De last van een Wimbledontitel

In 2006 had hij zijn comeback willen maken op Wimbledon. Tien jaar na zijn Grand Slam- titel zou Richard Krajicek in het gemengd dubbelspel uitkomen met zijn halfzusje Michaëlla. Om zijn vader Petr, met wie hij jarenlang gebrouilleerd was, te plezieren. Om na de hereniging van een verscheurde familie de balans in zijn nieuwe leven te onderstrepen. Het is er niet van gekomen, zijn lichaam stond het niet toe.


Wimbledonkampioen ben je voor het leven. Het staat op het pasje waarmee hij als toernooidirecteur van Rotterdam de Britse tennistempel bezoekt. Ook veertien jaar na de grootste triomf uit zijn carrière staat voor Krajicek in Londen een luxe bolide klaar. Hij mag tennissen op heilige grond, mits hij zich aan de strenge kledingvoorschriften houdt. Game, set, match Krajicek. Hij is onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van Wimbledon.


Na de scheiding van zijn ouders kwam Krajicek op het belangrijkste Grand Slamtoernooi met zichzelf in het reine, vertelde hij in 2005. 'Ik werd niet geslagen, ik stond psychisch onder druk. De ruzies waren heftig thuis. Ik heb het er als kind heel moeilijk mee gehad. Ik heb een extreme aandacht heb gekregen van mijn ouders, waar ik af en toe helemaal gek van werd.


'Als ik niks had gepresteerd, zou ik nu wellicht rondlopen met de frustratie dat ik mijn jeugd heb weggegooid voor het tennis. Door Wimbledon te winnen, heb ik mijn jeugd niet alleen gerechtvaardigd, maar tevens terugverdiend.'


Krajicek heeft die worsteling met zichzelf en zijn omgeving uitvoerig beschreven in zijn biografie Harde Ballen. De Wimbledontitel is ook altijd van hemzelf gebleven. Krajicek betaalde terug met zijn Krajicek Foundation, die onder meer sportveldjes aanlegt in kansarme buurten. Maar Wimbledon heeft alleen Krajicek bevrijd, niet het Nederlandse tennis.


Sven Groeneveld zag als coach van de Duitser Michael Stich hoe Krajicek in 1996 op Wimbledon alle ballast van zich afwierp. 'In de vierde ronde trof Michael een ontketende Krajicek. Normaal gesproken pushte Richard de bal terug met zijn backhand, nu sloeg hij hem met veel topspin.


'Richard was dat jaar verreweg de beste speler op Wimbledon. Wie zowel Stich als Sampras op gras verslaat, verdient de titel. Jammer dat hij in de finale met Washington een speler trof die qua status niet op dat podium thuishoorde.'


John van Lottum bekeek de Wimbledonfinale van 1996 op een hotelkamer in België. 'Ik weet nog precies waar ik was. Ik speelde de laatste ronde van de kwalificaties voor een challenger in Oostende. Voor de televisie was ik getuige van het meest historische moment in de geschiedenis van het Nederlandse tennis.


'Toen ik Richard van vreugde door zijn knieën zag zakken, raakte het me emotioneel. Mijn droom was altijd om op Wimbledon te mogen tennissen. Een jaar later was het zover, toen Krajicek in 1997 zijn titel moest verdedigen. Toen ervoer ik de status van een Wimbledonkampioen. Hoe hij daar rondliep; Richard was echt een koning in Londen.


'Het belang van zijn Wimbledon- titel is in Nederland zwaar onderschat. Het is een ondergeschoven kind in onze sportgeschiedenis. Tennis is een wereldsport en slechts één Nederlander won de allerbelangrijkste trofee, een Grand Slamtitel op Wimbledon.'


Tjerk Bogtstra was in 1996 als coach van Jan Siemerink op Wimbledon en fungeerde bij de finale van Krajicek als co-commentator op RTL. 'Ik heb die partij intens beleefd, je voelde dat er historie werd geschreven. Maar van een spin-off heb ik in Nederland niets gemerkt.


'Er was geen rondvaart door de grachten van Amsterdam. Ik zag geen euforische, in oranje geklede fans langs de weg. Ik heb ook niet het idee dat iedereen wilde gaan tennissen, omdat Richard Wimbledonkampioen was. Het ledenaantal van de KNLTB is al die tijd stabiel gebleven.


'Elk jaar wordt wel een Nederlander wereldkampioen schaatsen op een afstand en dan loopt ergens in Nederland een dorp voor hem uit. Dat is bij Krajicek niet gebeurd. Het besef dat hij unieks heeft gepresteerd, is misschien pas zeven jaar later gekomen, toen Martin Verkerk de finale op Roland Garros bereikte. Martin kwam in 2003 als nummer 65 van de wereld vanuit het niets in de finale, dat droeg bij aan de hype.'


Van Lottum: 'Het heeft ook te maken met de persoonlijkheid van Krajicek. Hij heeft nooit de uitstraling van bijvoorbeeld Boris Becker gehad. Richard was introvert, bleef liever in de luwte. Toen Verkerk de finale op Roland Garros bereikte, stond het hele land op zijn kop. Krajicek heeft zijn Wimbledontitel nooit uitvergroot. Het was no big deal voor hem.'


Bogtstra: 'Ik heb Richard vaak verdedigd. Maar de leek zag toch een tennisser die sloom over de baan liep. Hij was geen sportman die het publiek aan zich bond, die gave hadden Raemon Sluiter en Verkerk wel.'


Bogtstra, Davis Cupcaptain van 2001 tot 2008, wijst ook op de vluchtigheid van de sport. 'In het tennis is er altijd weer een volgend toernooi. Krajicek is na zijn titel niet eens naar Nederland teruggekeerd. Ik zag hem de volgende maand weer in Amerika, bij onze voorbereiding op de US Open. In New Haven won Siemerink zelfs van Krajicek, toen was Wimbledon alweer geschiedenis.


'Een olympisch kampioen kan vier jaar teren op zijn titel. Hoe groots het moment ook is voor een tennisser: hij pakt zijn koffers en reist verder. En als je het volgende toernooi niet wint, roepen ze: zie je wel, het was een toevalstreffer. Zo werkt het nu eenmaal in Nederland.'


Die zakelijke benadering paste ook bij zijn generatie, zegt de huidige Davis Cupcaptain Jan Siemerink. 'Wij gingen naar toernooien toe om ze te winnen. En hoe mooi mijn titel in 1998 in Rotterdam ook was; de volgende dag zat ik in het vliegtuig naar Kopenhagen. Kreeg ik nog een sms van Eltingh: mooi gedaan. Maar ik besefte dat ik hem wellicht de volgende week moest feliciteren. We zweepten elkaar op.'


De prestaties van de gouden generatie worden niet altijd op waarde geschat, stelt Van Lottum. 'Ik haalde in 1998 de vierde ronde op Wimbledon. Meer dan een alinea was het niet waard, want Siemerink stond in de kwartfinales en Krajicek verloor pas in de halve eindstrijd. Bovendien wonnen Haarhuis en Eltingh dat jaar eindelijk het dubbel.


'Als ik nu de vierde ronde op Wimbledon zou halen, was ik een held geweest. Een Nederlandse tennisser die een rondje wint in een challenger staat al op Teletekst. Alle aandacht is nu gevestigd op twee spelers, Thiemo de Bakker en Robin Haase. In mijn tijd liepen we nog met vijf, zes man rond in Londen. Het werd normaal gevonden, terwijl het voor een klein land als Nederland niet zo is.'


Siemerink: 'De standaard is verschoven. Ik weet nog hoe bijzonder wij het vonden dat Mark Koevermans in 1990 een ATP-toernooi won. Dat was sinds Tom Okker niet meer gebeurd. Daarna stelde een ATP-titel al bijna niets meer voor. In Nederland weten we nu hoe bijzonder die ene Grand Slamtitel van Krajicek is geweest.'


De bond heeft volgens Van Lottum te weinig op dat succes voortgeborduurd. 'De KNLTB had in de jaren negentig moeten doorpakken. We hebben onvoldoende beseft dat we met Krajicek, Siemerink, Eltingh, Haarhuis en later Sjeng Schalken goud in huis hadden. Zij hebben zoveel voor het Nederlandse tennis betekend. Met hun kennis en die van hun coaches is te weinig gedaan. In die periode had de bond al een nationaal tenniscentrum moeten bouwen.


'Tot op de dag van vandaag opent Richard deuren als Wimbledonkampioen. Met hem als directeur staat het toernooi in Rotterdam als een huis. Maar de toppers uit de jaren negentig waren ook eilandjes, ze hadden hun eigen BV. We hebben verzuimd rond die BV's een goede structuur aan te brengen.'


De generatie na Krajicek is ook gebukt gegaan onder zijn Wimbledontitel. Een Grand Slamtoernooi winnen was voortaan de norm. Verkerk is er het dichtst bij in de buurt geweest, Schalken stond bij de US Open in 2002 op het affiche voor de halve finales op Super Saturday tussen grote namen als Pete Sampras, Andre Agassi en Lleyton Hewitt. De anderen konden slechts dromen van de cv van Krajicek, zelfs als ze met hem werden vergeleken als Peter Wessels.


We moeten het ook niet overdrijven, aldus Bogtstra. 'Ik vind de term gouden generatie soms wat overtrokken. Schalken heeft met negen ATP-titels in het enkelspel meer gepresteerd dan drie van de vier tennissers uit die gouden generatie. Verkerk heeft in een kortere periode gepiekt, Sluiter heeft in sommige Davis Cupwedstrijden meer betekend dan een aantal jongens uit die generatie.'


Nederland kan alleen weer een toonaangevend tennisland worden als de krachten worden gebundeld, zegt Groeneveld. Het is niet alleen de filosofie van het talententeam van Adidas, waaraan hij is verbonden. Zo werkte Groeneveld al met vijf nummers één van de wereld, nu met de Deense Caroline Wozniacki. 'Alleen door een constructieve samenwerking met alle partijen creër je continuïteit. Zo voorkom je dat je later in een gat valt, zoals Nederland na het afscheid van de generatie-Krajicek.'


Zal Nederland ooit nog een Grand Slamkampioen opleiden of blijft het een groots incident, als in 1996? Siemerink: 'Het lukt zelfs Frankrijk niet om een Grand Slamwinnaar op te leiden, dat moet ook niet de norm zijn. Ik ben al blij dat net als in mijn tijd als tennisser weer een groepje spelers is ontstaan dat zich aan elkaar optrekt. De Bakker en Haase trekken zich aan elkaar op, Huta Galung, Sijsling en Schoorel willen mee in hun spoor.'


Bogtstra constateert echter dat de huidige generatie in het tennis minder lijkt te willen investeren in een topsportcarrière dan vroeger. 'Vergis je niet in de offers die het vergt. Je moet op je 18de alleen in een vliegtuig stappen om ergens in Oezbekistan een shittoernooi te spelen voor enkele punten op de wereldranglijst. Er is niks voor je geregeld en het kost alleen maar geld. Vele talenten kunnen het zich ook financieel niet permitteren.'


Van Lottum: 'Het kan toch niet zo zijn dat de bond geen gebruik maakt van een coach met een staat van dienst als Sven Groeneveld? Ook de oud-spelers moeten veel meer bij het tennis worden betrokken. Haarhuis hoeft niet meer de wereld over te reizen. Maar zet hem in voor bepaalde projecten. Bundel de beschikbare expertise in Nederland, het is voor de KNLTB de winnende combinatie.'


De tijd dringt, want de herinnering aan het meesterwerk van Krajicek begint te vervagen. Siemerink: 'De huidige Davis Cupspelers laten zich nog inspireren door de Wimbledontitel van Krajicek. Hij staat als toernooidirecteur ook nog dicht bij deze generatie. Maar er komt een moment dat het niemand meer iets zegt. Dan jagen we andere dromen na.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden