De laatste zonnestralen

Het beginpunt is Oslo waar in 1876 het drama 'Peer Gynt' van Henrik Ibsen zijn toneelpremière beleefde. Het eindpunt is Bergen, de geboorteplaats van Edvard Grieg, componist van de 'Peer Gynt suite'....

'Hier wil ik worden begraven', zei Edvard Grieg tegen zijn vriend Frants Beyer. Het tweetal stond in de tuin van Griegs landgoed Troldhaugen, aan de oever van het Nordåsmeer. De laatste zonnestralen van de dag vielen precies in een grot achter hen. Met 'hier' bedoelde de componist die nis.

Hij rust er sinds 4 september 1907, samen met zijn vrouw Nina die pas 28 jaar later overleed. Voor de ingang van de grot, een meter of zes boven de grond, is een hardstenen plaat aangebracht waarop beider namen staan: Edvard og Nina Grieg. 's Avonds vallen de stralen van de ondergaande zon eerst op het meer en tenslotte op het graf.

De Rode Draad die Peer Gynt heette en ons vanaf Oslo door het Noorse land gidste, komt bij deze steen tot stilstand.

Van Bergen is het in zuidelijke richting slechts een handjevol kilometers naar het landgoed Troldhaugen (Trollenheuvel) bij het dorp Hop. In de jaren dat Grieg er woonde, verbond een spoorlijn beide plaatsen. De vrienden van de componist maakten druk gebruik van de trein, vooral wanneer op het gastvrije Troldhaugen een feest wachtte. Die lijn is echter al geruime tijd opgedoekt.

De touringcars op het parkeerterrein doen het ergste vrezen. Drommen Japanse toeristen blijken deze middag - net als wij - op zoek naar Grieg, althans naar diens aardse bezittingen, verzameld in een huis dat niet berekend is op drommen toeristen die allemaal tegelijk hetzelfde voorwerp willen aanschouwen.

Wat maakt eigenlijk het geboorte- of sterfhuis van een beroemd iemand aantrekkelijk? Waarom betalen we in dit geval grif een euro of acht om door de benedenverdieping van een houten landhuis - Zwitserse stijl - te lopen en attributen te zien die we vroeger bij onze grootouders voor niks konden zien, maar toen negeerden?

Is het misschien omdat we op dit eigenste moment misschien op exact dezelfde plek staan waar de wereldberoemde componist op 17 juli 1902 stond en we uitzien over het Nordåsmeer zoals hij er een eeuw geleden over uitzag? Of omdat de zilveren schaal in de zitkamer nu onze gezichten weerspiegelt, zoals ze ooit de gezichten van het echtpaar Grieg moet hebben weerspiegeld?

Voor eventjes beroemde voetsporen drukken, daar draait het blijkbaar om. Kortstondig voyeur zijn en in het intieme leven van de beroemdheid gluren. Ervaringen die ze je niet meer afpakken, ook al koop je er verder weinig voor.

Intermezzo: 'Peer Gynt moet door een gek geschreven zijn', noteerde de Deense sprookjesschrijver Hans Christian Andersen na lezing in zijn dagboek. Dan toch wel een 'gek' - Henrik Ibsen dus - wiens werk later als basis van het moderne toneeldrama wordt beschouwd.

Was hier sprake van jalousie de métier? De sprookjesachtige facetten van het drama, dat zich zelfs op het terrein van Duizend-en-een-nacht beweegt, hadden de Deen toch moeten aanspreken. Dat deden ze Grieg in ieder geval wel toen Ibsen hem in januari 1874 schriftelijk vroeg zijn toneelbewerking van muziek te voorzien. De componist zei ja, niet vermoedend dat Peer Gynt hem vanwege allerlei tegenslag - zijn ouders stierven kort na elkaar in de herfst van 1875 - bijna twee jaar zou bezig houden.

Op 24 februari 1876 ging Peer Gynt in Christiania (nu Oslo) in première. Grieg was die dag geen getuige van het prompte succes: daarna werd het stuk 36 keer opgevoerd. De kritici raakten niet uitgeschreven over de muziek. Grieg bleek een 'componist voor de eeuwigheid' zoals Mozart of Beethoven, hoewel hijzelf nooit enige behoefte aan onsterfelijkheid had getoond.

Einde intermezzo

Toen Grieg in 1895 op aanraden van vriend Beyer Troldhaugen kocht, besloot hij de natuur in de zwaar geaccidenteerde tuin z'n gang te laten gaan. De directe omgeving van het woonhuis ontsnapte zodoende aan de terreur van een park-architect. Het maakt het rondwandelen in dit idyllische oord er alleen maar aangenamer op. Natuurlijk zijn er gebaande paden, maar wie daarvan afwijkt, verstoort geen enkel gekunsteld bloemen- of plantenpatroon.

En steeds blinkt tussen de boomtakken en de struiken het zilveren oppervlak van het Nordåsmeer.

Binnen kijkt vanaf alle wanden Edvard Grieg met melancholieke blik naar de indringers. Zijn haardos doet hem op menige foto of tekening sterk lijken op Albert Einstein.

Grieg was klein van stuk - 1,53 meter - en broos van gezondheid. Op jeugdige leeftijd overleefde hij op het nippertje pleuritis; hij hield er een voorgoed ingeklapte long aan over.

Grieg was 64 toen hij overleed, uitgeput, totaal versleten door het drukke muziekleven dat hij leidde. Een jaar voor zijn dood deed hij voor het laatst Amsterdam aan. De cellist die in het Concertgebouw zijn Cello-sonate speelde, voorspelde hij een grote toekomst. Het was Pablo Casals.

In een uitbouw staat zijn reiskoffer, ook al tot op de draad versleten. Er omheen hangen internationale decoraties. Wanneer de componist met zijn vrouw - een getalenteerd pianiste en zangeres - langs de Europese concertzalen reisde, legde hij steevast alle onderscheidingen - waaronder die van Oranje-Nassau - boven in de koffer. Niet uit ijdelheid, maar om vlotter de geïmponeerde douane te kunnen passeren!

Pronkstuk in de huiskamer is de Steinway-vleugel, in 1892 een geschenk van de muziekvrienden uit Bergen ter gelegenheid van de 25-jarige bruiloft van de Griegs. Het kleinste voorwerp is een stenen kikkertje dat Grieg altijd als talisman op zak had. Vlak voor een voorstelling wreef hij over het beeldje om geluk af te dwingen. De jongste aanwinst is een haarlok van de componist, voor ongeveer 150 euro (een koopje, lijkt ons) gekocht van nazaten van Griegs kapper.

Enkele etages lager in de tuin is de rode werkhut van de componist, waarin hij 's zomers elke dag actief was. Op de pianostoel ligt nog het boek met 32 sonates van Beethoven. Het diende destijds minder tot inspiratie dan om makkelijker bij de toetsen te kunnen.

Nagenoeg bij de waterrand waar een kleine pier het meer insteekt, loopt onze tocht ten einde. Bij het graf van de man die Peer Gynt van geluid voorzag nadat Ibsen hem gestalte had gegeven.

Peer Gynt:

'Ik ben niet zo slecht als u schijnt te denken;

Ik heb een hoop goeds gedaan in de wereld.

In het slechtste geval kunt u me een kluns noemen,

maar zeker geen uitzonderlijke zondaar.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden