'De lat ligt nu hoger, dankzij ons'

Die misvatting toch dat onderwijs zonodig leuk moet zijn¿ 'Ergens in de jaren zeventig moet dat zijn ontstaan: alles leuk en interessant. Maar je kunt niet zonder die kennisbasis. Ik merk het op de universiteit. Als je vroeger als docent een scriptie beoordeelde, zette je een enkel kringetje om een taalfout, zo van: let hier nog even op. Tegenwoordig worden zo veel fouten gemaakt dat je apart aandacht moet besteden aan het Nederlands.'


Want onderwijs is werken, en niet voor de lol. De kwestie komt in het afscheidsinterview ter sprake naar aanleiding van oprechte verbazing over hoe moeizaam de huidige brugklasgeneratie kennis opslaat, in vergelijking met nog maar één generatie geleden. Wat is er met het onderwijs gebeurd?


Fons van Wieringen (64): 'Tsja, woordjes stampen¿ Het is saai werk, niet alleen voor leerlingen maar ook voor leraren. En er zijn zo veel andere, leukere dingen die je op school kunt doen. Toch kunnen we niet zonder, is mijn stellige overtuiging. Natuurlijk hebben jongeren nu voortdurend toegang tot oneindig veel kennisbronnen, denk aan Wikipedia. Maar wie 's nachts droomt, doet dat ook met wat er in zijn hoofd zit. Dus als je wilt associëren, moet je er eerst wel iets in brengen. Hoeveel precies is moeilijk te zeggen. Maar sommige dingen leer je nu eenmaal exclusief op school.'


Van Wieringen stopt deze maand als voorzitter van de Onderwijsraad, het belangrijkste adviesorgaan op dit terrein voor minister en Kamer. Onder zijn tienjarig voorzitterschap leverde de raad een slordige 120 adviezen af, variërend van marktwerking tot les aan peuters. In het begin, weet hij nog, ging het debat vaak over artikel 23 van de Grondwet en het bijzonder onderwijs. Maar gaandeweg werd de dalende kwaliteit steeds vaker gespreksonderwerp.


'Als je naar het PISA-onderzoek kijkt, doen we het nog steeds goed. Dat we iets zakken komt vooral door nieuwe toetreders uit Oost-Azië. Maar die gaan ons dus wel voorbij. De minister kiest voor versterking van de kernvakken Nederlands, Engels, wiskunde en natuurwetenschappen. Daar is best iets voor te zeggen. Zónder Aziatische drilmethodes overigens, ik voel meer voor het voorbeeld van Vlaanderen, dat ook beter presteert. Daar wordt langer en harder gewerkt. Vlaamse studenten en wetenschappers maken meer uren. Weten dus ook meer.


'Ook in het hoger onderwijs kan de beschikbare tijd beter worden gebruikt. Neem al die bijbaantjes vanstudenten. Echt een ziekte. Als een docent op de universiteit iets buiten het rooster wil doen, stuit hij op 24 bijbaantjes van studenten. Faculteiten moeten daar paal en perk aan stellen: bijbaantjes in het verlengde van de opleiding en alleen met goedkeuring.


'Bij discussies over het ideale onderwijs gaat het al snel alleen maar over didactiek. Ik zou het liever hebben over wát je moet leren. Van het vmbo wordt ook vaak gezegd: daar werken toch zoveel leraren met een hart voor die kinderen... Maar vaak breng je ze verder door hen echt wat te leren. Die kenniscomponent is aardig in de verdrukking geraakt, hoewel we het nieuwe leren en zelfs het competentiegericht leren gelukkig alweer een beetje achter ons hebben gelaten.'


'Onderwijs is geen zero-sum-game: als je meer aandacht besteedt aan het ene moet het ten koste gaan van het ander. Ik voel meer voor het transfer-idee: elk vak kun je breder inkleden en verdiepen voor de mensen die daaraan toe zijn. Zeker via internet zijn er genoeg mogelijkheden voor. Dus ja, ik denk dat we de dalende PISA-lijn kunnen ombuigen. Met de geconcentreerde aandacht voor taal en rekenen is op scholen het klimaat ontstaan om dat te bereiken, en ook het voortgezet onderwijs raakt eindelijk doordrongen van de noodzaak die vaardigheden te onderhouden. Ik geloof er niks van dat dat ten koste gaat van vakken als aardrijkskunde, geschiedenis of kunst. We mogen als onderwijs ook best meer eisen: dit vragen we voor een diploma.


'Iets anders is het plan van de minister om de maatschappelijke taken van scholen terug te geven aan de ouders. Juist in groepen waar veel problemen bestaan met bijvoorbeeld obesitas en schulden zal dat niet gebeuren. Maar je hoeft zoiets ook niet voor de hele sector tegelijk op te lossen.


'Van die generieke onderwijsziekte moeten we maar eens af. Je kunt heel goed lespakketten afstemmen op sommige groepen, of bepaalde leerlingen. Niet iedereen heeft een schoolontbijt nodig. Durf daarin te kiezen.'


'Ieder legt zo zijn accenten. Overigens hoef je niet iedere bewindspersoon alleen op zijn daden te beoordelen. Neem Loek Hermans (1998-2002, red.). Die heeft misschien minder wapenfeiten op zijn naam, maar na de hyperactieve Jo Ritzen was hij wel heel belangrijk om de rust in het onderwijs terug te brengen. Ritzen placht zijn eigen innovatie van de ochtend 's middags alweer te vervangen door een nieuw idee. Hermans was eerder een burgemeester, met een stijl die toen nodig was.'


Hoeveel invloed heeft de Onderwijsraad eigenlijk?


'Met sommige adviezen is heel weinig gedaan, zoals met dat voor vroeger vreemde talen in het basisondwijs. En bij het onderwijs aan alle driejarigen hadden we zelf meer moeten doorzetten, ik ben ervan overtuigd dat we dan problemen zoals nu met die zedenzaak in Amsterdam deels hadden kunnen voorkomen: ouders zitten dichter op een school en de werknemers zijn er professioneler.


'Maar als je kijkt naar de examens: daar hebben we toch stap voor stap een grote verandering teweeggebracht. Geen onvoldoendes meer op de basisvakken, het verschil tussen centraal schriftelijk en schoolexamen kleiner, landelijke mbo-standaarden. De lat ligt hoger. Soms moet je geduld hebben: al in 1999 bepleitten we leerstandaarden, en toen was iedereen ertegen. Maar nu zijn er toch de referentieniveaus voor taal en rekenen.'


'Ik snap wel wat ze bedoelen. Vroeger was de inspecteur een partner bij innovaties en verbeteringen. Dat is wel voorbij, ja. Gaandeweg is de inspectie steeds meer een instituut voor de verzameling van informatie en voor verantwoording geworden. Dat is logisch: de Kamer vraagt steeds prestaties van het onderwijs en wil kijken of ze werken. Dat betekent steeds meer informatie. Maar het moment is gekomen om een stap terug te zetten. De andere kant op, niet meer alles willen weten. De politieke intensiteit moet hieruit geleidelijk weer weg. De inspectie doet nu te veel.'


Bent u naar 10 jaar voorzitterschap het onderwijs beter gaan begrijpen?


'Bij onderwijs denk ik aan dat spannende moment aan het begin van een college, van een les, waarop je voelt: nu gaat het gebeuren, we gaan iets meemaken. Iemand gaat ons inwijden in de geheimen van zijn vak. Dat noem ik het onderwijsmoment. Daarvoor heb ik gaandeweg meer gevoel gekregen. Het ligt bij docenten, maar ook bij leerlingen, die moeten zich hiervoor openstellen. Het zijn wederzijdse verwachtingen.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden