De loco-burgemeester lijkt wel een schietschijf

Zakendoen is in Rusland nog altijd een ruwe, gewelddadige aangelegenheid. Een huurmoord kost zo'n 200 duizend dollar, een fractie van het verwachte profijt....

Een moordaanslag op een loco-burgemeester. Een uitgebrande BMW en een ontkleed lijk. En een Tsjetsjeense ondernemer wiens partners op verdrietige wijze aan hun eind komen.

Politiek bedrijven en zakendoen hebben in Rusland nog steeds meer ingrediënten van een thriller dan van een handboek management. Ondanks de belofte van president Poetin om 'de dictatuur van de wet' in te voeren, wordt zelfs in Moskou de strijd om de macht uitgevochten op straat.

Josif Ordzjonikidze was om negen uur op weg naar zijn werk op het stadhuis, toen zijn auto werd klemgereden door een BMW met blauwe politienummerborden. De loco-burgemeester reed over het 'regeringstracé' - de goed bewaakte weg tussen de datsja's van de Russische elite en hun kantoren in het centrum van Moskou. Pas toen zijn auto onder vuur werd genomen, moet hij hebben begrepen dat het een aanslag was. De kogels sloegen sterren in de gepantserde voorruit, maar kwamen er niet doorheen. De lijfwachten schoten terug, raakten een van de mannen en joegen de anderen op de vlucht.

Rusland heeft na Zuid-Afrika het hoogste aantal moorden per hoofd van de bevolking, en dit soort aanslagen is niets bijzonders. De zakenkrant Kommersant telde in tien jaar veertien afrekeningen met Moskouse stadsbestuurders. Zelf was Ordzjonikidze net genezen van twee kogelwonden die hij had opgelopen bij een aanslag anderhalf jaar geleden. Hij is de rechterhand van burgemeester Joeri Loezjkov, heeft de verantwoordelijkheid over allerlei lucratieve projecten in de stad, en wordt tot de duizend rijkste mensen van Rusland gerekend.

Wel bijzonder was dat de politie kort na de aanslag een van de daders vond. Zijn lijk lag naast het uitgebrande karkas van de BMW in een veldje vol onkruid bij het regeringstracé. De man was uitgekleed, maar zijn kameraden hadden gek genoeg zijn paspoort laten slingeren. De identiteit van de man gaf een inkijkje in de manier waarop Moskou zaken doet.

Hij bleek een neef van Oeman Dzjabrailov, een Tsjetsjeense tycoon en een bekende verschijning in de Moskouse jetset. Zijn Plaza-groep heeft belangen in hotels (onder meer in het gigantische hotel Rossija dat uitkijkt over het Rode Plein), winkelcentra, benzinestations en buitenreclame. Bij wijze van tijdverdrijf deed hij mee aan de presidentsverkiezingen in 2000, en werd elfde en laatste met 0,08 procent van de stemmen.

Had hij opdracht gegeven tot de aanslag? Onzin, schamperde Dzjabrailov. 'Om daarvoor je neef in te schakelen, moet je een debiel zijn.' Zijn neef mocht een tijdje voor de Plaza-bewakingsdienst hebben gewerkt, verder kende hij hem nauwelijks. 'En dan zeg ik zeker tegen hem: ''Salavat, vergeet niet je paspoort mee te nemen?'' Dat is toch idioot?'

De kranten hadden hun mening snel klaar. De Tsjetsjeense 'ondernemer' - het Russische eufemisme voor de kopstukken van de georganiseerde misdaad - had uitstekende contacten met het stadhuis. Hij mocht zelfs het luxe-winkelcentrum aan de voet van het Kremlin exploiteren. Dzjabrailov en Ordzjonikidze zouden ruzie hebben gekregen toen de laatste een groter deel van de opbrengst opeiste dan was afgesproken.

Het is niet voor het eerst dat mensen die een conflict hebben met de Plaza-groep te maken krijgen met huurmoordenaars. In 1996 werd in Moskou de hotelmanager Paul Tatum doodgeschoten, en in 2001 de reclamedirecteur Vladimir Konevski. Beide zaken zijn niet opgelost.

Het onderscheid tussen politiek, zakenleven en misdaad is in Rusland niet altijd even duidelijk. De wilde jaren negentig, toen de maffia het straatbeeld bepaalde, zijn voorbij. De georganiseerde misdaad is minder zichtbaar, maar niet minder invloedrijk.

'Sommige mensen uit de onderwereld van tien jaar geleden, die ruw en gewelddadig was, hebben hun fortuin gemaakt en legale bedrijven opgezet', zei Aleksandr Goerov, voorzitter van de veiligheidscommissie van de Doema, in april. 'Ze hebben nog steeds contacten met de criminele wereld.' Hij schatte dat de georganiseerde misdaad 50 tot 80 procent van de banken, 40 procent van de privé-sector en 60 procent van de staatsbedrijven in zijn greep heeft.

Even leek het dat Dzjabrailov de wijk zou nemen naar zijn villa in het buitenland. Maar maandag riep hij de pers bij elkaar om zijn onschuld te betuigen. De aanslag? Een opzetje van Ordzjonikidze zelf om hem zwart te maken. Het stadhuis heeft ondertussen laten weten dat de samenwerking met de Plaza-groep is opgezegd.

De mislukte moordaanslag is het startschot voor een nieuwe verdeling van de lucratieve Moskouse hotelmarkt. Voorlopig is er nog werk genoeg voor de Russische killers. Om het geld hoeven de concurrerende zakenlieden het niet te laten. Een moordaanslag, zelfs op een hoge functionaris als Ordzjonikidze, kost volgens de Moskouse recherche zo'n 200 duizend dollar. Een schijntje vergeleken bij de potentiële winst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden