De lezer en de kijker hebben altijd gelijk, maar dat brengt wel risico's met zich mee

Wie regelmatig naar Mart Smeets luistert, zal denken dat in Nederland honderden levende legendes rondlopen. In feite hebben wij er maar één: Ton Sijbrands. Tweemaal wereldkampioen dammen, viermaal Europees kampioen, talloze malen Nederlands kampioen en ook nog een begenadigd blindspeler.

Maar wat is dammen? Een sport die heel wat internationaler is dan het eindeloos rondjes schaatsen, waarmee de Nederlandse media worden gevuld. Hetzelfde geldt trouwens nog meer voor het eerbiedwaardige bridgespel.

Vorige week stond de laatste rubriek van Ton Sijbrands in deze krant. Uit onderzoek was gebleken dat er te weinig lezers voor zijn. De damniche is te klein. Lezersonderzoeken moet je vergelijken met onderzoek naar kijkcijfers.

Er zijn tijden geweest dat de makers bij de publieke omroep daar hun neus over ophaalden. Hoe minder kijkers, hoe hoogstaander het programma. Maar tegenwoordig regeren de kijkcijfers ook bij de publieke omroep. Dat is wat betreft de kwaliteit van de programma's misschien betreurenswaardig, maar er zit ook voordeel aan: als je echt wilt weten wat in de wereld gebeurt, hoef je nauwelijks naar de Nederlandse televisie te kijken.

Wat de kijker en de lezer willen, wordt steeds belangrijker. Trouw-journalist Wim Boevink vertelde eens dat sommige van zijn stukken door zijn krant van de site waren gehaald, omdat zij te weinig kliks genereerden. Ik vroeg hem welke onderwerpen wel goed scoren. Boevink antwoordde: 'islam, Wilders en kontneuken'.

Dat was toen. Vervang Wilders door Thierry Baudet en ik denk dat Boevink er nog steeds niet veel naast zit. Helemaal mooi is die elementen te combineren. Een stuk over een imam die Thierry Baudet in zijn kont neukt (of vice versa) zal ook bij de Volkskrant moeiteloos de eerste plaats halen in de categorie 'Meest gelezen'.

Ton SijbrandsBeeld anp

Zelf bekijk ik altijd die lijst. Het kost moeite om je er als columnist niet door te laten beïnvloeden. Telkens als ik niet verder komt dan 84ste plaats denk ik: 'Volgende week zal ik ze een poepie laten ruiken met een stukje waarin ik uitleg dat advocaat Bénedicte Ficq het proces tegen de tabaksindustrie kansloos heeft verloren, omdat zij het dossier had verwisseld met dat van Badr Hari. Een ongelooflijke vergissing, terwijl haar kantoorgenoot Nico Meijering nog die hele procesdag had geprobeerd met yoga-oefeningen de uitspraak te beïnvloeden!'

Als zo'n stukje niet scoort, weet ik het ook niet meer.

De lezer bepaalt, maar dat brengt wel risico's met zich mee. In een warm pleidooi voor de herinvoering van de hbs schreven historicus Roelof Bouwman en journalist Henk Steenhuis in deze krant dat scholieren geen Frans meer leren en daarom 'bekende schrijvers als Albert Sartre en Jean-Paul Camus niet meer lezen'. Een grapje dat - naar ik meen - ook al eens door Karel van het Reve is gemaakt. Maar Twitter ontplofte. Helemaal fout! Het is Jean-Paul Sartre en Albert Camus! Geschrokken paste de internetredactie de namen aan onder het kopje: 'Verbetering'. Daar had natuurlijk 'Verslechtering' moeten staan.

Drie jaar geleden schreef ik dat sarcasme en ironie op de sociale media gewoon niet meer worden herkend. Expres het omgekeerde zeggen van wat je bedoelt of met opzet een fout maken, dat werkt niet meer. Als er geen dikke vette knipoog bij staat, gaan bij gebruikers van de sociale media geen alarmbellen meer rinkelen. Dat is slecht nieuws voor het met ironie overgoten proza van de Van het Reves (Gerard en Karel) constateerde ik toen. Zelden heb ik het bewijs voor deze stelling zo mooi door mijn eigen krant geleverd gezien.

Dat brengt mij bij een verbetering die ikzelf moet aanbrengen. Vorige week meldde ik dat Gerard Reve de mond van de CPN-leider Paul de Groot had omschreven als 'een varkensvagijn'. Verschillende lezers wezen mij erop dat Gerard Reve het in zijn brievenboek Nader tot U heeft over een 'rundervagijn van een mond'. Varkensvagijn allitereert en is misschien vileiner, maar beslist onjuist. Mea Culpa.

Jean-Paul SartreBeeld epa

En dan kreeg ik nog een mail van Peter Hofman, Hij wijst mij erop dat de nazisympathieën van Lucebert - op de Heil Hitlerbrieven na - al uitvoerig zijn beschreven in zijn boek Lichtschikkend en zingend. De jonge Lucebert uit 2004. Bovendien had ik beter moeten weten, want ik heb dat boek destijds (gunstig) besproken. Ik zocht het op en Hofman heeft gelijk. Wim Hazeu, die onlangs een biografie schreef over de hele Lucebert, had best wat guller kunnen zijn met verwijzingen naar Hofman.

Hoe konden ik en anderen dat boek van Hofman vergeten? Misschien gaan tegenwoordig de veranderingen zo snel dat je tegelijkertijd ook veel moet vergeten. Wij leven kennelijk in een alzheimer-maatschappij. Gerard Reve zei het al: 'Niemand weet toch meer wie Tweede van der Helst was?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden