De liefde als wapen AMERIKA EN GEWELD BLEVEN JAMES HADLEY CHASE FASCINEREN

DE BRITSE criticus John Mair nam in 1939 de moeite alle uitingen van geweld te turven in No Orchids for Miss Blandish, het debuut van James Hadley Chase....

ADRIAAN DE BOER

Mair wilde benadrukken dat hij niet eerder een misdaadroman onder ogen had gehad waarin zoveel sadisme en geweld zo onverhuld werd beschreven. George Orwell, die No Orchids briljant geschreven vond, met vooral uitstekende dialogen, concludeerde in 1944 dat met de komst van Chase een tijdperk was afgesloten nu 'het fascistoïde levensgevoel de literatuur is binnengedrongen'.

James Hadley Chase was het pseudoniem waaronder René Brabazon Raymond (1906-1985) de meeste van zijn tegen de honderd boeken publiceerde, maar zijn werk verscheen ook onder de schrijversnamen James L. Docherty, Ambrose Grant en Raymond Marshall. Het enorme succes van zijn eerste boek zou hij met niets uit die indrukwekkende produktie meer evenaren, maar in Frankrijk is hij altijd populair gebleven. Dat hij daar werd vergeleken met Dostojevski en Céline was volgens Julian Symons absurd, en hooguit te verklaren doordat de vertalingen het oorspronkelijke werk naar een hoger niveau hadden getild, dan wel doordat in de (vele) verfilmingen subtiliteiten waren aangebracht die in de boeken stelselmatig ontbraken.

Het volgens Symons ondeugdelijk geschreven oeuvre van Chase is geregeld als confectiewerk bestempeld. Dat doet geen recht aan zijn vakmanschap. Hij kan een verhaal vertellen, al draait het bijna altijd om het uitoefenen van terreur, van macht over een ander, met liefde - van puur lichamelijke tot ziekelijke - als voornaamste wapen. Zijn dialogen zijn nog steeds zeer te pruimen en ook de immer Amerikaanse couleur locale is in alle soberheid behoorlijk in orde.

Dat laatste blijft opmerkelijk. Chase, die voor een boekdistributiehuis werkte, liet zich inspireren door zowel literaire schrijvers (Faulkner, Steinbeck, Hemingway) als de drie belangrijkste vertegenwoordigers van de Californische school (Chandler, Cain en Hammett), maar hij bezocht de Verenigde Staten pas nadat hij naam had gemaakt, en dan nog één keer en vrij kort. Toen hij op zijn 32ste in de beginalinea's van No Orchids het kruispunt beschreef van 'de wegen naar Fort Scott en Nevada die Snelweg 54 doorsnijden', met het benzinestation annex de lunchroom waar kort na enen een stoffige Packard stopt, had hij eerst een landkaart moeten raadplegen - een hardgekookte Karl May.

Zijn voornaamste hulpbronnen zouden wegenatlassen blijven, encyclopedieën, plattegronden en slang-woordenboeken. Hij legde geen reislust van betekenis meer aan de dag en bleef alle publiciteit mijden. Alleen zijn werk telde, en dat bedoelde hij echt letterlijk: 'I do this job conscientiously.'

Pikant is nog een proces dat door toedoen van Raymond Chandler tegen de epigoon in Londen werd aangespannen. Chase werd beschuldigd van plagiaat: de intrige van No Orchids zou zijn ontleend aan Faulkners Sanctuary uit 1931 (Temple Drake, onschuldig meisje van 18, valt in handen van schurk Popeye, wordt verkracht en belandt in bordeel). Tot een veroordeling kwam het niet; het aan de praktijk ontleende gegeven zoals ook Chase dat uitwerkte (miss Blandish is een ontvoerde en eveneens zwaar gemaltraiteerde miljonairsdochter) was eerder en vaker gebruikt.

Eve, een roman noir uit 1945 - het zevende boek van Chase - is vertaald in het Nederlands. Joseph Losey koos Jeanne Moreau voor de titelrol toen hij het verhaal in 1962 verfilmde met gebruikmaking van veel van de oorspronkelijke dialogen. Eve is de hoer die het pad kruist van Clive Thurston, een jonge en niet onaantrekkelijke toneelschrijver die drie wat mindere boeken op zijn naam heeft, naar Hollywood is verhuisd en daar nu dreigt vast te lopen.

Deze Thurston is een egoïst, een amorele bedrieger en een rokkenjager. Het toneelstuk waarop zijn roem is gebaseerd, en met de royalty's waarvan hij het een tijd aardig kan uitzingen, is in werkelijkheid geschreven door een vereenzaamde en terminale tbc-lijder, die hem het manuscript toevertrouwde en de ogen sloot in de wetenschap dat Thurston het naar zijn agent zou sturen. De verleiding is uiteraard te groot. Thurston hoeft er alleen maar zijn eigen naam onder te zetten; er is niemand die hem kan ontmaskeren. De schrijverij ging hem trouwens aardig af, maar er zal zo langzamerhand een nieuw boek moeten komen - liever nog een scherp scenario, want bij de film zit het grotere geld.

De weinig sympathieke Thurston heeft een trouwe vriendin die al voor een van de grote studio's werkt, en met haar hulp en enige inspanning zal hij het waarschijnlijk toch kunnen bolwerken in Tinseltown. Maar dan ontmoet hij Eve, die door haar desinteresse een - bij Chase voorspelbare - obsessie wordt. Thurston zal haar inpalmen, bezitten, totaal van hem afhankelijk maken en zodra dat gelukt is, zal hij de onverschillige teef keihard dumpen - wraak voor de minachting die zij nu nog voor hem, voor iedere man die voor haar lichaam betaalt, aan de dag legt.

Het lijkt zonneklaar dat het anders zal lopen.

Adriaan de Boer

James Hadley Chase: Eve.

Vertaald uit het Engels door Marije de Jager.

Coppens & Frenks; 268 pagina's; ¿ 56,90.

ISBN 90 74290 06 X.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden