De kathedraal van verbeelding

Het Rijksmuseum heropent vandaag na een decennium dat Nederland een crisis bracht in identiteit en kunst. Als kathedraal van verbeelding heeft het Nederland vijf waarden te bieden die Wieteke van Zeil en Peter Giesen hebben gemist.

Dus het is er weer: het Rijksmuseum. We wisten dat het eraan kwam, en het kwam groot, afgelopen week. Vandaag wordt het officieel geopend door koningin Beatrix en is het tot middernacht voor publiek geopend. Het was een decennium gesloten. Hoe langer dat duurde, hoe meer we ons gedroegen alsof het museum er niet was. Als een wedstrijd zonder mascotte, een land zonder vlag.


En ondertussen verdween ons zelfvertrouwen. Het Rijksmuseum sloot in december 2003, 19 maanden na de moord op Pim Fortuyn, 11 maanden vóór de moord op Theo van Gogh. Er was nog geen iPhone en Geert Wilders kende men hooguit van Barend en Van Dorp, waar hij in 2001 zei: 'Ik heb niets tegen de islam, in tegenstelling tot Pim Fortuyn die oproept tot een Koude Oorlog tegen de islam, wat ik verwerpelijk vind omdat hij daarmee alle moslims op één hoop gooit.'


Nederland was in 2003 anders. Over kunst, kinderzorg en bejaarden werd nog niet zo openlijk gesproken in termen van cijfers en nutsmaximalisatie. En banken, dat waren instellingen die ons geld beheerden, dachten we.


Een politiek plan voor een museum van de Nederlandse geschiedenis kwam (mei 2006) en ging (juni 2011). Aversie tegen subsidies voor kunst werd gewoon.


Nu is het 2013. We zullen nooit weten wat het museum had kunnen doen als het er was geweest, we kijken wel vooruit naar wat het kan gaan doen nu het er is.


Het is tenslotte, vrij letterlijk, onze kathedraal van verbeelding. Waar het gaat over wie we zijn, waar we vandaan komen, wat we hebben gemaakt en bereikt.


Wat kan het Rijksmuseum de Nederlandse samenleving aanreiken?


1. Melkmeid (1660)

Johannes Vermeer

EéN TAAL

Zo'n voetenstoofje, dat je misschien nog kent uit het huis van je oma. De wit-blauwe tegels, uit Makkum of Delft. Brood, korst, melk, venstertjes, opgestroopte mouwen. Een meid die niet te mooi is, gewoon stevig, Hollands. Tegenwoordig zou ze platte laarzen onder een rok dragen.


Een schijnbaar simpel schilderij dat in veel opzichten herkenbaar is voor iedereen in Nederland. En nog wel het meest in wat je niet letterlijk ziet: de ambachtelijkheid, het gewoon doen, de werkmentaliteit, het no-nonsenseverhaal. De calvinistische, Hollandse ijdelheid van de eenvoud.


Er is geen gemeenschappelijke taal om te praten over wat we mooi en belangrijk vinden. En wie het niet eens kan worden over waarden, zoekt zijn heil in cijfers. Zolang we in economische termen spreken, lijken we elkaar te verstaan.


Zelfs de cultuursector probeerde de aanval op de kunstsubsidies te pareren met economische argumenten. De kunsten zouden een enorme omzet voor restaurants, cafés en taxichauffeurs genereren.


Maar de economische taal is schraal en beperkt. Veel mensen voelen ook dat er iets wringt: niet alles valt te herleiden tot cijfers. Maar, zoals filosoof Gabriël van den Brink signaleert in Eigentijds Idealisme, ze zijn het verleerd om over 'het hogere' te praten. 'Het hogere' wordt vaag, zweverig en een beetje verdacht gevonden.


Het Rijksmuseum biedt ruimte voor beleving van gedeelde menselijke waarden die niet in geld zijn uit te drukken. Puur door de verbeelding die objecten oproepen.


2. De Zeezaal

Scheepsmodel

ACCEPTATIE

Wat een deel van de samenleving verloren is, is een opvatting van kunst als basiswaarde in het leven. Kunst is er gewoon. Het mag er zijn. Het hoort erbij. Zoals het vreemde, het onbegrijpelijke, het poëtische, het emotionele erbij horen. Dingen die moeilijk in open court te verdedigen zijn, maar juist in hun vormloosheid betekenis dragen. Je hoeft het niet raar te vinden, niet af te doen als onbegrijpelijk, je hoeft er niet lacherig over te doen of kleinerend. Je hoeft er niet bang voor te zijn. Accepteer het gewoon.


Het Rijksmuseum heeft dat tot een van de kernwaarden gemaakt van het nieuwe museum, toen ze koos voor een geïntegreerde opstelling waarin historische objecten en kunstobjecten een gelijkwaardige plaats kregen. Een krachtig signaal aan de maatschappij dat kunst en schoonheidsbeleving bij het leven horen. Dat kennis en verbeelding verweven zijn en elkaar versterken.


De Duitse romanticus Friedrich von Schelling (1775-1854) noemde dat 'een piekervaring waarin alles 'in één vlam brandt': natuur en geschiedenis, denken en handelen, het bewuste en het onbewuste'.


3. Het zieke kind (1663-64)

Gabriël Metsu

COMPASSIE

Art can remind us of what matters, schrijft Alain de Botton in Religie voor atheïsten (2012). Een pleidooi voor waarden die als het kind met het badwater zijn verdwenen toen we de kerk overboord kieperden. Zonde, zegt De Botton, want in het christendom zijn allerlei dingen vanzelfsprekend die ook voor wie niet gelooft van belang zijn. Goede ideeën over hoe het moet, leven.


Een daarvan is compassie, de verbondenheid van mensen. Die heeft één voordeel: troost. Het lost niet veel op, maar het helpt wel. Je bent minder eenzaam als je eenzaamheid herkent. Minder wanhopig als je wanhoop herkent.


Ongeveer de helft van de christelijke kunst was hierop gericht: dat mensen zich in alle stadia van het leven kunnen herkennen in de schilderijen en beelden. Jezus lijdt, dus jij lijdt niet alleen. Alles wat jij meemaakt, heeft Hij ook meegemaakt.


Kunstenaars kunnen als geen ander waardenvrij medemenselijkheid en compassie oproepen, simpelweg door alle stadia van het leven in beeld te brengen. De kunst is een geruststellende spiegel. Dat is in het Rijksmuseum in talloze religieuze kunstwerken te zien. Maar ook 'seculiere' kunst kan die functie vervullen.


Neem Het zieke kind van Gabriël Metsu (1663-64). Metsu vertaalde de klassieke kerkelijke voorstelling van Maria met de dode Christus in haar armen naar een nog altijd contemporain beeld.


Elke ouder weet: een ziek kind kijkt zo. Niet zielig, niet vragend, niet lijdend of dramatisch. Gewoon ziek. Zonder een andere optie dan overgave aan de ouder. En elke ouder herkent daarin de wanhoop: dat hij het misschien niet kan oplossen. De angst dat ziekte overgaat in dood.


4. Beeld van gewonde KNIL-militair (1882)

Isaac Israëls

TWIJFEL

Wie accepteert nog zijn eigen twijfel, niet-weten, niet-begrijpen? Verwarring, incoherentie, het onmenselijke. Ze zijn er, in ons en in de samenleving, al probeer je ze nog zo ver naar de marge te duwen. Nog zo hard te ontkennen. Wat gebeurt er als je de greep verliest? Als er geen antwoord blijkt te zijn?

Dan moet je berusten. So it goes, zou Kurt Vonnegut zeggen. En perspectief zoeken. Wie zijn wij ten opzichte van de sterren, dat soort. Dat snapte Job in het Oude Testament, dat snapte de Nederlandse denker Spinoza, dat snapte Multatuli. Maar de huidige mens én de huidige politiek kunnen er maar moeilijk mee uit de voeten.

De bijbelse Job moest leren buigen voor de onbevattelijkheden die het leven hem presenteerde. Alain de Botton haalt het boek Job en Spinoza aan om een van de waarden in het joods-christelijke denken te beschrijven die in toenemende mate worden gemist: omgang met het onbegrijpelijke. En benoemt het gevaar voor een samenleving die dat níet kan: 'De seculiere wereld nodigt ons heimelijk uit om over het heden te denken als de kroon op de geschiedenis, en de prestaties van onze medemens als de maat van alle dingen - een grandeur die ons in een duikvlucht van voortdurende angst en jaloezie stort.'

Perspectief. De keuze om zo min mogelijk morele uitspraken te doen over de eigen geschiedenis is een van de stelligste toevoegingen van het Rijksmuseum aan het publieke debat.

Het is elitegeschiedenis, dat zeker, en wie helden zoekt zal ze vinden. Maar dat dezelfde regenten die de VOC groot maakten ook grootmeesters waren in wapen- en slavenhandel, blijft niet onbenoemd. Er is ruimte voor twijfel, onduidelijkheid over goed en kwaad, en voor niet-lineaire vertellingen van menselijk gedrag.

Het museum zegt: wees niet te trots. De mens is slecht en de mens is goed, Nederlanders waren slecht en goed, je hebt beperkt greep op alles. We zijn maar als bladeren in de wind.

5. Bacchus vindt Ariadne op Naxos (1611)

Adriaen de Vries

VERHALEN

Verbeelding aan de macht, was het motto van de protesten in Parijs in 1968. Het tegendeel is gebeurd: meer dan ooit zijn de cijfers aan de macht. Maar de mens heeft verhalen nodig. Exemplarische, archetypische verhalen. Een koning die zijn kind offert om op oorlogspad te kunnen. Een godenzoon die onmenselijk zware opdrachten krijgt om zijn ziel te zuiveren. Prometheus die vuur steelt van de goden om het aan de mensen te geven, en moet boeten.


Verhalen waaraan je je kunt optrekken. Waarin toegang wordt gegeven tot een gebied waar de menselijke geest niet door de alledaagse realiteit beperkt wordt, schrijft Gabriël van den Brink: 'de verbeelding laat ons altijd personages zien die enerzijds als gewone mensen te herkennen zijn en die anderzijds politieke, morele of geestelijke waarden belichamen.'


Alain de Botton stelt in zijn boek een museum voor dat niet meer is ingedeeld naar feitenkennis of historische chronologie, maar naar menselijke verhalen. Compleet met een tekening van het Londense Tate Modern, met afdelingen over Lijden, Liefde, Angst, Zelfkennis. Musea zouden plekken moeten zijn die objecten gebruiken om ons te proberen beter en wijzer te maken. Pas dan kan het aanspraak maken op de kwalificatie 'moderne kathedralen', vindt hij. Zo ver gaat het Rijksmuseum nu niet; chronologie en feiten gooi je niet zo maar overboord. Maar volgend jaar krijgt De Botton de kans zijn ideeën uit te voeren als gastcurator van het Rijks.


1 Johannes Vermeer, Het melkmeisje, 1660, detail. 2 De Zeezaal, met model van het 17de-eeuwse oorlogsschip William Rex. 3 Gabriël Metsu, Het zieke kind, 1663-64, detail. 4 Isaac Israëls, Portret van een gewonde KNIL-militair, 1882. Omdat de Nederlanders zijn naam niet konden uitspreken, kreeg deze West-Afrikaanse soldaat de naam Kees Pop. 'Pop' vocht in de Atjeh-oorlog en kreeg daarvoor enkele onderscheidingen. 5 Adriaen de Vries, Bacchus vindt Ariadne op Naxos, brons reliëf, 1611, detail.

Foto's Rijksmuseum (1, 3, 4, 5), ANP (2)

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden