De kernboodschap van het jopisme: pfff

Wat een geluk dat Joop Zoetemelk niet, zoals straks Lance Armstrong, zeven keer de Tour de France heeft gewonnen. Een journalist zou dan van heel goede huize moeten komen om daar nog iets origineels over te schrijven....

'Joop is Joop', zegt oud-ploegenoot Cees Priem ergens in het aan Zoetemelk gewijde nummer van De Muur. Daarmee is Priem bij lange na de eerste niet en hij zal vast de laatste niet zijn. Daar kun je wel een hekel aan hebben, maar het probleem is dat er weinig nieuws meer aan de jopologie valt toe te voegen. Voor de ware jopoloog is het een uitdaging om toch nog iets nieuws te vinden over de 'Ripper'. De hoop dat zoiets lukt, is overigens betrekkelijk ijdel. Dat blijkt onder meer uit de onlangs verschenen biografie Joop van Fred van Slogteren. Het meeste wat daar in staat, weet de jopoloog reeds, al is het plezierig de zaken nog eens op een rijtje te krijgen.

Eerlijk gezegd gebeurt hetzelfde, zij het in iets mindere mate, in De Muur. Het grote verschil met de officiële biografie is dat in De Muur de stukken zijn geschreven door journalisten en schrijvers die met een iets andere pretentie hun positie ten opzichte van Zoetemelk verwoorden en verslag doen van hun pogingen een vinger achter de man te krijgen.

Kennisname van het poetswerk van de diverse auteurs is dan ook het grootste plezier bij het lezen van van De Muur. Journalisten als Guus van Holland, Peter Ouwerkerk, Frans van Schoonderwalt of Wilfried de Jong en anderen die hem een of meerdere keren hebben ontmoet, verhalen over hun pogingen dichter bij de kern van Zoetemelk te komen. Daarbij is de uitkomst minder belangrijk dan de weg ernaartoe, want de conclusie moet toch zijn dat de kernboodschap van het jopisme kan worden samengevat met: pfff.

De Muur is een wielerblad voor lezers en zal, ondanks de bijgevoegde plaatjes, niet door de hoofdpersoon zelf gelezen worden. Daarnaast, maar echte jopologen wisten dat ook al, is Zoetemelk geen fantast. Voor wie het vergeten was, heeft De Muur een oud interview opgediept dat de dichter Jan Kal in 1976 (!) met de toen 29-jarige renner had. Vraag:

'Toen je jong was en ging fietsen, wie verbeeldde je dan dat je was?'

Antwoord: 'Niemand.'

Vraag: 'Oh, altijd Joop Zoetemelk. Heb je nooit gedacht, ik ben die of die?'

Antwoord: 'Dat heb ik nooit gedacht hoor.' Het is niet anders: Joop is Joop. Altijd al geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden