuren wanneer de shari'a weer wordt toegepast. Dit is onjuist, tenzij er mee bedoeld wordt dat Westerse leiders bezorgd zijn dat fundamentalistische regeringen steun zouden kunnen geven aan terrorisme.

Eigenlijk heeft het Westen geen belangstelling voor de vraag of de shari'a wel of niet wordt toegepast. Er is niemand die gelooft dat de NAVO-legers militair in het Midden-Oosten zullen ingrijpen wanneer daar de hand van een dief wordt geamputeerd, of een overspelige gestenigd. Recht, en zeker strafrecht, is een binnenlandse aangelegenheid. Staten bemoeien zich niet met elkaars binnenlandse aangelegenheden.

De NAVO heeft zich zelfs nooit met de binnenlandse aangelegenheden van zijn eigen leden bemoeit, ook niet met het Portugal van Salazar of het Griekenland van Papadopoulos. Er is geen reden te vrezen of te hopen dat het principe van non-interventie niet gerespecteerd zal worden wanneer een fundamentalistische regering besluit dat de shari'a moet worden toegepast.

Dat betekent intussen niet dat het Westen geen probleem heeft wanneer een aantal landen in de islamitische wereld worden overgenomen door een fundamentalistisch revolutionair regime.

Op de lange duur zal een keten van fundamentalistische staten, zeg van Marokko tot Maleisië, haar eigen invloedsfeer creëeren, zoals elke grote groep min of meer gelijkgestemde staten een eigen invloedssfeer creëert. Op korte termijn zullen fundamentalistische revoluties een omvangrijke vluchtelingenstroom kunnen veroorzaken.

Duizenden moslims zullen niet onder een islamistisch regime willen leven. De zuiveringen in Iran in de jaren zeventig en tachtig, en de medogenloosheid van de fundamentalisten in Algerije tonen aan dat hun angst voor zo'n regime niet irrationeel is.

Traditionele moslims zijn vooral bang voor de fundamentalisten omdat de laatsten menen gerechtigd te zijn te doden. Daarin staan de islamitische fundamentalisten overigens niet alleen. Ook joodse en christelijke fundamentalisten kennen zichzelf dat recht toe. In 1994 vermoordde een zekere Paul Hill, een christelijke fundamentalist in de VS, twee mensen die voor een abortuskliniek werkten. Een andere fundamentalistische christen, John Salvi, werd eind 1994 in Virginia gearresteerd bij zijn derde poging aborteurs te vermoorden.

In februari 1994 vermoordde de joodse fundamentalist Baruch Goldstein, geboren en getogen in Amerika, een groot aantal Palestijnen, in de moskee die is gebouwd bij de spelonk van Machpela, de begraafplaats van Abraham, Sara en Jacob.

Fundamentalisten leiden het recht om te doden af van de traditionele regels van de islam omtrent afvalligen van het geloof. Het is niet onbelangrijk te weten dat ook het jodendom en het christendom ooit de doodstraf op geloofsafval hebben gekend.

In de twintigste eeuw is het vreemd om vast te houden aan de doodstraf voor geloofsafval, zeker wanneer afval van de islam niet meer juridisch scherp is gedefinieerd. Deze komt ook door allerlei handelingen tot stand die in feite heel gewoon zijn onder moderne moslims, zoals het schrijven van een roman of het drinken van een biertje.

DESONDANKS wordt de steun onder de bevolkingen voor het islamitische fundamentalisme steeds krachtiger. De fundamentalistische propaganda is zo effectief omdat het in de oren van het grote publiek klinkt als propaganda voor de islam. De culturen en maatschappijen van de islamitische wereld zijn uiteraard niet homogeen: Indonesië verschilt sterk van Marokko.

Maar in de gehele islamitische wereld geloven moslims dat er naast de lokale variant van de islam een hogere, uniforme, zuivere islam bestaat die de ware godsdienst van God en zijn Apostel is. Op dezelfde manier straalt de glans van het echte, zuivere islamitische recht hoog boven de juridische praktijk van alledag.

Die permanente spanning tussen het hoge ideaal en de onvolmaakte plaatselijke verwezenlijking ervan ligt aan de basis van het islamitische denken. Daarbij komt dat niet-religieuze oppositiebewegingen, geïnspireerd door marxistische of liberaal-burgerlijke opvattingen, door de zittende machthebbers veelal meedogenloos zijn uitgeroeid.

Het gevolg is dat de enige taal waarin moslims kritiek op hun regeringen kunnen horen, de taal is van het islamitisch fundamentalisme.

Hans Jansen is als arabist verbonden aan de Rijksuniversiteit Leiden. Dit is een samenvatting van een gastcollege dat hij afgelopen week gaf aan de universiteiten van Gent en Leuven.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden