De kop van Zuid

Rotterdam-Zuid is de grootste achterstandswijk van Nederland. En Marco Pastors - ex-LPF - is de man die die achterstand moet gaan wegwerken. De voormalige hardliner en nu topambtenaar leidt V Zomer rond en legt uit hoe hij dat gaat doen.

Dat is alvast de eerste cultuurschok. We hadden Marco Pastors nota bene verzocht om een informele, ja zeg maar gewoon een toeristische stadssafari door Rotterdam-Zuid, en nou wacht-ie ons op de stoep voor zijn kantoor op in een messcherp, lichtgrijs maatpak, met bovendien nog een roze, 'puff'-gevouwen pochet in zijn jasje.


Waren we toch weer even vergeten dat hij veel méér van zijn leermeester Pim Fortuyn heeft meegekregen dan alleen diens politieke gedachtengoed, en dat we dus in stijl met de Rotterdamse topambtenaar op expeditie door een van de armste stedelijke gebieden - zo groot als Groningen en Eindhoven - van Nederland gaan.


Ook in een ander opzicht blijkt er van 'incognito reizen' door de probleemwijken absoluut geen sprake: de auto waarin Pastors zich verplaatst, is een glanzend groene Maserati Quattroporte. Een vaststelling die ons vanaf de diepe, witleren achterbank de wel heel stomme vraag ontlokt of hij misschien een autoliefhebber is.


'Nee hoor', antwoordt Pastors, 'ik zocht alleen een groene.'


Zulke ironische terzijdes zullen we die middag in zijn gezelschap meer mogen smaken, bijvoorbeeld wanneer een tegenligger in een smal straatje gedienstig het trottoir kiest om de grommende Maserati ruim baan te geven en onze gids tevreden opmerkt dat dat vaker voorkomt. Of wanneer hij met de nodige spot vaststelt dat de bakfietsdichtheid in zijn Rotterdam-Zuid 'vrijwel nul' is.


Maar dergelijke spitsvondigheden doen niets af aan de ernst waarmee de uitvoerder van het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid (NPRZ) over zijn missie praat. Met drie beleidsmedewerkers aan zijn zijde heeft hij van de rijksoverheid voor vier jaar een uniek mandaat gekregen om de enorme achterstanden in het stadsdeel in te lopen.


Pastors en zijn team zijn daartoe verhuisd naar wat je met nodige goede wil een ambtelijke pop-up zou kunnen noemen. Een kaal, voormalig winkelpandje op het Maashavenplein, dat in zijn schamelheid symbool kan staan voor de omslag die Rotterdam heeft moeten maken als het om de aanpak van de problemen 'op Zuid' gaat.


Waar het 'Pact op Zuid', de majeure sociaal-economische en culturele reddingsoperatie waarvoor 1 miljard euro was uitgetrokken, mislukte en in 2011 voortijdig werd afgeblazen, moet het Nationaal Programma Rotterdam- Zuid het vrijwel zonder extra middelen en mankracht stellen. En dat is dus aan de accommodatie af te zien. Vergeleken met de luxe kantoorburcht waarin het bestuur van de deelgemeente Feijenoord aan de overkant van het plein zetelt, doet Pastors zijn werk tijdelijk vanuit een grimmig schuttersputje.


Dat geldgebrek is een van de redenen waarom het NPRZ zich vooral richt op de terreinen onderwijs, wonen en werken, en de culturele verheffing van Zuid voorlopig even laat voor wat die is. Tonnen kostende Pact op Zuid-projecten, zoals de installatie van een architecturaal lichtkunstwerk in de Delistraat, behoren daarmee definitief tot het verleden. Net als talrijke minder prestigieuze maar eveneens royaal gesubsideerde groene, culinaire, theatrale, muzikale en anderszins 'zachte' initiatieven die de integratie en sociale cohesie op Zuid in het Pact op Zuid-plan hadden moeten bevorderen.


Relicten uit dat revitaliseringsoffensief zijn binnen een straal van 100 meter van Pastors' kantoor nog moeiteloos te vinden. Op de ramen van een kantoor en een wasserette aan de Dordtselaan wordt onnozele passanten met plakletters uitgelegd welke werkzaamheden in dergelijke bedrijfsruimtes respectievelijk worden verricht. In de binnentuin die met geld van het ministerie van Landbouw voor de bewoners van diezelfde buurt bij de Maashaven is aangelegd, is een natuurtunneltje van aan elkaar verknoopte wilgentakken het enige 'speelobject' en is de rest van het perceel allang verworden tot openbare afvalbak.


Nu hij geen Leefbaar-politicus meer is maar een hoge ambtenaar, zul je uit Marco Pastors' mond niet gauw meer horen dat het zijn idee nooit was om 'meiden', rappers, geïsoleerde allochtone moeders, loslopende jongeren en etnische kunstenaars via straatbarbecues, gezamenlijke koorzang, collectief tuinonderhoud en wijkparades tot zelfontplooiing en betrokkenheid bij hun buurt te stimuleren. Maar zo nu en dan ontsnapt nog wel een sneer aan zijn lippen.


Zo moet hij op onze eerste stop, op de bovenste etage van de Mijnsherenflat, die uitkijkt op het schiereiland Katendrecht en de schetterende hoogbouw van de noordelijke Maasoever, wel even grijnslachen als de pogingen ter sprake komen om heel Zuid net zo'n urban grotestadsimago te geven als onder andere op 'de Kaap' (Katendrecht) is gebeurd.


Pastors: 'Jullie bedoelen met allemaal leuke restaurantjes enzo? Opdat de hippe mensen van Noord en die paar mensen van de gemeente die dat hebben geëntameerd er een paar keer kunnen komen eten? Zulke tentjes is vooralsnog een kort leven beschoren, want op Zuid zelf gaat het merendeel van de mensen helemaal niet uit eten. Dat is hun eerste en ook hun tweede behoefte niet. Als je op dat vlak al iets zou willen betekenen, begin dan een afhaal. Die is hier wel groot. Vanaf zes uur 's avonds zie je overal mensen met zo'n wit plastic tasje over straat gaan.'


Het neemt niet weg dat we in de Maserati toch maar even koers zetten naar de hoek van de prachtig gerenoveerde Feijenoordkade en de Nijverheidsstraat, pal aan de wild stromende Nieuwe Maas. Daar is, compleet met rivierterras, restaurant Borgo d'Aneto gevestigd, waar Pastors bij gelegenheid graag een Franse maaltijd geniet. Een 'Franse' ja, in weerwil van de Italiaanse naam van de zaak en de Italiaanse gerechten waarmee Borgo d'Aneto zich op internet aanprijst. Pastors, zonder overduidelijke balsturigheid en in de verdediging: 'Nou ja, ze hebben een Franse menukaart, met drie keuzes per gang. Dat noem ik Frans.'


Omdat we per slot van rekening om een toeristische tour hadden verzocht en er nu vlak bij in de buurt zijn, plakt hij er ook een bliksembezoek aan de Kaap en de Kop van Zuid oftewel 'Manhattan aan de Maas' achteraan. De twee niet te missen highlights voor elke niet-Rotterdammer die tijd en zin heeft om de oversteek over de Willemsbrug naar de zuidoever te maken. Aan het verzoek van de fotograaf om voor een ogenblikje fout te parkeren voor de deur van Hotel New York en en zich naast zijn raceauto te laten portretteren, kan helaas niet worden voldaan. 'Want dan krijg je in de krant weer brieven over waarom Marco Pastors zich zoiets meent te kunnen permitteren.'


Op de Wilhelminapier komen we vervolgens te praten over de mate waarin hij zich met Zuid identificeert. De intense lotsverbondenheid van elke Rotterdammer (autochtoon en import) met het wel en wee van de stad, en het bijbehorende minderwaardigheidscomplex, zal op Zuid allicht meer worden gevoeld. Decennialang werd in Noord gesproken over de 'boerenzij', en nog maar heel kortgeleden stonden de personeelsleden van de Rotterdamse rechtbank en die van arthouse Lantaren/Venster op hun achterste benen omdat ze van het centrum naar Zuid moesten verkassen.


Maar nee. Marco Pastors raakt naar eigen zeggen niet bovenmatig door die tweedeling geprikkeld. Hij kantelt de beeldvorming over Zuid ook liever: 'Je woont hier óók midden in de Randstad, met dat verschil dat de huizen hier stukken goedkoper zijn dan in Noord en in andere grote steden. Dat betekent dat je geld kunt overhouden om er andere leuke dingen mee te doen. Zoals de aanschaf van een Maserati. De mijne is overigens negen jaar oud, hoor.'


Zelf woont hij al vijftien jaar in 'focuswijk' Hillesluis, niet toevallig in de voormalige woning van de al genoemde Pim Fortuyn. 'Ik heb me nooit wat gelegen laten liggen aan de sociale omgeving waarin ik terecht kwam.'


Terug in de auto passeren we het roemruchte Afrikaanderplein. Haveloos en rauw op de dagen dat er geen markt wordt gehouden, exotisch en op een verantwoorde manier adem-stokkend als dat wel het geval is. Rotterdam telt 170 nationaliteiten, en op deze vierkante kilometer kom je ze allemaal tegen. Interessant toch, meneer Pastors, die hoe dan ook indrukwekkende permanente manifestatie van diversiteit?


Daar betrapt Marco Pastors ons alweer op een 'iets te romantische' voorstelling van zaken. 'De Afrikaanderbuurt is op dit moment niet heel divers, maar vooral Turks.' Met diversiteit is niets mis, voegt hij daaraan toe, 'maar wat we niet willen is dat het leidt tot wijken met inwoners uit één land of met één culturele achtergrond'. Hij kan zich best voorstellen dat mensen van dezelfde herkomst bij elkaar in de buurt willen zitten, 'maar voor de samenleving is het niet goed. De bedoeling van al het Nederlandse achterstandswijkenbeleid is juist dat we het hier met elkáár gaan doen'.


Daarbij: diversiteit is in zowel positieve als negatieve zin van ondergeschikte betekenis in de aanpak van de problematiek op Zuid.


Pastors: 'De toestand per Rotterdamse achterstandswijk wijkt niet af van die in gemeenten als Hoensbroek of Helmond. Ook de mensen op Zuid zijn niet anders. Het enige verschil is dat het in die andere gemeenten slechts om een paar duizend mensen gaat en hier om tweehonderdduizend. De schaal is enorm. 23 procent van de inwoners van ons gebied is afhankelijk van een uitkering. Voor Nederlandse begrippen is dat toch wel heel veel. Van de kinderen hier is ook 23 procent vroegtijdig schoolverlater, tegen gemiddeld 7 procent in de rest van het land. Jongeren met wie niets aan de hand is, maar die toch geen diploma hebben. Dat zijn onnodige achterstanden.


'Onderwijs, wonen en werk zijn in het Nationaal Programma dan ook de speerpunten om de toekomst van de bewoners van Zuid te verbeteren en ze betrokken te maken. En pas als je de basisvoorwaarden voor een zinvolle dagbesteding en een zinvol leven hebt geschapen, kun je aan investeringen gaan denken die het leven op Zuid ook nog wat aantrekkelijker gaan maken. Zoals voor die restaurantjes van jullie. Dat is in het verleden te vaak de fout geweest. Mensen die weliswaar het


beste voor hadden met Zuid, begonnen ermee om daar te organiseren wat zij leuk vinden in een stadswijk. Tja, het is hier dus echt Amsterdam-Oost of Utrecht niet.'


En dan lichtelijk provocerend: 'Maar als jullie een grote groep nieuwe inwoners kunnen leveren die met z'n allen van Rotterdam-Zuid in één keer zo'n hippe buurt van de grond krijgen, dan graag hoor!'


En voort gaat de Maserati weer. Eerst naar de inmiddels niet meer actieve afvalverwerkingsinstallatie AVR aan de Brielselaan, die door ondernemer Hennie van der Most wordt omgebouwd tot een indoorpretpark. Dan door naar de al bestaande Zuid-attractie, het horecaschip SS Rotterdam, en aansluitend nog een visite aan de historische dorpskern van oud-Charlois, het dorpje dat eind 19de eeuw door de uitdijende stad werd opgeslokt.


Marco Pastors laat zich onze bewondering op de Charloisse Kerksingel welgevallen. Grapt bevestigend dat het nostalgische plaatje van een langsschuivende antieke VW Kever door hem is geregisseerd. En laat niet na om - voor het eerst tijdens de rondleiding - ook wat van zijn culturele affiniteit met Zuid tentoon te spreiden: 'Kijk, daar is een galerie, geloof ik.' En, als we in december nog eens in de nabijheid zijn, mogen we zeker ook de kerstmarkt rondom de Oude- of St. Clemenskerk niet missen.


Er lopen een man, vrouw en kind met elk een sjofele hond aan de riem voorbij. Ze herkennen Pastors en maken aanstalten om ook even met hem over Rotterdam te praten. Maar ze worden weerhouden door een verlegenheid die ook Pastors zelf die middag meermalen aan de dag legt. Die Maserati, dat maatpak met de roze puff en zijn sarcastische humor zouden best wel eens als pantser kunnen fungeren.


Enfin, er moeten andere journalistieke genres uit de kast worden gehaald om daar het fijne van te weten te komen; een simpel reisverslag leent zich daar niet voor. En een glimp van Pastors' karakteristieke inborst krijgen we onderweg op onbewaakte momenten toch wel. Als we vragen waarom hij ambtenaar is geworden en het pittige politieke strijdtoneel in Rotterdam heeft verlaten, zie je dat roze pochet van 'm bij wijze van spreken van de bevlogenheid wapperen.


Hij wil nou eenmaal het liefst iets doen wat anderen niet kunnen of voor mogelijk houden, verklaart de directeur van het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid zichzelf. 'Als deze functie ook door honderd anderen had kunnen worden vervuld, was ik er zeker niet door uitgedaagd. Dan zou ik het veel minder spannend hebben gevonden.'


En spannend is en blijft het.


Pastors heeft in de organisaties waarmee hij werkt op Zuid al veel neuzen dezelfde kant op, veel vingers aan de pols en veel horloges op 5 voor 12 staan. Maar 'het slot', zoals hij het noemt, dat een doorbraak in de ingewikkelde problematiek op Zuid in de weg zit, is nog niet open.


Pastors: 'We zijn er dichtbij. De oplossing ligt binnen handbereik. Het móét kunnen. Daarvan zijn, net als ik, veel medewerkers van de partners waarmee ik werk overtuigd. De frustratie dat er ondanks al het geld en alle inspanningen jarenlang te weinig op Zuid werd bereikt, is groot geweest. Nu is er weer vertrouwen, en energie. Dat is wat mij voortdrijft. Zaak is nu het oog op de bal te blijven houden en niet weer gebukt te gaan onder de zoveelste bezuiniging, de zoveelste beleidsmaatregel die verkeerd uitpakt, of de volgende directeur die alles weer verkeerd aanstuurt.'


De Maserati vreet zich in het asfalt voor de laatste ronde door Zuid. We doorkruisen Bloemhof, dat boven aan het Rotterdamse lijstje van zorgwekkende wijken staat vanwege de snel ontvlambare werkloze jeugd die er is gehuisvest. Niet onmiddellijk de meest pittoreske plek om er als vreemde 's avonds onbekommerd een wandelingetje te gaan maken, wil Pastors wel toegeven, maar aan de andere kant zullen er ook geen prijswinnende World Press-foto's kunnen worden geschoten. Autowrakken, graffiti, junks, bedelaars en andere aanwijsbare ellende ontbreken. Want het mag dan Rotterdam-Zuid zijn, het blijft natuurlijk wél Nederland. 'Laat de cijfers van de schooluitval en de werkloosheid op Zuid vooral ook maar voor Bloemhof spreken', zegt Marco Pastors. 'Je hebt het niet getroffen als je hier moet opgroeien.'


Over de Dordtselaan rijden we terug naar het startpunt van de safari op het Mijnsherenplein. Over dat laatste stukje rijroute, waar de toko's elkaar beconcurreren met de beste herfstaanbiedingen voor Mekka-gangers en de fonkelendste waterpijpen, wil Pastors nog wel wat kwijt: 'Ik heb er als leek uiteraard geen verstand van, maar volgens mensen die het kunnen weten, heeft de Dordtselaan wel een verandering doorgemaakt. Het stond hier aan weerszijden namelijk altijd volgeparkeerd met auto's, maar sinds een poosje staan er ook fietsen. Dat komt door de studenten die hier zijn gaan wonen. Dat oogt toch al veel gezelliger, nietwaar?'


Ja, bijna híp, zeggen wij voorzichtig.


Kijk aan, Marco Pastors kan erom lachen.


CV

Marco Pastors (1965) werd geboren in Beneden-Leeuwen. Hij studeerde bedrijfseconomie in Rotterdam en werkte daarna voor Pim Fortuyn, indertijd directeur van OV Studentenkaart. Toen Fortuyn in 2002 lijsttrekker werd van Leefbaar Rotterdam trad ook Pastors tot de partij toe. Als wethouder, en later als oppositieleider van Leefbaar, zorgde hij tien jaar lang voor veel ophef in het Rotterdamse stadsbestuur en daarbuiten. In 2006 deed hij met EénNL een gooi naar het Kamerlidmaatschap, maar zijn partij kwam enkele honderden stemmen tekort. In januari vorig jaar nam Pastors afscheid van de Rotterdamse raad om het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid te gaan leiden. 'Er is een heel groot besef dat het in deze slag wél moet gebeuren. De bijzondere figuur die in de vorm van het Nationaal Programma is bedacht, maakt dat we allerlei bureaucratische beleidsstructuren kunnen omzeilen, dat we als betrokken partijen allemaal een stukje van onze eigen zeggenschap opgeven en over onze eigen schaduw heen springen. Als het op deze manier niet lukt, dan weten we het ook niet meer.'


HET NATIONAAL PROGRAMMA ROTTERDAM-ZUID

Voor de aanpak van de problemen in Rotterdam-Zuid dient New York als voorbeeld.

Opleidingsniveau en levensstandaard moeten over twintig jaar in Rotterdam-Zuid hetzelfde zijn als het gemiddelde in de vier grote Nederlandse steden. Dat is de doelstelling van het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid, waarvan Marco Pastors directeur is. Het programma richt zich op zeven zogeheten focuswijken in het stadsdeel: Tarwewijk, Carnisse, Oud-Charlois, Feijenoord, Hillesluis, Bloemhof en Afrikaanderwijk.


Met de uitvoering van de eerste fase van het plan is vorig jaar begonnen. Speerpunten erin zijn de 'kwaliteitssprongen' die moeten worden gemaakt ten behoeve van school, werk en wonen. Zo zijn in de genoemde achterstandswijken, naar New Yorks voorbeeld, zogeheten children's zones ingesteld. Kinderen binnen die gebieden krijgen langer en intensiever onderwijs. Ouders worden veel nadrukkelijker dan tot dusver het geval was bij de begeleiding van de leerlingen betrokken. Behalve het onderwijs zijn ook de zorg, de woningcorporaties en het plaatselijke bedrijfsleven partner in het Nationaal Programma. Werkgevers in de haven, techniek en zorg gaan 'carrièrestartgaranties' afgeven aan jongeren uit Zuid die hun diploma behalen.


Het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid is geïnitieerd door de rijksoverheid, die hierbij spreekt van een 'bovenproportionele' missie. Resultaten moeten worden behaald door een betere uitvoering, want geld heeft de regering in geringe mate beschikbaar. De regie over de stedelijke vernieuwing op de Rotterdamse Zuidoever werd door het landbestuur van een impuls voorzien, nadat de commissie-Deetman in 2011 had vastgesteld dat met het toenmalige 'Pact op Zuid'-plan van de gemeente Rotterdam en lokale partners onvoldoende resultaat werd geboekt.


In Rotterdam-Zuid zijn de problemen complex. Enkele cijfers: bijna 60 procent van de huishoudens heeft minder te besteden dan euro 19.100. Bijna een kwart van de beroepsbevolking is afhankelijk van een uitkering, en van de middelbare scholieren haakt eveneens bijna een kwart af voordat een diploma is behaald. Op de veiligheidsindex 2012 scoren de zeven focuswijken een 5,5, tegen een 6,4 in Zuid als geheel en een 7,5 voor heel Rotterdam.


SCP-RAPPORT

Ja, Marco Pastors heeft kennisgenomen van het rapport Werk aan de Wijk, waarin het Sociaal en Cultureel Planbureau concludeert dat de speciale aanpak van de veertig 'Vogelaarwijken' in Nederland in zes jaar tijd geen meetbaar resultaat heeft opgeleverd. 'Dat er minder resultaat is dan gehoopt, is precies wat de commissie-Deetman in Rotterdam-Zuid drie jaar terug vaststelde. In die zin is de betekenis van het rapport voor wat wij hier aan het doen zijn maar beperkt. De analyse van het SCP is al verwerkt in onze aanpak.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden