De kleine guerrilla tegen voortdurende misère

Zijn acteurs komen misschien van het platteland, ARNE SIERENS niet. Al zit er iets autobiografisch in 'Mijn Blackie', het door de Vlaming zelf geregisseerde boerendanstheater dat morgen in Nederland in première gaat....

Annette Embrechts

In al zijn toneelstukken spelen arme drommels de hoofdrol. Een bonma met eelt op haar ziel. Een moeder met tien lummels van kinderen. Een boer die zichzelf in de wielen rijdt en een Vlaams Blokker die tierend van de stamtafel dondert. Kleine mensen zonder vangnet, rauw in de omgang.

Logisch dat je een paar van die volkse trekken verwacht te herkennen bij de schrijver zelf. Te meer daar het persbericht van zijn nieuwste voorstelling Mijn Blackie hem aankondigt als 'een vent met klei aan de zolen en stof in de kleren'. Maar de man die staat te wachten op het Antwerpse station Berchem lijkt in niets op een boertig type.

Slank postuur, nylon broek, trendy plateauzolen: een artiest met kaal hoofd, ronde kijkers en hikkende lach. 'In magere versie ben ik precies Monsieur Tati.'

De Vlaamse toneelschrijver Arne Sierens (42), bekend van Moeder en Kind (1995), Bernadetje (1996) - beide met Alain Platel - en De broers Geboers (1998), noemt zichzelf een stedeling in hart en nieren. Lachend wimpelt hij de persoonsomschrijving weg. 'Een paar van mijn acteurs komen van het platteland. Niet ik.'

Toch zit er een autobiografisch element in Mijn Blackie, het door hemzelf geregisseerde boerendanstheater dat zich afspeelt op het erf van een boerderij in Vlaanderen. 'Net als de jongen Mathieu bracht ik mijn vakanties door op een boerderij. Als twintiger keert hij terug naar die warme plek uit zijn jeugd. Dat gevoel herken ik.

'De schrik over de botsing tussen heden en verleden. De ontmoeting met een ex. Hoe je knieën knikken van de golf aan tegenstrijdige emoties. En de constatering dat je na een half uur elkaar niets meer hebt te vertellen.'

Om de reünie van Mathieu en zijn vroegere maten, de alleenstaande bakker Sylveer en boerenzoon Marcel, raak te typeren, las Sierens Geert Maks roman Toen God verdween uit Jorwerd. (' 's Werelds beste boek over boeren'). Ook toog Sierens met zijn ploeg acteurs naar het moderne boerenbedrijf. Talloze interviews namen ze af. Over het mest-aktie-plan, de computergestuurde worp van een zeug en het gepruts met hormonen.

Sierens: 'De boer is het meest uitgespuugde ras van dit moment. Het zijn knoeiers, ze vervuilen ons drinkwater, belasten het milieu, vermoorden veeartsen en vinden geen vrouw. De aanduiding ''boer'' wordt een metafoor voor de mens.'

Pas op de scène ontstond de tekst, tijdens het improviseren met de tien acteurs. Onder wie Vlaming Johan Dehollander, Sierens partner in de artistieke leiding van het Gentse Nieuwpoorttheater en tevens regisseur van zijn vorige toneelstuk De broers Geboers. Ook voor dat crapuuldrama sprokkelde Sierens 'menselijk materiaal' door middel van interviews. Dit maal in de Brugse Poort, de armste buurt van Gent.

Sierens groeide er op tussen de nozems van een beruchte motorbende. 'Daar ontstond mijn paupertrek. Die wijk was zo donker dat mensen aan de lopende band zelfmoord pleegden. Iedere winter liepen de souterrains onder. De straten waren grafputten met een geur van vocht en verrotting. Gevolg: veel tbc en longkanker.

'Op school ontmoette ik kinderen uit het rijke Sint-Martens-Latem. Pas toen besefte ik dat er een dokter voor tandpijn bestond.' Sierens gezin was niet het armste. Zijn vader werkte als bankbediende maar voelde zich artiest. 'Hij schreef vijf romans, detectives. En een boekje over Hitchcock.' De jonge Sierens was net als zijn vader Frans een filmmaniak.

'Ik heb alle spaghetti-westerns en James Bond-films gezien. Honderd keer per jaar gingen we naar de cinema.' Toch won het poppentheater het van het witte doek: 'Dat is mijn mensbeeld op z'n scherpst: een pop die ligt is dood, een pop die staat, die leeft.'

'Mensen', meent Sierens, 'zijn survivers die knabbelen aan de vetrandjes van de maatschappij. Ze staan met een been in de goot en geven elkaar met het ander een trap na.'

Van koningsdrama's zoals Shakespeares rozenoorlogen, moet de Gentenaar niets hebben. 'Ik geloof niet in het noodlot. Ik geloof in noodlottigheid. De kleine guerrilla tegen de altijd voortdurende misère.' Om die reden stopte hij na drie jaar als huisauteur bij de Blauwe Maandag Compagnie, waar hij in 1992 was aangesteld.

Hij schreef er achtereenvolgens Boste, Dozen, De Drumleraar en Juffrouw Tania en won er de driejaarlijkse Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Toneelliteratuur.

Sierens: 'Van meet af aan klopte er iets niet. Ik ben een theaterbeest dat ge niet moet vastbinden. Luk Perceval zag in mij een superdramaturg die op bestelling stukken schreef. Doe iets met Molière, vroeg hij dan. Terwijl je mij honderd keer liever moet vragen een melodrama over struisvogels te schrijven. Nu heeft hij in Tom Lanoye, schrijver van Ten Oorlog!, zijn superdramaturg gevonden.'

Op dit moment werkt hij voor de laatste keer samen met choreograaf Alain Platel, die daarna zijn carrière radicaal wil keren. Allemaal Indiaan heet de opvolger van het succesvolle botsautodrama Bernadetje. 'We beginnen weer met niets in onze zakken. Er komen twee huizen op de scène. Uitgangspunt is het meeste niet te laten zien.'

In bijna alle stukken van Sierens kijkt iemand zwijgend toe. In De broers Geboers de oma, in Bernadetje het meisje in de doorschijnende communiejurk, in Mijn Blackie een hond, geketend aan een scheidingsmuur. 'Al mijn stukken gaan over heiligenlevens. Mensen die de wereld voelen en in wezen goed zijn.' De rest van de personages praat zo volks als het maar kan. Geen Gents, geen Vlaams maar een eigen taaltje.

'Noem het geen dialect zoals iedereen doet! Het is poëzie. Ik sleutel uren aan de syntax: kleur, ritme, timbre, hardheid. Alles moet kloppen, plat en lyrisch tegelijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden