De kunst van het voetballen

In het Abe Lenstra Stadion te Heerenveen gaat vanavond het theaterspektakel Abe in première. In alle hoeken van het veld worden scènes uit het leven van de legendarische linksbinnen opgehaald: een helikopter met een verleidelijke blanco cheque van Fiorentina, Abe in rolstoel op de middenstip....

WIO JOUSTRA

In het Stedelijk Museum hangt een Klee

Ik vind het mooi maar ik kan er niets mee doen

Een warme violist speelt Haendel in 't Concertgebouw

Ik vind het mooi maar ik kan er niets mee doen

Alleen als Abe Lenstra zwijgend speelt

Met tegenstanders en een oerbesef

Laat ik een traan op 't asfalt van de kunst

Want ik vind het mooi ik kan er niets aan doen.

Nico Scheepmaker in 'De Kip van Egypte'.

De Volkskrant, 8 mei 1950:

'Na precies één uur voetballen had Ajax zich tegen Heerenveen een royale 5 - 1 voorsprong veroverd. Bijna twintigduizend Friezen hadden al die tijd geboeid en gefascineerd naar een oppermachtig Ajax gekeken en zozeer waren deze massa's in de ban van het vloeiende, gemakkelijke short-passing der Amsterdammers dat het eigen dierbare Heerenveen uit de gedachte was weggevaagd.'

'Zojuist had Abe Lenstra, de enige die overeind gebleven was, de achterstand teruggebracht tot 2 - 5. Maar wat betekende dat tegen een zo grote overmacht? De basis voor de overwinning! De Friezen vielen aan, met zoveel geweld, dat Ajax plotseling zijn zelfverzekerdheid verloor. Brandsma scoorde, daarna veroorzaakte een grimmige, nerveuze Amsterdamse verdediging een strafschop, die Jonkman benutte. Toen stortte Ajax ineen.'

In de tijd dat voetbal nog geen oorlog was, dat er nog gewoon met een stopperspil en een midvoor werd gespeeld en er nog geen gele of rode kaarten werden getrokken, in die tijd gebeurde er ergens in de provincie op een zwoele zondagmiddag een wonder. Het wonder dat vanavond in het kader van het Frysk Festival wordt gereïncarneerd, werd gadegeslagen door twintigduizend mensen. Zij waren de enige ooggetuigen.

Camera's met herhalingen, vertragingen en doelpunten vanuit allerlei standen en invalshoeken, waren toen nog niet bij voetbalwedstrijden aanwezig, zo er al televisie was. Slechts zij die een kaartje hadden weten te bemachtigen, waren ooggetuige van een unieke gebeurtenis, van een happening avant la lettre.

Toch zijn er veel meer mensen bij geweest dan het stadion van de voetbalvereniging Heerenveen toeliet. Vraag een Fries, elke Fries, ouder dan vijftig jaar of hij de wedstrijd heeft bijgewoond en hij weet niet alleen onmiddellijk aan welke wedstrijd de vragensteller refereert, maar hij is er ook in hoogsteigen persoon bij geweest.

Een enkeling stond op die gedenkwaardige zondagmiddag op de tribune van het gemeentelijk sportpark van het Friese Haagje, terwijl hij nog niet eens geboren was. Zo deed zich daar niet alleen een wonder voor, maar voltrok zich binnen dat wonder een tweede mirakel, een mirakel dat de wetten der schepping tart.

De Volkskrant, 8 mei 1950:

'Hofma kopte de gelijkmaker langs Leentvaar en temidden van een chaotische ontreddering in de defensie van Ajax tikte Abe even later de bal koel naar Brandsma, die het doodvonnis voltrok over de ploeg die zo lang in de zekerheid van een grote overwinning had geleefd. Als versuft wachtten de Amsterdammers op het einde. De vijf - één voorsprong van Ajax werd aan flarden geschoten door Heerenveen: 6 - 5.'

Er zijn gebeurtenissen die de verbeeldingskracht van een gewone sterveling ontstijgen. De landing van de eerste mens op de maan. De holocaust. Bosnië. Een gebeurtenis die je je leven lang bij blijft. Of waarvan de overlevering zo indrukwekkend is, zo fantastisch, dat je geest er een film van regiseert, gebaseerd op een geheel eigen scenario.

Zo'n gebeurtenis was ook de wedstrijd Heerenveen - Ajax om het Nederlands kampioenschap in 1950. Een kampioenschap dat overigens in de wacht werd gesleept door Limburgia, op de voet gevolgd door die andere Amsterdamse topclub van toen, Blauw Wit.

Een voetbalwedstrijd kan niet precies worden nagespeeld. Weliswaar werden toen de belangrijke spelmomenten nauwkeurig vastgelegd door de schrijvende pers, maar de wedstrijden, hoezeer ook in die tijd al van levensbelang, werden niet gefilmd. Bovendien heeft de fantasie de werkelijkheid bij de ooggetuigen al lang verdrongen.

En wanneer dat gebeurt is er sprake van theater. 'Voetbal is kunst', zegt Jos Thie, artistiek leider van het friestalige toneelgezelschap Tryater en regisseur van het voetbal-en theaterspektakel 'Abe', zonder aarzeling. 'Maar als je zo'n hele wedstrijd zou naspelen, zou na tien minuten de verveling toeslaan. De verrassing, de onvoorspelbaarheid waarvoor mensen naar de stadions komen, die kunnen we niet reconstrueren.'

En het woord was Abe. Sportverslaggevers in het hele land leefden zich op 8 mei 1950 uit in superlatieven om het soms geniale, dan weer magische spel van de voetballer met de opvallende zwarte kuif te beschrijven. De hommage die postuum nog het meest imponeert is dat A. Lenstra van de VV Heerenveen als enige, overal en altijd, bij zijn voornaam wordt genoemd. Zelfs de latere vormgever van het moderne Ajax, de 'generaal' en de 'sphinx', was toen nog gewoon R. Michels of Michels. Maar Abe was Abe: balkunstenaar.

Het asfalt van de kunst is de komende dagen het harde gras van het naar Abe genoemde stadion op het Friese platteland. Maandagavond, tijdens de eerste try-out blijkt dat Thie al zijn ervaringen, opgedaan met onder meer de Dogtroep, het spektakel De Straat, maar ook met Freek de Jonge en Mini en Maxi, heeft moeten aanspreken. Abe is een uniek spektakel geworden van twee keer drie kwartier, waarin de legendarische voetballer en de mensen die in zijn leven een belangrijke rol hebben gespeeld, weer tot leven komen. Scenarist Bouke Oldenhof: 'Voetbal en cultuur? Veel mensen zijn zowel voetbal- als theater-liefhebber.'

Rode draad van de theatervoorstelling vormt het naspelen van de elf belangrijkste spelmomenten, een nauwkeurige reconstructie van de doelpunten, door jeugdige voetballers van SC Heerenveen. Deze fragmenten worden afgewisseld met spectaculaire theaterscènes die het leven van Abe Lenstra verbeelden. Abe als een combinatie van doodgewone jongen, die het liefst kievitseieren zoekt en geniaal voetballer. Een mythe. Een legende. Een fenomeen.

Het voetbalveld verandert in een meer waarop Abe in een bootje zit te vissen. Hij is publiek bezit geworden, is 'ús Abe' en dat zint hem allerminst. Tante Leen en Johnny Jordaan zijn de verrassende exponenten van het opdringerige publiek. Oldenhof en Thie hebben zich uitgeleefd in subtiele symboliek. Abe: 'We winnen van Ajax' Zijn teamgenoten De Jong, Molenaar en Veenstra, in koor: 'Ajax? Maar die komen helemaal uit Amsterdam.'

De voorzitter van Fiorentina landt met een helikopter op de middenstip om Abe een blanco cheque aan te bieden. Voordat hij zich aan een indrukwekkend, doch vergeefs muzikaal verleidingsritueel overgeeft, kust hij als een soort voetbalpaus de grasmat. Een razzia tijdens de bezetting. De voetballers zijn door de oorlogsburgemeester aan een Ausweis gekomen en hoeven niet naar Duitsland. Dankzij een snelle, levensgevaarlijke verkleedpartij op het veld wordt ook reserve Broer door Abe en zijn maten van de Arbeitseinsatz gered.

Abe in steeds wisselende decors. Het publiek komt ogen tekort, op elke hoek van het veld gebeurt wel wat. Abe in bed op de middenstip, ijlend over de keuzeheren in de technische commissie van Oranje die hem in hun ongenaakbare wijsheid weer eens weigeren op te stellen op zijn favoriete plek van linksbinnen. 'Als noorderling moet je twee klassen beter wezen.'

Abe op latere leeftijd in Amerika, na een dubbele hersenbloeding veroordeeld tot de rolstoel, voor een ontmoeting met zijn tegenpool Rinus Michels. Zijn loopbaan overpeinzend, samen met echtgenote Hil, komt Abe tot de conclusie: 'Ze kennen me niet. Ze kennen alleen degene die ze wilden zien.' Het was een juiste gevolgtrekking, de basis voor de mythe. Pièce de résistance is de spannende slotscène, waarin 'de tovenaar' een denkbeeldige hemel binnenwandelt.

Thie: 'Het is drama pur sang met sterke visuele wisselingen, contrastwerking door lichteffecten, door muziek, door spannende dialogen. Het verleden herleeft op spectaculaire wijze. Het is emotioneel. Het is poëtisch. En het is de unieke combinatie die de spanning moet brengen.'

Opmerkelijk is hoe het jeugdige talent van de Friese eredivisionist SC Heerenveen het evenwicht heeft gevonden tussen voetballen en acteren. Ronnie Pander (18) speelt de voetballende Abe. 'Ik had wel eens van Abe gehoord en foto's gezien. Maar echt veel van hem wist ik niet. Ik ben direct over hem gaan lezen. Het is een hele eer hem te mogen spelen, want hij was een groot voetballer.'

Wim Molenaar, Abe's voetbalvriend en buitenspeler in het roemruchtige Heerenveen-team: 'De Ajacieden begonnen wat geringschattend over ons te doen. We merken niet dat jullie hier op het platteland kunnen voetballen, zeiden ze. Dat stimuleerde ons. En vooral Abe.'

Rinus Michels: 'Als Abe het op zijn heupen had kon hij alles. Hij beheerste het métier in alle facetten. Zowel opbouwend, defensief als in de afwerking was hij sterk. Hij had een enorme techniek in zijn rugzak, beschikte over een geweldig inzicht en overzicht en hij had een enorm rendement. Zijn traptechniek was uniek. Maar hij moest gemotiveerd zijn. Hij had er nog wel eens moeite mee om als speler van een team het beste uit zichzelf te halen.'

Oldenhof: 'Je hoeft zijn naam maar te laten vallen en iedereen komt met zijn eigen verhaal. Abe leeft in de hoofden en harten van de Friezen. Het Abe-gevoel is nu het Heerenveen-gevoel. Abe was een oerfiguur.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden