Gastcolumn

De maatschappelijke eis om lekker te zijn

'Ja, we zijn strijders voor gelijkheid. Maar wees niet bang: dat betekent niet dat we lelijk zijn.' De nieuwste generatie feministen zit in een spagaat door twee tegengestelde angsten, schrijft gastcolumnist Sarah Sluimer.

Meisjes maken een selfie in de Hot Tub Movie Club op het Westergasterrein in Amsterdam. Foto anp

Deze week las ik het euforisch binnengehaalde debuut De meisjes van Emma Cline. Ze beschrijft hierin de jeugd van Evie, een veertienjarige puber die besluit zich in de armen van de meisjessekte rond een Charles Manson-achtige figuur te werpen.

Maar wat belangrijker is: Emma Cline biedt ons een glashelder en treurig stemmend portret over wat het betekent een meisje te zijn. Meisjes voelen zich beknot door de schreeuwende jongens om hen heen. Meisjes geven zich twijfelend over aan de dogma's met betrekking tot de wetten van de perfecte schoonheid die tijdschriften hen opdringen. Meisjes wankelen jarenlang tussen een seksueel overdreven presentatie van hun lichaam en volstrekte onwetendheid met betrekking tot de macht die ze wel of niet over mannen kunnen hebben.

Meisjes krijgen, in andere woorden, niet de kans om zich los te wrikken van alle anderen om hen heen en soeverein te leven. En wanneer meisjes eenmaal vrouwen van middelbare leeftijd zijn, is hun kans verkeken, omdat bij het verlies van hun seksuele macht niet veel anders over blijft dan een bestaan in de schaduw. Ongezien, onbemind, onaanraakbaar. Zo vergaat het in ieder geval Cline's Evie jaren later. Ze had net zo goed dood kunnen zijn.

Mager residu

Die angst om op een dag onzichtbaar te zijn, is iets dat veel vrouwen drijft. Iets dat hen opjaagt het uiterste uit hun seksualiteit te halen. 'Iedereen wil gezien worden', zoals Cline zegt. Maar de tegengestelde angst om slechts beoordeeld te worden op je lichaam, de kleur van je ogen en of je haar in dikke strengen over je rug valt, is een groter pijnpunt. We willen niet dat er zo naar ons gekeken wordt. Laat onze lichamen met rust. Luister naar ons. We zijn denkers, net als de rest.

Die twee angsten verenigen zich in een schisma dat jonge feministen vandaag de dag opvreet. Ja, we zijn strijders voor gelijkheid. Maar wees niet bang: dat betekent niet dat we lelijk zijn. Ja, we verafschuwen het seksisme waar vrouwen dag in dag uit slachtoffer van zijn. Maar dat doen we wel terwijl we er beschikbaar uit zien. Er wordt immers alleen maar naar je geluisterd als je leuk bent om naar te kijken, dus blijven we onszelf in de steigers hijsen tot de dag dat het echt niet meer gaat. Seksualiteit is ons kapitaal, of we nou willen of niet. Het populaire feminisme van onze generatie is het warrige en tamelijke magere residu hiervan: accepteer me zoals ik ben. Mag ik er zijn?

Dat er daarnaast niet veel tijd over blijft om je druk te maken over andere zaken met betrekking tot de feitelijke achterstandspositie van vrouwen over de hele wereld, is logisch. Nadenken over je seksualiteit absorbeert alles. De spiegel in je slaapkamer waar je naakt en keurend voor staat. De maatschappelijke eis om lekker te zijn. De teleurstelling die je daarover voelt. De onmacht er zelf, met je eigen lichaam schaamteloos tegenin te gaan. De stiekeme schok van genoegen die je, net zoals Evie in De meisjes ervaart wanneer een man op straat je zijn goedkeuring toefluistert. Hoe je dat foute gevoel van plezier toedekt met ongeremde kwaadheid. Wat denkt hij wel niet.

Zo blijven we, tegen wil en dank, meisjes. Wijzere meisjes dan de veertienjarige Evie van Cline, maar desondanks: meisjes. Niet soeverein, maar balancerend tussen de wil slechts een stem zonder lijf te zijn en de angst er definitief buiten te vallen wanneer je permanent weigert je naar wat voor schoonheidsidioom dan ook te schikken.

Ik kan alleen maar mededogen met ons voelen, maar verlang zo erg naar de eerste uitgesproken feministe van nu die iedere ijdelheid trots overboord zet, omdat ze weet dat ze zichzelf daarmee in deze wereld uiteindelijk genadeloos in eigen voet schiet. Compromisloos, losgezongen van iedere houdbaarheidsdatum, onverschillig marcherend door het grimmige landschap van seksualiteitsstress.

Iemand die vindt dat mannen zoveel mogen praten als ze willen. Ze kiest zelf wel of ze luistert. In andere woorden: een vrouw. Ik zou mezelf onmiddellijk in haar armen werpen.

Sarah Sluimer werkt aan haar eerste roman bij Atlas/Contact en is deze maand gastcolumnist op Volkskrant.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.