De kroon op een halve eeuw werk

Wat de vijf genomineerde auteurs voor de Libris Geschiedenis Prijs 2012 laten zien, is dat geschiedschrijving op zijn best literatuur is: scheppend proza. Dat betekent niet dat de historicus erop los kan fantaseren, maar wel dat hij als verteller in zijn boek aanwezig is.

DE FAVORIETEN

H.L. Wesseling

De man die nee zei - Charles de Gaulle, 1890-1970

Bert Bakker; 256 pagina's; € 24,95.


Op 22 juni 1940 tekende generaal Huntzinger namens Frankrijk een wapenstilstand met de Duitsers, die het Franse leger in zes weken hadden verslagen. Volgens het opperbevel had het geen zin de strijd voort te zetten. Charles de Gaulle, generaal in het Franse leger, was het daar niet mee eens. Hij vond dat de regering naar Algerije moest uitwijken om vandaar de oorlog voort te zetten. Frankrijk was weliswaar op eigen grondgebied verslagen, maar - zo redeneerde De Gaulle - dat gold niet voor de soldaten in het koloniale imperium dat zich in Afrika, Azië en het Caribisch gebied uitstrekte. De generaal stond alleen, hij beschikte slechts over enkele tientallen soldaten, en was aangewezen op de gastvrijheid van de Britse regering in Londen. Toch riep hij op de strijd voort te zetten. Op 2 augustus 1940 werd De Gaulle door een Frans tribunaal ter dood veroordeeld wegens muiterij en landverraad.


Vier jaar later, op 26 augustus 1944, schreed De Gaulle aan het hoofd van de geallieerde troepen het bevrijde Parijs binnen. De Franse strijdkrachten waren uitgegroeid tot een half miljoen man. Henk Wesseling beschrijft glashelder de fascinerende lange mars van De Gaulle van Londen naar Frans Afrika beneden de Sahara, Noord-Afrika, Italië en uiteindelijk naar Frankrijk. De Gaulle was voortdurend verwikkeld in conflicten met Churchill en Roosevelt - en met zijn rivalen in het leger van de Vrije Fransen. De eigengereide generaal komt bij Wesseling uitstekend uit de verf. Maar we leren ook precies wat we nodig hebben over het verloop van de oorlog in Afrika en het Midden-Oosten. En na 1945 over de onmacht van de politieke klasse in de instabiele Vierde Republiek.


Met zijn biografie De man die nee zei heeft Henk Wesseling vele lezers die De Gaulle eigenlijk al vergeten waren enkele aangename én leerzame zomeravonden bezorgd. Om de lezer zijn verhaal in te trekken, begint de 75-jarige historicus met een verslag van het bezoek dat hij in 1983 bracht aan De Gaulles woonplaats, Colombey-les-Deux-Églises, 'dat overigens maar één kerk heeft'. Midden in het boek last Wesseling een hoofdstuk in waarin hij een dag uit het leven van de president van Frankrijk beschrijft. De Gaulle 'ontbeet naar goed Frans gebruik in zijn slaapkamer, zij het niet, zoals Winston Churchill, in bed. Dat ontbijt was, naar slecht Frans gebruik, zeer summier (thee en een toastje)'. Vervolgens 'nam hij een uur om zich te ergeren aan de ochtendbladen'. Zo lees je wel door.


Wesseling citeert herhaaldelijk uit de literatuur en uit het werk van De Gaulle zelf, geeft de feiten bondig en exact weer, maar het blijft de De Gaulle van Wesseling. Tegelijkertijd profiteer je als lezer van ruim een halve eeuw kennis en inzicht in de wereldgeschiedenis die Wesseling in zijn wetenschappelijke loopbaan heeft opgebouwd. De man die nee zei is om die reden de kroon op zijn werk.


Bart van der Boom

'Wij weten niets van hun lot' - Gewone Nederlanders en de Holocaust

Boom; 536 pagina's; € 29,90.


Kan de Libris Geschiedenis Prijs 2012 Wesseling nog ontgaan? Misschien wel, want Bart van der Boom is de andere grote kanshebber. Van der Boom heeft jaren gewerkt aan een zeer belangwekkend project, namelijk aan het weerleggen van wat onder historici bekendstaat als de mythe van de schuldige omstander. Volgens die voorstelling van zaken was de Nederlandse bevolking onverschillig, passief en dus medeplichtig aan het uitmoorden van de Joodse medeburgers door de nazi's.


Was het hoge percentage uit Nederland weggevoerde Joden te wijten aan het de andere kant op kijken door de rest van de bevolking? Het klinkt aannemelijk, maar die onverschilligheid veronderstelt dat de omstanders wisten, of konden weten, wat er met de weggevoerde Joden in de kampen gebeurde.


Veel historici, onder wie Loe de Jong, zijn er altijd van overtuigd geweest dat men weliswaar vermoedde dat de Joden onder zeer zware omstandigheden in Polen tewerkgesteld zouden worden, maar dat men in bezet Nederland niet wist dat de Joden onmiddellijk na aankomst in Auschwitz werden vermoord. Dat verklaart waarom heel wat Joden die konden onderduiken, dat niet deden in de veronderstelling dat de onderduik riskanter was dan het gedwongen vertrek naar de kampen.


Vanaf de jaren negentig wordt aan dit historische beeld steeds minder geloof gehecht. Al dan niet uit antisemitisme keken de Nederlanders weg, lieten ze hun Joodse medeburgers in de steek om ze lafhartig te laten uitmoorden. Kortom: Nederland deportatieland.


In zijn studie toont Van der Boom de onhoudbaarheid van deze visie aan. Het pièce de résistance van zijn boek vormen de 164 dagboeken van Joodse en niet-Joodse Nederlanders tijdens de oorlog. Uit die dagboeken blijkt dat gewone Nederlanders niet onverschillig stonden tegenover de Jodenvervolging en dat zij niet wisten dat de meeste weggevoerde Joden bij aankomst werden gedood. Van der Boom geeft deze bevindingen een plaats in een omvattende uiteenzetting over het gedrag van de daders, de slachtoffers en de omstanders, de stemming in bezet Nederland, de berichtgeving en de daarop gebaseerde kennis, de stand van het historisch onderzoek en de betrouwbaarheid van de bronnen.


Van der Boom corrigeert, nuanceert, interpreteert bestaand materiaal opnieuw en probeert het gedrag van Nederlanders ten tijde van de oorlog beter te begrijpen. Dat is niet het einde van de discussie, laat staan een eerherstel. Een definitief verhaal over Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog zal er nooit komen. Maar met het onderzoek van Van der Boom en de collega's op wie hij steunt, kunnen we het debat wel minder emotioneel en beter geïnformeerd voeren.


DE OUTSIDERS

Peter Raedts

De ontdekking van de Middel- eeuwen - Geschiedenis van een illusie

Wereldbibliotheek; 432 pagina's; € 29,90.


De studie van Peter Raedts gaat niet over de Middeleeuwen zelf, maar over de manieren waarop dat volgens de auteur veronachtzaamde tijdvak in de eeuwen daarna voor allerlei doeleinden is gebruikt. De humanisten deden in de zestiende eeuw de duizend jaar die aan de Renaissance voorafgingen in de ban als de 'onderbuik van de Verlichting', met vampiers in duistere krochten waar het licht van de rede niet kon doordringen. Maar vanaf 1760 werden de Middeleeuwen door de filosofen van de Romantiek geïdealiseerd als het tijdperk van de ruwe eenvoud, het zinnelijke en intuïtieve, het authentieke. Zeer geschikt bleken de Middeleeuwen ook voor de nationalisten een eeuw later: op zoek naar het eigene van de natie, of die nu Duits, Brits of Frans was, kwam men vanzelf in de Middeleeuwen uit.


Raedts oogstte bewondering, maar ook kritiek met zijn intellectuele tour de force. Opmerkelijk is dat zijn verhandeling, die veel van de lezer vergt, in een jaar maar liefst zes drukken beleefde. In een interview in NRC Handelsblad gaf de auteur als verklaring: 'De spanning tussen wat wij in de achttiende eeuw begonnen - ratio, individualisme, liberalisme, industrialisatie - en de nadelen daarvan - verlies van gemeenschap, verlies van identiteit, oppervlakkigheid, teloorgang van authenticiteit - die spanning is blijven bestaan. Mijn boek gaat over de angsten en dreigingen die modernisering van de samenleving met zichmeebrengt.'


Jos Palm

Moederkerk - De ondergang van rooms Nederland

Contact; 272 pagina's; € 19,95.


Bij Jos Palm thuis in Zeddam kwamen vijftig jaar geleden geluiden de huiskamer binnen die wezen op verandering: de Beatles, de Stones, Cliff Richard. Maar ook de zingende non Soeur Sourire met haar wereldhit Dominique en Wim Sonneveld als Frater Venantius.


Vader Palm moest niets hebben van zelfs de mildste grapjasserij over paus en kerk. Maar toen kwam bisschop Bekkers van Den Bosch op de buis. Niet zoals vroeger in vol ornaat vanuit de kathedraal, maar in eenvoudig zwart priesterpak. Hij begon, schrijft Palm, 'plotseling vreemde en ongewone dingen te zeggen, dingen die hij wellicht zelf ook niet helemaal begreep, maar die hem voor even bevrijdden van de benauwdheid van de onverzettelijke leer die hij geacht werd uit te dragen. Hij zei dat gezinsuitbreiding een gewetenszaak was, waarin niemand treden mag.'


Moeder Palm waardeerde het aanvankelijk wel: het werd prettiger en menselijker in de kerk van de paus en van God. Maar het bleek het begin van het einde - en dat hebben de ouders van de losgeslagen Jos nooit kunnen verkroppen: 'Van doorsneegelovigen waren ze extreem katholiek geworden, terwijl ze, naar ze oprecht meenden, alleen maar aan 'het goede' vasthielden. Ze waren, zo voelde het, buiten de geschiedenis geplaatst.'


Een aangrijpende familiegeschiedenis én een cultuurgeschiedenis ineen.


Jan Willem Stutje

Ferdinand Domela Nieuwenhuis - Een romantisch revolutionair

Atlas Contact; 552 pagina's; € 34,95.


In augustus 1893 kwam het derde internationale socialistencongres in Zürich bijeen, met de oude Marx er nog bij. Alleen partijen die zich bekenden tot de parlementaire actie mochten meedoen; de anarchisten moesten hun heil elders zoeken. Domela Nieuwenhuis mocht als afgevaardigde van de Sociaal-Democratische Bond blijven; de SDB had zowel anarchisten als parlementairen in de gelederen. W.H. Vliegen was in Zürich vertegenwoordiger van de laatsten. Zürich betekende de definitieve scheiding der geesten. Domela sloot zich aan bij de anarchisten; Vliegen zou een jaar later een van de oprichters van de SDAP worden. Als geschiedschrijver heeft Vliegen een stempel op de beeldvorming gedrukt: de parlementairen kregen gelijk, Domela was een revolutionair dwaallicht.


Jan Willem Stutje doet Domela alsnog recht als dé gangmaker bij uitstek van de socialistische arbeidersbeweging. Hij werd aanbeden door de proletariërs in Nederland en gerespecteerd door zijn beroemde geestverwanten in Europa. Stutje bestrijdt met klem dat Domela een magische persoonlijkheid was met bovennatuurlijke talenten; 'de Verlosser' verwierf zijn gezag omdat hij vooropliep en zijn volgelingen energie en zelfvertrouwen gaf. Domela wist zijn gezag niet te bestendigen, daarvoor was hij te omstreden, was hij te veel een sektarische ruziezoeker en slaagde hij er nooit in zijn rivalen buiten spel te zetten.


Een voorbeeldige biografie.


LIBRIS GESCHIEDENIS PRIJS

De Libris Geschiedenis Prijs bekroont historische boeken die een algemeen publiek aanspreken. Tijdens de Nacht van de Geschiedenis, 27 oktober 2012, zal voor de zesde keer de Libris Geschiedenis Prijs worden uitgereikt. Aan de prijs is een bedrag van € 20.000,- verbonden. Juryvoorzitter is dit jaar Pieter Broertjes, burgemeester van Hilversum en voormalig hoofdredacteur van de Volkskrant. Vorig jaar ging de prijs naar Jaap Scholten met Kameraad Baron.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden